Onderzoek toont aan dat sociale bescherming overal betaalbaar is, ook in armste landen

5 miljard mensen of driekwart van de mensheid  dreigt bij ziekte, werkloosheid, zwangerschap of ouderdom meteen weg te zakken in een diepe armoedekloof. Nochtans is een minimale sociale bescherming overal haalbaar.

  • © Tim Dirven / 11.11.11 © Tim Dirven / 11.11.11

De 11.11.11-campagne stelt dit (en volgend) jaar het belang van sociale bescherming centraal. De ngo’s Wereldsolidariteit en fos trokken die campagne dit voorjaar al op gang. De centrale boodschap van de huidige campagne is dat driekwart van de mensheid geen of onvoldoende sociale bescherming heeft.

Enkele cijfers:

  • 38% van alle landen biedt geen enkele vorm van kindergeld
  • 88% van de beroepsbevolking heeft geen recht op werkloosheidsuitkering
  • 72% van de werkende vrouwen heeft geen moederschapsuitkering
  • 39% van de wereld heeft geen ziekteverzekering
  • 62% van de beroepsbevolking heeft geen arbeidsongevallenverzekering
  • 48% van de ouderen heeft geen pensioen

‘Nochtans is sociale bescherming een zeer grote hefboom voor een betere samenleving. Dat weten ontwikkelingswerkers al langer, maar’, vindt 11.11.11, ‘het is tijd voor een extra versnelling.’ Zowel 11.11.11 als verschillende andere ngo’s werken al jaren rond een sterkere sociale bescherming. Ze helpen lokale partners zelf een basissysteem op te zetten, ondersteunen politiek werk ter plaatse en bouwen mee aan plaatselijke initiatieven.

Onderzoek: zelfs in allerarmste landen haalbaar

Omdat 11.11.11 vindt dat er meer nodig is dan het innovatieve, maar vaak kleinschalige werk van onderuit, schreef de Vlaamse koepel van Noord-Zuidorganisaties een onderzoeksopdracht uit met als centrale vraag : ‘Is een algemene sociale bescherming haalbaar?’

Onderzoekers van Oxford Policy Management en HIVA sloegen de handen in elkaar en controleerden de haalbaarheid in drie representatieve landen in drie continenten: Burundi, Peru en Indonesië. Conclusie van de studie: zelfs in de allerarmste landen is een algemene basis-sociale bescherming haalbaar én betaalbaar.

11.11.11-directeur Bogdan Vanden Berghe: ‘Het is de eerste keer dat deze berekeningen gemaakt zijn voor een volledig basispakket van sociale bescherming en deze conclusie is belangrijk voor de ontwikkelingswereld. Tot dusver leek sociale bescherming voor iedereen vooral een vaag, zelfs utopisch idee. Maar nu hebben we ook echt zwart op wit de cijfers.’

Volgens de onderzoekers van het HIVA draagt hun studie bij tot dit debat via onderzoek naar de mogelijke kost van een nationale sociale beschermingssokkel (national social protection floor) in Burundi, Indonesië en Peru. Dit gebeurde via een kostenberekening op basis van drie macro-economische groeiscenario’s (basis, pessimistisch of optimistisch scenario) en daaraan gekoppelde niveaus van sociale bescherming en ziekteverzekering in elk van de drie landen.

Op die manier tracht het onderzoek op een wetenschappelijk onderbouwde manier een zicht te krijgen op de betaalbaarheid van een nationale sociale beschermingssokkel in drie verschillende socio-economische contexten: een laag inkomensland (Burundi), een hoger middelinkomensland (Peru) en een lager middelinkomensland (Indonesië).

Methodologisch bouwt deze studie verder op gelijkaardig onderzoek dat werd uitgevoerd door de Internationale Arbeidersorganisatie (IAO) en UNICEF in het kader van de IAO aanbeveling R202 rond nationale sociale beschermingssokkels. In tegenstelling tot het IAO en Unicef onderzoek werd in deze studie de universele toegang tot ziekteverzekering opgenomen in het kostenberekeningsmodel.

De hoogte van de uitkeringen staat in verhouding tot de gemiddelde welvaart in elk land.

Concreet zou een basisscenario in Burundi in 2016 7,3% van het BNP kosten, in Peru 7% en in Indonesië 6%. Ter vergelijking: de meeste Europese landen besteden meer dan 30% van hun BNP aan sociale zekerheid. Voor dit basisbedrag kunnen de landen een algemeen minimumpensioen voorzien, een kinderbijslag, betere gezondheidszorg, een werkloosheidsuitkering en een eenmalige moederschapsuitkering.

De hoogte van de uitkeringen staat in verhouding tot de gemiddelde welvaart in elk land. In Burundi zou dat 0,42 dollar per dag betekenen, in Indonesië 5,76 en in Peru 6,57. ‘Met een armoedegrens die nog maar net opgetrokken is van 1,25 dollar per dag naar 1,9 dollar zou dit voor miljarden mensen een enorme sprong voorwaarts zijn.’

Tegelijk blijft de vaststelling dat in het scenario van Burundi er te weinig economische vooruitgang én ontwikkelingssteun is om via sociale bescherming fundamenteel aan de armoede te ontsnappen. Vermoedelijk geldt deze bedenking ook voor de andere minst ontwikkelde landen. Bovendien wordt dit scenario extra bedreigd door de zeer labiele politieke situatie in het land.

Een belangrijke bevinding van deze studie is het feit dat het systeem van een sociale beschermingssokkel voldoende flexibel is om te kunnen aanpassen aan de bestaande macro-economische en demografische context. Tegelijk blijven politieke wil en lokaal eigenaarschap essentieel voor het ontwikkelen en verduurzamen van sociale beschermingssokkels.

Ook is het belangrijk dat diverse mechanismes voor het verbreden van de begrotingsruimte worden overwogen om de hervorming van sociale beschermingssystemen te kunnen bekostigen. In die zin is het belangrijk dat donoren en ontwikkelingsorganisaties, naast de technische en financiële dimensies van sociale beschermingssokkels, ook de politieke dimensie ervan meenemen in hun werking.

Met ontwikkelingsgeld én belastingen

‘Waar ter wereld je ook kijkt, sociale bescherming is naast economische ontwikkeling dé garantie om mensen uit armoede te halen én te houden.’

Centraal in de berekening staan een verbeterde belastinginning in ontwikkelingslanden maar ook de blijvende noodzaak aan ontwikkelingssteun. De onderzoekers zijn uitgegaan van bestaande hulpstromen om het systeem fatsoenlijk op poten te zetten. Een belangrijke vaststelling in tijden van dalende budgetten voor ontwikkelingssamenwerking, ook in België.

‘Waar ter wereld je ook kijkt, sociale bescherming is naast economische ontwikkeling dé garantie om mensen uit armoede te halen én te houden.’

Met de nieuwe duurzame ontwikkelingsdoelen (SDG’s) voor ogen vraagt 11.11.11 dan ook een centralere plek voor sociale bescherming binnen ontwikkelingssamenwerking. ‘Zodat we niet alleen ziekenhuizen bouwen, maar ook echt helpen structuren op poten te zetten. Ook België kan daar mee voor zorgen. Door uitwisseling van expertise, maar ook door er in te investeren met de eigen ontwikkelingssamenwerking, én als voortrekker op internationale fora.’

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3190   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift