Dossier: 

Undercover in de Cambodjaanse weeshuisindustrie

Het probleem van schending van de rechten van vrijwilligers blijkt dezelfde oorzaak te hebben als het probleem van Cambodjaanse weeshuizen vol kinderen die helemaal geen wees zijn: de vrijwilliger wordt een klant. Een klant die moet betalen om vrijwilligerswerk te mogen doen. En een klant die soms ongewild een aanbod van projecten creëert, ook waar er geen nood is. 

Het Vlaams Steunpunt Vrijwilligerswerk krijgt regelmatig vragen van mensen die in het buitenland vrijwilligerswerk willen doen. ‘Sommige mensen nemen vakantie of laten zelfs hun werk vallen om te vertrekken en krijgen dan van de organisatie een overeenkomst onder de neus geschoven die met haken en ogen aaneen hangt’, zegt Eva Hambach, directeur van het steunpunt.

‘De afspraken zijn soms heel vaag. Bijvoorbeeld over of de vrijwilliger al dan niet verzekerd is’, aldus Hambach. ‘Meestal komen dit soort vrijwilligerscontracten niet vanuit een organisatie die in België gevestigd is. De afspraken die gemaakt worden stroken helemaal niet met de Belgische vrijwilligerswet, die een goede bescherming biedt.’

 

Vrijwilligers werken gratis

Dat blijkt ook uit een vrijwilligerscontract dat MO* kon inkijken. Het gaat om een contract tussen een Nederlandse organisatie die actief is in het Zuiden en een Belgische vrijwilliger. Hoewel er bovenaan in grote letters Vrijwilligerscontract staat, duiden verschillende elementen van het contract erop dat de vrijwilliger als werknemer wordt beschouwd.

Het vrijwilligerscontract heeft verschillende addertjes onder het gras voor de vrijwilliger.

Zo is er sprake van ‘betaald verlof’ en krijgt de vrijwilliger verschillende forfaitaire vergoedingen, samengeteld 365 euro per maand. Forfaitaire kostenvergoedingen kunnen volgens onze wetgeving wel, maar zijn begrensd op maximum 1308,38 euro per jaar. In Nederland ligt dit maximum op 1500 euro per jaar.

Voor de prestaties zelf mogen vrijwilligers nooit betaald worden, ook in Nederland niet. Maar in het contract is sprake van een vrijwilligersvergoeding die ‘een vergoeding is voor de diensten en werkzaamheden verricht door de vrijwilliger.’

Het vrijwilligerscontract heeft ook nog verschillende addertjes onder het gras voor de vrijwilliger. Zo is er sprake van een werkweek van maximum van 48 uur, wat meer is dan de arbeidsduur van een gewone arbeidsovereenkomst. Ook moet de vrijwilliger het door de organisatie betaalde vliegticket terugbetalen indien het contract tussentijds beëindigd wordt op verzoek of  door ‘toedoen’ van de vrijwilliger.

Betalen om vrijwilligerswerk te doen

Wie vrijwilligerswerk wil doen in het Zuiden, telt vaak een behoorlijke som neer aan een intermediaire organisatie die de plaatsing in het project regelt. De kosten van de reis zitten hier soms in inbegrepen, maar bij commerciële spelers vaak niet. Waar dat geld dan wel voor dient is niet altijd duidelijk.

‘Het is toch te zot dat mensen moeten betalen om te mogen vrijwilligen.’

‘Sommige organisaties gaan er van uit dat je een donatie doet aan het project. Of ze rekenen kosten voor omkadering door aan de vrijwilligers’, zegt Hambach. ‘Het is toch te zot dat mensen moeten betalen om te mogen vrijwilligen. Ze doneren al tijd en energie. Vrijwilligerswerk moet zo laagdrempelig mogelijk zijn.’

‘Ofwel zeg je als organisatie dat vrijwilligers geen meerwaarde bieden en sta je het niet toe. Ofwel vind je het wel belangrijk, maar dan kan het niet zijn dat de vrijwilligers de last op hun schouders moeten nemen. Wie zou hier accepteren dat een vrijwilliger bij het Rode Kruis zelf moet betalen voor de vorming en begeleiding?’

‘Als je als organisatie vrijwilligers aan de slag zet omwille van de inkomsten maar waar je eigenlijk niets aan hebt, ben je volgens mij niet goed bezig’, zegt Hambach. ‘Het is misschien een gat in de markt, maar de vraag is of je dat nog vrijwilligerswerk mag noemen. Ik vraag me af hoe zuiver dat allemaal is.’

 

Cambodjaanse weeshuisindustrie

Wanneer vrijwilligers als klanten benaderd worden, kan dit negatieve gevolgen hebben in het Zuiden. De Nederlandse Eline Bodbijl maakte er een documentaire over die na de zomer verschijnt. Na verontrustende rapporten over de Cambodjaanse weeshuisindustrie gelezen te hebben, trok de documentairemaakster naar Phnom-Pehn en Siem Reap voor een undercoverreportage.

‘Volgens lokale hulporganisaties is drie op de vier kinderen in de Cambodjaanse weeshuizen eigenlijk geen wees.’

‘Volgens lokale hulporganisaties is drie op de vier kinderen in de Cambodjaanse weeshuizen eigenlijk geen wees,’ zegt Bodbijl. ‘Alle kinderen die ik zelf sprak, zeiden dat hun ouders nog leefden. Eigenaars van weeshuizen rijden met vrachtwagens langs dorpen om kinderen op te halen. De ouders geven vrijwillig hun kind mee omdat ze geloven dat het dan een betere toekomst krijgt.’

Bodbijl ging undercover in vijf verschillende weeshuizen om misbruiken te onderzoeken. Ze meldde zich bij de weeshuizen als vrijwilliger. ‘Hoe de kinderen behandeld werden, verschilde per weeshuis. Sommigen doen echt hun best, maar we zagen ook kinderarbeid.’

‘Het grootste probleem zijn niet de excessen, maar het feit dat er vaak veel kinderen met weinig toezicht in een weeshuis zitten. Er is weinig oog voor seksualiteit bij kinderen onder elkaar. Soms zitten kinderen van 0 tot 21 jaar in één weeshuis. Je kan je voorstellen dat er problemen opduiken.’

Bodbijl werkte onder meer in een weeshuis waar de kinderen ’s avonds moesten dansen voor toeristen. ‘Dat noem ik kinderarbeid. Ook al is het maar drie avonden per week en ook al zouden de kinderen het leuk vinden. De kinderen worden uitgebuit. Het is een hele moeilijke traditionele dans. De kinderen moeten heel veel oefenen.’

‘De toeristen worden geacht om een donatie te geven. De kinderen krijgen instructies over hoe ze met de toeristen moeten omgaan. Door de manier waarop alles gepresenteerd werd, had zelfs ik moeite om geen geld te geven. Ik heb sommige toeristen meer dan honderd euro zien doneren.’

Knuffelweeshuis

Bij een ander soort weeshuizen worden kinderen geïnstrueerd om vrijwilligers en toeristen zoveel mogelijk te knuffelen. ‘Ik noem dat knuffelweeshuizen. Bij het binnenkomen, rennen de kinderen meteen op je af. Dat is geen normaal gedrag voor een kind. Het kan er op duiden dat de kinderen een hechtingsproblematiek hebben. Kinderen zijn normaal schuchter bij vreemden.’

‘In de Cambodjaanse cultuur is fysiek contact tussen meisjes en jongens eerder ongewoon, maar ik heb meisjes veelvuldig op de schoot zien kruipen van mannelijke toeristen. Ik heb weeskinderen gesproken die vertelden dat dit vanuit het weeshuis opgelegd werd. Het is een manier om toeristen zo snel mogelijk te binden aan de kinderen in de hoop dat ze veel geld geven.’

Samen met enkele hulporganisaties pluisde Bodbijl de financiën van een weeshuis uit. Ze kwamen tot de vaststelling dat het weeshuis jaarlijks 250.000 dollar binnenhaalde. ‘Dat geld gaat bijna allemaal naar de eigenaar. En dat in een land waar het gemiddelde inkomen tussen de 100 en 200 dollar per maand ligt.

Cambodja telt meer dan 500 weeshuizen, zeer veel voor een land met een kleine 15 miljoen inwoners.

Het kost toch ook geld om een weeshuis te runnen? ‘Helemaal niet zo veel’, aldus Bodbijl. ‘Sommige weeshuizen presenteren hun financiën op hun website op een heel overzichtelijke manier, maar als je goed kijkt zie je dat de meeste kostenposten zwaar overdreven zijn. Omdat ze zelf hun cijfers publiceren, lijkt het alsof ze te vertrouwen zijn.’

Een kind plaatsen bij familie, vrienden of een pleeggezin is acht keer goedkoper dan een kind opvangen in een weeshuis, berekende de ngo Friends International. ‘Alleen zijn mensen doorgaans niet bereid om daar donaties voor te geven’, zegt Bodbijl. Het gevolg is dat Cambodja meer dan 500 weeshuizen telt, wat zeer veel is voor een land met een kleine 15 miljoen inwoners.

 

Hechtingsproblemen

‘De enige oplossing is geen vrijwilligerswerk meer doen in weeshuizen.’

Volgens de Cambodjaanse wetgeving moeten weeshuizen aan strenge regels voldoen. ‘Kinderen mogen enkel via de lokale autoriteiten in een weeshuis belanden. Er moet meteen gewerkt worden aan re-integratie in de familie of de gemeenschap. Als dat niet mogelijk is, wordt er gezocht naar pleegouders. Pas als dat niet kan, mag het kind in een weeshuis blijven.’ De wet wordt amper nageleefd.

‘Niet alle weeshuizen zijn erop geënt om zoveel mogelijk geld verdienen’, zegt Bodbijl. ‘Maar als je echt goede intenties hebt, zou je er meteen voor moeten zorgen dat je weeshuis aan de wetgeving voldoet. Bovendien moet je kijken of wat je doet wel goed is voor de kinderen. Een kind weghalen bij de familie, gebrekkig toezicht of de hele tijd nieuwe vrijwilligers over de vloer… dat is niet goed voor de kinderen.’

Sommige weeshuizen staan toeristen toe om een week of zelfs maar een dag vrijwilligerswerk te komen doen. ‘De kinderen moeten heel de tijd hechten en onthechten. Dat kan een kind ontzettend hard beschadigen’, zegt Bodbijl. ‘Bovendien gebeurt er meestal geen achtergrondonderzoek van de vrijwilliger. Een pedofiel kan dus ook gewoon aan de slag. Er zijn ook heel wat buitenlandse pedofielen die weeshuizen oprichten.’

Een pedofiel kan in het weeshuis gewoon aan de slag.

‘De mensen achter de weeshuizen voelen zich uiteraard aangevallen als ik kom zeggen dat ze niet goed bezig zijn. Achter veel weeshuizen zitten buitenlanders. Dat zijn vaak de weeshuizen met de mooie websites waarop ze soms letterlijk berichten plaatsen waarin ze zeggen dat ze gehoord hebben dat het er soms slecht aan toegaat. Ze zeggen allemaal dat hun weeshuis wel oké is, maar toch voldoen ze niet aan de eisen van de Cambodjaanse wet en laten ze vrijwilligers voor korte termijn toe.’

‘De enige oplossing is geen vrijwilligerswerk meer gaan doen in weeshuizen. Zij brengen het meeste geld aan. Sponsoren zouden moeten eisen dat de weeshuizen voldoen aan de Cambodjaanse wet.’

 

Schattige kindjes op je Facebook

Kunnen vrijwilligers in weeshuizen dan helemaal niets bijdragen? ‘Ik denk niet dat vrijwilligers geen nut hebben. Ik denk alleen dat de manier waarop ze nu werken geen nut heeft’, zegt Bodbijl.

‘Ik zou aanraden om nooit met kinderen te werken.’

‘Het ideale vrijwilligerswerk doe je door je vak uit te oefenen. Als je pedagoog bent, leid dan hulpverleners op. Daar is ontzettend veel nood aan in Cambodja. In een land waar kinderen massaal in weeshuizen zitten, is amper iemand met verstand van zaken aan de slag in een weeshuis.’

‘Ik zou aanraden om nooit met kinderen te werken,’ zegt Bodbijl. ‘Er zijn genoeg andere manieren waarop je je als vrijwilliger nuttig kan maken. Voor het opstellen van rapporten of het invoeren van data vinden veel organisaties geen vrijwilligers. Dat staat natuurlijk minder mooi op je Facebook dan al die schattige kindjes.’

Ga ook niet korter dan een half jaar, raadt Bodbijl aan. ‘Een week vrijwilligerswerk doen is een illusie. Dan kan je niet behulpzaam zijn. Bedenk hoe lang het thuis al duurt voor je je in een nieuwe job nuttig voelt.’

Toeristische attractie

Bodbijl hoopt dat vrijwilligers door haar documentaire hun engagement anders zullen aanpakken. ‘Ik ben er zeker van dat de meeste mensen geen slechte intenties hebben, maar gewoon niet beseffen welke gevolgen hun vrijwilligerswerk kan hebben.’

 

‘Nu wordt er alles aan gedaan opdat de vrijwilliger niet nadenkt,’ zegt Bodbijl. ‘Als je vanuit Nederland via een grote organisatie naar Cambodja gaat, wordt alles voor jou geregeld. Je wordt vanop de luchthaven naar het hostel gebracht waar je samen met andere vrijwilligers logeert. ’s Ochtends rijden ze met de tuktuk naar het weeshuis en ’s avonds keren ze met de tuktuk terug.’

‘Het viel me op dat de meeste vrijwilligers niet eens weten hoe het weeshuis heet. Dat zegt al veel over hoe afgeschermd ze zijn. De vrijwilliger moet verwend worden en het gevoel krijgen dat ze fantastisch werk leveren, want dan komen ze vaker.’

‘In een van de weeshuizen was er voor de vrijwilligers heerlijk eten. De kinderen zaten naast ons en kregen een beetje rijst en een beetje vis. Ik vroeg de vrijwilligers of ze dat niet vreemd vonden dat wij duurder eten kregen, maar niemand vond dat raar. Ze zijn er zogezegd voor de kinderen. Omdat ze die arm en zielig vinden, geven ze geld. Dat geld dat naar hun duur voedsel gaat, gaat niet naar die kinderen.’

‘Niet alleen voor de weeshuizen, zijn de kinderen een product geworden. Helaas soms ook voor de vrijwilligers’, besluit Bodbijl. ‘De weeshuizen zijn voor hen een toeristische attractie, geen hulpverlening. Ze zien geen kinderen meer. Ze staan er niet bij stil dat ze een ijsje zitten te eten naast kinderen die waarschijnlijk nooit ijsjes krijgen.’

De documentaire ‘Thank you for your donations’ van Eline Bodbijl verschijnt na de zomer. Bekijk hier de trailer.

Toen Bodbijl in Cambodja was om de documentaire te draaien, bezocht Brandpunt, een programma van de KRO haar op. Op de Brandpunt-uitzending kreeg Bodbijl veel reacties. Ze reageerde op de meest gehoorde opmerkingen op haar blog.

De foto’s in dit artikel zijn louter illustratief en staan los van de problematiek in de Cambodjaanse weeshuisindustrie.

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift