Falan, het Colombiaanse dorp waar kolonialisme springlevend is

Laura Carvajal, Truike Geerts & Willo Molenaar

Blog

‘We moeten activisten verenigen’

Falan, het Colombiaanse dorp waar kolonialisme springlevend is

27 september 2023
Falan, het Colombiaanse dorp waar kolonialisme springlevend is
Falan, het Colombiaanse dorp waar kolonialisme springlevend is

400 jaar geleden werd het Colombiaanse dorp Falan gekoloniseerd. De buitenlandse bezetters haalden er met mijnbouw alle rijkdom uit de bodem. Vandaag is het verzet tegen nieuwe mijnbouw er sterk. ‘Als het aan de milieuactivisten van Falan ligt, eindigt hier en nu de kolonisatie van Falan.’

© CATAPA

Ciudad Perdida

© CATAPA

400 jaar geleden werd het Colombiaanse dorp Falan een eerste keer gekoloniseerd door buitenlandse bezetters die er met mijnbouw alle rijkdom uit de bodem haalden. Catapavrijwilligers Laura Carvajal en Truike Geerts tekenen samen met antropologe Willo Molenaar het verhaal op van dit dorp. Want vandaag is het verzet tegen nieuwe mijnbouw er sterk. ‘Als het aan de milieuactivisten van Falan ligt, eindigt hier en nu de kolonisatie van Falan.’

Het verliezen van de strijd tegen de mijnbouw zou gedwongen migratie en dood betekenen. Het zou de bergen binnenstebuiten keren. Het zou het verdwijnen van de voorouderlijke verbale cultuur betekenen. Het zou velen in een zeer slechte situatie brengen, waarin mensen zullen moeten vechten voor hun overleving. Het zou het verlies van de Magdalena-rivier betekenen. Het zou het verlies van de Gualí-rivier betekenen. Het zou het verlies van endemische soorten betekenen, zoals de kikker en de orchidee. Mensen zouden met niets achterblijven. De mensen, de dieren, het bos… alles zou verloren gaan.

– Osiris Ocampo, Falan

Wie het dorpje Falan in het noorden van de Colombiaanse provincie Tolima kent, kent ook de Ciudad Perdida, ofwel de “Verloren Stad”. De toeristische trekpleister van het dorp kan te voet, per ziplijn of muurklimmend worden bereikt, terwijl onderweg de prachtige natuur wordt ontdekt. Het is absoluut een bezoek waard.

Maar de plek heeft ook een duister verleden. Voor de Spaanse kolonisatie in de 17de eeuw, werd het gebied bevolkt door inheemse gemeenschappen. De Spanjaarden verdreven hen of schakelden hen in als werkkrachten in de mijnen. Spaanse mijnwerkers stichtten in die tijd het dorp Santa Ana, wat vandaag Falan is.

Decennialang werden kilometerslange tunnels gegraven in de omliggende bergen, op zoek naar hoge concentraties goud en zilver. De mijnen waren het rechtstreekse bezit van de koning van Spanje die het ontgonnen goud en zilver met open armen ontving.

Recessie en armoede

Na de Spaanse kolonisatie en de onafhankelijkheid kwamen de mijnconcessies in handen van Britse bedrijven. Ook werden oude mijnen heropend en nieuwe mijnen opgestart. Het resultaat: opnieuw kilometers aan nieuwe tunnels in de bergen voor de ondergrondse mijnbouw.

Bij inwoners van Falan zijn er maar weinig goede herinneringen over deze periode te horen. Ze spreken over de “dode” quabradas, de kloven tussen twee bergen waar een waterbron tussen loopt. Door het intense waterverbruik en de vervuiling van de Britse mijnen, nu zo'n tot 100 jaar geleden, is er vandaag nog steeds amper dierlijk leven te bespeuren.

Ook ging de sluiting van de Britse mijnen gepaard met een economische recessie en sociale problemen. 40 jaar mijnbouw maakten de Colombianen er afhankelijk van. Een relatief korte periode van economische groei en werkgelegenheid via de mijnbouw, werd opgevolgd door een lange periode van armoede en moeizaam economisch herstel.

Vandaag zijn inwoners vooral afhankelijk van landbouw, wat hen een stabieler inkomen verschaft, maar nog steeds is de armoede hoog. Door die langdurige landbouwgeschiedenis zien inwoners zich bovendien niet als mijnwerkers. De mijnen waren immers altijd koloniaal en werden beheerd door hun bezetters.

© CATAPA

De bergen rondom Falan

© CATAPA

Een neoliberale koers

Maar er waren ook uitdagingen uit eigen land. De meest recente wijzigingen in het beleid rond landgebruik zijn tekenend voor het bestaan en welzijn van boeren op het platteland. Het overgrote merendeel van de Colombiaanse bevolking leeft op het platteland van landbouw, veeteelt, visserij of artisanale mijnbouw. Vaak leven ze op afgelegen en moeilijk te bereiken plaatsen in relatief autonome gemeenschappen.

Sinds de jaren '50 ligt binnen het Colombiaanse economische beleid de nadruk op het “effectiever” vormgeven van de economie. Dat houdt in dat families van kleine boeren van hun land worden verdreven om plaats te maken voor grote industriële boerderijen voor monocultuur.

De geschiedenis van dit economische beleid was bloedig. Veel kleine boeren werden verdreven of zelfs vermoord zodat het land vrij kwam. Het werd één van de oorzaken voor de langdurige burgeroorlog in Colombia waarbij veel boeren het slachtoffer werden van het geweld tussen de guerrillas en de staat.

In de jaren '90 en 2000 werd de Colombiaanse economie, onder druk van internationale instellingen zoals de Wereldbank en het Internationale Monetaire Fonds, dan weer geliberaliseerd. Nationale bedrijven werden geprivatiseerd, regelgeving afgezwakt en de economie werd opengesteld voor de internationale vrijemarkteconomie.

Net zoals elders in Zuid-Amerika, of andere “arme” of “onderontwikkelde” landen, kwam extractie in handen van multinationale bedrijven uit “rijke” landen. Die strijken verreweg het grootste deel van de winst op terwijl ze weinig belastingen betalen aan de Colombiaanse staat.

Kolonisatie anno 2023

Dit neoliberale beleid en de komst van multinationale mijnbouwbedrijven, vormt nu het nieuwe hoofdstuk in een lange geschiedenis van imperialisme in Colombia. Er werden recent nieuwe vergunningen verleend aan drie multinationals om in totaal 36.000 hectare grond te exploreren in de zoektocht naar kostbare metalen.

Dit keer zou het gaan om _open pit-_mijnbouw, een vorm van extractie die nog vele keren disruptiever is dan de ondergrondse tunnelmijnbouw uit het verleden. De hele berg wordt, zoals de naam suggereert, omgevormd tot een open put. Een groot levenloos gat komt in de plek van een ecosysteem waar voordien leven was. Daarnaast vraagt dergelijke vorm van mijnbouw zeer veel water en wordt gebruik gemaakt van een grote hoeveelheid gevaarlijke chemische stoffen en wordt er veel toxisch afval gecreëerd.

© PXHere (CC0)

Voorbeeld van een open pit mijn. Behalve dat een open pit mijn het bestaande ecosysteem volledig verwoest, vraagt dergelijke vorm van mijnbouw zeer veel water en wordt gebruik gemaakt van een grote hoeveelheid gevaarlijke chemische stoffen en wordt er veel toxisch afval gecreëerd.

© PXHere (CC0)

Alleen de exploratie al wekt grote bezorgdheden op bij de inwoners van Falan. Hierbij wordt in de wijde omgeving gaten in de grond geboord van zo'n 200 meter diep op zoek naar afzettingen van bepaalde aardse metalen. Het is nog geen exploitatie, de effectief ontginning ervan, maar het heeft al een invloed op de ondergrondse waterstromen en verstoort het leven op het land.

In Líbano bijvoorbeeld, een dorpje op ongeveer 25 kilometer van Falan, zagen vele boeren zich genoodzaakt om te vertrekken, omdat de opening van een mijn er voor waterschaarste had gezorgd. Voor een gemeenschap die sterk afhankelijk is van landbouw zijn water en een gezonde grond steeds terugkerende bezorgdheden.

Cacao, koffie, guanabana, mais, yuca, avocado… De lijst van biologische gewassen die de boeren opsommen is lang. Voor velen van hen is het niet alleen een beroep, maar ook hun identiteit. Mijnbouw bedreigt niet alleen hun inkomen, maar ook de manier van leven die ze opbouwden met en rond hun land.

Ook bezorgdheden over de biodiversiteit is een drijfveer voor het lokale protest. Speciale diersoorten leven in de regio van Falan, zoals speciale vogelsoorten of de rana morada, de paarse kikker. 'De belangrijkste reden voor dit verzet is liefde. Liefde voor het territorio', duidt Falan-inwoner Osiris Ocampo.

Een verdeeld volk

Toch is niet iedereen even bezorgd. Kleinschalige landbouw levert weinig op in Colombia. Prijzen zijn laag, terwijl het werk zwaar is. Bovendien worden boeren zwaar belast en is er geen overheidssteun. Daardoor kijken sommigen wel uit naar nieuwe werkgelegenheid die de mijnbedrijven hen beloven.

In Cabandia, een district van Falan, staan milieuactivisten Damaris en Nicolas daardoor moederziel alleen in hun strijd tegen nieuwe mijnbouwprojecten. Volgens hen is de steun van buren voor de mijnprojecten het gevolg van geslaagde omkopingspraktijken van de bedrijven en een gebrek informatie over de impact van mijnbouw.

Cabandia ligt het verst van de lokale school, waardoor veel kinderen uit deze buurt niet naar school gaan. Het contrast met een ander district, Santa Filimena, is bijgevolg groot: hier steunt geen enkele familie de mijnbouwprojecten en weigert iedereen jobs bij deze bedrijven.

Bedrijven gaan er ver om de bevolking ervan te overtuigen dat de mijnprojecten goed voor hen zullen zijn. Mirandagold is koploper wat betreft de gebruikte omkopingsstrategieën: het deelde machetes, voedsel en geld uit aan boeren en doneerde een ambulance aan het lokale ziekenhuis. Ook worden festivals, kerstverlichting en andere activiteiten gesponsord.

Tijdens Halloween organiseerde het bedrijf een spel voor kinderen waarbij ze tablets konden winnen. Andere kinderen kregen via school speelgoed mee naar huis, met op het speelgoed het logo van het bedrijf.

Beheerders van de toeristische trekpleister Ciudad Perdida kregen dan weer een hele boodschappenkar aangeboden, én uitnodigingen voor bijeenkomsten met de verantwoordelijken van de mijnbouwprojecten. Maar ze lieten zich niet omkopen en sloegen het aanbod af.

Een bedrijf dat zoveel moeite doet om de bevolking te overtuigen, heeft iets duisters te verbergen, toch?

Verzet en alternatieven

Gesteund door het Colectivo Ambiental Falan y Frías en het regionale Comité Ambiental en Defensa de la Vida organiseren inwoners van Falan geregeld protestacties, ondanks intimidatie en bedreigingen van mijnbedrijven of de lokale politie.

Dat bedreigingen soms ook in effectieve daden worden omgezet laat de moord van 3 september op milieu-activist Johan Ferney Aguilar González zien. Johan Ferney werd vermoord enkele uren na een openbare hoorzitting van het Nationaal Mijnbouwagentschap, waar hij en zijn vader samen met 700 anderen aanwezig waren. Tijdens de openbare hoorzitting deed zijn vader een publieke aanklacht tegen de doodsbedreigingen die hij had ontvangen omwille van hun verzet tegen het mijnbouwproject van Miranda Gold.

Toch houdt dit vele andere activisten niet tegen. Ze zijn duidelijk: de geschiedenis mag zich niet herhalen. Ze hebben een heel ander Falan voor ogen; één waar mijnbouw alleen nog te bezichtigen is in de vorm van ruïnes, zoals in de Cuidad Perdida, waar ecotoerisme floreert en landbouw wordt gewaardeerd.

© Damaris Perdomo

Protestactie in vereda Cavandia

© Damaris Perdomo

De gemeenteraadsverkiezingen in oktober kunnen wel eens van groot belang zijn. Er is maar één kandidaat uitgesproken tegen de mijnbouwprojecten: Miguel Rubio. Al jaren protesteert hij tegen de plannen en sensibiliseert hij anderen over de impact van mijnbouw.

'We moeten losstaande milieu-activisten meer verenigen', zegt Luis Barreto Jimenez van het lokale milieucomité. 'Om gestroomlijnde campagnes met correcte informatie te delen, om de propagandamachine van de bedrijven tegen te gaan.'

We willen deze bijdrage graag opdragen aan milieuactivist Johan Ferney Aguilar González die op 3 september werd vermoord in Falan. Johan Ferney is de zoon van Wilder Antonio Aguilar Rodríguez, een sociaal leider in de regio en eveneens milieuactivist, die nog maar enkele uren daarvoor een publieke klacht had ingediend over doodsbedreigingen in verband met het verzet tegen het mijnbouwproject van Miranda Gold. Deze tragische gebeurtenis is een directe aanval op zij die onvermoeibaar strijden voor hun rechten en de verdediging van hun land, tegen de belangen van bedrijven.

Een misdaad zoals deze vormt een bedreiging voor alle milieu- en mensenrechtenverdedigers en is een waarschuwing voor iedereen die zich verzet tegen grote industriële spelers. Samen met onze Colombiaanse partners eisen wij gerechtigheid aan de Colombiaanse overheid. Dat de doodsbedreigingen effectief uitmondden in de moord op Johan Ferney stemt ons verontrust en bedroefd. Zijn dood is een groot verlies voor de gemeenschap van Falán.

Deze blog werd geschreven door Laura Carvajal en Truike Geerts, vrijwilligers van CATAPA’s study- en lobbywerkgroep, in samenwerking met Colectivo Ambiental Falan y Frías en Willo Molenaar, antropoloog.