Inzetten op een coherente uitbouw van infrastructuur, wetenschap en technologie

Mozambikaanse topdokter: ‘Pandemie was wake-upcall voor Afrikaanse gezondheidssystemen’

ILRI / Mann / Flickr (CC BY-NC-ND 2.0)

Een arts onderzoekt een jong kind met malaria in Lua, Mozambique (2008). Na enkele decennia vol geweld, natuurrampen en corruptie bengelt het straatarme Oost-Afrikaanse land vandaag helemaal onderaan de Menselijke Ontwikkelingsindex van de Verenigde Naties.

In een land zoals Mozambique, met ongeveer 8 artsen per 100.000 inwoners, komt een dodelijke pandemie extra hard aan voor het wankele gezondheidssysteem. Maar professor Ilesh Jani, de lokale evenknie van “onze” Steven Van Gucht, ziet ook kansen: ‘Covid dwingt ontwikkelingslanden om sterkere gezondheidssystemen uit te bouwen’.

Nadat Mozambique onafhankelijk werd van Portugal in 1975, richtte de toenmalige Mozambikaanse regering een gezondheidssysteem op dat door de Wereldgezondheidsorganisatie geroemd werd als een model voor andere ontwikkelingslanden.

Na enkele decennia vol geweld, natuurrampen en corruptie bengelt het straatarme Oost-Afrikaanse land vandaag echter helemaal onderaan de Menselijke Ontwikkelingsindex van de Verenigde Naties, en ook het robuuste gezondheidssysteem van weleer is niet meer.

Ondanks enkele van de slechtste gezondheidsindicatoren in Afrika, boekte Mozambique het voorbije decennium wel vooruitgang in het terugdringen van de sterftecijfers door hiv en malaria. Het land heeft momenteel ook een van de hoogste vaccinatiegraden voor covid in Afrika, hoewel het een van de minst ontwikkelde landen is.

Het is cruciaal voor landen zoals Mozambique om te beschikken over een sterk uitgebouwd onderzoeksinstituut.

Het Mozambikaanse nationale gezondheidsinstituut INS (Instituto Nacional de Saúde) speelt een belangrijke rol in die successen. Net als Sciensano in België helpt het onderzoek van INS in Mozambique de overheid met beslissingen over zorg en preventie. Professor Ilesh Jani leidt het instituut en is een autoriteit op vlak van het organiseren van zorg met beperkte middelen. Zijn missie: van het gezondheidssysteem in Mozambique opnieuw een voorbeeld maken voor zuidelijk Afrika.

Daarbij kan het INS rekenen op “unieke” Vlaamse steun, stelt Jani.

Ilesh Jani: Waar andere donoren meestal op een verticale manier werken en heel gericht met strikte criteria bepaalde projecten steunen, werken wij met Vlaanderen op een heel open manier. Het INS identificeert de lokale noden, en bepaalt waar de hulp het meeste impact kan hebben. In dat opzicht is deze samenwerking met Vlaanderen uniek. Zeer zelden krijg je de kans om systemen uit te bouwen binnen het eigen instituut.

Het is nochtans cruciaal voor landen zoals Mozambique om te beschikken over een sterk uitgebouwd onderzoeksinstituut, dat kan inspelen op de vele urgente gezondheidsproblemen. Dat kunnen andere landen niet voor ons doen, enkel wij kunnen de meest kritieke behoeftes identificeren. Daarna kunnen we met onze internationale partners kijken hoe we die problemen oplossen.

Het uiteindelijke doel van die aanpak is om binnen enkele decennia niet meer afhankelijk te zijn van buitenlandse hulp. Deze vorm van ontwikkelingssamenwerking kan een model zijn voor de regio.

Rimpeleffecten

In een artikel in het tijdschrift Science van februari vorig jaar stond dat Mozambique in een paar weken tijd meerdere medisch specialisten en artsen verloor aan covid. Dergelijke verliezen komen hard aan in een land met ongeveer acht artsen per 100.000 mensen. Een expert zei toen: ‘Het zal letterlijk een generatie duren om dat terug op te bouwen’.

Hoe beoordeelt u de impact die de pandemie heeft gehad op het gezondheidssysteem vandaag?

Ilesh Jani: Wanneer een land zoals Mozambique gezondheidswerkers verliest komt dat inderdaad extra hard aan, daarom was de vaccinatiecampagne voor medische professionals (in maart 2021, red.) een echte game changer.

Daarna was de grootste uitdaging de ziekenhuisinfrastructuur. Slechts zeer weinig hospitalen beschikten over beademingsapparaten om zuurstof met hoge stroomsnelheid toe te dienen. Patiënten kregen dus zuurstof uit flessen, wat minder doeltreffend is in het geval van covid.

Daarnaast was er een ernstig gebrek aan volledig uitgeruste intensieve zorgafdelingen en gebrek aan goed opgeleide intensivisten. Het vraagt tijd om zulke structurele problemen te verhelpen. Dat was waarschijnlijk de grootste zwakte van Afrikaanse landen tijdens deze pandemie: dat ze niet de juiste uitrusting hadden voor dat soort patiëntenzorg.

‘In sommige landen zijn in 2014 meer mensen gestorven aan de mazelen dan aan ebola’.

De onderbreking van de dienstverlening voor andere ziekten, zoals de strijd tegen hiv en malaria tijdens de eerste maanden van de pandemie was een groot pijnpunt. (Mozambique heeft het op één na hoogste aantal mensen met hiv ter wereld na Zuid-Afrika en het derde hoogste aantal malariagevallen ter wereld, red.)

We zijn vooral bezorgd over de langetermijneffecten daarvan. We weten bijvoorbeeld niet hoeveel kinderen hun vaccin tegen mazelen gemist hebben tijdens die periode. Als kinderen die vatbaar zijn voor de mazelen zich in de samenleving begeven, kan dat een ramp veroorzaken.

Na de ebola-uitbraak van 2014 in West-Afrika was er een grote uitbraak van de mazelen, net om die reden. In sommige landen zijn er toen meer mensen gestorven aan de kinderziekte dan aan ebola. Zo zijn er allerlei rimpeleffecten waarvan de ware tol nog moet blijken.

© Instituto Nacional de Saúde

Dokter Ilesh Jani, directeur van het Mozambikaanse nationale gezondheidsinstituut INS (Instituto Nacional de Saúde): ‘Indien we af willen van onze vaccinafhankelijkheid, moeten we een allesomvattende strategie formuleren, bijvoorbeeld binnen de context van de Afrikaanse Unie.’

Wake-up call

Vlak voor het interview zei u dat de voorbije twee jaar zwaar toegeslagen hebben, maar dat ze ook leerrijk waren. Wat heeft u geleerd dat het gezondheidssysteem in Mozambique op lange termijn kan versterken?

Ilesh Jani: De diagnostische capaciteit was voorheen geconcentreerd in de hoofdstad, maar door de pandemie hebben we ook labo’s opgericht in verschillende provinciesteden. Dat zal ook waardevol zijn bij het monitoren van andere ziekten zoals het denguevirus, dat door de klimaatverandering een opmars kent.

Covid was een wake-upcall voor ontwikkelingslanden om sterkere gezondheidsstelsels uit te bouwen.

De communicatie en sensibilisering omtrent gezondheidszorg is er ook enorm op vooruitgegaan. We hebben voor het eerst een volwaardige communicatie-afdeling op het INS, en hebben opleidingen georganiseerd voor meer dan 800 journalisten over medische verslaggeving.

Nadat de campagnes tegen hiv en malaria een sterke terugval kenden tijdens de eerste maanden, hebben we ons aangepast. Zo kregen patiënten hun hiv-medicatie voor langere tijd mee, zodat ze maar één keer op consultatie moesten komen. Sommige van die aanpassingen zullen blijven indien ze waardevol blijken. Er werden ook in sneltempo specialisten opgeleid voor de intensieve zorg. Medische noodcentra werden her en der opgericht. Die zullen ook na de pandemie ingezet worden voor patiëntenzorg.

Covid was een wake-upcall voor ontwikkelingslanden om sterkere gezondheidsstelsels uit te bouwen. Ik hoop dat we van deze gelegenheid gebruik zullen maken, maar een crisis wordt helaas vaak snel vergeten. Het frustrerende is dat de verandering vanuit de gezondheidssector zelf moet komen, maar het is aartsmoeilijk om de pandemie te bestrijden en tegelijkertijd te ijveren voor systemische verandering.

Menselijke waardigheid

In een artikel in nieuwsmagazine Verdade zei u dat covid-19 niet louter een pandemie is in Mozambique, maar eerder een syndemie. De overheid hield daar volgens u te weinig rekening mee. Waarom is een syndemische aanpak volgens u belangrijk in Mozambique? (een syndemie is een situatie waarbij meerdere onderling verbonden problemen samenwerken om een ziekte of gezondheidscrisis te verergeren, red.)

Ilesh Jani: In lage-inkomenslanden in zuidelijk Afrika komt de pandemie bovenop een raamwerk van andere problemen, zoals armoede en andere chronische ziekten. We moeten dus niet alleen het virus bestrijden, maar alle factoren die de impact van de pandemie versterken.

‘Informele markten zijn een van de grootste broeihaarden voor het coronavirus’

Chronische niet-overdraagbare ziekten zoals diabetes en hoge bloeddruk komen bijvoorbeeld vaak voor in stedelijke gebieden over heel Afrika, omdat er heel weinig aandacht aan wordt besteed. Nu zien we dat ze het risico op ernstige symptomen verhogen bij covid.

Ook armoede is een factor die invloed heeft op de pandemie. Uit onze data blijkt dat informele markten een van de grootste broeihaarden zijn voor het coronavirus, zulke plaatsen hebben meestal niets van sanitaire voorzieningen. Ook scholen kampen met een gebrek aan water en goede toiletten. We hebben zelfs verschillende medische faciliteiten waar geen stromend water is.

De pandemie drukt ons met de neus op de feiten: er ging te lang te weinig aandacht naar zulke fundamentele problemen in onze samenlevingen. En het gaat niet enkel over het terugdringen van covid, het gaat om menselijke waardigheid.

Vaccinproductie

Mozambique heeft 32 procent van de bevolking volledig kunnen vaccineren, en is daarmee een van de beste leerlingen van de klas op het continent. Toch heeft Afrika een verwaarloosbaar aandeel van de globale vaccinproductie in handen. Hoe beoordeelt u recente pogingen om zelfvoorzienend te worden op dat vlak?

Ilesh Jani: We moeten vooral inzetten op een coherente uitbouw van de infrastructuur, de wetenschap en de technologie overheen het hele continent. Het Afrigen-project (het Afrikaanse Biotechbedrijf dat in Kaapstad een kenniscentrum heeft opgericht om zelf mRNA-vaccins te ontwikkelen, red.) kan bijdragen aan een oplossing voor de huidige pandemie.

Maar op lange termijn moeten we strategischer gaan denken. Indien we af willen van onze vaccinafhankelijkheid, moeten we een allesomvattende strategie formuleren, bijvoorbeeld binnen de context van de Afrikaanse Unie. Dat vereist serieuze investeringen in menselijk kapitaal en technologie.

Maak MO* mee mogelijk.

Word proMO* net als 3249   andere lezers en maak MO* mee mogelijk. Zo blijven al onze verhalen gratis online beschikbaar voor iédereen.

Ik word proMO*    Ik doe liever een gift