Als je onrecht niet kan elimineren, praat er dan tenminste over. Q&A met Dr. Shirin Ebadi

Blog

Als je onrecht niet kan elimineren, praat er dan tenminste over. Q&A met Dr. Shirin Ebadi

Als je onrecht niet kan elimineren, praat er dan tenminste over. Q&A met Dr. Shirin Ebadi
Als je onrecht niet kan elimineren, praat er dan tenminste over. Q&A met Dr. Shirin Ebadi

Dr. Shirin Ebadi, de Iraanse advocate, mensenrechtenactiviste en winnares van de Nobelprijs voor de Vrede in 2003 heeft een nieuw boek uit. The Golden Cage: Three Brothers, Three Choices, One Destiny, verscheen in maart bij Kales Press (voorlopig enkel in het Engels), en vertelt het waargebeurd verhaal van drie Iraanse broers die elk trouw zweren aan een verschillende ideologie – de een aanhanger van de Shah, de andere van een revolutionaire beweging, de derde van Ayatollah Khomeini. “Elk leeft opgesloten in zijn eigen gouden kooi van ideologie,” schrijft Ebadi. “Vragen rond de Islamitische revolutie zijn de basis voor The Golden Cage. Die vragen werpen een licht op de huidige gebeurtenissen in Islamitisch Iran. Ze leggen ons uit waarom Iran nucleaire energie ambieert, waarom het “dood aan Israël” scandeert, of beweert de belangrijkste politieke macht in het Midden-Oosten en de Moslimwereld te zijn.” Karen Greenberg, directeur van het Center voor Rechten en Veiligheid aan New York University, praatte in New York met Ebadi over haar nieuwe boek.

Karen Greenberg: Wat inspireerde u tot dit boek? Het verschilt bijzonder van de werken die u hiervoor schreef

Dr. Shirin Ebadi: Vooraan in het boek citeer ik de Iraanse socioloog Ali Shariati. Hij schreef dat als je onrecht niet kan elimineren, je er dan tenminste over moet praten. Tijdens de revolutie in ’89 werden in één week 3000 mensen terechtgesteld, en niemand in Iran was daarvan op de hoogte. Vandaag ligt de situatie anders. In juni 2009 (tijdens de Groene Revolutie) gebruikten mensen hun telefoon en in vijf minuten wist de hele wereld wat in Teheran gebeurde. Dus ik herhaal: Als je onrecht niet kan elimineren, praat er dan tenminste over.

Greenberg: In het boek gaat u hard tekeer tegen de Iraanse grondwet en het Iraanse rechtssysteem. Denkt u dat het bestaande systeem zou kunnen functioneren met nieuwe leiders. Of is het tijd voor een nieuw systeem?

Ebadi: Eigenlijk vraagt u of Iran een democratie kan worden onder de huidige grondwet. Dat denk ik niet. Maar de grondwet veranderen is niet eenvoudig. Welke regime zou daarmee akkoord gaan? Een nieuwe grondwet vraagt om een nieuwe revolutie, en veel Iraniërs hebben genoeg van het geweld.

De voorbije 32 jaar kende Iran acht jaar bloedige oorlog met Irak en een bloedige revolutie. Velen zijn het geweld en bloedvergieten moe. De meerderheid verkiest hervormingen in plaats van een revolutie. Als je met je vijand aan tafel gaat zitten, dan moet je ook bereid zijn tot toegevingen. Je kan de persoon aan de overkant van de tafel immers niet vragen naar de maan te lopen. [lacht] Deze strekking gaat er dan ook van uit dat we nu die delen van de grondwet moeten afdwingen die de mensenrechten respecteren, om dan later de grondwet werkelijk te wijzigen.

Greenberg: Ik kan me vergissen, maar het lijkt me dat opvallend veel vrouwen actief zijn in mensenrechtenorganizaties in Iran.

Ebadi: Zestig percent van de universiteitsstudenten in Iran zijn vrouwen. Vrouwen in Iran wonnen al zestig jaar geleden het recht om te stemmen. Vrouwen zijn aanwezig in alle maatschappelijke organisaties in de samenleving. Weet u, de Persische cultuur is 3000 jaar oud en 2500 jaar geleden waren er vrouwen in Iran die heersten als koningen.

En dan voerde het regime na de revolutie een reeks discriminatorische wetten in. Het leven van een vrouw in Iran werd maar half zo veel waard als dat van een man. De getuigenis van een man voor een Iraanse rechtbank is nu dubbel zo sterk als die van een vrouw. Een getrouwde vrouw in Iran heeft de schriftelijke toestemming van haar man nodig om te reizen. Een man mag met meerdere vrouwen trouwen, en zonder reden scheiden van een van zijn echtgenotes, terwijl het voor een vrouw in Iran bijzonder moeilijk is een echtscheiding te krijgen. Denkt u dat de vrouwen in Iran, gezien hun rijke cultuur en traditie die wetten zomaar aanvaarden?  Dat is waarom vrouwen vaak de eersten zijn om tegen de overheid te protesteren, en waarom ze op de barricaden staan van de Groene Beweging.

Greenberg: Het is slechts een ondertoon in het boek, maar in vorig werk uitte u stevige kritiek op de Verenigde Staten. De flip-flop attitude, noemde u Amerika’s houding tegenover Iran.

Ebadi: Ik heb de Verenigde Staten nooit bekritiseerd, of om het even welk ander land. Maar ik heb een probleem met de politiek van de Verenigde Staten als het over Iran gaat. De militaire aanval op Irak was een grote vergissing. Guantanamo Bay was genant. Dat de Verenigde Staten hielp bij de oprichting van de Taliban, om het communisme te bevechten, was de grootste vergissing. De rol van de VS in de coup van ’59 tegen Dr. Mossadegh in Iran was een vergissing. En zo zijn er nog veel meer.

In Bahrein en in Jemen worden sjiieten vandaag brutaal vermoord, maar de VS zwijgen. Er werden de voorbije weken al dubbel zo veel mensen vermoord in Bahrein dan er zijn gedood in Tunesië, maar de VS hebben besloten hun ogen te sluiten.

Greenberg: Denkt u dat de revoluties in het Midden-Oosten de positie van Iran in de regio versterken?

Ebadi: Tunesië heeft een sterk maatschappelijk middenveld, dus ik denk dat Iran daar weinig speelveld heeft.

In Egypte ligt de situatie anders. Iran verbrak de diplomatieke betrekkingen met Egypte dertig jaar geleden, en nu Hosni Mubarak niet langer aan de macht is, bestaat er een mogelijkheid dat Islamitische fundentalisten het in Egypte overnemen. Die voelen zich natuurlijk nauwer verwant met Iran. De Iraanse overheid heeft ook al aangekondigd haar ambassade in Caïro opnieuw te openen. Maar of dit betekent dat Egypte een pop wordt in Iraanse handen? Dat denk ik niet. Egypte is Sunni en Iran sjiietisch. Ook de tegenstelling Perzisch Iran – Arabisch Egypte leeft nog steeds.

In Libië heeft Kaddhafi aangekondigd het verzet tot op de laatste man de grond in te boren. Het Westen, en vooral de Verenigde Staten, heeft militair gereageerd en verklaard Kaddhafi voor het gerechtshof in Den Haag te willen brengen. Als de opposanten in Libië er werkelijk in slagen aan de macht te komen, denk ik niet dat ze het Westen plots de rug te zullen toekeren om de banden met Iran aan te halen.

Syrië is momenteel de enige bondgenoot van Iran in het Midden-Oosten. Iran heeft de Assad familie steeds gesteund, ook financieel. Als Assad van de macht wordt verdreven, zal dat voor de Islamitische republiek voelen alsof haar armen werden afgesneden.

Het probleem ligt in Jemen en Bahrein. De sjiieten in deze landen zijn altijd gediscrimineerd en leefden in slechte omstandigheden. Ze kwamen de voorbije weken in opstand, maar werden onderdrukt en vermoord, en het Westen en in het bijzonder Amerika hebben hun ogen gesloten. Iran daarentegen heeft de opstand in beide landen gesteund, en als de opstand in Bahrein ooit slaagt zal die Iraanse steun niet worden vergeten.

De oplossing is dus dat Amerika niet langer onverschillig blijft, en dezelfde rol speelt als die ze in Tunesië en Egypte heeft opgenomen.

Greenberg: Ambieert u een politieke carriere?

Ebadi: Nooit. Ik ben een activiste en activisten moeten zich niet mengen in de macht.