Femmes de mon pays, soyez belles et ne vous taisez pas!

Blog

Femmes de mon pays, soyez belles et ne vous taisez pas!

Femmes de mon pays, soyez belles et ne vous taisez pas!
Femmes de mon pays, soyez belles et ne vous taisez pas!

‘Femmes de mon Pays’ is een prachtige reeks zwart-wit portretten van vriend en fotograaf Teddy Mazina. Hij toont mooie, sensuele en sterke vrouwen. Dat zijn de Burundese vrouwen ook. Toch is het met hun rechten nog pover gesteld. Alhoewel fundamenteel gelijk voor de grondwet, zijn ze in de praktijk slachtoffer van heel wat discriminerende wetten en maatregelen.

Zo kunnen vrouwen nog steeds niet erven. Mede daardoor slagen ze er zelden in om eigendom te verwerven en blijven ze in een afhankelijkheidspositie zitten. Bijgevolg zijn ze ook makkelijker slachtoffer van partner- en seksueel geweld. Toch boeken de vele vrouwenverenigingen, die werkzaam zijn in Burundi,  vooruitgang en ontstaat er langzaam een mentaliteitswijziging. Maar helaas blokkeert de regering, aangevoerd door een conservatieve president, alle  essentiële wetswijzigingen.

Een Burundese vriendin belt me op en vraagt om af te spreken. We ontmoeten mekaar op een rustige plek. Ze zegt dat ze dringend een abortus moet ondergaan en vraagt of ik haar wil helpen. Abortus is illegaal in Burundi, maar wordt toch courant uitgevoerd - zelfs in medische centra. De man die haar bezwangerd heeft is een collega-journalist. Hij is getrouwd en vader van drie kinderen, maar houdt er zoals veel Afrikaanse mannen heel wat liefjes op na. De jonge vrouw zegt dat hij heeft aangedrongen om zonder condoom te vrijen. Maar sinds ze zwanger is, weigert hij alle contact. Ik beloof dat ik met hem zal praten. De man ontkent de feiten niet, maar minimaliseert ze. Als ik hem op de hoogdringendheid van de zaak wijs, belooft hij het onmiddellijk te zullen regelen. Maar later hoor ik van het meisje dat er niets is veranderd en dat hij haar op geen enkele manier tegemoet wil komen.

Ze vraagt opnieuw of ik haar wil helpen en stelt me voor een moreel dilemma. Ik wil haar immers geen geld geven, maar in dat geval zal ze wellicht beroep doen op een illegale aborteur in een groezelige achterkamer en die gedachte doet me kokhalzen. We onderzoeken samen alle mogelijkheden. Bij haar ouders en familieleden kan ze niet terecht, want die zouden het nooit accepteren. Bij haar vriendinnen evenmin, want die hebben geen geld. Na overleg met de gynaecoloog vinden we toch een oplossing. Hij is bereid om de abortus uit te voeren tegen een voorschot van 50.000 FBu (25 €) of ongeveer de helft van het totale bedrag. Ze rekent voor dat ze een paar pagnes kan verkopen. En ik stem in om het resterende bedrag bij te passen. Enkele dagen later belt ze me om te zeggen dat alles goed is verlopen. De journalist-verwekker heeft totaal niets meer van zich laten horen en ontwijkt mij nu ook.

Enigszins geshockeerd door het gebrek aan verantwoordelijkheidszin van mijn Burundese gendergenoten, ga ik te rade bij Cynthia, een jonge, dynamische advocate en vrouwenrechten activiste die geen blad voor de mond neemt. “Mannen vinden het hier heel normaal om over bepaalde privileges te beschikken, zoals het aangaan van buitenechtelijke relaties”, zegt ze, “maar als het misloopt dan wijzen ze de verantwoordelijkheid net zo makkelijk van de hand. Gewoon omdat ze het zich kunnen veroorloven. Hier bestaat er immers geen DNA-test. Het is dus quasi onmogelijk om te bewijzen dat iemand de vader van je kind is. Daarnaast zal de maatschappij de vrouw altijd als eerste sanctioneren. Zij, en niet hij, wordt als schuldige gezien. Ze wordt als sletje of lichte vrouw bestempeld en kan in het algemeen op weinig begrip rekenen. Mannen blijven, zelfs indien ze gehuwd zijn, grotendeels buiten schot. Dat komt omdat ze elkaar de hand boven het hoofd houden. Burundi is nog steeds een sterk patriarchale samenleving.”

“Vrouwenemancipatie is dus aan jullie voorbijgaan?”, vraag ik ietwat provocerend. Cynthia, die niets heeft van een onderdanige vrouw, moet er hartelijk om lachen. “Het is natuurlijk niet zoals in het Westen”, zegt ze, “maar in een stedelijke omgeving en vooral bij hoger opgeleiden, staan vrouwen tegenwoordig veel meer op hun strepen. Ze willen een job, autonomie en maximum twee of drie kinderen. Ze verlangen dat hun echtgenoot een deel van de huishoudelijke taken op zich neemt. En als het huwelijk mislukt, dan vragen ze een echtscheiding aan. Iets wat vroeger ondenkbaar was. Maar het is natuurlijk een minderheid. Burundi bestaat voor 80% uit een plattelandsbevolking. De meeste vrouwen hebben geen opleiding genoten, kennen hun rechten niet en zitten vast in een traditioneel systeem waarin ze worden gedomineerd en geëxploiteerd door hun mannelijke evenknie. Het zijn tweederangsburgers met veel plichten en weinig rechten.”

Geen erfenisrechten

Om me beter te vergewissen van de toestand op het platteland, breng ik een bezoek aan de gemeenschapsradio ‘La voix des femmes’ (Ijwi ry’ Umbukenyezi). De bus dropt me op ongeveer 100 km van Bujumbura langs de nationale weg naar de provinciehoofdstad Gitega. Vandaar moet ik een heuvel opklimmen om het centrum van Giheta te bereiken. Dorpskinderen lopen joelend met me mee. Het radiostation ligt vlak naast de markt. Bezielster mevrouw Goretti is al op de hoogte gebracht van mijn komst en wacht me op. Ze geeft een korte rondleiding, toont de studio, de technische ruimte en de redactie waar enkele medewerksters druk in de weer zijn. “Allemaal vrijwilligsters. De meesten zijn laaggeschoold, maar slagen er na een opleiding toch in om zelf een radioprogramma in elkaar te steken,” zegt ze niet zonder enige trots. “Het is eigenlijk begonnen als een experiment. Enkele jaren geleden zochten we naar een goede manier om de vrouwen in rurale gebieden te bereiken en dachten aan een gemeenschapsradio. Het laat ons toe om nuttige of belangrijke informatie rond bijvoorbeeld persoonlijke hygiëne, HIV, opvoeding van kinderen, vrouwenrechten, politieke participatie, enz. snel en efficiënt te verspreiden en tegelijkertijd de specifieke problemen en besognes van de vrouwen aan te kaarten.”

Een van de meest fundamentele problemen waar rurale vrouwen mee te kampen hebben, verneem ik, zijn landproblemen. Of beter het gebrek daaraan. Want vrouwen worden weliswaar geacht om het land te bewerken, maar bezitten het zelden. Na het huwelijk trekt de echtgenote bij haar schoonfamilie in. Het is haar taak om het land te bewerken, maar de vruchten van dat land blijven toebehoren aan haar man. Van hem wordt natuurlijk verwacht dat hij zijn familie onderhoudt, maar hij kan de opbrengst van de oogst net zo goed aan bier besteden. Als zijn vrouw teveel protesteert, dan staat het hem vrij haar te verstoten en een nieuwe nemen. Maar het gaat nog veel verder. Volgens het gewoonterecht, dat erfeniskwesties regelt, kunnen vrouwen in Burundi nog steeds niet erven. Als de echtgenoot komt te overlijden, gaat de grond niet naar zijn vrouw, ook al heeft ze hem heel haar leven bewerkt, maar naar haar zonen (niet naar haar dochters) of terug naar de schoonfamilie. De weduwe heeft in principe wel recht op het vruchtgebruik (Igiseke), maar door de toenemende schaarste aan land, wordt dat steeds vaker met de voeten getreden.

Een vrouw kan binnen dit traditionele systeem dus haast onmogelijk grond en daarmee samenhangend autonomie verwerven. Evenmin kan ze haar rechten op het gezinsinkomen laten gelden. Dit mechanisme houdt vrouwen in een totale afhankelijkheidspositie en leidt tot schrijnende toestanden, waarbij ze zijn overgeleverd aan de willekeur hun vader, man, schoonvader, broer, zoon, enz. of in de armoede dreigen te belanden. Maar bovenal zorgt het voor een vergaande discriminatie op basis van het geslacht en dat is in strijd is met de constitutie.

Vrouwenbewegingen dringen er dan ook al jaren op aan om het erfrecht onder te brengen bij het burgerlijk recht. Sinds het einde van de burgeroorlog en het aantreden van een democratisch verkozen parlement in 2005, zijn er verschillende wetsvoorstellen in die richting gedaan. Maar die belanden steevast in de schuif; het ontbreekt nagenoeg aan politieke wil om daadwerkelijk iets aan de situatie te veranderen. Vrouwen erfenisrechten toekennen zou de druk op het schaarse land nog doen toenemen, luidt het. Bovendien verzet de president zelf zich tegen elke wetsaanpassing hieromtrent.

Toegenomen partnergeweld

Mevrouw Goretti zucht. “Dit patriarchale systeem dat mannen rechten en privileges toekent en vrouwen discrimineert, zorgt steeds vaker voor conflicten binnen het gezin en die monden niet zelden uit in agressie of geweld jegens vrouwen,” vertelt ze. Partnergeweld is inderdaad een wijdverbreid fenomeen in Burundi. Eén op vier vrouwen heeft ermee te maken. Dat komt voornamelijk omdat mannen hun vrouw nog altijd als hun persoonlijke bezit beschouwen, nadat ze er een bruidsschat voor hebben betaald. In een veranderende samenleving zien ze hun positie ook meer en meer ondergraven, waardoor ze sneller naar geweld grijpen om zich te laten gelden. De jarenlange burgeroorlog heeft daarenboven het maatschappelijke weefsel aangetast en het geweld gebanaliseerd. Geweldplegers worden overigens nauwelijks bestraft.

“Met onze gemeenschapsradio trachten we niettemin het partnergeweld zoveel mogelijk terug te dringen,” zegt mevrouw Goretti strijdvaardig. “Door er openlijk over te spreken, slachtoffers te laten getuigen en het taboe te doorbreken, merken we toch dat er langzaam een kentering komt. Andere slachtoffers voelen zich minder geïsoleerd, durven makkelijker over hun eigen ervaringen te praten en vinden steun bij elkaar. Daarnaast worden de daders bij naam genoemd of zijn ze voor iedereen herkenbaar in een kleine, rurale gemeenschap. Dat werkt afremmend. Vrouwen komen spontaan met hun verhaal naar de radio. We vangen ze op, hebben zelfs een crisisopvang ingericht, en trachten te bemiddelen. Sommige mannen slaan hun vrouw uit automatisme of omdat ze denken dat ze daardoor meer respect krijgen. Maar een geslagen vrouw kan niet meer behoorlijk functioneren en voor de akker of de kinderen zorgen. Daardoor riskeert ze nog meer slagen en verwondingen. Een vicieuze cirkel die moet worden doorbroken. We willen de mannen aan het denken zetten, hen duidelijk maken dat het fout is om geweld te plegen en dat er andere manieren zijn om een conflict op te lossen.”

Seksueel geweld onbestraft

Naast partnergeweld is er ook veel seksueel geweld in Burundi. Dit baadt echter in een nog grotere taboe sfeer. Verkrachtingen binnen het huwelijk zijn frequent. Volgens de traditie heeft een getrouwde vrouw immers het recht niet om haar man seks te weigeren. Ook daarnaast zijn verkrachtingen legio en worden ze zelden aangegeven. De meeste vrouwen hebben schrik om te worden verworpen door hun familie of gemeenschap. De politie is totaal niet opgeleid om met dit soort van delicten om te gaan en justitie evenmin. Zelfs als de feiten vaststaan en de dader bekend is, komt het bijna nooit tot een veroordeling. Meestal wordt het op een akkoordje gegooid, waarbij er een minnelijke schikking wordt getroffen of huwt de dader met het slachtoffer.

In Bujumbura  bezoek ik het ‘Centre Seruka’, een centrum voor seksueel geweld en een begrip in de hoofdstad. Wat meteen opvalt is de vrouwelijke bewaakster, een unicum in Burundi. “Dat is een bewuste keuze,” zegt coördinatrice Josiane. “De vrouwen die hier komen zijn getraumatiseerd en zouden kunnen worden afgeschrikt door mannelijke bewakers. Op een jaar hebben we ongeveer 1500 aangiftes of gemiddeld 4 à 5 per dag. Twee derde van de gevallen zijn minderjarig. We hebben een medische staf, testen op HIV, geven een noodpil en medicatie tegen seksueel overdraagbare aandoeningen. Daarnaast beschikken we over psychosociale begeleiding en een juridische dienst. We manen de slachtoffers altijd aan om een klacht in te dienen, maar slechts een derde doet dat ook effectief. Begrijpelijk, want indien het slachtoffer ouder is dan twaalf jaar, zal er zelden of nooit gevolg aan worden gegeven. Seksuele delicten op jonge kinderen vinden meestal wel gehoor.”

“Is er een toename van het seksuele geweld?”, wil ik graag weten? “Dat valt moeilijk te zeggen,” antwoordt Josiane, “omdat er geen betrouwbare statistieken zijn. Maar we merken wel een verschuiving in het daderprofiel. Vroeger ging het om rebellen of militairen, die verkrachting vaak gebruikten als oorlogswapen. Tegenwoordig zijn de meerderheid van de daders familieleden of bekenden uit de nabije omgeving. Het seksuele geweld is als het ware doorgedrongen tot in de diepste kern van de samenleving.” “Welke maatregelen zouden er moeten worden genomen?”, vraag ik tenslotte. “In de eerste plaats zouden er meer centra voor seksueel geweld moeten komen. Niet alleen in de hoofdstad, maar over het hele land. En daarnaast zou de wet ook effectief moeten worden toegepast. In 2009 is er, na jarenlange druk van vrouwenbewegingen, een aanpassing op de strafwet gekomen die straffen tot levenslang voorziet voor daders van seksueel geweld. Alleen wordt die wet om allerlei redenen niet toegepast. Veel politieambtenaren en magistraten zijn zelfs niet eens op de hoogte van het bestaan ervan.” Ze schudt het hoofd. “Wetten die niet worden toegepast vormen helaas geen uitzondering, ze zijn één van de grootste plagen van dit land.”

Teddy Mazina was born and raised in Burundi. He lived in Belgium from 1995 to 2007 as a refugee from the civil strife. Returning to his country in 2007, he started working as a documentary photographer. Teddy is known as an activist reporter of social and political events in Burundi, who records events with an honest and unsparing eye. In his own words, he describes his photography as an attempt to present the joys and sorrows, the hopes and despair of the people of Burundi. Teddy is on Facebook and Flickr.