Schendingen van inheemse rechten, verplichte verhuizing en geweld

Duurzame energiecentrales verdrijven plattelandsbewoners in Azië

ADB / Flickr (CC BY-NC-ND 2.0)

Lopburi zonne-energiecentrale in Thailand.

Rurale, inheemse bevolkingsgroepen in Azië moeten noodgedwongen verhuizen om plaats te ruimen voor hernieuwbare energieprojecten. Schone energiecentrales krijgen steun van de overheid en worden minder gecontroleerd. Vaak ontbreekt een beleid om mensenrechtenschendingen tot een minimum te beperken.

Muhammad Lamoh had nooit kunnen vermoeden dat zijn kleine dorp Ban Khu in het zuiden van Thailand een belangrijke rol zou spelen bij de verwezenlijking van nationale doelstellingen voor hernieuwbare energie.

Een biomassacentrale van 25 megawatt werd in maart vorig jaar in gebruik genomen. Hierover hebben de lokale autoriteiten de bewoners ingelicht voor de fabriek gebouwd werd.

De constructie ging door, hoewel dorpelingen bezorgd waren over de gevolgen voor hun gezondheid en de nabijheid van een plaatselijke school. Ook over het gebruik van water uit een kanaal dat zij nodig hebben voor visvangst en voor hun rubber- en rijstoogst maakten de bewoners zich zorgen.

Vieze geur en afval

Al snel nadat de fabriek operationeel was, merkten dorpelingen een vieze geur op. Ook werd er in de nabijheid afval zoals vliegas zomaar gedumpt. Sommige bewoners klaagden over huiduitslag. De meesten konden minder water uit het kanaal halen.

‘Onze belangrijkste zorgen zijn de gevolgen voor onze gezondheid, voor het land en het water’, zegt Lamoh (58) een inwoner van de vierde generatie en leider van de gemeenschap. ‘Er werd niet voldoende rekening gehouden met onze opmerkingen.’

‘Plattelands- en inheemse gemeenschappen raken hun land kwijt aan projecten voor zonne-, wind- en bio-energie en voor waterkrachtcentrales’.

‘We weten dat hernieuwbare energie goed is, maar we zijn niet geraadpleegd over deze energiecentrale en we hebben er geen voordeel bij”, geeft hij aan, terwijl hij aanwijst waar de fabriek gelegen is: langs de snelweg, ongeveer anderhalve kilometer van zijn huis.

Gulf Chana Green Co., een dochteronderneming van het in Thailand gevestigde Gulf Energy Development Co. dat de fabriek opereert, heeft vooraf een “grondige” analyse gemaakt van de sociale impact en van de gevolgen voor het milieu. Dat vertelt een woordvoerder.

De uitstoot wordt gecontroleerd, afval wordt veilig opgeslagen en het watergebruik wordt geminimaliseerd om ‘mogelijke effecten op het milieu of op de lokale gemeenschap’ te beperken. Informatie over de uitstoot en over andere milieuaspecten wordt openbaar gemaakt, zegt ze.

Snelle opmars

Wereldwijd brengt de snelle opmars van hernieuwbare energie, die ingezet wordt om CO2-uitstoot in te perken, onevenredige schade toe aan plattelands- en inheemse gemeenschappen. Zij raken hun land kwijt aan projecten voor zonne-, wind- en bio-energie en voor waterkrachtcentrales, zeggen mensenrechtenorganisaties.

Hoewel hernieuwbare energie een grote voetafdruk heeft op het land, krijgen de projecten steun van de overheid en worden ze minder nauwkeurig opgevolgd dan projecten met fossiele brandstoffen zoals steenkool. Bovendien hebben maar weinig bedrijven een beleid om mensenrechtenschendingen te voorkomen of tot een minimum te beperken.

‘De overgang naar schone energie is noodzakelijk, maar het moet gepaard gaan met respect voor de rechten van lokale gemeenschappen’, zegt Jesse Cato, een programmamanager bij het Business & Human Rights Resource Center (BHRRC) in Berlijn.

BHRRC heeft een “verontrustende stijging” gezien van inbreuken op de mensenrechten bij projecten voor hernieuwbare energie, zegt ze. Het centrum registreerde in het afgelopen decennium ongeveer tweehonderd klachten over schendingen van landrechten en inheemse rechten, verplichte verhuizingen, geweld en bedreigingen.

Ambitieuze doelstellingen, snelle implementatie

Volgens voorspellingen zullen hernieuwbare energiebronnen in 2025 wereldwijd een derde van de elektriciteit leveren. Dit kan door de dalende kosten en een gunstig overheidsbeleid. Ongeveer de helft van die schone energie komt van waterkrachtcentrales. Wind- en zonne-energie vervolledigen de top drie.

Japan en Zuid-Korea hebben beloofd om koolstofneutraal te zijn tegen 2050, China tegen 2060. Ook andere landen in de Azië-Pacific hebben zichzelf ambitieuze doelstellingen opgelegd.

‘Deze projecten legaliseren maakt ze niet sociaal of ecologisch legitiem.’

India, dat op twee landen na de meeste broeikasgassen ter wereld uitstoot, heeft zijn streefcijfer voor hernieuwbare energie vastgelegd op 175 gigawatt in 2022. Dat houdt 100 gigawatt uit zonne-energie en 60 gigawatt uit wind in.

Om dat doel te bereiken, hoeven grootschalige projecten geen milieueffectenrapport voor te leggen of openbare hoorzittingen te houden. Deze grootschalige projecten maken het grootste deel van de capaciteit aan zonne-energie in India uit. Bovendien worden ze versneld uitgevoerd.

Gedwongen verhuis

In staten waar zonne- en windparken gepland of gebouwd zijn, werden volgens mensenrechtenorganisaties de rurale gemeenschappen benadeeld. Zij moeten noodgedwongen verhuizen. Slechts enkele gemeenschappen kregen een nieuw onderkomen of werden voldoende gecompenseerd.

‘De gronden voor deze projecten worden bijna altijd als beschikbare ruimte beschouwd’, zegt Kanchi Kohli, een ervaren onderzoeker bij de denktank van het Center for Policy Research in New Delhi. ‘Zelfs als het gaat om graslanden, bossen en landbouwgrond. Deze projecten legaliseren maakt ze niet sociaal of ecologisch legitiem.’

In het dorp Mikir Bamuni Grant in de oostelijke staat Assam in India zal een zonne-energiecentrale van 15 megawatt, die op landbouwgrond gebouwd wordt, honderden dorpelingen verdrijven, zegt milieuactivist Prafulla Samantara. In 2017 won Samantara de prestigieuze Goldman-milieuprijs, ook wel bekend als de “Groene Nobelprijs”.

‘Het recht op land voor inheemse gemeenschappen is pas na decennia van strijd vastgelegd in de wet’, zegt Samantara. ‘De cultuur, de identiteit, het leven en het levensonderhoud van de inheemse boeren van Mikir Bamuni Grant worden bedreigd.’ De regering van Assam wenste hierop niet te reageren.

Geen enkel bedrijf respecteert landrechten

Het BHRRC heeft voor het eerst de mensenrechten onderzocht bij de zestien grootste beursgenoteerde wind- en zonne-energiebedrijven ter wereld, waaronder drie Chinese bedrijven. Uit die evaluatie blijkt dat geen enkel bedrijf een beleid heeft om landrechten te respecteren of om inwoners op een rechtvaardige en eerlijke manier te compenseren.

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws
Volgens het BHRRC gingen niet alleen de projecten zelf in de fout, maar waren er ook overtredingen op mijnbouwlocaties. Ook bij de ontginning van mineralen zoals lithium, dat wordt gebruikt in zonnepanelen en in batterijen voor elektrische voertuigen, zijn er overtredingen vastgesteld.

‘Inheemse gemeenschappen vechten zowel tegen klimaatverandering als tegen energietransitie, maar we zien dat hun grond en hun bestaansmiddelen nog maar eens bedreigd worden door een nieuwe en groeiende industrie’, zei Cato van BHRRC.

Bewoners niet geraadpleegd

‘De groei gaat ten koste van arme inheemse gemeenschappen die geen andere optie hebben om in hun levensonderhoud te voorzien.’

In Nepal zal de Tanahu-waterkrachtcentrale naar verwachting bijna achthonderd huishoudens van de inheemse Magar-gemeenschap langs Seti-rivier treffen. Meer dan zestig procent van de inwoners zal daarbij landbouwgrond verliezen. Ook twee tempels en negen crematiesites gaan daardoor verloren. De waterkrachtcentrale in kwestie is goed voor 140 megawatt aan schone energie en wordt gefinancierd door de Asian Development Bank.

Uit een onderzoek door de mensenrechtenorganisatie Community Empowerment and Social Justice Network (CEMSOJ) blijkt dat driekwart van de bewoners niet werd geraadpleegd. Bovendien kreeg tachtig procent geen compensatie.

‘De investeerders en de regering zien waterkracht als de enige manier om ontwikkeling en economische groei te bereiken’, zegt Prabindra Shakya, uitvoerend directeur van CEMSOJ.

‘Maar die groei gaat ten koste van arme inheemse gemeenschappen die geen andere optie hebben om in hun levensonderhoud te voorzien’, zei hij. Tanahu Hydropower Ltd. heeft gezegd dat het een ‘wederzijds aanvaardbare en duurzame oplossing” zal zoeken.

Nog steeds stroomuitval

In Zuidoost-Azië werden tientallen waterkrachtprojecten grondig onderzocht. Bij dat onderzoek kwam een steeds duidelijker bewijs aan het licht van droogte en een verminderd visbestand in de Mekongrivier. Maar liefst 60 miljoen mensen zijn afhankelijk van die rivier voor landbouw en visvangst.

Toen in Laos drie jaar geleden een dam het begaf tijdens de aanbouw, kwamen tientallen mensen om het leven en werden huizen weggevaagd.

‘De voordelen van hernieuwbare energie zien we trouwens nog steeds niet. Bij ons valt de stroom nog steeds uit.’

In Thailand zegt ADB, dat ook de biomassacentrale in Chana financierde, dat het project een “ecologisch duurzame oplossing” is om landbouwafval om te zetten in hernieuwbare elektriciteit. Voor de meer dan honderd gezinnen in de buurt van de biomassacentrale heeft het echter tot dusver alleen maar ongemak veroorzaakt.

‘We begrijpen dat we de elektriciteitscentrale nodig hebben en dat deze minder schadelijk is dan steenkool’, zegt gemeenschapsleider Lamoh nog. ‘Dat wil niet zeggen dat de aanbouwers de gemeenschap niet moeten raadplegen. Wij willen er iets in te zeggen hebben.’

‘De voordelen van hernieuwbare energie zien we trouwens nog steeds niet. Bij ons valt de stroom nog steeds uit.’

Dit artikel is eerder verschenen bij IPS-partner Thomson Reuters News Foundation.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3190   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift