De Haïtiaanse civiele samenleving neemt het op voor familiale landbouw

Voor een landbouwpolitiek op maat van de Haïtiaanse boer

De harde realiteit op het Haïtiaanse platteland: een gebrek aan infrastructuur en omkadering door de overheid

Sinds 7 februari heeft Haïti een nieuwe president. Jovenel Moïse, voormalig manager van een op export gerichte bananenplantage in het noordoosten van Haïti, verkocht zichzelf als ‘bananenman’ aan de Haïtiaanse kiezer en beloofde om de landbouwsector uit het slop te trekken. Enkele maanden ver in zijn mandaat, houden organisaties uit de Haïtiaanse civiele samenleving de nieuwe president aan zijn woord en nemen stelling voor een landbouwpolitiek op maat van de Haïtiaanse boer.     

De Haïtiaanse civiele samenleving neemt het op voor familiale landbouw

Fausta Jean-Marie Baptiste van Broederlijk Delen partner ITECA, presenteert de visietekst rond landbouw voor de pers

Een groep van organisaties uit de Haïtiaanse civiele samenleving, waaronder verschillende partnerorganisaties van Broederlijk Delen, hielden op 11 oktober een persconferentie in de lokalen van het mensenrechtenplatform POHDH. Tijdens deze persconferentie lanceerden ze een visietekst waar maandenlang hard aan gewerkt was en waarin ze stap voor stap hun visie op de ontwikkeling van de Haïtiaanse landbouwsector uit de doeken doen.

De persconferentie vond plaats op de vooravond van drie belangrijke data: de Internationale Dag van Plattelandsvrouwen (15 oktober), Wereldvoedseldag (16 oktober), en de Internationale Dag voor de Uitroeiing van Armoede (17 oktober). De boodschap van de Haïtiaanse civiele samenleving is klaar en duidelijk: wil Haïti het hoofd bieden aan honger en armoede, dan moet het dringend gaan investeren in familiale landbouw, een sector van de Haïtiaanse economie waar miljoenen Haïtianen van afhangen voor hun voedsel en levensonderhoud, maar die op geen enkele ondersteuning van de overheid kan rekenen.  

Haïtiaanse boeren leveren een oneerlijke strijd tegen gesubsidieerde voedselimport

Dat het slecht gesteld is met de Haïtiaanse landbouw, zal wel niemand ontkennen. Over een periode van amper 30 jaar verloor Haïti stelselmatig zijn voedselsoevereniteit. Vandaag de dag beantwoordt de lokale landbouwproductie aan nog maar minder dan de helft van de vraag naar voedsel. Ruim de helft van wat Haïtianen dagelijks consumeren aan voedsel komt uit het buitenland, gedeeltelijk in de vorm van voedselhulp, maar hoofdzakelijk als import van gesubsidieerde landbouwproducten uit landen als de VS en de Dominicaanse Republiek. Zeker, de Haïtiaanse bevolking nam over de jaren exponentieel toe, waardoor ook de vraag naar voedsel sterk toenam. Maar, zo schets de visietekst van de Haïtiaanse civiele samenleving, de genadeslag voor Haïti’s voedselsoevereniteit kwam vooral van de afschaffing van importtarieven op gesubsidieerde landbouwproducten uit het buitenland en de systematische verwaarlozing van de Haïtiaanse boeren die op kleine lapjes grond en zonder enige vorm van technische of financiële ondersteuning het gevecht tegen deze oneerlijke concurrentie aan het verliezen zijn. Dat de Haïtiaanse boeren desondanks dit alles toch nog bijna de helft van Haïti’s voedselvoorraad produceren, getuigt van een hun bewonderenswaardige weerbaarheid.

Het beleid van president Jovenel Moïse op de korrel

Promotie voor lokale producten tijdens de voorstelling van de visietekst rond landbouw

In hun visietekst nemen de organisaties van de Haïtiaanse civiele samenleving de aanpak van president Jovenel Moïse inzake landbouw op de korrel. Voor hij president werd, was Jovenel Moïse manager van Haïti’s allereeste industriële bananenplantage. Het prestigieuze project werd gerealiseerd met grote sommen geld van de Haïtiaanse overheid en internationale donoren, en moest Haïti terug op de kaart zetten als exporteur van landbouwproducten. Om plaats te ruimen voor de plantage werden honderden boerenfamilies van hun grond verdreven. Zij werden in het beste geval als dagloners tewerk gesteld op de plantage, in het slechtste geval werden ze landeloze boeren. De plantage produceert bananen voor export op waardevolle landbouwgrond, dit terwijl de Haïtiaanse bevolking kreunt onder een chronische voedselcrisis.

De organisaties uit de Haïtiaanse civiele samenleving stellen in vraag hoe de strategie van president Jovenel Moïse moet bijdragen tot duurzame veranderingen op het Haïtiaanse platteland.

Tijdens z’n eerste maanden als president lanceerde Jovenel Moïse bovendien zijn zogeheten ‘caravan van de verandering’, een prestigieus project waarbij grote middelen worden gemobiliseerd om op korte termijn een reeks publieke werken te realiseren in de verschillende departementen. De president strijkt gedurende een aantal weken of maanden neer in een departement, vergezeld van tractoren, bulldozers, graafmachines en ander zwaar materiaal. De werken voltooid, verplaatst de caravan zich naar een ander departement. In hun visietekst stellen de organisaties uit de Haïtiaanse civiele samenleving terecht in vraag hoe deze strategie moet bijdragen tot duurzame veranderingen op het Haïtiaanse platteland.

Familiale landbouw als alternatief

Tegenover deze mediatieke en peperdure interventies van de president, die geen duurzaam antwoord lijken te bieden op de structurele uitdagingen waar het land voor staat, pleiten organisaties uit de Haïtiaanse civiele samenleving voor een coherent beleid op maat van de Haïtiaanse boer.

Een dergelijk beleid moet rusten op een waardering voor en ondersteuning van het systeem van de familiale landbouw. Dit houdt onder andere in dat boeren technische en financiële ondersteuning krijgen om hun landbouwpraktijken te moderniseren en te optimaliseren, dat zij toegang krijgen tot gronden die de overheid braak laat liggen of waar investeerders op speculeren, dat er maatregelen worden genomen om de verregaande aantasting van het milieu tegen te gaan, en dat er wordt geïnvesteerd in infrastructuur zoals wegen en markten die toelaten dat lokale landbouwproducten vlotter circuleren.

Bovendien vraagt de Haïtiaanse civiele samenleving dat landbouw en milieubescherming onderdeel gaan uitmaken van het onderwijssysteem en dat de bevolking wordt aangemoedigd om lokale producten te consumeren. Tenslotte houdt de visietekst ook een pleidooi voor betere dienstverlening in rurale zones, om de ongecontroleerde exodus vanuit het platteland naar de steden en naar het buitenland af te remmen.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift