Internationale primeur: #MeToo duwt vrouwen naar voorgrond inzake arbeidsrechten

187 landen keuren conventie tegen geweld op het werk goed

Doorgaans zijn vertegenwoordigers in het internationale syndicalisme mannelijk, maar bij deze onderhandelingen werden arbeiders bijna alleen vertegenwoordigd door vrouwen

De Internationale Arbeidsorganisatie keurt een conventie tegen geweld en pesterijen op het werk goed. #MeToo laat een sterke impact na op de conventie, die mogelijk een belangrijke vooruitgang betekent voor arbeidsrechten wereldwijd.

De normatieve commissie van de Internationale Arbeidsorganisatie (IAO) keurde op maandag 17 juni de conventie tegen geweld en pesterijen op het werk goed. Het IAO brengt vertegenwoordigers van vakbonden, werkgeversorganisaties en nationale overheden uit 187 landen samen om internationale arbeidswetgeving te sturen. Twee jaar lang werkten de vertegenwoordigers aan een normatief kader om werknemers te beschermen tegen geweld, seksueel geweld en pesterijen.

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws

De conventie is een primeur: het is de eerste keer in het honderdjarig bestaan van het IAO dat het thema van de uitroeiing van geweld op het werk uitgebreide aandacht krijgt en tot een bindende overeenkomst leidt.

Terwijl er unanimiteit bestond tussen werknemers, werkgevers en overheden dat geweld op het werk een probleem is, werden er ook inhoudelijk innovatieve posities bereikt. Zo erkent de conventie dat fysiek geweld gedijt in een omgeving van pesterijen, waardoor men geen strikt onderscheid kan maken tussen beide.

De conventie definieert “de werkomgeving” in de breedste zin, inclusief transport van en naar het werk. Ze stelt bovendien dat de problematiek zich niet beperkt tot het gewelddadig gedrag van werkgevers, collega’s of klanten. De conventie stipuleert uitdrukkelijk dat huiselijk geweld kan doorvloeien naar de werkomgeving. Zo kan huiselijk geweld werknemers fysiek of mentaal beletten om hun werk uit te oefenen, en kunnen partners pestgedrag voortzetten via telefoontjes en ongewenste bezoeken.

Feministische arbeidsrechten

De conventie erkent meermaals dat sommige groepen op disproportionele en specifieke manieren worden geconfronteerd met geweld op het werk. Ze stelt dat iedere lidstaat wetgeving moet implementeren die het recht op gelijkheid en non-discriminatie garandeert, ‘inclusief voor vrouwelijke arbeiders en voor arbeiders die behoren tot kwetsbare groepen.’ De conventie vermeldt in dit verband ook dat de bescherming van arbeiders rekening moet houden met het feit dat sommige betrekkingen makkelijker in contact komen met geweld dan andere.

‘Bij de onderhandelingen over deze conventie werden de arbeiders bijna enkel vertegenwoordigd door vrouwen. Dat is uniek’

De feministische nadruk in de conventie toont merkbaar de invloed van #MeToo. Volgens Santiago Fischer, beleidsmedewerker bij de organisatie Wereldsolidariteit, heeft #MeToo duidelijk gemaakt dat men de specificiteit van vrouwelijke arbeidskwesties centraal moet stellen.

‘Bij de onderhandelingen over deze conventie werden de arbeiders bijna enkel vertegenwoordigd door vrouwen. Dat is uniek. De vertegenwoordigers in het internationale syndicalisme zijn doorgaans mannelijk, of ze nu uit het Zuid-Amerikaans, Aziatische, Europese of Afrikaanse continent komen.’

De kwestie van de specifieke bescherming van LHBT+ op de werkvloer bleek een meer heikel discussiepunt. In de tekst van de conventie komen de woorden gay, lesbian en transgender slechts één keer voor. Enkele Arabische en Afrikaanse landen stribbelden tegen. In bijvoorbeeld Iran, Nigeria en Pakistan staat op homoseksualiteit nog steeds de doodstraf. Desondanks erkent de tekst dat kwetsbare groepen, zoals culturele en seksuele minderheden, meer risico lopen op geweld op het werk, door te verwijzen naar internationaal erkende mensenrechten

Sociale vooruitgang

De definitieve goedkeuring van de conventie op vrijdag 21 juni is normaal gezien een formaliteit. Indien dit gebeurt, vormt zij een bindend normatief kader waar de lidstaten zich wettelijk aan moeten houden. In België zal er waarschijnlijk niets veranderen, omdat er reeds wetgeving bestaat die geweld op het werk strafbaar maakt.

Dat is echter niet overal het geval. In verschillende Afrikaanse, Zuid-Amerikaanse en Aziatische landen bestaat dergelijke wetgeving nog niet, waardoor vertegenwoordigers de conventie toch als een belangrijke overwinning ervaren. ‘Dit verklaart ook waarom de vakbonden uit deze continenten zich zo sterk mobiliseerden om de conventie goed te keuren’, zegt Fischer.

De conventie wordt nu vertaald in specifieke aanbevelingen per lidstaat, waarna zij de basis moet vormen voor nationale wetgeving. Pas dan zet ze een effectieve stap richting de uitroeiing van geweld en pesterijen op het werk.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift