Erfgoed is méér: ook verhalen, rituelen en legendes verdienen bescherming

Graaien als Indiana Jones: wat Somaliërs ons kunnen leren over erfgoed

© Tom Claes

De rotsschilderingen van Laas Geel in Somaliland

Eeuwenoud erfgoed ligt voor het grijpen in Somaliland, en is helaas weinig beschermd. Maar de eenzijdige focus op waardevolle objecten is eerder een westerse reflex, duidt archeologe Sada Mire. Naast het beschermen van monumenten en sites moeten we vooral ook oog en oor hebben voor de verhalen, rituelen en legendes die deze plekken werkelijk betekenis geven. ‘Somalisch erfgoed is niet uitsluitend wat je vindt in musea.’

Op ongeveer een uurtje rijden van Hargeisa, de bruisende hoofdstad van Somaliland, ligt het grottencomplex van Laas Geel. Het is dé toeristische trekpleister van het zelfuitgeroepen republiekje in de Hoorn van Afrika, en dat is niet zonder reden. De grotten zijn rijk versierd met kleurrijke rotsschilderingen die naar schatting 5000 à 7000 jaar oud zijn.

De grotten van Laas Geel zijn minder beroemd dan die van Lascaux of Altamira, maar geven een unieke inkijk in hoe mensen ooit leefden in dit deel van de wereld.

De rotsschilderingen van Laas Geel, wat ‘drenkplaats voor kamelen’ betekent, werden nog niet zo lang geleden “ontdekt”. Lokale bewoners wisten al eeuwen af van het bestaan van de plek. Maar pas toen ze in 2002 een team van Franse archeologen, onder leiding van Xavier Gutherz, naar de grotten brachten, leerde ook het Westen ze kennen. De schilderingen zijn bij de oudste en best bewaarde in Afrika. Maar hoelang nog?

© Tom Claes

De weg naar Laas Geel gaat over onherbergzaam terrein. Overal vindt verwoestijning plaats.

Bedreigd door verwoestijning, toerisme en gebrek aan expertise

Het was Jama Musse Jama, de directeur van het Hargeysa Cultural Centre, die onlangs aan de alarmbel trok. In een tweet die intussen massaal gedeeld werd, wees hij erop dat sommige rotspartijen barsten vertonen en dat de kleuren van de schilderingen beginnen te vervagen.

‘In Somaliland zijn er ontelbare sites en monumenten die dringend bescherming nodig hebben.’

‘Ik wilde de aandacht trekken van onze regering én van de internationale gemeenschap’, vertelt Jama ons vanuit zijn kantoor in Hargeisa. ‘De schilderingen zijn niet alleen belangrijk voor de Somalische gemeenschap, maar voor de hele mensheid. We moeten alles in het werk stellen om ze te beschermen.’

'Vergeet niet: Laas Geel is geen alleenstaand geval. In Somaliland zijn er ontelbare sites en monumenten die dringend bescherming nodig hebben.’

Jama meent dat de aanwezigheid van wilde dieren en onverantwoordelijk gedrag van toeristen de rotsschilderingen ernstig hebben beschadigd. Daarnaast wijst hij op de gevolgen van de klimaatverandering: ‘Overal in Somaliland vindt verwoestijning plaats. De bomen die de schilderingen vroeger beschermden tegen opwaaiend stof en zand, zijn inmiddels verdwenen. Tenzij je een expert bent, kun je de schilderingen niet zomaar schoonmaken. Alleen: die expertise is schaars in Somaliland.’

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws

En er is nóg een probleem. De rotsschilderingen van Laas Geel vallen onder de bevoegdheid van het ministerie van Handel en Toerisme. Ze worden als meer dan alleen cultureel erfgoed beschouwd door hun commerciële waarde. Volgens Jama zou het ministerie van Cultuur zich over dergelijk erfgoed moeten ontfermen.

‘We moeten duidelijke afspraken maken: wie beschermt ons erfgoed, wat zijn de regels en de eventuele straffen? Op dit moment heeft Somaliland geen helder beleid. We hebben specifieke wetten nodig voor erfgoed, anders regeert de willekeur.’

Plunderingen

Dat stelt ook Sada Mire vast. De Zweeds-Somalische archeologe was oprichter en tot 2012 directeur van het departement Archeologie van Somaliland en is nu verbonden aan de universiteit van Leiden. Onlangs publiceerde ze het allereerste complete boek over archeologie in de Hoorn van Afrika: Divine fertility. Haar opvatting over wat we moeten bewaren, is niet conventioneel.

© Tom Claes

Sada Mire bij de rotsschilderingen van Dhambalin

‘Graven zonder duurzaam en nauwgezet plan, en zonder aandacht voor context, is onverantwoord en ouderwets.’

‘Veel mensen vinden het verrassend dat ik als archeologe geen enkele site heb opgegraven’, zegt Mire. ‘Maar graven zonder duurzaam en nauwgezet plan, en zonder aandacht voor context, is een onverantwoorde en ouderwetse manier van omgaan met erfgoed.’

‘Al te vaak trekken archeologen naar gebieden waar de kennis over archeologie gering is. Over alles wat je opgraaft, kun je dan op sociale media rondbazuinen: “Geweldig, kijk eens wat we hebben gevonden!” En vervolgens verwaarlozen de archeologen de site om op zoek te gaan naar de volgende heilige graal.’

Omdat archeologen doorgaans maar een fractie van de site opgraven, en bovendien zelden infrastructuur of bescherming achterlaten, geven ze rovers vrij spel. Zowel Jama als Mire werden in het verleden benaderd door mensen die allerhande waardevolle voorwerpen wilden slijten. Nog steeds komen er tonnen spullen tevoorschijn, zelfs van sites waar recentelijk nog opgravingen werden verricht.

Mire: ‘Voordat je begint met graven, moet je zorgen dat je op de juiste manier kunt starten. De eerste prioriteit is: breng alle sites in kaart en doe dat in samenspraak met de lokale bevolking. Zo weet de overheid precies wat er moet worden beschermd en voelen mensen zich betrokken bij het grotere verhaal. Vervolgens moet je ervoor zorgen dat de informatie die je verzameld hebt, wordt gebruikt om nationale erfgoedwetten en een krachtig archeologisch beleid op te stellen.’

Nog geen erkenning

‘Archeologen trekken nog steeds achteloos van de ene naar de andere site.’

In 2011 zette Mire een campagne op touw om meer aandacht te vragen voor Somalisch erfgoed. Er verschenen artikels op CNN, in The Guardian en The Sunday Times. Het was een niet mis te verstane boodschap voor archeologen om op een verantwoorde manier te werk te gaan. Helaas had de campagne weinig effect.

‘Archeologen trekken nog steeds achteloos van de ene naar de andere site’, zegt Mire. ‘Dat is een zeer kortzichtige visie op archeologie. Ze dient vooral de belangen van de archeologen zelf: om promotie te maken of meer fondsen te krijgen. Somalisch erfgoed heeft daarentegen nood aan een langetermijnvisie. Duidelijke regels, een krachtig beleid en een helder plan.’

‘Precies daarom heb ik met mijn eigen organisatie Horn Heritage en onze internationale partner Geneva Call een team van experts samengesteld. De voorbije zes maanden hebben we de regering van Somaliland geadviseerd over hoe ze nationale erfgoedwetten moeten opstellen. We zijn er nog niet helemaal, maar ik denk dat we de goede kant op gaan.’

Volgens Jama zou erkenning door Unesco archeologische sites als Laas Geel beter helpen te beschermen. Maar die erkenning blijkt vooralsnog onmogelijk, door de ambigue politieke status van Somaliland.

© Jama Musse Jama

Dr. Jama Musse Jama

De republiek Somaliland verklaarde zich in 1991 eenzijdig onafhankelijk van het zuiden, dat door krijgsheren geteisterd wordt en vandaag bekendstaat als Somalië. De regering in de Somalische hoofdstad Mogadishu erkent de onafhankelijkheid van Somaliland niet. Ook de internationale gemeenschap doet dat niet. Een gemiste kans, vindt Jama.

‘Unesco kan haar embleem plaatsen op een belangwekkende site, en dat is leuk als blijk van waardering, maar het betekent niets.’

Mire betwijfelt daarentegen dat erkenning door Unesco veel verandering zou brengen: ‘Unesco is een intergouvernementele organisatie. Erfgoed kun je het best beschermen met een sterke nationale wetgeving. Niemand zal door Unesco voor de rechtbank worden gesleept als er geen nationale wetten zijn. Unesco kan haar embleem plaatsen op een belangwekkende site, en dat is leuk als blijk van waardering, maar het betekent niets.’

‘Geen enkele site of monument in Somaliland is veilig,’ vervolgt Mire, ‘zolang er geen nationale erfgoedwetten zijn, geen infrastructuur ofwel toegankelijkheid tot de sites, geen capaciteit of getrainde mensen, en geen financiële middelen. Als deze vier voorwaarden niet vervuld zijn, kan iedereen als een Indiana Jones straffeloos gaan graaien.’

Landschappen als erfgoed

Als we willen komen tot een constructievere benadering van erfgoed, moeten we in de eerste plaats luisteren naar de Somaliërs zelf, meent Mire.

Toen de archeologe voor het eerst voor veldonderzoek naar Somaliland afreisde, verbaasde ze zich over hoe ogenschijnlijk gelaten de lokale bevolking bleef bij de plunderingen. Maar uit de vele gesprekken die ze voerde, leidde ze af dat Somaliërs op een andere manier naar erfgoed kijken.

© Tom Claes

De rotsschilderingen van Laas Geel in Somaliland

‘Als je aan Somaliërs vraagt wat zij beschouwen als erfgoed, praten ze niet over voorwerpen maar over landschappen, over de dingen die ze weten, over hun vaardigheden’, legt Mire uit.

‘Toen ik jaren geleden mijn bevindingen toonde aan Dahir Riyale Kahin, die president was van Somaliland tussen 2002 en 2010, vertelde hij boeiende verhalen over de archeologische sites die hij kende, en waar hij als kind in de ruïnes speelde. Somaliërs hebben een rijke orale traditie die informeert over sites, monumenten en voorwerpen.’

De eenzijdige focus op waardevolle objecten is eerder een westerse reflex.

Dat noemt Mire de ‘knowledge-centered approach’: bescherm in de eerste plaats de kennis, mythes en verhalen en daarna pas de voorwerpen. De eenzijdige focus op waardevolle objecten is eerder een westerse reflex, terwijl Somalisch erfgoed niet uitsluitend is wat je vindt in musea. Het gaat bovenal om ervaringen. Je hoeft niet per se te weten hoe oud een voorwerp is, maar wel hoe je het gebruikt en hoe je het vervaardigt.

Een mooie illustratie daarvan is de studie die Jama maakte over het traditionele bordspel Shax, een typisch bordspel uit de regio. Hij stelde vast dat in veel Afrikaanse landen rijkelijk versierde spelborden worden gebruikt. ‘Somaliërs zijn een van de weinige volkeren die Shax spelen zonder spelbord. Ze graven een gat in de grond, gebruiken pakweg bonen als pionnen, en beginnen te spelen.’

‘Om te begrijpen waarom,’ vervolgt Jama, ‘moeten we kijken naar onze nomadische cultuur. Omdat nomaden van de ene naar de andere plek trekken, zijn alleen essentiële voorwerpen van belang. Alles wat past op een kameel, zeg maar. Nomaden hebben zeer weinig bezittingen, maar ze beschikken over een enorme kennis die ze doorgeven van generatie op generatie.’

© Tom Claes

De rotsschilderingen van Laas Geel in Somaliland

Volk van dichters

Hét medium om kennis door te geven, is poëzie, betoogt Jama: ‘Poëzie, en in het bijzonder de mondeling overgeleverde, zit in het Somalische DNA. Gedichten werden tijdens oorlogen gebruikt als propaganda, maar ook om bruggen te bouwen tussen strijdende facties. Wie wil praten over wat er in het verleden is gebeurd, of inheemse kennis wil doorgeven, zal dat doen met poëzie, spreekwoorden en gezegden.’

Zo bestaan er gedichten over praktische procedés, zoals mandenvlechten, het oogsten van gewassen of het drenken van vee.

Somalische dichters genieten het prestige dat rocksterren in het Westen hebben.

Binnen de Somalische gemeenschappen genieten dichters het prestige dat rocksterren in het Westen hebben. De Somalische taal kreeg pas in 1972 een gestandaardiseerd schriftsysteem, maar de orale traditie blijft zeer belangrijk: veel Somaliërs, ook stedelingen en emigranten, kunnen eeuwenoude poëzie voordragen.

Die traditie wil Jama voortzetten met het Hargeysa Cultural Centre: ‘Ik wil een platform creëren waar jonge kunstenaars en dichters hun talent verder kunnen ontwikkelen. We kennen ons erfgoed, materieel en immaterieel, en willen het behouden. Maar dat doen we niet door het achter slot en grendel in musea te plaatsen. Muziek en gedichten moeten na jaren van oorlog opnieuw deel worden van ons leven.’

Ook archeologe Sada Mire wil bouwen aan ‘een holistisch ingestelde, bewuste generatie die precies begrijpt waarom erfgoed belangrijk is, die beseft dat bijvoorbeeld de rotsschilderingen van Laas Geel ons vertellen hoe mensen vroeger leefden, wat ze dachten of hoe de omgeving eruitzag. Als we de historische rijkdom opnieuw naar waarde schatten, kunnen we hem ook gebruiken om hedendaagse problemen aan te pakken, zoals de klimaatverandering.’

‘Het is tijd om de wereld te tonen dat Somaliërs niet alleen het voorpaginanieuws halen met uitgehongerde kinderen, piratenschepen, Al Shabaab of vluchtelingen’, besluit Jama.

Divine fertility van Sada Mire is uitgegeven door Routledge. 372 blz. ISBN 9781138368507

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2623   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur

  • Freelance journalist

    Tom Claes is redacteur en freelancejournalist. Hij volgt de ontwikkelingen in de Hoorn van Afrika en focust in het bijzonder op de thema’s identiteit, migratie en ongelijkheid.