Verkiezingen in Denemarken: Vlaamse analyses slaan de bal mis

Hebben de Deense Sociaaldemocraten de toverformule voor de redding van links beet?

© Sandra Skillingsås (CC BY-ND 2.0)

Mette Frederiksen, voorzitter van de Deense Sociaaldemocraten. Zij wordt waarschijnlijk de nieuwe premier van Denemarken.

Radicaal rechts weg gevaagd en links blok behaalt meerderheid dankzij rechtse migratiestandpunten van de Sociaaldemocraten. Zo legden de meeste grote media de resultaten van de Deense parlementsverkiezingen van woensdag uit.

Maar het klopt niet helemaal. Andere linkse partijen zorgden voor de winst op links en staan meer open voor migratie en diversiteit. De Sociaaldemocraten hielden hoogstens stand. Dat komt inderdaad deels door hun harde migratiestandpunten waardoor ze kiezers van extreemrechts terugwonnen, maar evengoed door hun ambitieuze klimaatvoorstellen waardoor ze progressieve kiezers behielden.

Dit zijn de grote lessen van de Deense parlementsverkiezingen voor Vlaanderen.

Eerst de toverformule:

  • Met “rechtse” migratiestandpunten opnieuw een duidelijke arbeiderspartij worden voor mensen met lagere inkomens, zo kiezers van extreemrechts terugwinnen en de rechtse meerderheid breken.
  • Progressieve kiezers weliswaar kwijtspelen, maar wel aan radicaal linkse, groene en sociaalliberale partijen die links als geheel alleen maar versterken.
  • Toch zoveel mogelijk progressieve kiezers proberen te behouden door in te zetten op een ambitieus klimaatbeleid.
  • Met een groot links front de sociale rechten van gewone mensen handhaven, de verzorgingsstaat financieren door de hoge vermogens te belasten, een ambitieus klimaatbeleid voeren én de democratie beschermen tegen de autoritaire afbraak door radicaal-rechts.
  • Vluchtelingen en immigranten betalen de prijs.

Dit was de strategie van voorzitter Mette Frederiksen van de Sociaaldemocraten. Ze wilde haar partij kost wat kost na vier jaar oppositie opnieuw in de regering te loodsen. En dat was haar veel waard. Rechtse regeringen met gedoogsteun van de nationalistische Deense Volkspartij bestuurden Denemarken gedurende veertien van de afgelopen achttien jaar.

Gisteren behaalde de Deense Volkspartij haar laagste score sinds de jaren ’90. Het rechtse blok kan zelfs geen minderheidsregering meer vormen, ook al heeft de Liberale Partij van premier Lars Løkke Rasmussen gewonnen.

‘Als sp.a onzekere mensen wil terugwinnen op pensioenen en gezondheidszorg gaan we hen ook moeten geruststellen op migratie. Het alternatief is een opgefokte nationalistische kaping van die onzekerheid.’

Frederiksen is dus met vlag en wimpel geslaagd. Na jaren van besparingen op onderwijs en gezondheidszorg, verhoging van de pensioenleeftijd en verlaging van uitkeringen krijgen de Sociaaldemocraten opnieuw vrij spel voor hogere sociale uitgaven en herstel van de verzorgingsstaat. En om het geld binnen te halen via hogere belastingen op de grote vermogens.

Klinkt als muziek in de oren van linkse partijen? Zeker voor de sp.a is de Deense lokroep verleidelijk, na hun zoveelste historische dieptepunt. Voor de verkiezingen verklaarde voorzitter John Crombez nog aan MO* dat hij de Deense Sociaaldemocraten niet helemaal wilde volgen.

Maar nu zijn we post-26 mei. En in het najaar organiseert de partij nieuwe voorzittersverkiezingen. Misschien is de volgende voorzitter wel bereid, en in staat, om het roer om te gooien in de richting van hun Deense collega’s?

Jan Cornillie, voormalig politiek directeur van sp.a, is alvast voorstander van de Deense koers. ‘Als we onzekere mensen terug willen winnen op pensioenen en gezondheidszorg gaan we hen ook moeten geruststellen op migratie. Geruststellen is niet napraten, maar beleid voeren waardoor migratie als thema minder dramatisch wordt. Het alternatief is een opgefokte nationalistische kaping van die onzekerheid.’

Het Deense kieslandschap is door elkaar geschud. Alle partijen verliezen veel van hun kiezers van 2015. Ook de winnaars. Maar zij halen veel kiezers van andere partijen binnen. Het zogenaamde linkse blok haalt een meerderheid van 52 procent.

Het zijn niet de Sociaaldemocraten  —Socialdemokratiet — van kandidaat-premier Mette Frederiksen die deze winst voor links optekenen. Zij blijven weliswaar de grootste met 26 procent van de stemmen, maar dat is bijna hetzelfde resultaat als in 2015. Bovendien slinkt het verschil met de Liberale Partij van premier Rasmussen van zeven naar 2,5 procent. Nochtans: van alle partijen verliezen de Sociaaldemocraten het minste van hun kiezers, 22 procent. Die verloren kiezers gingen vooral naar de andere linkse winnaars: de Socialistische Volkspartij en de Sociaalliberalen. De Sociaaldemocraten hebben wel kiezers van andere partijen binnen gehaald, dus hebben ze de verloren kiezers van andere partijen gehaald: extreemrechts verliest de meeste kiezers aan de Sociaaldemocraten.

Het waren de ecologische socialisten van de Socialistische Volkspartij en de Sociaalliberalen die de winst op links boekten.

De Socialistische Volkspartij  —Socialistisk Folkeparti — verdubbelt haar zetelaantal tot 14. Ze verliezen wel bijna 40 procent van hun kiezers vooral aan radicaal-links. Maar ze groeien toch omdat ze de groene partij Alternativet leeg eten. De Socialistische Volkspartij is nu de leidende groene partij.

De Sociaalliberalen — Radikale Venstre — zijn de sterkste stijgers. De partij van Margarethe Vestager, topkandidaat voor de positie van Europees Commissievoorzitter, verdubbelt haar zetelaantal tot 16. Ze verliezen wel een kwart van hun kiezers, maar halen veel nieuwe kiezers, opnieuw, bij Alternativet.

De grote conservatieve Liberale Partij van premier Rasmussen  —Venstre — verliest ook een kwart van haar kiezers. Nieuwe kiezers haalden ze bij de Deense Volkspartij en vooral bij hun kleinere conservatief-liberale coalitiepartner. De partij stijgt naar 23,4 procent en krijgt negen zetels erbij. Die overwinning smaakt bitter omdat het centrumrechtse blok geen meerderheid meer heeft met de gedoogpartners van de Deense Volkspartij. En belangrijker: de vertrekkende kiezers blijven ook niet binnen het centrumrechtse blok. Integendeel, ze vertrekken naar links.

De Deense Volkspartij is de grote verliezer. Deze eurosceptische anti-immigratiepartij die zich aansloot bij de alliantie van de Italiaanse premier Matteo Salvini tuimelt van 21 procent naar minder dan negen procent. Ze verliezen 21 zetels. Meer dan de helft van hun kiezers vertrekt, op rechts naar de Liberale Partij en nieuwe extreemrechtse partijtjes, op links naar de Sociaaldemocraten.

1. In Vlaanderen bereikt sp.a dieptepunt na dieptepunt. In Denemarken houden de Sociaaldemocraten stand, onder andere omdat ze een restrictief migratiebeleid steunen

In Vlaanderen verliezen socaaldemocraten kiezers aan extreemrechts, in Denemarken verliest extreemrechts kiezers aan sociaaldemocraten. Maar “winnen” ze ook de verkiezingen omdát ze een restrictief migratiebeleid steunden? Ja, maar juister is: ze “verliezen niet”, onder andere omdat ze een aantal van de restrictieve migratiestandpunten van de rechtse regering en de Deense Volkspartij steunden.

De Deense Sociaaldemocraten verliezen kiezers zonder de verkiezingen te verliezen. Ze verliezen kiezers aan groene en socialistische partijen, net zoals sp.a – in Denemarken zijn dat vooral mensen die zich oncomfortabel voelen met hun restrictieve standpunten rond migratie. Maar de vele overgelopen kiezers van de Deense Volkspartij houden hun percentage van 26% op peil. Sp.a verliest die kiezers zónder er nieuwe bij te winnen.

‘Sp.a mag geen schrik meer hebben om op migratie restrictiever te worden en kiezers met een liberalere visie op migratie te verliezen aan bijvoorbeeld Groen. Dat is OK. We moeten stoppen met allemaal op elkaar te willen lijken.’

‘De kiezers die extreemrechts verliest, gaan naar sociaaldemocraten. Naar links dus. De kiezers die sociaaldemocraten verliezen, gaan naar groene en socialistische partijen. Ook naar links. Dat is dus een goede zaak’, zegt Jan Cornillie van sp.a. ‘Want het betekent dat je het linkse blok vergroot onder socialistisch leiderschap.’

‘We moeten stoppen met allemaal op elkaar te willen lijken. Winst voor groen en radicaal-links is niet erg als we samen de strijd tegen rechts winnen. Sp.a mag écht geen schrik meer hebben om op migratie restrictiever te worden en kiezers met een liberalere visie te verliezen aan bijvoorbeeld Groen. Sp.a mag en moet zelfs anders zijn dan Groen. Links als geheel wordt wel terug groter en kan dan compromissen sluiten over migratie. Dat kunnen we leren van de Denen.’

Parlementslid Mattias Tesfaye, de Deense ideoloog van de sociaaldemocratische “ruk naar rechts” rond migratie- en diversiteitsthema’s, zei aan MO* dat sociaaldemocraten in heel Europa deze lijn moeten volgen om te overleven.

‘Ze hoeven zich niet te schamen extreemrechts genoemd te worden, want het klopt niet. Wij waren éérst met de ideologie van sociale bescherming. Wij lopen géén andere partijen achterna, we keren terug naar onze eigen wortels als arbeiderspartij.’

Net zoals Jan Cornillie ontkent Mattias Tesfaye dat ze op extreemrechts beginnen lijken: ‘Wij willen de mensen met lagere inkomens beschermen door ieders bereidheid tot bijdragen aan de verzorgingsstaat te handhaven. Daarom willen we juist méér verbondenheid creëren tussen burgers van verschillende afkomst.’

‘In een verzorgingsstaat moet iedereen bereid zijn tot solidariteit met de anderen, ongeacht afkomst. Maar dat kan enkel als het aandeel moeilijk integreerbare mensen in de samenleving niet te groot is. Anders voelen mensen geen sociale cohesie meer. Daarom moeten we niet-westerse immigratie inperken.’

Tesfaye’s boek over vijftig jaar sociaaldemocratisch asiel- en migratiebeleid was de leidraad voor het migratieplan van de Deense sociaaldemocraten.

Belangrijkste ingrediënten: asielaanvragen behandelen in opvangcentra buiten Europa, een maximum aantal “niet-westerse” vluchtelingen die per jaar Denemarken binnen mogen via hervestiging, hogere eisen voor gezinshereniging (zoals taalkennis, opleidingsniveau, werkervaring en kennis van Denemarken), grenscontroles behouden tot de buitengrenzen van de EU onder controle zijn, geen enkele buurt of school mag meer dan 30% “niet-westerse” immigranten bevatten.

Jan Cornillie wil hierover binnen sp.a het debat openen. ‘Het haalt de wind uit de zeilen van extreemrechts. Want ook in Vlaanderen kan het Vlaams Belang dankzij al die voormalige sociaaldemocratische kiezers claimen dat er massale steun bestaat voor racistische en autoritaire maatregelen. Dit is niet zo.’

2. In Vlaanderen zien we een rode ondergang en een groene golf die gebroken werd omdat hij niet sociaal was. In Denemarken houden de Sociaaldemocraten stand dankzij hun groene standpunten. De groene golf ís rood

Dat de Sociaaldemocraten standhouden, heeft misschien wel evenveel te maken met het feit dat ze voluit groene standpunten innamen, als met hun restrictieve migratievoorstellen. Zo hebben zij, als traditionele partij op links, veel van hun kiezers vertrouwen gegeven en vermeden dat er teveel naar socialistische en groene partijen zouden vertrekken.

Door te focussen op het klimaat hebben de Sociaaldemocraten vermeden dat ze té veel progressieve kiezers zouden verliezen door restrictieve migratiestandpunten.

Klimaat was de grootste bezorgdheid van de kiezer en het belangrijkste thema van de campagne, en daar profiteren vooral de socialistische partijen van. Het migratiethema was zonder twijfel belangrijk voor de kiezers van de Deens Volkspartij die naar de Sociaaldemocraten zijn teruggekeerd, maar voor andere sociaaldemocratische kiezers minder. Klimaat was het thema.

Denemarken heeft dus een sociaaldemocratische partij die je groen kan noemen, en die tegelijkertijd restrictief is rond migratie. Dat is een mix die we in België niet kennen.

‘De shift naar een restrictief migratiebeleid kwam er in Denemarken zelfs sámen met de doorbraak van het klimaatthema’, schrijft Kristian Madsen, politiek analist bij de krant Politiken.

In België komt die doorbraak van het klimaatthema doorgaans in combinatie met liberale standpunten rond immigratie en diversiteit.

Bijzonder aan Denemarken is ook dat twee socialistische partijen  —de Sociaaldemocraten en de Socialistische Volkspartij — de leidende groene partijen zijn. Dat maakt van Denemarken een interessant land om te volgen, om te zien of zij een goed evenwicht zullen vinden tussen klimaattransitie en sociale rechtvaardigheid. Of groene en gele hesjes elkaar zullen vinden. Want een klimaatbeleid dat niet sociaal is, zal niet werken. Als er één ding is dat de Belgische verkiezingen van 26 mei ons geleerd hebben, is het dat.

© Pieter Stockmans

Een verkiezingsposter van de Deense Sociaaldemocraten: ‘Denemarken moet opnieuw een groene supermacht worden. Er is een andere weg naar baanbrekend klimaatbeleid.’

3. In Vlaanderen staan rechtse populisten sinds 26 mei sterker dan ooit. In Denemarken worden ze terug gedrongen tot hun laagste peil sinds de jaren ‘90, maar minderheden betalen een hoge prijs

In Kopenhagen geen vreugdetaferelen bij radicaal rechts zoals bij het Vlaams Belang op 26 mei in Londerzeel. De voorzitter van de Deense Volkspartij erkende zijn nederlaag: ‘Al die jaren hebben we stemmen van andere partijen geleend. We hebben altijd geweten dat we ze vroeg of laat zouden moeten teruggeven. De vraag was hoeveel.’

‘De Deense Volkspartij is een overbodige partij’, zegt Mattias Tesfaye. En dat lijken ze op 5 juni 2019 inderdaad te zijn geworden.

Denemarken zou de theorie kunnen bevestigen dat de Sociaaldemocraten extreemrechts overbodig maken als ze het debat binnen de eigen achterban – conservatieve arbeiders met lagere inkomens en progressieve kosmopolitische socialisten – eindelijk afronden en definitief richting kiezen.

De Deense Sociaaldemocraten hebben duidelijk gekozen. Tesfaye klinkt zelfs wat rancuneus tegenover die progressievere kosmopolitische achterban: ‘Wie betaalt de hoogste prijs voor immigratie? Niet de hoogopgeleiden met hoge inkomens die pro-immigratie zijn maar nooit in buurten wonen met veel migranten. Welke kant van de arbeidsmarkt moet de deuren openen voor vluchtelingen? Niet de journalisten met hun columns over waarom we onze deuren moeten openen.’

En toch betaalt de Deense samenleving een prijs. Denemarken is het beste voorbeeld van hoe extreemrechtse partijen het politieke landschap helemaal veranderden zonder ooit in een regeringscoalitie te hebben gezeten. De Deense Volkspartij kwam twintig jaar geleden het parlement binnen in 1998 en duwde sindsdien alle traditionele partijen in de richting van steeds hardere en extremere standpunten over immigratie en immigranten.

Sociaaldemocraten kunnen misschien wel hun partij redden, maar in Denemarken kwam het met een prijskaartje: normalisering van discriminatie en xenofobie.

De Sociaaldemocraten hebben die niet letterlijk overgenomen, maar er zich wel op geïnspireerd. ‘Sommige van hun wetten gaan zelfs niet ver genoeg. De anti-gettowetten zullen wij nog verder verstrengen’, zei Mattias Tesfaye.

De zware nederlaag van radicaal rechts en de euforie van sociaaldemocraten gaan niet in tegen de trend in de rest van Europa. En Denemarken is niet plots een toonbeeld van verdraagzaamheid en verzet tegen xenofobie geworden. ‘De afgelopen twintig jaar daalde Denemarken af in een vijandig, xenofoob discours over moslims, en het hardst mogelijke immigratie- en integratiebeleid’, zegt Ulf Hedetoft, gerenommeerd hoogleraar aan Kopenhagen University.

‘En alle grote partijen doen mee aan de normalisering ervan. Immigratie wordt voorgesteld als de meest onmiddellijke bedreiging voor de cultuur en de identiteit van het land. Met extreme uitspraken zoals: “We zien de langzame uitroeiing van het Deense volk”. Ze creëerden de verwachting dat ze Denemarken in zijn vroegere status van etnisch homogene en politiek soevereine verzorgingsstaat kunnen herstellen.’

Het is daarom een risico om Denemarken als inspiratiebron te zien. Sociaaldemocraten kunnen misschien wel hun partij en een aantal van hun ideeën redden, maar er wordt een prijs betaald: gelijke rechten voor bepaalde minderheidsgroepen. Tenzij de Deense Sociaaldemocraten sommige maatregelen van de regering en de Deense Volkspartij, die op gespannen voet staan met de mensenrechten, terugschroeven.

Maar omdat ze zelf aan de meeste van die maatregelen hebben meegewerkt, is dat niet evident.

Bijvoorbeeld: de halvering van het leefloon en de kinderbijslag voor vluchtelingen. Het officiële Deense Mensenrechteninsituut noemde dit “ongrondwettig” en “gedwongen armoede”. Andere landen werden ervoor veroordeeld door het Europese Hof van Justitie.

YouTube Fagbladet 3F

Voorzitter van de Deense Volkspartij Kristian Thulesen Dahl (links) tegen Mette Frederiksen (midden) in een televisie-interview: ‘Ik ben blij dat we een dialoog hebben opgezet waardoor de Sociaaldemocraten en de Deense Volkspartij kunnen samenwerken.’ De afgelopen vier jaar hebben de Sociaaldemocraten vanuit de oppositie samengewerkt met de Deense Volkspartij en de regering om het restrictieve asiel- en migratiebeleid van Denemarken mee vorm te geven.

4. Denemarken was de afgelopen vier jaar al een laboratorium van samenwerking tussen sociaaldemocraten en extreemrechts, waardoor een brede linkse regering nu zo goed als onmogelijk is

De Deense Volkspartij, die in het Europees Parlement samen met het Vlaams Belang in de nieuwe alliantie van de Italiaanse vicepremier Matteo Salvini zal zetelen, vult sociale cohesie vooral etnisch in: alleen “echte” Denen zijn in staat om te integreren en bij te dragen aan de verzorgingsstaat. De Sociaaldemocraten daarentegen, zijn geen etnische nationalisten.

Maar raakvlakken voor een samenwerking zijn er genoeg. De afgelopen vier jaar hebben de Sociaaldemocraten vanuit de oppositie al intensief samengewerkt met de Deense Volkspartij en de regering om het restrictieve asiel- en migratiebeleid van Denemarken mee vorm te geven. Beiden zijn voorstander van een restrictief migratiebeleid, genereuze sociale uitgaven en een sterke verzorginsstaat. En geen van beiden hebben een coalitie ooit uitgesloten.

Maar het zit er niet meer in. Daarvoor is het resultaat van de Deense Volkspartij te slecht.

Ook een brede linkse regering is moeilijk, omdat de restrictieve migratiestandpunten van de Sociaaldemocraten zo’n regering bemoeilijken. De linkse partijen halen samen nochtans een meerderheid van de zetels.

De strategie van Mette Frederiksen mag Europese sociaaldemocraten dan wel inspireren, ze leidt niet meteen tot bestuurbaarheid. Zelfs een brede linkse regering lijkt onmogelijk.

Mette Frederiksen staat niet sterk als leider van het linkse blok. Dat won immers niet dankzij de Sociaaldemocraten, maar dankzij de groei van de Socialistische Volkspartij en de Sociaalliberalen. Deze partijen staan voor een progressief liberalisme en een sterkere nadruk op diversiteit, en de rechten van minderheden en vluchtelingen. Frederiksen kan dit niet negeren. Op links heeft ze geen bondgenoot voor haar migratie- en integratiestandpunten.

Het is dus niet duidelijk hoe ze een linkse regering op de been kan brengen die ook voluit kan gaan voor sociaaleconomische en ecologische voorstellen.

De uittredende premier Rasmussen zag daarin een kans om het linkse blok te breken. Hij gaf signalen dat hij bereid is tot een grote coalitie tussen sociaaldemocraten en zijn conservatieve Liberale Partij. Dat zou voor een land als Denemarken historisch zijn. Zulke coalitie zou dan opnieuw gedoogsteun kunnen krijgen van de Deense Volkspartij.

Maar Frederiksen wil niet regeren met centrumrechts. Tijdens de campagne zei ze dat ze een minderheidsregering wil vormen van alleen haar eigen partij, de Sociaaldemocraten. Dat is een regering met slechts 48 zetels in het parlement. Voor een meerderheid zijn 90 zetels nodig.

Voor maatregelen rond migratie en integratie zou ze werken met rechts. Voor ecologische en sociaaleconomische maatregelen zou ze in het parlement steun op links zoeken.

Is dit dan het grote, nieuwe model voor de sociaaldemocratie in Europa? Niet meteen, want het leidt niet snel tot bestuurbaarheid. De Socialistische Volkspartij ziet het immers niet zitten. Zij willen een regering met een meerderheid en zelf mee besturen. Dan zal Frederiksen géén vrij spel hebben om rond migratie met rechts te werken.

5. Dat de Deense Sociaaldemocraten harde anti-migratie- en anti-diversiteitswetten steunen, zorgt ervoor dat Denemarken steeds vaker vermeld wordt als gidsland voor extreemrechts

De Deense Sociaaldemocraten maken in eigen land extreemrechts misschien overbodig en ze houden het politieke autoritarisme en de aanval op de liberale democratie tegen. De frontale culturele aanval van het rechtse populisme tegen alles wat progressief is, zal nu wel wat van zijn kracht verliezen. De autoritaire Deense Volkspartij staat voortaan aan de zijlijn.

Maar de sociaaldemocratische ruk naar rechts op migratie heeft wel zorgwekkende gevolgen voor andere landen. Vermeldingen van het “Deense model” hoor je bij ons immers vooral bij het Vlaams Belang, N-VA en Open Vld.

De nood aan een beperking van de toegang tot sociale zekerheid en de sociale bijstand voor nieuwkomers. Vaak hoor je dat “zelfs de Deense Sociaaldemocraten dat willen”. Daar haalt extreemrechts bij ons munitie uit om wél stemmen te winnen met het migratiethema en vervolgens de liberale democratie onderuit te halen en politiek autoritaire maatregelen te ondersteunen, zoals een aanval op de media.

***

Wil je meer weten over Denemarken? Lees dan deze artikels:
1. No more mr. Nice Guy’: Denemarken neemt wraak op vluchtelingen
2. Lager leefloon voor vluchtelingen is tegen het Europese recht, zegt hoogste EU-rechtbank
3. Rechten voor vluchtelingen? Minder, minder, minder!
4. Deense sociaaldemocraten kiezen voor rechts migratiebeleid. Volgt de sp.a?
5. Francken wil gelijke rechten voor vluchtelingen afschaffen. Wordt Denemarken het gidsland?
6. Zweden kiest voor flinks beleid, maar gaat in tegen rechts-populisme

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur