Steenkoolverbranding zorgt voor hallucinante fijnstofwaarden in Polen

‘Als de luchtkwaliteit eind dit jaar niet beter is, verhuizen we’

© Fatinha Ramos

‘Er is geen plaats in deze stad waar we beschermd zijn tegen vervuilde lucht.’ Klaudyna Jackiewicz, Pools activiste voor schone lucht

Fijnstofdeeltjes die ongemerkt al onze organen doordringen veroorzaken elk jaar de vroegtijdige dood van bijna een half miljoen Europeanen. Polen spant de kroon op dat vlak: de smog van miljoenen kolenkachels, in huizen en in de grootste steenkoolindustrie van Europa, maakt de Poolse landsgrenzen zichtbaar vanuit de ruimte. Met steun van de Europese Green Deal begint het land af te stappen van steenkool, maar te laat en te traag.

Klaudyna Jackiewicz was ten einde raad. Amper twee maanden na haar bevalling werd haar kindje met ademhalingsproblemen in het ziekenhuis opgenomen, maar de dokters tastten in het duister. Klaudyna trok zelf op onderzoek uit, op het internet.

Toen ze te weten kwam dat uitgerekend haar stad Rybnik de vierde meest vervuilde stad van Europa is, sloot ze zich aan bij burgerbeweging Polish Smog Alert. Ze begon een kruistocht tegen kolenkachels, met petities aan de burgemeester en de overheid van de provincie Silezië.

Veel inwoners verwarmen hun huizen met goedkope en vuile steenkool. Het is een van de redenen waarom de luchtverontreiniging in Rybnik niet afnam tijdens de corona-lockdown, zoals in de meeste Europese steden, maar zelfs toenam. 3,5 miljoen Poolse huishoudens verbranden elk jaar 12 miljoen ton steenkool om hun huizen te verwarmen. Hierdoor komen massale hoeveelheden fijnstofdeeltjes in de lucht.

Klaudyna’s baby van toen is inmiddels een flinke zoon van acht. Al die jaren probeerde ze hem te beschermen tegen de ziekmakende lucht. Lang voor mondmaskers een vertrouwd zicht werden, verplichtte ze hem om er eentje te dragen op school. ‘Dat vond hij maar niks’, zegt Klaudyna. ‘Hij werd ervoor gepest. Maar elke maand toonde ik hem de binnenkant van het masker, zwart als roet. Dat zou allemaal in zijn lichaam zijn terechtgekomen.’

© Fatinha Ramos

 

Van de leerkrachten kreeg Klaudyna weinig steun. ‘Ze zeiden dat ik mijn kinderen in verlegenheid bracht. Dat probleem is alvast van de baan sinds het begin van de coronapandemie: op school dragen nu veel meer kinderen een mondmasker.’

Bij de meeste schoolouders is Klaudyna nog steeds niet graag gezien. Aan de schoolpoort slingeren ze haar verwijten naar het hoofd. Wanneer ze buitenlandse onderzoekers naar Rybnik haalt, bijvoorbeeld. ‘Je stelt onze stad in een slecht daglicht’, klinkt het dan. Of, als ze weer eens naar de politie heeft gebeld: ‘Ecologische extremist! We verbranden ons afval al zo lang en jij bent de enige die daar een probleem van maakt.’

Zelfs de politie wimpelt haar klachten af. Ze weet dat ecologisch bewustzijn in Europa de norm wordt, maar als iedereen abnormaal handelt, wordt normaal gedrag extreem.

Fijnstof in urine en placenta

In het najaar van 2020 komt er hulp uit onverwachte hoek. De Franse documentairemaker Martin Boudot en de Belgische professor Tim Nawrot (UHasselt) komen naar Rybnik voor een onderzoek naar de effecten van luchtvervuiling op kinderen. Professor Nawrot vindt fijnstofdeeltjes in hun urine. ‘Dat betekent dat die vanuit de longen de bloedbaan binnenkomen en alle organen bereiken’, legt hij uit.

‘Er is geen plaats in deze stad waar we beschermd zijn tegen vervuilde lucht.’
Klaudyna Jackiewicz, Pools activiste voor schone lucht

‘Via de longen van zwangere moeders komen ze zelfs in het placentaweefsel, en dus in de lichaampjes van ongeboren kinderen. Deze kinderen zullen later meer vatbaar zijn voor ouderdomsziektes.’

De onderzochte Poolse kinderen blijken tot negen keer hogere concentraties van zwarte koolstof, deeltjes kleiner dan honderd nanometer, in hun lichaam te hebben dan leeftijdsgenoten uit Straatsburg, en vijf keer hoger dan bij de meeste Belgische kinderen. ‘Zulke waarden had ik nog nooit eerder gemeten bij kinderen’, zegt professor Nawrot.

Klaudyna wil nu zo snel mogelijk verhuizen. Maar evengoed wordt haar jarenlange volharding eindelijk beloond. Als lid van de Vrouwenraad van Rybnik organiseert ze de voorstelling van de onderzoeksresultaten. Een dag later staat het in alle kranten. Ze post de krantenartikelen in Facebookgroepen van ouders. ‘Nu zien jullie zwart op wit hoe luchtverontreiniging de gezondheid van onze kinderen bedreigt. We moeten er iets aan doen’, schrijft ze.

Voor het eerst krijgt ze gehoor: de ouders gaan akkoord om samen te leggen voor een luchtververser in de klas van hun kinderen. ‘Er is geen plaats in Rybnik waar we beschermd zijn tegen vervuilde lucht’, zegt Klaudyna. ‘Verwaarloosde gebouwen zijn slecht geïsoleerd, ze laten de luchtverontreiniging binnen. Mijn meetinstrument geeft vaak 600 microgram fijnstof per kubieke meter aan. Op sommige dagen zelfs 999, het maximum dat de meter aankan. Wij leven gewoon in de rook.’

Blijven of verhuizen?

De EU-standaard is maximum 25 microgram fijnstof per kubieke meter. Die standaard is al weinig ambitieus, vergeleken met die van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO), die zegt dat lucht al ongezond is vanaf 10 microgram. Vanaf dan kunnen ademhalingsproblemen, hart- en longziektes en astma de kop opsteken, verergeren en tot vermijdbare sterfte lijden.

‘Wij weten dat 36 van de 50 meest vervuilde steden van Europa in Polen liggen. We moeten onze inspanningen verhogen.’
Pools adjunct-milieuminister Adam Guibourge-Czetwertynski

‘Vier procent van de Europese bevolking wordt blootgesteld aan fijnstof boven de EU-norm. Maar als je de WHO-standaard hanteert, is dat zeventig procent. Vandaar ook de meer dan 400.000 Europeanen die elk jaar vroegtijdig sterven door luchtverontreiniging’, zegt Catherine Ganzleben, hoofd van de afdeling luchtverontreiniging, milieu en gezondheid van het Europees Milieuagentschap.

De EU-standaard is niet gebaseerd op de laatste stand van de wetenschap over gezondheidseffecten, maar is het resultaat van onderhandelingen tussen de EU- instellingen. De Europese Commissie wil de standaard dit voorjaar meer in lijn brengen met die van de WHO, in het EU-actieplan voor een zero pollution ambition. Maar ook de WHO werkt aan een ambitieuzere standaard.

De Poolse regering is zich van dit alles bewust. ‘Wij weten dat 36 van de 50 meest vervuilde steden van Europa in Polen liggen. We moeten onze inspanningen verhogen’, zegt adjunct-milieuminister Adam Guibourge-Czetwertynski aan MO*. ‘Tegen 2040 verbieden we alle kolenkachels in Polen, en in grote steden tegen 2030.’

Sommige lokale besturen zijn ambitieuzer. In een zogenaamde anti-smogresolutie verbiedt de overheid van de provincie Silezië tegen eind dit jaar alle kolenkachels ouder dan tien jaar. Tegen 2035 mag er in Silezië zelfs geen enkele kolenkachel overblijven. ‘Als burgerbeweging waren wij de drijvende kracht achter zulke resoluties in dertien Poolse provincies’, zegt Piotr Siergiej van Polish Smog Alert.

Vijftien jaar vindt Klaudyna veel te lang. ‘De overheid moet even krachtdadig reageren op deze gezondheidscrisis als op de pandemie. Als de luchtkwaliteit eind dit jaar niet beter is, verhuizen we.’

Kleine succesjes

Klaudyna liet jaren geleden al de kolenkachel vervangen in het oude huis van haar moeder, waar ze nu woont. ‘Je mag mensen niet zoveel tijd en vrijheid laten. Ze moeten nu overschakelen. Ze denken dat hun elektriciteitsrekening de hoogte in zal schieten, maar wij betalen nu minder dan vroeger. Ik toon mijn rekeningen aan buurtbewoners, maar sommigen willen er niet eens naar kijken. Ze willen pas voor de gezondheid van onze kinderen zorgen, ook hun eigen kinderen, als de regering alles betaalt.’

Via het Clean Air Program voorziet de Poolse overheid al subsidies om over te schakelen op minder vervuilende huisverwarming. Maar volgens Piotr Siergiej presteert de regering ook hier onder haar eigen maat. Adjunct-minister Guibourge-Czetwertynski erkent dit, maar is optimistisch: ‘We brengen binnenkort in kaart waar precies welke verwarmingsbron gebruikt wordt.

‘De stad Dublin verbood steenkool bij huis- verwarming in 1990. Hart- en vaatziekten daalden prompt met twintig procent.’
Tim Nawrot (UHasselt)

We steunden omschakelingen ter waarde van drie miljard zloty (ongeveer 667 miljoen euro, red.) en maakten het voor huishoudens mogelijk om de kosten van betere isolatie af te trekken van de belastingen. Dat is nog eens drie miljard. We zitten niet op schema om de komende tien jaar drie miljoen huishoudens aan te pakken en 103 miljard (een kleine 23 miljard euro) te investeren, maar we komen er wel.’

Om de economische en sociale gevolgen van de coronapandemie te verzachten, heeft de Europese Unie recent een fonds opgezet, de ‘herstel- en veerkrachtfaciliteit’ (RRF). Polen hoopt dat fonds in de toekomst ook aan te spreken, om de transitie naar een koolstofarme maatschappij sneller te realiseren. ‘Maar alleen al alle kolenkachels vervangen zou meer kosten dan het volledige bedrag dat Polen uit de RRF zal ontvangen’, zegt de adjunct-minister. De Poolse regering zal dus veel eigen middelen moeten investeren.

Professor Nawrot gelooft in een totaalverbod op het gebruik van steenkool, gekoppeld aan hogere investeringen in de omschakeling naar minder vervuilende energiebronnen: ‘Een totaalverbod heeft een onmiddellijk gezondheidseffect. De stad Dublin verbood steenkool bij huisverwarming in 1990. Op één jaar tijd zakte de hoeveelheid fijnstof in de lucht naar 30 microgram per kubieke meter. Terwijl het in de vijftien voorgaande jaren steevast rond 100 microgram lag. Hart- en vaatziekten daalden prompt met twintig procent.’

Ook in Polen zijn er hoopvolle signalen. Vorig jaar kochten de Polen met de steun van het Clean Air Program voor het eerst meer warmtepompen dan moderne kolenkachels. ‘We zien een beslissende verschuiving in de manier waarop we onze huizen verwarmen’, zegt Piotr Siergiej. Ondertussen boekt Klaudyna haar kleine succesjes. ‘Sommige buurtbewoners hebben hun kolenkachels vervangen door warmtepompen. Om van mijn gezaag af te zijn, ’ lacht ze, ‘en van de boetes voor afvalverbranding die ze krijgen als ik de politie bel.’

© Fatinha Ramos

 

Steenkoolindustrie

Kolenkachels zijn niet de enige boosdoener. ‘Huishoudens mogen dan wel het leeuwendeel van de luchtverontreiniging voor hun rekening nemen, dat pleit de steenkoolindustrie niet vrij’, zegt Piotr Siergiej. ‘Door de industrie zijn de metingen fijnstof in de lucht hier nog vele malen hoger dan in de rest van Polen. Regeringen benadrukken graag de individuele verantwoordelijkheid van de burger, maar je kan niet alleen de consument verwijten dat steenkool alomtegenwoordig is in Silezië.’

Silezië is een van de grootste mijnbouwregio’s van de EU. Dat maakt van Polen de EU-lidstaat met de hoogste steenkoolconsumptie. Tachtig procent van de elektriciteitsproductie komt van steenkoolverbranding. Steenkool behoort tot de cultuur, identiteit en het dagelijkse leven van de bevolking. Hier werken bijna 100.000 mensen in de steenkoolindustrie, en een veelvoud daarvan is er voor hun levensonderhoud van afhankelijk.

De Silezische steenkoolindustrie deed de Poolse economie groeien, maar heeft tegelijkertijd ook een economische kost. ‘Luchtverontreiniging doet de medische kosten stijgen en vermindert de economische productiviteit als gevolg van de slechte gezondheid van werknemers’, schrijft het Europees Milieuagentschap.

Hun studies tonen directe gezondheidseffecten én economische voordelen als je steenkool uitsluit uit de energiemix: lager ziekteverzuim op het werk, hogere arbeidsproductiviteit en minder vermijdbare sterfte.

Als alle EU-lidstaten hun nationale doelstellingen voor het terugdringen van fijnstof zouden halen, dan zou het Europese bruto binnenlands product met 1,28 procent groeien, dat van Polen met 2,9 en dat van België met 1,5, zo schat de OESO.

Energierevolutie

De straten van Rybnik zijn vaak gehuld in een dikke mist. Pools Europarlementslid Lukasz Kohut weet dat het smog is. Sinds hij in Noorwegen woonde, waar de lucht veel schoner is, valt de povere luchtkwaliteit in zijn stad hem sterker op. Ook als hij van zijn werk in Brussel naar Rybnik terugkeert, merkt hij het verschil.

‘Je kan de smog zien van oktober tot februari’, zegt hij. ‘En je ruikt hem, de geur van slechte steenkool hangt in de lucht. Deze winter worden duizelingwekkende concentraties fijnstof in de lucht gemeten.’

Kohut nam de politieke strijdbijl op. Vanuit het Europees Parlement probeert hij de druk op de regering van zijn land op te voeren. ‘Pas ná de presidentsverkiezingen van 2020 gaf regeringspartij PiS zelf voor de allereerste keer toe dat we met een probleem zitten’, zegt hij.

‘Stel je voor hoe boos de mensen waren. Drie verkiezingscampagnes lang hadden ze gehoord dat ze zich geen zorgen hoefden te maken, dat de regering nog twee eeuwen in de steenkoolindustrie zou investeren. Om dan plots te horen dat ze al die tijd in een leugen hadden geloofd. In 2019 was ik de eerste politicus in Silezië die het aandurfde om op de radio te zeggen dat we de mijnen moeten sluiten. Ik werd overstelpt met haatberichten op sociale media.’

Kohut kreeg te horen dat hij een verrader was, zeker omdat zijn moeder directrice is van een grote technische hogeschool die mijnwerkers opleidt. Maar uitgerekend daar ziet hij de kentering: ‘Vroeger zaten er vijf leslokalen vol, nu krijgen ze met moeite één lokaal gevuld. Veel mijnwerkers willen niet dat hun kinderen in een sector zonder toekomst gaan werken.’

‘Een revolutie moet het niet zijn. Maar zó traag als de Poolse regering de transitie realiseert, hoeft nu ook weer niet.’
Catherine Ganzleben, Europees Milieuagentschap

Ook Piotr Siergiej, vijf jaar geleden nog uitgemaakt als ‘moordenaar van de Poolse trots’, voelt bij bewustmakingsacties dat steenkool een steeds slechtere reputatie krijgt.
Maar de onzekerheid over de toekomst is groot in Silezië, traditioneel de meest welvarende regio van Polen. Een snelle sluiting van de mijnen kan de armoede er doen toenemen.

‘Als we de mijnen van vandaag op morgen sluiten en de overheidssubsidies stopzetten, verliezen duizenden gezinnen hun salaris. Dit kan geen revolutie zijn’, zegt adjunct-minister Guibourge-Czetwertynski. ‘Dat klopt’, zegt Catherine Ganzleben van het Europees Milieuagentschap.

‘Als Polen fossiele brandstoffen zou verbieden zonder tegelijk subsidies te voorzien voor de gestegen kosten van gas en elektriciteit én voor de isolatie van huizen, dan zou in heel Polen energiearmoede kunnen ontstaan. Een revolutie moet het dus niet zijn. Maar zó traag als de Poolse regering de transitie realiseert, hoeft nu ook weer niet.’

‘Ze haalden hun Europese noch hun nationale doelstellingen voor hernieuwbare energie. De capaciteit van hun hernieuwbare energie ligt zelfs onder het wereldgemiddelde. De afgelopen vijftien jaar nam het aandeel van hernieuwbare energie in hun energiemix slechts toe van zeven tot twaalf procent.’

In diezelfde periode pompten opeenvolgende Poolse regeringen miljarden in de verlieslatende steenkoolindustrie.

© Fatinha Ramos

 

Smogvluchteling

‘Er is gewoon géén structureel transitieplan’, zegt Lukasz Kohut. Zo’n plan is een noodzakelijke voorwaarde voor de financiële steun uit het Fonds voor een rechtvaardige transitie (FRT) van de EU. Polen zou daaruit 3,5 miljard euro ontvangen. Van alle lidstaten is dat het hoogste bedrag, gevolgd door Duitsland, Roemenië en Tsjechië.

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws
Het geld dient om bij mijnsluitingen nieuwe sectoren te ontwikkelen – Polen wil het gebruiken voor kernenergie en aardgas – en mijnwerkers toe te leiden naar nieuwe jobs. In september sprak de Poolse regering met de mijnvakbonden af dat de laatste mijn pas in 2049 zal sluiten. ‘De EU wil tegen 2030 de uitstoot van broeikasgassen met 55 procent terugdringen, en klimaatneutraal worden tegen 2050. Polen zou die hele periode nog steenkool verbranden. Andere lidstaten moeten dat dan compenseren om de EU-doelen te halen’, zegt Catherine Ganzleben.

Polen wil de komende twintig jaar een nieuw energiesysteem bouwen gebaseerd op hernieuwbare en nucleaire energie, zo laat adjunct-minister Guibourge-Czetwertynski ons weten. ‘Parallel zullen we het aandeel van steenkool in de energiemix terugdringen tot elf procent in 2040. Vandaag is dat nog zeventig procent, en in de jaren negentig was het negentig procent. We zullen dus historische inspanningen leveren. Vergeet niet dat we een hele regio moeten transformeren. De onderhandelingen met de vakbonden zijn bezig, over steunmaatregelen voor mensen die in de mijnbouwsector werken.’ In februari moest Polen het akkoord naar de Europese Commissie sturen.

De Poolse regering spreekt veel over de sociale bescherming van mijnwerkers, en terecht. Maar ook Klaudyna wil garanties. Voor de bescherming van de gezondheid van haar kinderen. De trage transitie geeft de onzichtbare moordenaar kansen te over om van haar alsnog een smogvluchteling te maken.

Deze analyse werd geschreven voor het lentenummer van MO*magazine. Voor slechts 32 euro kan je hier een jaarabonnement nemen! Je kan ook proMO* worden voor slechts 4 euro per maand. Je krijgt dan ook ons magazine toegestuurd en je steunt daarmee ons journalistiek project. Opgelet: Knack-abonnees ontvangen MO* automatisch bij hun pakket.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3108   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur