Dossier: 

Teruggeefvakantie is dé trend van 2014

‘Dag strandbedje, hallo weeshuis,’ kopte de Nederlandse Flair vorige week op haar voorpagina. Voluntourism – reizen combineren met vrijwilligerswerk – is volgens het lifestylemagazine dé trend van 2014. MO* ging op zoek naar wat voluntourists drijft en wat hun impact is.

Exacte cijfers over het aantal voluntourists in België zijn er niet. ‘Er is nog geen marktonderzoek naar geweest, maar ik weet wel dat voluntourism een stevige trend is in het buitenland en dat er veel rond beweegt in België,’ zegt Jan Peeters van Travel360°, een kenniscentrum voor de toerismesector.

De grote meerderheid van de Belgen willen op vakantie nog steeds genieten, ontspannen, luieren en niets doen. Slechts een kwart kiest voor actieve vakanties. Peeters: ‘Voluntourism zal waarschijnlijk nog geen procent van de markt zijn, maar het zit zonder meer in de lift. Het hangt samen met de maatschappelijke trend van het zoeken naar een zinvolle manier om vakanties in te vullen.’

‘Zowel in massavakanties als in de kleinste nichevakanties vind je dit terug. Teruggeefvakanties zijn daar een onderdeel van. Andere voorbeelden zijn mensen die tijdens hun vakantie dingen willen leren of kiezen voor duurzaam toerisme.’

Unieker dan gewoon reizen

De meeste voluntourists zijn op zoek naar avontuur en een verandering van omgeving voor een bepaalde periode.

‘Het is een manier om de cultuur van het gastland van dichtbij te leren kennen.’

‘Het is vaak ook een manier om te ervaren hoe het is om in een ander land te leven en de cultuur van dichtbij te leren kennen,’ zegt Susan Dierickx, die haar masterproef schreef over voluntourism in Ghana voor de Manama Conflict and Development aan de UGent. Vrijwilligerswerk doen maakt de ervaring van het buitenlands verblijf unieker dan gewoon reizen.

Ruth Van Mechelen deed enkele jaren geleden drie maanden vrijwilligerswerk in Tanzania: ‘Ik heb op reis graag contact met de lokale bevolking. Als je die echt wil leren kennen, moet je lang op één plek blijven. Dan is het leuk als je iets te doen hebt. Zeker als je verwacht dat dat wat je doet ook zin heeft.’

Van Mechelen was al langer geïnteresseerd in Noord-Zuidverhoudingen en wilde graag van binnenuit zien hoe ontwikkelingssamenwerking werkt. ‘Op een reizigerswebsite kwam ik in aanraking met een Belgische vrouw die een project had in Tanzania voor de dragers die met toeristen mee de Kilimanjaro beklimmen.’

De cultuur van dichtbij leren kennen en tegelijkertijd iets nuttig doen, was ook de motivatie van Johan Daniëls (zie vier foto’s) en zijn verloofde toen ze tijdens hun reis door Azië besloten om in Laos vrijwilligerswerk te doen.

‘We wilden niet enkel als toerist vanop een afstand naar de dingen blijven kijken. We wilden graag iets terugdoen en tegelijkertijd het leven en de mensen daar écht leren kennen. Dus zochten we in Laos via internet naar projecten waar we vrijwilligerswerk konden doen. We mailden op maandag naar een Vlaming die in de regio een project had. Vrijdag stonden we daar al’, zegt Daniëls.

Stiene Billen wilde naar Brazilië reizen en ging voor haar vertrek op zoek naar mogelijkheden om er vrijwilligerswerk te doen. ‘Uiteindelijk kwam ik via Google terecht bij een Braziliaanse organisatie die tegen betaling verschillende projecten aanbood en je verblijf regelde’, zegt Billen. ‘Ik koos voor een project dat naschoolse opvang bood aan kinderen van de favella’s.’

Moeder Theresa

Philippe Smet reisde een kleine tien jaar geleden een half jaar rond in Zuid-Amerika. ‘Ik had vrienden die vrijwilligerswerk hadden gedaan op een project in een dorp in Nicaragua en ik besloot om ook mijn steentje bij te dragen en er vijf weken te gaan helpen. Het leek me ook de ideale manier om de lokale cultuur van dichtbij te leren kennen,’ zegt Smet.

Sanne Van Hooydonck reisde dit jaar 2,5 maanden rond in India. Ze besloot om op het einde van haar reis twee weken vrijwilligerswerk te doen in het Khalighat Home for the Dying Destitutes, opgericht door Moeder Theresa. ‘Ik had tijdens een andere reis iemand ontmoet die dat gedaan had en zijn verhalen zijn mij altijd bijgebleven. Ik deed het omdat ik na twee maanden reizen graag iets nuttig wilde doen, maar ik wilde ook graag iets bijleren. Het leek me interessant om te werken met mensen die al een heel leven achter zich hebben. Twee keer per week kunnen vrijwilligers zich aanmelden. De dag erop kan je al beginnen.’

‘Je moet niet naïef zijn over wat je als volontourist kan realiseren.’

‘Voor mensen die een leuke ervaring willen opdoen en ergens lang willen verblijven, is voluntourism een fijne manier van reizen. Maar ik zou mensen die dit willen proberen aanraden om niet te naïef te zijn over wat je kan realiseren,’ zegt Susan Dierickx. ‘Sommige organisaties creëren hier te grote verwachtingen over bij de vrijwilligers waardoor ze teleurgesteld terugkeren.’

‘Andere organisaties bieden dan weer veel voorbereiding en geven een realistisch beeld over wat je als buitenstaander kan bijdragen. Veel hangt ook af van de individuele capaciteit van de vrijwilliger.’

Philippe Smet zou mensen zeker aanraden om te doen wat hij deed, maar eerder omwille van de ontmoetingen dan omwille van het werk zelf. ‘We deden namelijk veel dingen de mensen ook wel zelf kunnen. We hebben onder andere vuilbakken geplaatst en goedkope bamboewoningen helpen bouwen. Sommige organisaties laten je als vrijwilliger veel geld betalen om werk te doen waar niemand iets aan heeft. Waar dat geld naartoe gaat is vaak onduidelijk. Je kan beter iets zoeken dat je ligt.’

‘Hutten bouwen gaan ze zelf waarschijnlijk beter en sneller kunnen.’

‘Binnenkort ga ik voor anderhalve maand naar Colombia. Ik hoop een project te vinden waar ik even als fotograaf aan de slag kan. Goede foto’s kunnen organisaties helpen bij fondsenwerving. Hutten bouwen gaan ze zelf waarschijnlijk beter en sneller kunnen.’

Niet meteen “ontwikkelingswerk”

Stiene Billen heeft haar vrijwilligerswerk bij de organisatie voor naschoolse opvang vroegtijdig stopgezet. ‘Een stuk van wat ik betaalde ging rechtstreeks naar het project. Ze kregen de ene na de andere vrijwilliger, maar er was geen echte begeleiding. Ik deed maar wat met de kindjes. Een paar uur per dag leerde ik hen Engelse liedjes en deden we knutselspelletjes. Voor die kindjes zal dat waarschijnlijk wel leuk geweest zijn, maar echte ontwikkelingshulp is het niet. Het voordeel is vooral dat je als jongere ervaring opdoet. Dat is ook waar je voor betaalt.’

Ook Ruth Van Mechelen zou haar werk als vrijwilliger met de dragers bij de Kilimanjaro niet meteen “ontwikkelingswerk” durven noemen. ‘We hebben geen duurzame verandering teweeggebracht. Mits de juiste omkadering was dat nochtans mogelijk geweest. Vooraf klonk het project heel participatief en duurzaam, maar toen ik aankwam bleek dat het project niet goed meer liep. Al het werk viel op de schouders van de vrijwilligers. De intense samenwerking met de dragers heeft onze blik wel verruimd. In die zin was het een boeiende uitwisseling.’

Johan Daniëls en zijn verloofde kwam enterecht bij een organisatie die nog maar net was opgericht. ‘De organisatie had als doel inkomsten te genereren om een schooltje draaiende te kunnen houden. We zijn er drie weken gebleven en hebben heel wat kunnen doen: het businessplan mee opgesteld, les gegeven en een school gebouwd. We waren met drie vrijwilligers en vier Laotiaanse stafleden.’

‘Het is niet de bedoeling dat je daar als wijze westerling even de zaakjes komt op orde stellen.’

‘We hebben vooral geprobeerd om te vragen wat de mensen wilden bereiken. Dan zochten we samen een weg. Het is belangrijk dat je als vrijwilliger de juiste instelling hebt. Het is niet de bedoeling dat je daar als wijze westerling even de zaakjes komt op orde stellen. Ik heb het gevoel dat we echt iets hebben kunnen bijdragen.’

Dat is echter niet altijd het geval. ‘Sommige plekken zetten vrijwilligers aan het werk en laten ze dingen doen die niet echt nuttig zijn. Gewoon omdat de vrijwilliger er een goed gevoel aan overhoudt.’

Sanne Van Hooydonck, die vrijwilligerswerk deed in een van de huizen van Moeder Theresa, vertelt dat de impact van wat ze deed zich op het persoonlijke niveau situeerde. ‘Ik hielp met kleren wassen, bedden maken, koken en bracht tijd door met de mensen. De lokale verzorgers gingen soms heel ruw om met de bewoners. Dat vond ik moeilijk, maar je kan daar weinig aan doen. Het enige dat je kan doen is de mensen liefde, aandacht en tijd geven. Je voelt dat dat voor hen een verschil maakt.’

Impact van voluntourism

Wat levert voluntourism juist op? We stelden de vraag aan Ignace Pollet, die aan KULeuven/HIVA onderzoek doet over ontwikkelingshulp.

‘Er zijn zeker een aantal potentiële voordelen aan verbonden. Ten eerste kan het een positief effect hebben op de entourage van de vrijwilliger. Die krijgen een verslag uit eerste bron over het Zuiden, dat meer genuanceerd is dan wat je via de media oppikt.’

‘Daarnaast motiveert de ervaring sommige mensen om zich langdurig in te graven in ontwikkelingssamenwerking,’ zegt Ignace Pollet. Vrijwilligers leveren een bijdrage, maar wegen ook op de organisatie waar ze vrijwilligerswerk doen. ‘Of ze geen te zware last zijn, hangt af van de capaciteit van de vrijwilliger en wat die juist kan bijdragen. Die afweging is een van de reden dat veel Belgische ngo’s nogal weigerachtig staan tegenover de inbreng van vrijwilligers in het Zuiden.’

‘Het gaat meer om een inleefreis.’

‘Wanneer de vraag naar kansen om aan voluntourism te doen er is, zullen een aantal handige jongens uiteraard in dat gat duiken en voor een aanbod zorgen. De vraag is of je dat moet promoten als ontwikkelingswerk. Het gaat meer om een inleefreis.’

‘Als mensen naar een ontwikkelingsland gaan om iets goed te doen, vindt iedereen het automatisch goed. Het is belangrijk om daar kritische kanttekeningen bij te plaatsen,’ zegt Sara Kinsbergen van het Centre for International Development Issues Nijmegen.

‘Neem nu iemand van achttien jaar die naar een ontwikkelingsland reist en daar even les gaat geven. Dat zou bij ons niet zomaar kunnen. Bovendien kun je je afvragen welke ideeën deze jongere hierdoor misschien krijgt. Misschien krijgt hij zo het idee dat hij hulp kan bieden aan “de arme mensen van Afrika”. Dit ligt in de lijn van de traditionele denkbeelden over ontwikkelingssamenwerking en armoede – bijvoorbeeld het idee van de hulpeloze ander en wij die hulp komen bieden en weten wat er nodig is.’

‘De vormen van hulp die via voluntourism geboden worden zijn heel klassiek. Dat hoeft daarom niet per se slecht te zijn, maar je moet er wel kritische vragen bij stellen.’

Ignace Pollet: ‘Sommige van de voluntourists zullen wel begrijpen dat ontwikkeling wel meer voeten in de aarde heeft dan projecten waar om de paar weken andere vrijwilligers komen helpen. De geloofwaardigheid en eerlijkheid van het verhaal maken wel een verschil. Je kan beter eerlijk zijn en zeggen dat het om een inleefvakantie gaat, goed wetende dat die paar lessen die je daar op een school geeft niet het verschil zullen maken.’

‘Lokale mensen zijn ook niet van gisteren en hebben al snel door wat de bedoeling is van iemand die er voor even komt. Er zijn genoeg lesgevers en mensen die kunnen metsen of schilderen. Er is enkel een echte meerwaarde voor de mensen in het Zuiden als er iets kan gedaan worden wat niemand daar kan.’

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift