Druppeltjes en prikjes

Blog

Druppeltjes en prikjes

Werken aan ontwikkeling kan niet meer zonder analyses en planning. En dat is maar goed ook. Maar toch blijven wij ook geloven in het effect van onophoudelijke druppeltjes en prikjes, waarbij elke gelegenheid die zich aandient, benut wordt. Druppeltjes kunnen immers woestijnen vruchtbaar maken, regelmatige prikjes leven in stand houden of tegenstand breken. En af en toe blijkt achteraf dat een of andere actie een vlammetje was dat een lont aanstak, met verstrekkende gevolgen.

Waar zijn we de laatste tijd met CEPA (Centrum voor Ecologie en Andesvolkeren), de laatste tijd zoal mee bezig?
 
1. Vorige zaterdag bijvoorbeeld, was ik op drie verschillende plaatsen op een vormingssessie.

  • Op CEPA zelf waren 35 leden van sociale organisaties en rurale gemeenschappen bijeen, begeleid door Emilio en Angela, voor de cursus voor algemene politieke vorming. Deze keer ging het over de rechten van de inheemse volkeren.

  • In ons vormingscentrum in Chuzekery waren 40 vrouwen (en enkele mannen) samen van ERA-Mujeres (Equipe voor Andesreflectie). Dit is een groep vrouwen die 14 jaar geleden gesticht werd in het Diocesaan Centrum voor Social Pastoraal door Carol Rocha. Samen met Limbert van CEPA, bracht ze deze keer een uitwisseling op gang rond leiderschap en productie.

  • En meteen waren er, in de lokalen van Pastoral Social - Caritas, 30 onderwijzers bijeen voor nog een sessie van hun cursus over milieu-educatie. Het ging er vooral over praktische toepassingen in het klaslokaal.

  • De dag ervoor was ik erbij toe een paar honderd kinderen van tien verschillende scholen aangekleed werden met een groene poncho van CEPA, als leden van een milieupatrouille. Met een fluitje in de hand zullen ze, in en rond de school, toezicht houden op het respect voor planten en dieren en het weggooien van afval.

  • Volgende vrijdag organiseert Marcelo aan de universiteit een studiedag rond “Interculturaliteit en dekolonisering”, een uitloper van een initiatief van de universiteit van Gent.

  • Volgende zaterdag start in Chuzekery een nieuwe weekend-reeks Ecologische Dagen. De vorige Culturele Dagen-ciclus eindigde met meer dan veertig deelnemers.

Zo valt er elke week, en vooral elk weekend, wel iets te beleven.
2. Wat publicaties betreft, is er “Chiwanku” (De Merel), ons fladderblaadje, dat elke week wat nieuws brengt rond milieu en culturen. Maar er is meer.
Toen we een paar weken geleden boeken kochten op de Boekenbeurs in La Paz voor de bibiotheek, boden we er meteen onze eigen productie aan.
Vers van de pers zijn:

  • Een tekst over Andesdansen en identiteit over gans de wereld, geschreven door een Oostenrijkse antropologe. De studie gebeurde hoofdzakelijk via Internet. Cyber-antropologie, zegt Eveline Rocha.

  • Een publicatie over het dorp Salinas de Garci Mendoza, het levenswerk van Macedonio, een plaatselijke gepensioneerde onderwijzer.
    Over Huari is een gelijkaardig boek bij de drukker, geschreven door Braulio, vanuit een rolstoel.
    En eind deze week presenteren we in Iruma een boekje over het dorpje, bijeengeschreven door leraars en leerlingen van het college.

  • In het Internationale Jaar van de Aardappel, mocht een boek over deze belangrijkste bijdrage van de Andes aan de voedselvoorziening op wereldschaal niet ontbreken. Het bevat dertien bijdragen, bijeengesprokkeld op een symposium dat CEPA onlangs rond dat tema organiseerde.
    Een boekje waarin de boerengemeenschappen daarover zelf aan het woord komen, gaat volgende week naar de drukker.

  • Samen met Pastoral Social - Caritas, hebben we de boekjes van Marcos Van Ryckeghem over bomen en serres heruitgegeven. Ook het handboekje voor groententeelt is opnieuw bij de drukker. Enkele jaren geleden werden daarvan reeds duizenden exemplaren verspreid.

  • Een boek over het dagdagelijkse leven in Villa Sebastian Pagador, een migrantenwijk met mensen van Oruro in Cochabamba (en parochie onder de leiding van de Oblaten).

3. Geschreven teksten zijn vaak de neerslag van praktijkervaringen, zoals het boekje “Justicia Ambiental” daar een paar maanden geleden uitkwam.
Intussen is de CEPA-equipe die rond milieurechten werkt (Emilio, Angela, Silvana, Cesar) echter niet bij de pakken blijven zitten. Zo steunen zij voor het ogenblik:

  • In Antequera de roep om drinkwater, desnoods met tankwagens. De bronnen droogden immers uit door de explotatie van de tinmijn.

  • In Machacamarca de organisatie van een volksraadpleging betreffende een lokale mijnexplotatie.

  • In Huanuni de eis dat het mijncentrum zou uitgeroepen worden tot een milieu-noodgebied (zoals voorgesteld werd een paar jaar geleden tijdes een internationale jeugdbijeenkomst alhier van de Vlaamse CATAPA-groep) en de controle van de eventuele bouw van een dijk voor mijnwaterzuivering.

  • Samen met CORIDUP (organisatie van dorpen rond rivieren en meren die zich bedreigd voelen door de vervuiling van de mijnbouw), de opvolging van het audit (het meten van milieugevolgen) van de goudmijn Inti Raymi.
    Gisteren kwam een boer van Chuquiña vertellen dat een van zijn koeien was afgedwaald, dronk uit een waterbekken bij de mijnberm, ter plaatse neerstuikte en stierf. Geregeld gaat het miijnpersoneel daar dode vogels oprapen. Cyanide… !? Gisteren en vandaag is de auto van CEPA ginds ter plaatse met mensen, om de nodige vaststellingen te doen…

4. Intussen heeft Bolivia opnieuw een datum om naartoe te leven: 7 december, al zou het wel eens kunnen dat, in het huidige klimaat van onzekerheid, het referendum dat de regering per decreet afkondigde voor die dag,  (nog) niet zal kunnen doorgaan.
Op die zondag wil de regering van Evo Morales de nieuwe Grondwet aan de bevolking ter goedkeuring voorleggen. Meteen zouden een honderdtal subprefecten (die aan het hoofd staan van de provincies) gekozen worden en een tweehonderd provinciale raadsleden. La Paz en Cochabamba zouden dan ook een nieuwe prefect kiezen. De vorige werden immers bij het jongste referendum weggestemd, terwijl de andere prefecten, ook Luis Alberto Aguilar in Oruro, op post blijven.
 
Gisteren werd, in Santa Cruz, de Canadese Oblaat Padre Gerardo Leclaire, ten grave gedragen. Hij werd aangereden door een moto en stierf enkele uren later in het hospitaal. Meer dan veertig jaar stond hij ten dienste van volk en kerk in Bolivia. Danke, Gerardo.
Meer dan wie ook, geloofde hij in het belang van kleine acties an attenties voor de duizenden mensen waarmee hij contact hield. Gezien zijn merkwaardige stipheid kwam hij, naar Boliviaanse normen, telkens overal te vroeg aan. Ook nu.