1 jaar na de dood van Mandela: 5 getuigenissen

Dag op dag één jaar geleden overleed Nelson Mandela. Voor welke uitdagingen staat Zuid-Afrika vandaag, een jaar na de dood van de eerste president van de Republiek na het einde van het aparheidsregime? MO.be laat vijf Zuid-Afrikanen aan het woord: een hooggeplaatst bendelid, een minister, een jongedame uit een township in de buurt van Kaapstad, een farm worker, en een professor.

Zuid-Afrika ziet vijf hordes op zijn pad. De criminaliteit is een eerste doorn in het oog voor wie Zuid-Afrika verder wil zien ontwikkelen, een sputterende economie die niet ongehavend uit de crisis is geklommen een tweede.

Ten derde is de gezondheidssituatie van de meer dan vijftig miljoen inwoners van het land zorgwekkend. Hoewel het ergste achter de rug lijkt, blijven hiv en aids — de grootste problemen - wijdverspreid.

Gezondheidsproblemen zijn een gevolg van slechte leefomstandigheden, die op hun beurt het gevolg zijn van ongelijkheid en armoede, een ander issue dat hoog op de agenda moet komen.

Ten slotte is het sturen van een samenleving post-apartheid in 2014 geen evidentie en voelt een aanzienlijk deel van de bevolking zich in de steek gelaten door de jonge democratie.

© Jago Kosolosky

Voor welke uitdagingen staat Zuid-Afrika vandaag, een jaar na de dood van de eerste president van de Republiek na het einde van het aparheidsregime?

I. Criminaliteit, de number gangs

© Jago Kosolosky

‘Ik wou dat ik naar school was geweest, dit is geen leven.’

Criminaliteit is wijdverspreid in Zuid-Afrika en doet zich op diverse wijzen voelen. Zo zou het land de voorbije achttien jaar 650 miljard rand — meer dan 47 miljard euro — verloren hebben aan corruptie.

Wanneer men over criminaliteit in Zuid-Afrika praat, lijken de volgende cijfers echter meer duidelijk te maken. Elke dag worden gemiddeld 43 mensen vermoord en worden er 400 druggerelateerde misdaden gemeld.

‘Ik wou dat ik naar school was geweest, dit is geen leven.’

Ongeveer de helft van alle druggerelateerde misdaden in het land vinden plaats in de West-Kaap.

Een grote verantwoordelijkheid ligt hier bij de number gangs, de bendes die hun oorsprong vinden in de Zuid-Afrikaanse gevangenissen eeuwen geleden, maar ook vandaag nog springlevend zijn.

Er zijn drie grote “families” waarbinnen bendes zich situeren. De 26’s staan gekend als de dieven — al worden andere misdaden nooit uitgesloten — terwijl de 27’s als moordenaars te boek staan. De 28’s tenslotte groeperen de verkrachters en daders van andere seksuele misdrijven. Binnen elke “familie” klim je op door met je daden je gedrevenheid en toewijding aan de bende te etaleren.

Aan het woord is een Captain One van de 26’s. De Captain One is de bloedkapitein, hij heeft als enige binnen de 26’s een license to kill. De zes sterren getatoeëerd op zijn schouders tonen zijn rang aan.

‘Ik was tien toen ik voor het eerst werd opgesloten in een jeugdinstelling. Ik had gestolen en daar kreeg ik twee jaar voor, gevolgd door twee jaar in een andere instelling. Mijn ouders steunden me niet echt. Ze dronken beiden erg veel en er was nooit eten thuis. Op mijn veertiende kwam ik vrij. Ik was toen al lid van een bende.’

‘Drie jaar later ging ik twaalf jaar de gevangenis in. Ik had veel mensen bestolen, het was voor mij de enige manier om te overleven.’

‘Toen ik na twaalf jaar vrijkwam heb ik iemand vermoord. Ik was aan het drinken en deze kerel was op me aan het kakken en wou me bestelen. Ik stak hem één keer in zijn borst en hij stierf. Toen ging ik tien jaar de gevangenis in. Twee jaar geleden kwam ik vrij.’

Hij heeft geen job en overtreedt door het dealen van drugs opnieuw de wet om een inkomen te hebben. ‘Ik wou dat ik naar school was geweest, dit is geen leven.’

© Jago Kosolosky

De toewijding van de bloedkapitein staat op zijn polsen getatoeëerd, tweemaal 26.

II. Economie, verlammende werkloosheid

© Jago Kosolosky

‘575.000 mensen in mijn provincie zitten zonder werk en de situatie wordt er niet beter op.’

De wereldwijde financiële crisis in 2008 sloeg ook toe in Zuid-Afrika. Hoewel zes jaar geleden de laatste keer was dat het land een recessie doorspartelde en het zich enkele jaren later reeds had herpakt, zijn de zorgen vandaag verre van verdwenen. In het eerste kwartaal van dit jaar kromp de economie namelijk met 0,6 procentpunt, al werd dit gelukkig opgevangen door een groei van dezelfde grootte-orde voor de periode van april tot juni en kon een nieuwe recessie zo vermeden worden.

‘De economie moet groeien, dan kunnen we in onderwijs en andere sectoren investeren en kunnen we de trend keren.’

Het grootste probleem vandaag is de torenhoge werkloosheid. Op nationaal vlak heeft slechts 38,9 procent van de bevolking een job, al zijn er aanzienlijke regionale verschillen tussen de negen provincies van Zuid-Afrika.

De Oost-Kaap spant de kroon met 74 procent werkloosheid, terwijl in Gauteng — de provincie die onder andere Pretoria en Johannesburg omvat — “slechts” 49,4 procent van de bevolking zonder werk moet overleven. Ter vergelijking: in november dit jaar was 7,76% van de Belgische bevolking werkloos.

Alan Winde, minister van Economische Ontwikkeling voor de West-Kaap, licht de cijfers toe. ‘575.000 mensen in mijn provincie zitten zonder werk en de situatie wordt er niet beter op. De aantallen blijven groeien.’

‘De economie moet een vlucht nemen. Dan kunnen we investeren en de trend keren. Hier in de West-Kaap doen we het beter dan andere provincies. We zetten de economie centraal en willen van daaruit zaken als onderwijs en gezondheidszorg verbeteren.’

 

III.Gezondheid, worstelen met een geschiedenis van ontkenning

© Jago Kosolosky

‘We ontdekten onlangs dat m’n kleine nichtje HIV blijkt te hebben, ze is vijf. Haar moeder heeft ons nooit iets verteld.’

Op gezondheidsvlak wordt Zuid-Afrika niet gespaard. Hoewel onlangs werd bekendgemaakt dat het land goed op weg is om malaria compleet uit te roeien, blijven er grotere problemen overeind.

‘Onze ouders praatten nergens over en dat was fout.’

Veruit de grootste uitdagingen voor de publieke gezondheid in het land blijven hiv en aids. Volgens UNAIDS telde Zuid-Afrika in 2012 meer dan zes miljoen dragers van het virus, hallucinante cijfers op een geschatte bevolking van 54 miljoen.

Pieter-Dirk Uys, Zuid-Afrikaans komiek en activist, stelt de overheid openlijk verantwoordelijk voor de schrijnende stand van zaken. ‘Mijn land is door een heel moeilijke periode gegaan onder Thabo Mbeki (Tweede president van het moderne Zuid-Afrika van 1999 tot 2008, red.) aangezien hij het bestaan van hiv en aids doodleuk ontkende. Zijn gedrag stond gelijk aan een genocide. We zijn meer dan 380.000 mensen kwijtgeraakt door angst en verwarring.’

We praten met de dertigjarige Thando in het Emavundleni Prevention Research Centre in Crossroads, vlakbij Nyanga. Het virus is wijdverspreid in de townships en komt er vaak voor samen met tuberculose. Jaarlijks ontwikkelt ongeveer 1 procent van de bevolking van Zuid-Afrika actieve tuberculose.

Thando kwam voor het eerst naar het centrum voor een gratis HIV-test, maar ondertussen helpt ze, als proefpersoon, het onderzoek naar hiv-preventie vooruit.

Ze zat nog op matriek — de middelbare school — toen ze haar zoontje Luthando kreeg. ‘Hij betekent alles voor me, maar als ik terugkijk, wou ik dat ik toen meer wist. Ik praat over alles met hem. Onze ouders praatten nergens over en dat was fout.’

Naast een gebrek aan informatie, lijkt ook de mate waarin oudere mannen een relatie aanknopen met jonge meisjes — in combinatie met een machocultuur getekend door termen als main girl en side chick - de verspreiding van het virus in de hand geholpen te hebben. In de leeftijdscategorie 20 tot 24 jaar had in 2008 meer dan 20 procent van de vrouwen HIV, terwijl dat bij mannen van die leeftijd “slechts” rond 5% bengelde.

Volgens Thando is de situatie ondertussen verbeterd, maar ze herinnert zich nog hoe het voor haar en haar vriendinnen een goede zaak was iets te beginnen met een oudere man. ‘Je moest iemand vinden die voor je kon zorgen.’

Zelf is Thando niet besmet, maar ze getuigt over hoe de ziekte in haar omgeving toeslaat. ‘Niemand blijft buiten schot. We ontdekten onlangs dat m’n kleine nichtje hiv heeft, ze is vijf. Haar moeder heeft ons nooit iets verteld.’ Een oudere nicht is Thando al aan de ziekte verloren. ‘Tweeëndertig was ze toen ze stierf. Nog een andere nicht van me heeft ook hiv, maar zij neemt medicijnen en kan er zelfs grapjes over maken.’

 

IV. Ongelijkheid & armoede, van het platteland tot de stad

© Jago Kosolosky

‘Elektriciteit of water heb ik nog steeds niet in m’n woning.’

Zuid-Afrika heeft de hoogste Gini-coëfficiënt — een getal waarmee de mate van ongelijkheid in een land wordt uitgedrukt — ter wereld. Bijna de helft van de Zuid-Afrikanen leeft in armoede volgens de nationale grens die wordt vastgelegd op 35 euro per maand.

Geert Schepers werkt op een wijnboerderij in Robertson, een wijnstreek in de West-Kaap. Hij is 63 jaar oud en werkt al sinds zijn zestiende op de boerderij waar ik hem spreek. ‘Sindsdien is er nog niks veranderd. Elektriciteit of water heb ik nog steeds niet in m’n woning. Ik word betaald via een toelage van de overheid. Officieel word ik zo geen loon uitbetaald dus een pensioen zal ik niet krijgen.’

‘Officieel word ik geen loon uitbetaald dus een pensioen zal ik niet krijgen.’

Hij is slechts een van de vele farm workers die tegen het officiële minimumloon van 105 rand — €7,56 — dagelijks minstens negen uur druiven plukken of grond bewerken voor de goedkope Zuid-Afrikaanse wijn die in Europa zo in trek is. Wanneer ik hem zeg hoeveel wij ongeveer betalen voor zo’n fles, gelooft hij zijn oren niet.

Elke ochtend wordt hij samen met de andere farm workers uit zijn buurt opgepikt en naar de boerderij gevoerd in open trucks, die wel honderden mensen tegelijk vervoeren. Iedereen kent de verhalen van de arbeiders die van de trucks vallen.

Schepers is één van de gelukkigen, hij mag het hele jaar door op de boerderij werken, ook nu wanneer er weinig werk is. Seizoensarbeiders zijn slechter af, en onderaan de keten staan de temps of temporary workers, zij worden aan het werk gezet wanneer dit nodig is en worden niet officieel in dienst genomen.

Hier komt nog bovenop dat één loon in nagenoeg alle gevallen meerdere mensen moet onderhouden. De leefomstandigheden van de farm workers in grote delen van Zuid-Afrika zijn, net als in Robertson, bikkelhard. Sanitair is voor velen een luxe, net als stromend water. Velen trekken dan ook richting een grootstad als Kaapstad waar de townships jammer genoeg weinig soelaas bieden.

 

V. Post-apartheid, de politiek van verraad

© Jago Kosolosky

‘Ras bestaat niet meer, maar wat is het van groot belang.’

Sean Field, professor aan het departement geschiedenis van de Universiteit van Kaapstad, vat de kwestie van ras in het Zuid-Afrika van de 21ste eeuw goed samen. ‘Ras bestaat niet meer, maar wat is het van groot belang.’

‘Er is sprake van de politiek van verraad, veel Zuid-Afrikanen voelen zich in de steek gelaten.’

De balans opmaken na de struggle - de benaming voor de strijd tegen het apartheidsregime — van de rol van ras in Zuid-Afrika is niet enkel aartsmoeilijk, maar ligt ook enorm gevoelig.

De politieke macht werd door de blanke Afrikaners uit handen gegeven aan de zwarte bevolking — waarvan de Zulu en de Xhosa de meest gekende groepen zijn.

De economische macht blijft tot op de dag van vandaag echter grotendeels in handen van de blanke topklasse. Veel zwarte politieke leiders volgen de weg van corruptie om de schade in te halen.

Andere bevolkingsgroepen, die soms een aanzienlijke rol speelden in de transitie, voelen zich vandaag in de steek gelaten.

Coloureds - de catch-all bevolkingsgroep die iedereen omvat die niet als Afrikaner of zwart wordt aanzien — bestaan in werkelijkheid niet. Afstammelingen van gemengde families, Indiërs, moslims, en de oorspronkelijke bevolking van Zuid-Afrika — de Khoisan — zijn slechts enkele van de mensen die als coloured bestempeld worden.

Een ding hebben ze vaak wel gemeenschappelijk: ze hebben het gevoel dat de transitie en het democratische Zuid-Afrika hen niet vooruit heeft geholpen.

‘Vooral jongeren uit deze laatste groep voelen zich bijgevolg aangesproken door de retoriek van Julius Malema en zijn Economic Freedom Fighters.’ Malema, voormalig leider van de ANC-Jeugdliga, richtte na zijn breuk met het ANC zijn eigen partij op die in de meest recente verkiezingen eerder dit jaar in één klap 25 zetels in het nationale parlement in de wacht sleepte. ‘Malema is een problematisch figuur, hij is een brute radicale populist’, zegt Field.

‘Steeds meer mensen beginnen openlijk over hun politieke voorkeur te discussiëren, het ANC verliest enorm snel aan krediet. Er is sprake van de politiek van verraad, veel Zuid-Afrikanen voelen zich in de steek gelaten.’

Jago Kosolosky werkt als webredacteur bij MO* en trok een aantal weken naar de West-Kaap in het kader van het Beyond Your World projectfinancieel mede mogelijk gemaakt door de Europese Commissie, het Nederlandse Ministerie van Buitenlandse Zaken, en het Postgraduaat Internationale Researchjournalistiek georganiseerd door het Fonds Pascal Decroos en Thomas More. In januari verschijnt op MO.be een dossier van hem over landherverdeling in Zuid-Afrika.

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur

  • MO* 2015-2016, de Tijd 2016-...

    Jago werkt als webmaster voor MO*, beheert de befaamde MO*wereldbloggers, is begaan met innovatie, beheert de site en schrijft voor site en magazine.