"24 landen weten wat hen te doen staat"

Blog

"24 landen weten wat hen te doen staat"

21 juni 2016
"24 landen weten wat hen te doen staat"
"24 landen weten wat hen te doen staat"

In de Commissie van de Normen kwamen heel wat landen ter sprake. Zo blijkt duidelijk hoe vakbonden over de hele wereld onder druk staan. Maar de gevallen van het Verenigd Koninkrijk en Ierland zijn interessant voor onze regio. (Dit is deel twee van een interview dat verscheen op de website van de IAO).

Europees Commissievoorzitter Jean-Claude Juncker en Marianne Thyssen maakten een goede beurt bij hun optreden tijdens de Internationale Arbeidsconferentie. Ze blijven vasthouden aan hun sociaal programma, met een nieuwe regeling voor uitbestede werknemers, hun werkgelegenheidsprogramma en hun pleidooi voor het heropnemen van sociale dialoog. Maar de tekenen des tijds zitten tegen, in de praktijk blijft de druk op de lidstaten groot om antisociale structuurhervormingen en een bezuinigingsbeleid door te voeren. Er is de mogelijke Brexit en de gele kaart die door meerdere Oost-Europese regeringen werd bovengehaald tegen de nieuwe regeling voor uitbesteding van werknemers.

Wat moeten we onthouden over de Commissie van de Normen dit jaar?

Luc Cortebeeck: Iedereen die de IAO een beetje kent, weet hoe delicaat en moeilijk de werking van de Commissie van de toepassing van conventies en aanbevelingen is. Tegelijk is deze commissie een fundament voor de IAO. De commissie werkte niet (goed) van 2012 tot 2014. Pas na een gezamenlijke verklaring van de Internationale Organisatie van Werkgevers en het Internationaal Vakverbond vorig jaar, kon de commissie opnieuw werken. In 2012 hadden de werkgevers het stakingsrecht aangevallen en verweten ze de expertencommissie niet objectief te zijn. Pas in 2015 konden werkgevers samen met de werknemers opnieuw erkennen dat er wel degelijk een internationaal stakingsrecht is en kon het mandaat van de expertencommissie op punt worden gesteld. Zo kregen we de Commissie van de Normen van de ILO vorig jaar opnieuw op gang.

Dat lukte nog beter tijdens deze conferentie. Dat is in ruime mate te danken aan de twee vice-voorzitters Marc Leemans (ACV-voorzitter) voor de werknemers en de Canadese Sonja Regenbogen voor de werkgevers. De werknemersgroep betreurt wel dat landen als Turkije, Egypte en Algerije, waar vakbondsrechten weinig of niet erkend worden, niet moesten verschijnen. Er waren vele gevallen over gebrek aan vrijheid van vereniging en collectieve onderhandelingen. Dat is niet verwonderlijk, gezien de schending van vakbondsrechten op wereldvlak eerder toeneemt dan afneemt.

Cameron gaat nog verder dan Thatcher

Dit is ook het geval in Europa. Zo moet het Verenigd Koninkrijk de expertencommissie bijkomend informeren over de wijze waarop de regering Cameron al dan niet de vrijheid van vereniging respecteert in zijn voorliggend wetsontwerp over vakbondswerking en stakingsrecht. Dat is meer dan een vingerwijzing voor het VK, Cameron gaat nog verder dan Thatcher. Ook aan Ierland wordt extra info gevraagd. De Europese Commissie heeft de Ierse regering gedwongen in te grijpen in collectieve onderhandelingen. Niet alleen de Ierse regering, maar ook de Europese Commissie komt ter discussie, de structurele hervormingen van de EU schenden de normen van de ILO.

Algemeen ben ik opgetogen over de inhoud van de conclusies van de gevallen. Deze geven duidelijke richtlijnen aan de regeringen over maatregelen die ze moeten nemen om de conventies wel te respecteren. Na de ‘Tripartite High Level Mission’ aan Bangladesh (over gebrek aan syndicale vrijheid), waarbij Marc Leemans de werknemers vertegenwoordigde, werden de besluiten opgenomen in een speciale paragraaf. Dit betekent dat de besluiten van de gevallen die extra opvolging vereisen, worden opgenomen in een speciaal deel van het verslag van de Conferentie, zodat de situatie in het land wereldwijd bekend wordt, ‘name and shame’ heet dat in internationale termen. Ook El Salvador werd bedacht met een speciale paragraaf voor gebrek aan vrijheid van vereniging en sociale dialoog en voor geweld.

Zimbabwe kan omwille van anti-vakbondsdiscriminatie rekenen op het bezoek van een tripartite missie van hoog niveau en hetzelfde geldt voor het heel onstabiele Venezuela, omwille van gebrek aan werkgelegenheidsbeleid. Dat is niet min voor beide landen.

Er zullen directe contactmissies door het Bureau van de ILO gezonden worden naar de Filippijnen, El Salvador, Indonesië, Kazachstan, Swaziland, Cambodja voor schending van de vrijheid van vereniging en sociale dialoog. In Mauritanië gaat het om slavernij.

Andere landen zullen technisch worden bijgestaan ​​door de ILO, dat is het geval voor Madagaskar en Nigeria (kinderarbeid), Turkmenistan (dwangarbeid in de katoensector), Wit-Rusland (dwangarbeid); Ecuador, Maleisië, Mauritius (geen onderhandelingsvrijheid); Qatar (discriminatie), het land zit al in een procedure voor een eventuele onderzoekscommissie in de Raad van Bestuur; Honduras (inheemse bevolking).

Andere landen moeten extra informatie verstrekken: Guatemala (het land zit eveneens in een procedure voor een onderzoekscommissie in de Raad van Bestuur voor gebrek aan syndicale vrijheid en geweld), Tsjechië (discriminatie van Roma). Het is meteen het derde land van de Europese Unie op de lijst. 24 regeringen die op het matje werden geroepen, weten wat hun te doen staat.