De uitdagingen van de coronacrisis in het continent met de grootste ongelijkheid ter wereld

De “quarantaine van de middenklasse” in Latijns-Amerika

© Josue David Mendoza

In Latijns-Amerika, waar in 2019 opvallend veel en luid straatprotest weerklonk, brengt het coronavirus heel eigen uitdagingen met zich mee. De bevolking blijft ondertussen strijdbaar, en neemt van thuis uit zijn protestrol op. Want Latijns-Amerika blijft het continent met de grootste ongelijkheid ter wereld.

De hashtag #QuedateEnCasa (#BlijfThuis) doet ook op de Latijns-Amerikaanse sociale media de ronde. Net als in Europa namen staatshoofden en ministers van gezondheid strenge en minder strenge maatregelen om het coronavirus in te dijken. Maar een lockdown heeft in Latijns-Amerika andere implicaties dan bij ons.

Sociale organisaties in Ecuador lanceerden daarom de hashtag #QuedarseEnCasaNoEsUnaOpcion (#ThuisBlijvenIsGeenOptie). Inheemse organisaties in het Zuid-Amerikaanse land vertaalden het in de inheemse talen Quechua en Shuar als respectievelijk #WasipiSakiri en #JeminPujusta. Want het coronavirus brengt in Latijns-Amerika uitdagingen met zich mee voor mensen die in het informele circuit werken, en voor vrouwen, kinderen en de inheemse bevolking.

De noodzaak van sociaal protest wordt vandaag pijnlijk duidelijk.

De grote ongelijkheid op het continent een van de strijdpunten die vorig jaar vele mensen op straat bracht in landen als Haïti, Ecuador, Chili en Colombia. Aanvankelijk waren hele specifieke maatregelen — zoals stijgende prijzen van metrotickets — de aanleiding. Maar de protestacties evolueerden snel tot een roep om betere openbare diensten, waaronder gezondheidszorg.

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws

De noodzaak van dit sociaal protest wordt vandaag pijnlijk duidelijk. Latijns-Amerika is een strijdbaar continent met een historisch probleem van ongelijkheid. Burgers die kunnen thuisblijven nemen hun verantwoordelijkheid op door binnen te blijven. Ondertussen vinden ze alternatieve vormen van sociaal protest, waardoor vanuit de huizen de proteststemmen verderklinken.

Afhankelijk van een informele economie

Ecuador is na Brazilië en Chili het land met het meeste aantal bevestigde besmettingen van het coronavirus in Latijns-Amerika. President Lenin Moreno sloot de grenzen en kondigde de noodtoestand af waarbij alle verplaatsingen die niet te maken hebben met gezondheid of het aankopen van voedsel verboden zijn.

© Josue David Mendoza

Een kennis, feministe en sociaal activiste, roept de Ecuadoraanse autoriteiten op om iets te doen aan wat ze “de quarantaine van de middenklasse” noemt. Want in Ecuador werkt 46 procent van de actieve bevolking in de informele economie.

Mensen in het informele circuit moeten ook bij een gezondheidscrisis de straat op om te overleven.

Maar het is een realiteit voor een heel groot deel van de Latijns-Amerikaanse bevolking. Volgens de Internationale Arbeidsorganisatie werken maar liefst 140 miljoen mensen in Latijns-Amerika in het informele circuit. Dat komt neer op de helft van de werkende bevolking. In landen als Guatemala en Honduras gaat het zelfs om 80 procent, en in Bolivia werkt tot 83 procent van de bevolking in de informele sector. Deze mensen leven van dag tot dag. Ze moeten ook bij een gezondheidscrisis de straat op om te overleven.

Nog en kwetsbare groep binnen die informele sector is de Venezolaanse diaspora. Van de 4,9 miljoen Venezolanen die zich genoodzaakt zagen hun thuisland achter zich te laten, woont bijna tachtig procent in Latijns-Amerika.

Ramiro Escobar La Cruz, Peruaanse journalist, analist en universiteitsdocent, vertelt dat Venezolaanse burgers in Peru en andere Latijns-Amerikaanse landen zich in een heel kwetsbare situatie bevinden: ‘Velen van hen werken in de informele sector. Ze hebben geen papieren en geen toegang tot basisvoorzieningen.’

In de Colombiaanse hoofdstad Bogotá, die zich in lockdown bevindt, ontstond deze week een spontaan protest van Venezolaanse en Colombiaanse straatverkopers, vakmannen en werkers uit de informele sector. Het pijnpunt is duidelijk: ‘We hebben honger.’

© Nelson Cárdenas

Gendergeweld in quarantaine

Bij de begindagen van de verspreiding van het coronavirus in Latijns-Amerika verwittigde het regionale kantoor van VN voor Latijns-Amerika en de Caraïben meteen dat in noodsituaties zoals deze de risico’s op gender- en huiselijk geweld toenemen.

Vrouwenorganisaties in Guatemala waarschuwen voor een stijging van gendergeweld.

Na het eerste geval van corona in Guatemala perkte de regering op 16 maart alle niet noodzakelijke verplaatsingen in. Officiële instanties in Guatemala begonnen zich daarop voor te bereiden op een piek in gendergeweld.

Volgens het Guatemalteekse internetmedium Nómada is gendergeweld de meest voorkomende formele aanklacht in het land. In 2019 waren er 59.409 meldingen van psychologisch, fysiek of seksueel geweld tegen kinderen, jonge meisjes en vrouwen. De grote meerderheid van de geweldplegers waren echtgenoten, broers, vaders en grootvaders.

In heel Latijns-Amerika waarschuwen vrouwenorganisaties voor de gewelddadige neveneffecten van het coronavirus in het continent dat berucht is om gendergeweld en feminicide.

In Colombia werden op de eerste dag van de nationale lockdown (op 25 maart) drie vrouwen vermoord. In het Zuid-Amerikaanse land op zoek naar vrede is er grote bezorgdheid dat de lockdown slachtoffers van huiselijk geweld én sociale activisten nog meer in gevaar brengt.

Nómada verwijst bovendien naar de kwetsbare situatie waarin inheemse vrouwen, die vaak afgelegen wonen, zich bevinden. Zonder de sociale controle van de gemeenschap als gevolg van het sluiten van de grenzen, de lockdowns en de quarantaines kunnen zij alleen komen te staan in situaties van geweld.

Inheemse bevolking

In die Latijns-Amerikaanse landen waar een grote inheemse bevolking woont, betekent de verspreiding van het coronavirus nog een extra uitdaging. Het Peruaanse onderzoeksmedium Ojo Público ging op onderzoek uit bij inheemse gemeenschappen in Cuzco en de gezondheidscentra in de regio.

De auteur van het onderzoek wijst op de kwetsbaarheid van de inheemse bevolking in toeristische gebieden zoals Cuzco. Door het gemeenschapstoerisme in hun dorpen komen ze vaak in contact met toeristen en andere buitenstaanders die het virus kunnen dragen. Tegelijkertijd is de inheemse bevolking minder beschermd door een gebrek aan informatie in de lokale talen en aan basisvoorzieningen, zoals stromend water in woningen, en gezondheidscentra.

De inheemse bevolking in toeristische gebieden is extra kwetsbaar.

Het naleven van de uitspraak van het Peruaanse Grondwettelijk Hof van mei 2018, over het gebruik van inheemse talen bij overheidsdiensten, is daarom vandaag van groot belang. Het vonnis stelt dat in gebieden waar een meerderheid van de bevolking een lokale taal spreekt ze in die taal moet kunnen bediend worden door overheidsdiensten.

La Cruz vertelt over het gevaar van het coronavirus voor de inheemse volken die afgelegen leven in het regenwoud en weinig of geen contact hebben met de buitenwereld. ‘Het zou heel tragisch zijn als het coronavirus de teruggetrokken inheemse gemeenschappen zou bereiken. Ze wonen ver van de bewoonde wereld, je kan er alleen met de boot komen, en er is geen of heel beperkte gezondheidszorg voor handen’, aldus La Cruz.

Deplorabele gezondheidszorg

Latijns-Amerika is een van de continenten met het laagste niveau aan investeringen in de gezondheidszorg. Het continent heeft bovendien af te rekenen met andere ziektes zoals tuberculose en zika. Een dengue-epidemie zorgde in 2019 voor een record aantal van 3 miljoen besmettingen met 1501 doden als gevolg.

© Josue David Mendoza

Latijns-Amerika heeft ook af te rekenen met andere ziektes zoals tuberculose, zika en een dengue-epidemie.

De harde realiteit voor miljoenen mensen die leven in de meest ongelijke regio ter de wereld is er een van grote armoede en ondermaatse gezondheidszorg. Specialisten zijn bezorgd nu op 19 maart ook de eerste twee gevallen van corona in Haïti, het armste land van het Amerikaanse continent, opdoken.

In Venezuela arresteerde president Nicolas Maduro gezondheidswerkers die een gebrek aan medisch materiaal om de coronacrisis aan te pakken, aankaartten, en journalisten die over de situatie berichtten. Amnesty International is bezorgd dat de coronacrisis in het land hand in hand zal gaan met nog meer staatsrepressie. Dit kan de crisissituatie waarin het land zich al bevindt, verergeren en informatieverstrekking aan de bevolking over het coronavirus beperken.

In Ecuador nam de minister van gezondheid, Catalina Andramuño, ontslag. In een brief aan president Moreno legt ze uit dat ze begin dit jaar om meer middelen vroeg om het land voor te bereiden op de gezondheidscrisis die er aan zat te komen en geen gehoor kreeg aan haar oproep.

De regering gaf de voorbije jaren miljoenen uit aan repressie tegen de bevolking. In december kocht de Ecuadoraanse staat nog voor 3,5 miljoen dollar aan wapens en materiaal voor het leger zoals projectielen, traangas en ook beschermende maskers. Ondertussen neemt de berichtgeving toe over artsen die genoodzaakt zijn zonder adequate bescherming te werken, en besmet raken met het coronavirus.

‘Als je in Latijns-Amerika toegang wil hebben tot goede gezondheidszorg dan moet je geld hebben.’

La Cruz legt uit dat de intensiteit van de crisis zal verschillen van land tot land. ‘Een land als Peru reageerde doeltreffend. De overheid doet wat ze kan. Maar als je in Latijns-Amerika toegang wil hebben tot goede gezondheidszorg dan moet je geld hebben. Er zijn ziekenhuizen van de sociale zekerheid en publieke ziekenhuizen, en er werken heel goede dokters, maar de omstandigheden zijn er niet zoals in de private ziekenhuizen.’

‘De toegang tot gezondheidszorg is een van de grootste tekenen van ongelijkheid in Latijns-Amerika’, betreurt La Cruz. ‘Als het coronavirus zich verder verspreidt op het continent zal dit zwaar op de gezondheidszorg wegen.’

La Cruz vult aan: ‘In Latijns-Amerika hebben ze ons decennialang de weg van het neoliberalisme getoond. Die realiteit moet herbekeken worden nu het bewezen is dat dit systeem de oplossing niet in handen heeft.’

© Josue David Mendoza

Sociaal protest in tijden van Corona

De straten van het continent zinderden de voorbije maanden van sociaal protest. Vandaag lopen ze leeg, maar leeft het ongenoegen verder.

De cacerolazo (grote pot in het Spaans) weerklinkt doorheen het continent. Bij een cacerolazo slaagt de bevolking op potten en pannen om haar ongenoegen te tonen. Zo blijft deze Latijns-Amerikaanse manier van protest niet alleen bij de noodtoestand onder de voorbije dictaturen een continentaal handelsmerk. Ook in tijden van corona blijft het Latijns-Amerikaanse volk strijdbaar met pannen en potten.

© Nelson Cárdenas

‘Het coronavirus zal onze stemmen niet stillen.’

In Ecuador zaten er dit jaar nieuwe protesten aan te komen tegen de economische maatregelen van de regering. Op 20 maart organiseerde het Plurinationale Volksparlement van Vrouwen en Organisaties van Feministen een nationale cacerolazo als reactie op de miserabele toestand van de gezondheidsdiensten: ‘Doe mee vanop het balkon of vanuit het raam, zorg voor jouw en onze gezondheid, maar het coronavirus zal onze stemmen niet stillen.’

In Colombia klinken de potten en pannen tegen de regering Duque. Volgens critici plaatste hij economische belangen vóór de volksgezondheid en reageerde veel te traag. Volgens het internetmedium Pacifista is thuisblijven in Colombia daarom vandaag een protestactie op zich. De quarantaine en bijhorende cacerolazo wordt zo een politieke actie tegen Duque en zijn regering.

De quarantaine en bijhorende cacerolazo zijn een politieke actie tegen Duque en zijn regering.

Terwijl in Brazilië de coronabesmettingen zich opstapelen, riep Jair Bolsonaro afgelopen week op televisie Brazilianen op om het normale leven weer op te nemen. Tijdens de televisietoespraak van Bolsonaro klonken vanuit de ramen in Brazilië spontaan de potten en pannen.

In Chili kondigde president Piñera op 19 maart drie maanden noodtoestand af om het coronavirus de baas te kunnen. Wat volgens de Chileense demonstranten Piñera goed uitkomt. Het geplande referendum over een nieuwe grondwet dat in april zou plaatsvinden, is uitgesteld naar oktober. De militairen kwamen samen met de noodtoestand weer de straat op.

Ook in andere Latijns-Amerikaanse landen brachten presidenten het leger weer op de straat. Amnesty International waarschuwt voor het gebruik van repressie bij het controleren van de genomen maatregelen als gevolg van de coronacrisis. Als het op mensenrechten aankomt, heeft Latijns-Amerika geen goed cv. Ondertussen doen video’s over het buitensporig optreden van de ordediensten al de ronde op sociale media.

De militairen kwamen samen met de noodtoestand weer de straat op.

Ook in Chili past het protest zich aan de pandemie aan. Met potten en pannen laten Chilenen van zich horen. Op sociale media doen lijstjes de ronde over hoe de crisis het hoofd te bieden. Onder de gebruikelijke indicaties over het handen wassen en afstand van elkaar te houden, komen er bij de Chileense instructies nog enkele punten bij: gratis en kwaliteitsvol onderwijs, universele gezondheidszorg, lithium nationaliseren, het land terugwinnen en een celstraf voor Piñera en zijn medeplichtigen.

Hoewel er afgelopen dagen op straat nog manifestanten opdaagden om hun ongenoegen over de regering te uiten, zwakken de straatprotesten in het centrum van Santiago af. Gezondheid gaat voor.

Maar Chilenen zijn het er over eens dat de sociale revolutie nog niet gestreden is. Een poster van de Nationale Feministische Coördinatie met een beeld van het verlaten monument van generaal Baquedano op het Plein van de Waardigheid laat weten: ‘Vroeg of laat keren we terug.’

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2848   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift