Brazilië bouwt nieuwe stuwdammen. Maar voor wie?

Voor de komende zeven jaar heeft president Dilma Rousseff maar liefst 30 nieuwe megastuwdammen gepland, verschillende daarvan op inheems of beschermd grondgebied. In totaal moeten er 256 nieuwe stuwdammen komen in de Braziliaanse Amazone. De dammen zorgen voor veel lokaal en internationaal verzet.

CC BY-NC-SA 2.0 Programa de Aceleraçao do Crescimento

De Belo Monte dam in aanbouw, januari 2014.

‘De Belo Monte dam komt er, op een eerlijke manier of desnoods met alle geweld’.  En nog: ‘Vijftien- of twintigduizend mensen kunnen de vooruitgang van 185 miljoen Brazilianen niet in de weg staan’. Met deze uitspraken verdedigde oud-president Lula van Brazilië de bouw van de Belo Monte dam, de twee na grootste dam ter wereld die wordt gebouwd midden in de Braziliaanse Amazone.

Belo Monte is een symbool geworden van internationaal verzet. Dit megaproject is echter niet de enige dam die in de Amazone gebouwd wordt, er zitten een paar honderd in de pipeline. 

Maar waarom zet de Braziliaanse overheid zo sterk in op stuwdammen? Het is herhaaldelijk gebleken dat deze projecten zowel economisch, sociaal als milieutechnisch onhaalbaar zijn. De bouw van de Belo Monte dam heeft geleid tot één van de grootste sociale conflicten van Brazilië: 20.000 tot 40.000 mensen worden van hun land of huis verdreven, waaronder 1400 inheemse mensen.

Bovendien berekende World Wildlife Brazil in 2007 dat Brazilië voor 2020 haar elektriciteitsverbruik met 40 procent zou kunnen terugdringen door te investeren in energie-efficiëntie. Volgens deze berekeningen zouden nieuwe stuwdammen helemaal niet nodig zijn en zouden dus enorme investeringen kunnen worden bespaard. Maar sterke lobby’s in zowel de bouw- als mijnbouwsector spelen een centrale rol in het Braziliaanse energiebeleid.

De bouwsector 

Uit recent onderzoek (‘Wie zijn de eigenaren van Brazilië’) is gebleken dat de bouwsector een van de machtigste sectoren van het land is. Vijf familiebedrijven domineren deze sector en zijn groot geworden in een Braziliaanse politieke context van cliëntelisme en vriendjespolitiek. Tijdens de Braziliaanse militaire dictatuur nam de macht van deze bedrijven snel toe doordat het regime afgelegen gebieden wilden “ontsluiten” voor economische ontwikkeling.

Je kan de Braziliaanse bouwsector vergelijken met de oliesector in de Verenigde Staten of Europa. Ze zijn erg machtig en sterk gelinkt aan de Braziliaanse staat.

Wegen en stuwdammen moesten aangelegd worden, waardoor de bouwsector sterk groeide en steeds meer met de staat verweven raakte. In deze periode maakte de sector zich schuldig aan mensenrechtenschendingen, corruptie en omkoping.

Inmiddels zijn de vijf bouwbedrijven alomtegenwoordig en hoogst controversieel. Zoals Marcelo Salazar van het Braziliaanse Instituto Socioambiental uitlegt: ‘Je kan de Braziliaanse bouwsector vergelijken met de oliesector in de Verenigde Staten of Europa. Ze zijn erg machtig en sterk gelinkt aan de Braziliaanse staat.’ 

En de sector lijkt aan een nieuwe opmars bezig. Het grote aantal bouwprojecten voor het WK en de Olympische Spelen doen deze sector meer dan goed. Maar ook in de stuwdamsector gaat het deze bedrijven voor de wind.

Onder oud-president Lula, Brazilië’s eerste linkse president, kwamen stuwdammen sterk terug in het economisch ontwikkelingsbeleid. Na drastische energietekorten in 2001 en 2002, de zogenaamde apagão, moest de energiesector volgens veel politici een nieuwe boost krijgen en miljarden aan staatssteun werden uitgetrokken voor de bouw van nieuwe stuwdammen. Inmiddels lijkt deze apagão te worden gebruikt als dekmantel voor het bouwen van steeds maar nieuwe, grote dammen.

En opnieuw zijn staat en bedrijven sterk verweven. Onlangs werden twee van de bouwbedrijven veroordeeld in een van de grootste corruptieschandalen in de Braziliaanse geschiedenis, die van de metro in São Paulo. Verwacht wordt dat corruptie ook een grote rol speelt bij de staatssteun die de bouwsector krijgt van BNDES, de Braziliaanse ontwikkelingsbank die in 2012 twee keer zo veel te besteden had dan de Wereldbank.

De grootste lening uit de geschiedenis van BNDES, 10,8 miljard dollar, werd verleend voor de Belo Monte dam. Deze leningen zijn moeilijk te controleren vanwege een groot gebrek aan transparantie bij BNDES. Het is in ieder geval duidelijk dat de bouwsector een van de favorieten is van BNDES en dat de bank bijna onvoorwaardelijk steun geeft: sociale of milieuvoorwaarden worden niet gesteld.

De mijnbouw 

De meeste nieuwe dammen worden gebouwd in het Amazonegebied, een regio met veel grote rivieren en dus veel capaciteit voor stuwdammen. Maar dit is niet de enige reden waarom zo veel stuwdammen daar gepland worden.

Een van de belangrijkste pilaren in het Braziliaanse economische ontwikkelingsbeleid is de mijnbouw, die in het komende decennium het sterkst zal groeien in de regio met de grootste onontgonnen reserves: de Amazone. Tussen 2007 en 2011 verdrievoudigde de mijnbouwproductie in de Amazonestaat Pará. Voor 2015 groeit deze sector opnieuw met een factor drie, zodat in dat jaar 20 miljard dollar wordt geïnvesteerd in mijnbouw midden in de Amazone.

Volgens Ronaldo Lima van IBRAM, de brancheorganisatie voor mijnbouw, zorgen de stuwdammen ervoor dat grote Amazonegebieden ontsloten worden voor mijnbouw: ‘de Belo Monte dam lost het probleem van energievoorziening in dit geïsoleerde gebied op’ en de regio rondom Belo Monte ‘wordt het grootste groeigebied voor mijnbouw in de komende jaren’.

Het op een na grootste mijnbouwbedrijf ter wereld, Vale, maakt deel uit van het Belo Monte consortium en zal gegarandeerde toegang krijgen tot minstens 5 procent van de opgewekte energie. Vale plant onder andere om de productiecapaciteit van het Carajás project, nu al de grootste staalmijn ter wereld en heel dicht gelegen bij Belo Monte, uit te breiden van 120 naar 250 miljoen ton per jaar.

Maar Vale is niet het enige bedrijf dat zal profiteren van gegarandeerde energietoevoer in een gebied dat tot voor kort een gebrekkige energievoorziening had. Het Canadese Belo Sun is van plan om de grootste goudmijn van Brazilië te bouwen op een stuk rivier dat droogvalt als gevolg van de Belo Monte dam. Deze mijn grenst aan inheems land en leidt tot veel controverse. In een van de studies voor de Belo Monte dam wordt gerekend op een totaal van zo’n twintig mijnbouwbedrijven die zullen profiteren van de bouw van de dam.

Maar ook bij andere stuwdammen is de relatie met mijnbouw sterk. Het Tapajós complex, een serie van zes stuwdammen gepland op de Tapajós rivier in een van de best beschermde gebieden van de Braziliaanse Amazone, ontsluit dit gebied voor grootschalige goudontginning. Hoewel nu vooral kleinschalige mijnbouwers actief zijn in dit gebied met een van de grootste goudreserves ter wereld, liggen op kantoren van mijnbouwmultinationals over de hele wereld plannen klaar voor het winnen van goud in dit gebied.

Zes stuwdammen op de Tapajós -rivier, ontsluiten het gebied voor grootschalige goudexploitatie.

Deze multinationals zullen wachten tot de dammen gebouwd zijn en zullen het gebied dan waarschijnlijk transformeren in een van de grootste mijnbouwgebieden van Zuid-Amerika. In het het stuwdamproject Estreito dat grotendeels met belastinggeld gefinancierd wordt, maken verschillende mijnbouwbedrijven, zoals Vale, Alcoa en BHP Billiton, deel uit van het consortium.

Hoewel voorstanders argumenteren dat dammen bijdragen aan energiezekerheid, afgelegen dorpen van elektriciteit gaan voorzien en ‘schone’ energie leveren, zal een groot deel van de energie gebruikt worden voor mijnbouw en zullen de dammen een uitgestrekt Amazonegebied ontsluiten voor grootschalige exploitatie.

Waarschijnlijk zal dit ‘ontwikkeling’ betekenen voor een kleine groep, maar zullen de meesten vooral negatieve gevolgen ondervinden van deze vorm van “ontwikkeling”.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3190   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift