In een opgemerkte toespraak benoemt de president van de DRC zonder schroom de problemen

President Tshisekedi van Congo: op je zestigste zijn er geen excuses meer

RTNC

Het hele land vraagt zich af hoe onafhankelijk president Tshisekedi is van zijn voorganger Kabila. Brengt zijn toespraak tot de natie op de 60ste Onafhankelijkheidsdag daarover enige duidelijkheid?

Op de vooravond van de zestigste verjaardag van de Onafhankelijkheid van de Democratische Republiek Congo zat het hele land aan het beeldscherm en de radio gekluisterd. De communicatiedienst van de President had aangekondigd dat de toespraak zou plaats vinden in de avonduren (heures vespérales). In het oosten van het land werd het uiteindelijk kwart over middernacht en het duurde tot één uur. Dat is geen avonduur meer, dat is in het holst van de nacht. Wat bezielt het staatshoofd om zijn landgenoten te ergeren door ze uit hun bed te houden en daarmee alle stereotypen over het beheer van tijd door de Congolezen te bevestigen?

Dat ze niettemin hu nachtrust wilden opofferen om de President te aanhoren, daar was geen twijfel over. Er is de voorbije maanden te veel gebeurd dat vragen oproept. Kinshasa is in een keiharde machtsstrijd gewikkeld tussen de twee allianties (FCC van Kabila en CACH van Tshisekedi) die begin 2019 in een coalitie zijn gestapt na de bekendmaking van vervalste verkiezingsuitslagen. Ze bestoken elkaar nu met juridische pijlen en beschuldigen de coalitiegenoot ervan oppositie te voeren binnen de coalitie. Het politieke bicephalisme stoort de Congolezen mateloos en ze hoopten in de toespraak antwoorden te vinden op hun vraag hoe onafhankelijk nu feitelijk de President zelf is ten opzichte van de man die hem door kiesfraude aan de macht bracht. En het moet worden gezegd: daarin zijn ze niet op hun honger gebleven.

Problemen benoemen

In tegenstelling tot de toespraken van zijn voorganger, die altijd bol stonden van zijn immense verwezenlijkingen en de rust en vrede die hij bracht in het hele land, hanteerde Tshisekedi niet la langue de bois maar noemde hij alle problemen bij naam: “Oordeel zelf over ons gemeenschappelijk erfgoed 60 jaar later: Terwijl het gemiddelde inkomen per hoofd van de bevolking in 1960 1000 dollar bedroeg, wordt het vandaag de dag aan constante waarden geschat op 400 dollar. Met andere woorden, de gemiddelde Congolees heeft de afgelopen 60 jaar 60% van zijn rijkdom verloren.”

Ons land is paradoxaal genoeg een van de armste landen van het huidige continent, terwijl het zestig jaar geleden een van de rijkste landen was. Ons wegennet is slechts 10 procent van wat het was in 1960 en ons spoorwegnet is slechts 20 procent.”

Bron: Sociale netwerken

Geen meerderheid zal de grondwet schenden

De problemen erkennen en bij naam noemen is een noodzakelijke stap naar het vinden van oplossingen. En dat geldt ook voor de politieke situatie. Tshisekedi, die weinige politieke manoeuvreerruimte heeft door een absolute meerderheid van zijn coalitiepartner in parlement en regering, en die eergisteren nog dreigde hem in een cohabitatiescenario te dringen, zei het zo: “Zoals zestig jaar geleden, een vreemde herhaling van de geschiedenis, is er een parlementaire meerderheid en een president van de Republiek die afkomstig zijn uit verschillende politieke geledingen, voorheen uit de frontale oppositie. Is dit niet het lot van de geschiedenis, zodat we de erfzonde kunnen herstellen die ons land in een opeenvolging van crises heeft doen belanden? Daarom zal ik, als grondwettelijk garant voor het goed functioneren van de instellingen, alles in het werk stellen om door middel van een regelmatige interinstitutionele dialoog te voorkomen dat een onnodige crisis de stabiliteit van het land, die zo belangrijk is voor zijn ontwikkeling, kan verstoren.

Staat u mij niettemin toe deze symbolische gelegenheid aan te grijpen om de onafhankelijkheid te herdenken en opnieuw te bevestigen dat geen enkele politieke of parlementaire meerderheid, waar die ook vandaan komt, de grondbeginselen van de Republiek, die de basis vormen van het Sociaal Pact zoals vastgelegd in de Grondwet van 18 februari 2006, kan schenden, namelijk: een rechtsstaat, onafhankelijk, soeverein, verenigd en ondeelbaar, sociaal, democratisch en seculier.”

Die boodschap is alleszins erg duidelijk en iedereen weet dat die gericht is tot de heerser van Kingakati, zoals de vorige president wel eens wordt genoemd sinds hij zich in zijn privédomein heeft teruggetrokken, van waaruit hij aan alle touwtjes blijft trekken.

Republiek van de rechters

Een andere felgesmaakte passage na het juridisch gescherm van de voorbije weken, die sommige mensen er toe brengt om deze legislatuur te herdopen tot ‘de republiek van de rechters” is deze: “De rechterlijke macht herwint geleidelijk aan haar onafhankelijkheid. De geboekte vooruitgang is ten koste gegaan van extreme opofferingen. Die kan niet worden vernietigd door achterhoedegevechten, wat blijkt uit de wens van sommigen om wetgeving op te stellen om de Hoge Raad van de Magistratuur de rechterlijke macht te onttrekken die haar nochtans in de grondwet wordt toegekend.

“Rechtvaardigheid is voor een rechtsstaat wat bloed is voor het menselijk lichaam”

Het is niet nodig om u eraan te herinneren dat gerechtigheid een natie verheft. Rechtvaardigheid is voor een rechtsstaat wat bloed is voor het menselijk lichaam. Daarom ben ik van mening dat de hervormingen in deze sector moeten worden gedicteerd, niet door de zorg om de bescherming van een persoon of een groep personen te waarborgen, maar door de zorg om het functioneren van justitie effectiever en efficiënter te maken.

In het licht van deze overwegingen zal ik in geen geval hervormingen in deze sector aanvaarden die door hun aard en inhoud afbreuk doen aan de grondbeginselen van de rechtspraak zoals die in onze grondwet zijn vastgelegd, waaronder de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht ten opzichte van de wetgevende en uitvoerende macht, de regaliaanse macht om rechters te benoemen, het beheer van de rechterlijke macht dat aan de Hoge Raad van de rechterlijke macht is toevertrouwd, en vele andere zaken.

De brief van Koning Filip

Terwijl ik aan het schrijven ben word ik onverwachts opgebeld door Belgische media die willen weten hoe de brief van Koning Filip in Congo wordt onthaald. Hoezo brief? Welke brief? Alle aandacht gaat hier nu naar het ontrafelen van de speech van de president. Had hij daarin vannacht ook niet iets over België gezegd? Even nalezen:

Toen ons land in de marge van de Conferentie van Berlijn in 1885 werd opgericht, werd het de “Congo Vrijstaat” genoemd. Verre van de soevereiniteit van de volkeren die er leefden en die net waren onderworpen aan een kolonisatie, symboliseerde deze naam de wil van de toenmalige eigenaar, de Belgische vorst Leopold II, om ons ontluikende land om te vormen tot een economische vrijhandelszone ten voordele van de westerse mogendheden van die tijd.

Zo heeft ons land altijd in het middelpunt gestaan van wereldwijde vraagstukken die zijn grenzen overschrijden, tot het punt waarop het zijn DNA, de bron van zijn vreugde en verdriet is geworden. Daarom heb ik, op basis van de lessen van de geschiedenis, de Republiek resoluut gecommitteerd aan de weg van de internationale openheid, met als enig doel de hogere belangen van mijn land en mijn volk te vrijwaren.

Het is in deze context dat ik het noodzakelijk acht dat onze gemeenschappelijke geschiedenis met België en zijn bevolking aan onze kinderen in de Democratische Republiek Congo en in België wordt verteld op basis van wetenschappelijk werk dat door historici van beide landen wordt verricht.

“Het belangrijkste voor de toekomst is om harmonieuze relaties met België op te bouwen”

Maar het belangrijkste voor de toekomst is om harmonieuze relaties met België op te bouwen, omdat de twee volkeren, buiten de stigma’s van de geschiedenis om, een sterke relatie hebben opgebouwd die ik persoonlijk heb kunnen beleven tijdens mijn ballingschap in België, mijn andere Congo. Als de pandemie van Covid-19 niet had plaatsgevonden, was ik van plan om hier in Kinshasa de 60 jaar van onze onafhankelijkheid te herdenken met koning Filip van België als mijn speciale gast, die, net als ik, de banden tussen onze twee landen wil aanhalen zonder ons gemeenschappelijk verleden te verloochenen, maar met het doel een stralende en harmonieuze toekomst voor te bereiden ten voordele van onze twee volken.”

Volwassen relatie

Het zou me niet verwonderen moesten de diplomatieke diensten van beide landen op voorhand hun nota’s hebben uitgewisseld. Als ik een rondvraag doe in mijn vriendenkring heerst er grote eensgezindheid: spijt betuigen over fouten uit het verleden is een stap vooruit, het is prima dat er eindelijk met andere ogen naar Congo wordt gekeken, maar laat het daar niet bij blijven. De standbeelden van Leopold II neerhalen zal niets veranderen aan onze situatie. België moet zijn krachten bundelen met Congo voor een betere toekomst, om de economie duurzaam en divers te maken, niet langer een pure extractieve economie maar samen investeren om voor de jongeren van Congo werkgelegenheid te scheppen, mee te werken aan het uitroeien van de corruptie, aan de broodnodige mentaliteitsverandering in Congo zelf.

En België moet ook stoppen met politieke inmenging. Democratie is een leerproces en we moeten de kans krijgen om te leren uit onze eigen fouten. In België zelf is dat niet anders. Kijk maar hoe de federalisering van België heeft geleid tot een structureel onvermogen om het land sereen te besturen. Daar gaan wij ons toch niet in mengen? Het is aan de Belgen zelf om daar lessen uit te trekken en de situatie bij te sturen, in het belang van haar bevolking. Laat België dus stoppen met haar betutteling van Congo en ons als politieke kleuters te behandelen. Laat ons bouwen aan een volwassen relatie tussen onze twee economieën waar iedereen wel bij vaart.

“Het wordt tijd dat onze persoonlijke ambities op de laatste plaats komen en dat de ambities van ons land onze prioriteit zijn”

In zijn slotwoorden zegt de president het zo (met nog enkele steken onder water aan zijn voorganger): “Op je zestigste zijn er geen excuses meer, als je 60 bent maak je niet meer dezelfde fouten, op 60-jarige leeftijd houden we op met het maken van holle, repetitieve toespraken maar prediken we wijsheid en gerechtigheid door het goede voorbeeld te geven; op 60-jarige leeftijd denken we na over de erfenis en de waarden die aan de toekomstige generaties moeten worden nagelaten. Het wordt tijd dat onze persoonlijke ambities op de laatste plaats komen en dat de ambities van ons land onze prioriteit zijn.”

En nu maar hopen dat diegenen, voor wie deze boodschap in de eerste plaats is bedoeld, hem niet alleen goed hebben gehoord maar er ook conclusies aan verbinden. Of Tshisekedi er zal in slagen om het keurslijf dat hem bij zijn aantreden werd aangemeten af te werpen, zal de nabije toekomst ons tonen.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2771   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur

  • Globochtoon

    ‘Van waar ben je?’. De vraag zet me elke keer aan het denken. Van waar je geboren bent? Dan ben ik van Rwanda. Van waar je ouders komen?