Geopolitiek onder stroom

Schone energie zal nieuwe supermachten creëren

Max Lederer/Unsplash (CC0)

 

Beeld je een wereld in waarin elk land zich niet alleen houdt aan het klimaatakkoord van Parijs, maar helemaal komaf gemaakt heeft met fossiele brandstoffen. Welke impact zou zo’n verandering hebben op de geopolitiek?

De twintigste eeuw werd gedomineerd door steenkool, olie en aardgas. Maar een grootschalige verschuiving naar uitstootloze energiebronnen en transportmethoden betekent dat een nieuwe groep elementen cruciaal zal worden.

Zonne-energie bijvoorbeeld is nog steeds in grote mate afhankelijk van silicium, dat vooral uit kwartsiet wordt gehaald. Lithium is het belangrijkste materiaal voor batterijen, en zeldzame materialen zoals neodymium zijn nodig voor de magneten in windturbines, net als het koper in de elektriciteitsleidingen, transformators en omvormers.

Winnaars en verliezers

De belangrijke vraag dient zich aan wie er geopolitiek wint en verliest bij die verschuiving van olie naar silicium, koper, lithium en andere zeldzame materialen. De landen die nu nog de grootste reserves aan fossiele brandstoffen domineren zijn bekend: onder meer Venezuela, Saoedi-Arabië en Irak voor olie, Rusland en de VS voor gas, China en Australië voor steenkool.

Ook bij de landen die de nieuwe “grootmachten van hernieuwbare energieën” kunnen worden zijn er bekende namen, maar ook enkele nieuwe spelers. De grootste reserves van kwartsiet bijvoorbeeld zijn te vinden in China, Rusland en de VS, maar ook in Brazilië en Noorwegen. En door de slinkende kopervoorraden in de VS en China, treden landen als Chili, Peru, Congo en Indonesië op de voorgrond. Chili heeft veruit de grootste reserves aan lithium, gevolgd door China, Argentinië en Australië. Als ook rekening wordt gehouden met minder kwalitatieve reserves die nu nog geëxtraheerd kunnen worden, tellen ook Bolivia en de VS mee. En de voorraad aan zeldzame aardmaterialen is het grootst in China, Rusland, Brazilië en Vietnam.

Van alle landen die nu nog fossiele brandstoffen produceren, zijn het dus de VS, China, Rusland en Canada die het eenvoudigst de transitie kunnen maken naar hernieuwbare energiebronnen. Het is ironisch dat de VS, het land dat politiek het sterkst gekant is tegen verandering, eigenlijk het minste gevaar loopt wat grondstoffen betreft. Maar het is belangrijk te beseffen dat de regels helemaal veranderen als een nieuwe groep landen plots bovenop erg gewilde grondstoffen zit.

Een OPEC voor hernieuwbare energie?

De Organisatie voor Petroleum Exporterende Landen (OPEC) is een groep van veertien staten die samen bijna de helft van de olieproductie controleren, en het grootste deel van de reserves. Het is niet ondenkbaar dat een gelijkaardige groep wordt opgericht voor de belangrijkste producenten van grondstoffen voor hernieuwbare energie. De macht verschuift dan van het Midden-Oosten naar Centraal-Afrika en vooral Zuid-Amerika.

China is al gestart met wat een “economische kolonisatie” genoemd kan worden, via grote handelsakkoorden, om de aanvoer van grondstoffen veilig te stellen.

Het is weinig waarschijnlijk dat dit vreedzaam gebeurt. De controle over belangrijke olievelden was een belangrijke motor voor conflicten in de twintigste eeuw en in de periode daarvoor was ook de Europese kolonisatie erg gericht op de zoektocht naar voedsel, grondstoffen, mineralen en in een later stadium olie. De verschuiving naar hernieuwbare energie zou iets gelijkaardigs kunnen veroorzaken. Naarmate een nieuwe groep elementen waardevol wordt in turbines, zonnepanelen of batterijen, kunnen rijke landen zich steeds nadrukkelijker proberen verzekeren van een veilige aanvoerlijn, en kan een nieuw tijdperk van kolonisatie aanbreken.

China is al gestart met wat een “economische kolonisatie” genoemd kan worden, via grote handelsakkoorden, om de aanvoer van grondstoffen veilig te stellen. In de voorbije tien jaar heeft het grootschalige investeringen gedaan in de Afrikaanse mijnbouw, en recente akkoorden met landen als Peru en Chili hebben de Chinese invloed in Zuid-Amerika vergroot.

Antonio Garcia/Unsplash (CC0)

Antofagasta, Chili

Een nieuw tijdperk van kolonisatie?

Tegen die achtergrond tekenen twee mogelijke versies van de toekomst zich af. De eerste mogelijkheid is de opkomst van een nieuwe organisatie in de stijl van OPEC, die de macht heeft om cruciale grondstoffen als silicium, koper en lithium te controleren. De tweede mogelijkheid is de 21e-eeuwse kolonisatie van ontwikkelingslanden en de creatie van supereconomieën. In beide gevallen is het mogelijk dat rivaliserende landen elkaar cruciale grondstoffen proberen te ontzeggen, net zoals dat in het verleden gebeurde met olie en gas.

Als een windmolenpark is gebouwd, is het enkel afhankelijk van wind om te functioneren, en heeft het geen gestage stroom neodymium nodig voor magneten of koper voor de generatoren.

Maar er is ook een meer positieve bedenking, en dat is dat er een belangrijk verschil is tussen fossiele brandstoffen en de chemische elementen die nodig zijn voor hernieuwbare energie. Olie en gas zijn grondstoffen die verbruikt worden. Voor een aardgascentrale is een gestage toevoer van gas nodig, anders stopt de centrale met werken. Hetzelfde geldt voor benzinewagens, die niet kunnen functioneren zonder toevoer van brandstof.

Als een windmolenpark is gebouwd, is het enkel afhankelijk van wind om te functioneren, en heeft het geen gestage stroom neodymium nodig voor magneten of koper voor de generatoren. Zonne- en windenergie en waterkracht kunnen het stellen met een eenmalige aankoop om vervolgens lange tijd te functioneren.

De kortere levensduur van auto’s en elektronische apparaten betekent weliswaar dat er een groeiende vraag is naar lithium. Maar betere recyclageprocessen kunnen voor een deel tegemoetkomen aan die vraag.

Als infrastructuur er eenmaal is, kun je dus wel nog de aanvoer van steenkool, olie of gas stoppen, maar je kunt de zon of wind niet stilleggen. Dat is ook de reden waarom het Amerikaanse ministerie van Defensie hernieuwbare energie als cruciaal bestempelt voor de nationale veiligheid.

Timing

Als een land snel een groene energie-infrastructuur uitbouwt, voor de politieke en economische controle helemaal in handen komt van een nieuwe groep wereldmachten, zal het dus minder kwetsbaar zijn voor beïnvloeding of gegijzeld kunnen worden door een koper- of lithiumgrootmacht. Wie trager reageert, zal daarvoor de prijs betalen.

Ook voor de landen met grote voorraden zijn er belangrijke lessen te trekken: ze mogen zich niet te snel verkopen aan de eerste geïnteresseerde in de hoop er snel geld aan te verdienen. Want, zoals de olieproducerende landen zullen leren in de volgende decennia: niets blijft duren.

 

Bron: The Conversation

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift