Klimaatverandering vergroot raciale en economische ongelijkheid

Er is geen regen

CC Emilian Robert Vicol (CC BY-2.0)

 

Toen een anonieme Hondurese vluchteling aan de Amerikaans-Mexicaanse grens gevraagd werd naar de reden van zijn vlucht, antwoordde hij ‘No hay lluvia’: ‘Er is geen regen’. In de streek waar hij vandaan kwam, bleven zaden in de grond steken zonder ooit te kiemen. Jaar na jaar bleven de velden dor. Hij vertrok, zoals anderen vóór hem al waren vertrokken en zoals velen na hem dat ook zullen doen. 

Waterschaarste en droogte zijn meer en meer oorzaak van gewapende conflicten. Met de opwarming van de aarde zullen er plaatsen op de wereld zijn waar het niet langer mogelijk is om te overleven. Zelfs de mildste voorspellingen zijn onthutsend: tegen 2050 verwacht men één miljard klimaatvluchtelingen.

Recht op menswaardigheid

‘The refugee movement is the civil rights movement of the 21st century,’ zegt de Afro-Amerikaanse academica, schrijfster en activiste Angela Davis, waarmee ze in één zin duidelijk maakt dat mensen die op de vlucht zijn, niets anders doen dan proberen hun recht op menswaardigheid te vrijwaren.

Voor Davis bestaat er geen geïsoleerde strijd, alles is intersectioneel, alles is met elkaar verbonden, van de Black Lives Matter-beweging tot de Indignados. Van de betogers in bezet Palestina tot de #MeToo-beweging en de activisten van Standing Rock die tegen de Dakota Pipeline protesteren. De strijd tegen racisme en ongelijkheid is de strijd tegen klimaatverandering en is de strijd voor duurzame en rechtvaardige transitie. Zonder verbondenheid en zonder internationale solidariteit is deze strijd dan ook gedoemd om te mislukken.

‘Wanneer zijn we gaan aanvaarden dat menselijkheid en solidariteit met mensen die het minder goed hebben dan ons niet alleen naïef maar ook verwerpelijk is?’

Maar laat het nu net niet zo vlotten met die verbondenheid, die intersectionaliteit en die internationale solidariteit. Dit is ook het tijdperk van het vijanddenken en de polarisering. Hoe zullen we er ooit in slagen om, ondanks onze tegenstrijdige belangen, toch samen te werken en het tij te keren? Wij die verlamd worden door een panische angst als gevolg van onzekere tijden en een giftig discours over de anderen.

Er is een moment waarop wij zijn gaan geloven dat de anderen de baarlijke duivels zijn. Wanneer was dat? Hoe komt het dat we echt zijn gaan geloven dat mensen op de vlucht erop uit zijn om ons te doden en onze huizen in te nemen? Wanneer zijn we gaan aanvaarden dat menselijkheid en solidariteit met mensen die het minder goed hebben dan ons niet alleen naïef maar ook verwerpelijk is? 

Vooral de elite is als de dood haar privileges te verliezen. Om die ‘paniek van de elite’ (een term van de Amerikaanse sociologen Caron Chess en Lee Clarke) enigszins tot bedaren te brengen, reageren onze overheden op een militaire manier op de veranderingen waarmee wij geconfronteerd worden. Met muren, prikkeldraad, bewakers en hypermoderne drones wordt geïnvesteerd in een militair antwoord op de komst van vluchtelingen.

‘Hoe meer mensen op de vlucht slaan, hoe meer overheden zullen inzetten op het trainen en bewapenen van agenten die hen moeten tegenhouden,’ schrijft de Amerikaanse journalist Todd Miller in zijn boek Storming the Wall. Om die militarisering op te drijven, werken overheden en multinationals goed samen. Zo baat G4S, het grootse bedrijf ter wereld op vlak van ‘veiligheid’, gevangenissen uit, werkt het mee aan grenscontroles en levert personeel voor bewaking en controle. Het is de grootste werkgever op het Afrikaanse continent. 

Maar zelfs een klein kind weet dat je mensen die omwille van de onleefbaarheid van hun woongebied vluchten, niet kunt stoppen door muren te bouwen en hulp te weigeren. De militairen en de populisten gaan ons niet redden, integendeel.

Hoe wij echt zijn

Ondanks de grimmige toestand waarin onze wereld verkeert, blijf ik geloven dat wij onze menselijkheid niet zullen verliezen en dat wij als het er op aankomt niet ongevoelig zullen blijven voor het leed van de anderen. Doorheen de geschiedenis hebben wij onze menselijkheid bewezen door wanhopige mensen in nood de hand te reiken.

Dat is hoe wij echt zijn. Dat is de enige manier waarop wij de toekomst aankunnen, door een menselijke solidariteit die de grenzen overstijgt.

We zijn met genoeg mensen die hiervan overtuigd zijn en die zich bewust zijn van de omvang van de uitdaging waar wij voor staan. Voor diegenen die een rechtvaardige transitie nastreven, is het zaak die menselijkheid weer aan te wakkeren, door een inspirerend verhaal te brengen dat zich afzet tegen het haatdiscours van al wie erop uit is angst te zaaien en het status quo in stand te houden.

Verhalen moeten ons weer leren om elkaars menselijkheid te zien en die spiraal van angst en wantrouwen te doorbreken. Die verhalen zijn er, maar ze worden niet voldoende versterkt, ze worden niet genoeg opgepikt en krijgen te weinig ruimte om mensen te inspireren.

We moeten ook heel luid en duidelijk neen zeggen tegen de militarisering van onze samenleving. Repressie en geweld zijn nooit brengers van vrede geweest, op geen enkel moment in de geschiedenis. Oorlog brengt vernieling en dood. Waarom mobiliserennoch de vakbonden, noch de vredesbewegingen tegen de oprukkende militarisering? Waarom niet de straat opgaan tegen de recente beslissing van de Belgische regering om de aankoop van gevechtsvliegtuigen aan te klagen? Waarom niet op straat komen tegen de verkoop van wapens aan landen die de mensenrechten grovelijk schenden en zo mensen op de vlucht jagen? 

Naast de straat op gaan tegen militarisme, is het vandaag meer dan ooit ook nodig om te blijven zeggen dat mensen op de vlucht het recht hebben om de dood te ontvluchten op zoek naar menswaardigheid. Elke beweging die een duurzame en radicale transitie serieus neemt, kan niet anders dan te vertrekken van een mensenrechtenbenadering.

De vakbonden mogen gerust een beetje harder opkomenvoor de rechten van mensen die op de vlucht zijn. Ik wil hen niet alleen‘refugees are welcome’ horen zeggen. Het zou mooi zijn als zij systematisch de onderlinge verbondenheid tussen de rechten van vluchtelingen en minderheden en de rechten van de werkende Vlamingen zouden benadrukken. Het zou mooi zijn als de vakbonden niet in de val zouden trappen van de verdeel-en-heersretoriek die een tegenstelling creëert tussen de eigen werknemers en de vluchtelingen die als oneerlijke concurrenten op de krappe arbeidsmarkt worden voorgesteld.

Politieke en maatschappelijke omwenteling

Ik wil het middenveld voortdurend horen zeggen dat er geen duurzame transitie mogelijk is zonder klimaatrechtvaardigheid en zonder de bescherming van de mensenrechten. Je kunt de klimaatverandering immers niet tegengaan zonder ook radicaal te strijden tegen armoede, racisme, islamofobie, antisemitisme en seksisme. Duurzame transitie vergt niet alleen een technologische maar ook een politieke, sociale en maatschappelijke omwenteling.

Al deze signalen en acties, van een ander narratief tot antimilitarisme en een mensenrechtenbenadering van de gevolgen van de klimaatverandering, zouden stuk voor stuk onontbeerlijk moeten zijn voor vakbonden en middenveldbewegingen die het ernstig menen met een rechtvaardige transitie. Het is hun plicht om hier net zo lang op te blijven hameren tot zoveel mogelijk mensen doordrongen zijn van het feit dat een rechtvaardige transitie alles of niets is, dat niemand kan, mag en zal worden achtergelaten.

‘Niet alleen bemoeit Macron zich in een neokoloniale reflex met de baarmoeder van vrouwen van kleur, hij legt ook nog eens op slinkse wijze de verantwoordelijkheid voor de milieuwanorde bij hen’

Daarom word ik ook niet zo vrolijk van de paringsdans van linkse politieke partijen met rechtse politieke partijen, na de recente lokale verkiezingen. Die legt pijnlijk bloot hoe sommigen nog steeds geloven dat de strijd tegen klimaatverandering een buffet is waar de mensenrechten ergens op de desserttafel liggen, als een frivoliteit, die je dus niet noodzakelijk op je bord hoeft te scheppen om goed te eten.

Sommigen geloven dat duurzame transitie niet veel meer is dan vechten voor radicale maatregelen die de luchtkwaliteit in onze steden verbetert. Dan doet het er niet toe met wie je die technische doelstelling kan realiseren. Ook al gaat het om partijen die neoliberaal, nationalistisch of zelfs racistisch zijn. De luchtkwaliteit verbeteren doe je by any means necessary. Het is al kwart voor twaalf. Geen tijd te verliezen.

Maar wat een grote misvatting is het te geloven dat het mogelijk is om die levensnoodzakelijke omslag te maken met partners die zich badend in witte onschuld bedienen van belegen discriminerende recepten, waarbij de bekommernissen van mensen van kleur over het hoofd gezien worden of, sterker nog, waarbij die mensen van kleur de schuld krijgen voor de apocalyptische veranderingen die ons te wachten staan. 

Ik denk aan dat filmpje waarin de Franse president Macron, vanaf het spreekgestoelte van de VN in New York op 26 september van dit jaar, fulmineert tegen ‘de Afrikaanse vrouw’ die 7 of 8 kinderen ter wereld brengt. Macron zegt kordaat dat er een demografische transitie nodig is, wil Afrika zowel economisch als ecologisch mee kunnen met de rest van de wereld. Hij brengt het aantal kinderen per Afrikaanse vrouw rechtstreeks in verband met de duizenden Afrikaanse jongemannen die, als ze al niet verdrinken in de Middellandse Zee, staan te trappelen aan de poorten van Europa —‘en onze samenlevingen ontwrichten.’

Dit is (om een term van de Franse filosofe Elsa Dorlin te gebruiken) niet alleen een staaltje van ‘femokolonialisme’, waarbij de witte man zich in een neokoloniale reflex bemoeit met de baarmoeder van vrouwen van kleur. Macron legt ook nog eens op slinkse wijze de verantwoordelijkheid voor de milieuwanorde bij vrouwen van kleur.

Ik ben proMO*

Met MO* zorgen wij voor écht nieuws over echte mensen in heel de wereld. Wil je ook ons unieke journalistieke project mogelijk maken? Word dan proMO*. Als proMO* word je lid van onze community, mag je gratis naar al onze events en kan je in dialoog gaan met onze journalisten. Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Geweldig! Ik word proMO*

Blinde vlekken

Met partners die er een dergelijk gedachtegoed op nahouden is elke poging tot duurzame transitie bij voorbaat gedoemd om te mislukken. Zolang kleur en etnische origine in allerlei transitiebewegingen blinde vlekken blijven, gaan we de oorlog niet winnen. Voor een mens- en milieuvriendelijke omslag is het essentieel om de rechten van de meest kwetsbaren te waarborgen. Dit is een niet-onderhandelbare voorwaarde voor echte transitie.

Naarmate het milieu aftakelt en de klimaatverandering dramatischer wordt, zullen raciale en economische ongelijkheid alleen maar toenemen. Voorlopig ontbreekt in ons land een ernstige analyse van hoe klimaatveranderingen mensen in armoede en mensen van kleur buitenproportioneel treft.

In 2015 stelde de Mensenrechtenraad van de VN dat klimaatveranderingen zowel een directe als een indirecte invloed hebben op mensenrechten, en dat de kwalijke gevolgen van die klimaatveranderingen vooral de meest kwetsbaren op deze planeet disproportioneel zullen treffen. Zij die de grootste verantwoordelijkheid voor de klimaatverandering dragen zullen pas als laatsten worden getroffen. 

Als je deze feiten beschouwt, dan hebben heel wat hedendaagse denkers van kleur gelijk wanneer ze zeggen dat de 21ste eeuw de eeuw is van de zogenaamde ‘global color line’ of globale apartheid: een geracialiseerde verdeling en stratificatie van grondstoffen, welvaart en macht die de witte wereld scheidt van de wereld waar mensen van kleur wonen.

Ze bouwen verder op de ideeën van belangrijke Afro-Amerikaanse denkers als Frederique Douglas en W.E.B. Dubois, die al in 1900 stelden dat de 20steeeuw de eeuw zou zijn van de ‘color line’, een tijd waarin de maatschappij raciaal gesegregeerd zou zijn. Die globale apartheid manifesteert zich nu ook in de klimaatverandering. Het negatieve effect daarvan wordt voornamelijk gevoeld in landen buiten de witte wereld, daar waar mensen van kleur wonen.

Grootste vervuilers

Is het dan toeval dat er noch nationaal noch internationaal een legaal kader is om om te gaan met bijvoorbeeld klimaatvluchtelingen? De Conventie van Genève is ontoereikend om een vangnet te bieden aan mensen die droogte en orkanen ontvluchten.

Er is ook geen enkele aanzet om de nefaste gevolgen van die klimaatveranderingen proportioneel te verdelen over de landen die het meest verantwoordelijk zijn voor de klimaatveranderingen.

‘Hoe zorgen we ervoor dat mensen van kleur ook mede-eigenaars zijn van de welvaart van vandaag en morgen, wanneer ze nu al zelden mede-eigenaars zijn van de technologie en de infrastructuur die transitie en welvaart mogelijk maken?’

Michael Garrard, docent Recht en Klimaatverandering aan Columbia University, stelt dat als de voorspellingen van één miljard toekomstige vluchtelingen kloppen, het in de logica van klimaatrechtvaardigheid zo zou moeten zijn dat de grootste vervuilers proportioneel het grootste aantal vluchtelingen zouden moeten opnemen.

De VS zijn verantwoordelijk voor 27 procent van de totale stikstofuitstoot, de Europese Unie voor 25 procent, China voor 11 procent, en Rusland voor 8 procent. Voor de Europese Unie zou dat dus betekenen dat zij tegen 2050 270 miljoen vluchtelingen zou moeten opnemen.

Ook hier zouden de vakbonden en de transitiebewegingen moeten pleiten voor een legaal kader voor klimaatvluchtelingen, ook om ervoor te zorgen dat de mensen die altijd al werden achtergesteld in de vaart der volkeren, nu niet weer achter in de elektrische bus worden gezet en buitenproportioneel de rekening voor de transitie moeten betalen. 

Hoe zorgen we ervoor dat duurzame transitie de ongelijkheid niet bestendigt? Dat die transitie geen marker van winnaars en verliezers wordt, net zoals de klimaatverandering ook vooral mensen uit het Zuiden treft? 

Hoe zorgen we ervoor dat mensen van kleur ook mede-eigenaars zijn van de welvaart van vandaag en morgen, wanneer ze nu al zelden mede-eigenaars zijn van de technologie en de infrastructuur die transitie en welvaart mogelijk maken? Mensen van kleur zijn in de klimaatbeweging ondervertegenwoordigd en hun stem wordt nog te weinig gehoord. 

Wat doen we met het legitieme recht op ontwikkeling en welvaart van mensen aan de minder comfortabele kant van de globale apartheidslijn?

Dit alles vergt wellicht eerst een interne transitie, een interne ommezwaai bij alle bewegingen zelf die zich inschrijven voor een rechtvaardige transitie. Immers, zolang men zichzelf niet in alle ernst deze vragen durft te stellen en niet ernstig nadenkt over een totale, radicale en inclusieve aanpak die vertrekt vanuit een absolute verdediging van de rechten van de mens, vrees ik dat we blijven dweilen met de kraan open.

Geschreven in opdracht van internationaal literatuurhuis Passa Porta, naar aanleiding van Ecopolis 2018 ‘Rechtvaardige transitie’ (Kaaitheater, 25 november).

Rachida Lamrabet komt op maandag 10 december ook spreken op onze MO*lezing over mensenrechten

© Rachida Lamrabet en Passa Porta, 2018

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift