Met ‘The Future of Work’ naar een volgende eeuw

Blog

Met ‘The Future of Work’ naar een volgende eeuw

23 juni 2016
Met ‘The Future of Work’ naar een volgende eeuw
Met ‘The Future of Work’ naar een volgende eeuw

In 2019 bestaat de Internationale Arbeidsorganisatie (IAO) 100 jaar. Wat ons vooral interesseert is de wedergeboorte: wat doet de organisatie met de kennis en ervaring uit het eerste leven? Wat is de toekomst van arbeid en wat is de rol van de IAO en van de drie samenstellende groepen (regeringen, werkgeversorganisaties en vakbonden) in relatie tot werk?

Ik krijg regelmatig de vraag om te spreken over dit thema. Zo was ik in mei in Cartagena (Colombia) en sprak ik voor de ministers van werk en sociale zaken en de sociale partners van de Latijns-Amerikaanse landen en was ik in Rome voor ngo’s uit de breed christelijke wereld. Ik heb er veel over gelezen, beluisterd en gediscussieerd. Het valt ook op dat na de vele analyses steeds meer wordt gevraagd: ‘wat doen we ermee?’, ‘hoe gaan we om met de “Future of Work”?’. In deze en enkele volgende blogs probeer ik de opkomende uitdagingen en benaderingen samen te vatten.

Vierde industriële revolutie

Het wereldwijde debat over de toekomst van het werk wordt teveel beperkt tot de impact van de technologische veranderingen. Het is natuurlijk onbetwistbaar dat de nieuwe golf van technologische vooruitgang de globale economie op ingrijpende wijze verandert. Deze vierde industriële revolutie omvat de digitalisering, de geavanceerde robotica en de wereldwijde opdeling van productie en bevoorrading. Alles wat in mathematische algoritmische formules kan gegoten worden, kan uitmonden in artificiële intelligentie. De alternatieve energieproductie, de energiebesparing en toekomstige energieopslagmogelijkheden kunnen leiden tot een nul-marginale kost van energie en tot bredere en sterkere telecomnetwerken en schaalvoordelen van datasharing (gegevensdeling).

Geïndividualiseerde diensten

Deze evoluties zullen op hun beurt leiden tot nieuwe producten die nog meer focussen op geïndividualiseerde diensten voor de verbruikers: e-commerce, e-government, automatische dienstverlening en de deeleconomie (Uber, Airbnb, crowdfunding, poets- en alle mogelijke andere diensten aangeboden via het internet). Deze nieuwe technologiegolf zal dus zonder twijfel de globale economie grondig wijzigen. De vraag is hoe opbouwend of destructief dit proces zal zijn voor werk. Hoe en in hoeverre zal de toekomst van arbeid bepaald worden door wijzigingen in de technologie? Zullen deze robotten en automatisering leiden tot de vernietiging van miljoenen fysieke jobs en taken in alle sectoren? Als de artificiële intelligentie verbetert, zal de arbeidserosie ook jobs aantasten die een hoger abstractie- en intelligentieniveau vergen? Hoe zullen de traditionele industriële of arbeidsrelaties veranderen, ondermijnd worden of verdwijnen? Dat kan bijvoorbeeld door bedrijven als Uber die contractuele werknemers – beschermd door wetten en cao’s – vervangen door zogenaamde zelfstandigen, die in de praktijk echter volkomen afhankelijk zijn van onbereikbare ondernemingsgiganten, zonder enige bescherming.

Positieve effecten

Tot hiertoe leert de geschiedenis ons ook dat op lange termijn jobverlies wordt opgevuld door nieuw gecreëerde jobs.

Toch is het zinloos ons tegen nieuwe technologieën te verzetten. Ze kunnen ook positieve effecten hebben, door repetitieve, zinloze of zware jobs te vervangen door zinvolle en sterk inhoudelijke jobs. Tot hiertoe leert de geschiedenis ons ook dat op lange termijn jobverlies wordt opgevuld door nieuw gecreëerde jobs. Dat is wat gebeurde in de vorige drie industriële revoluties. Zal dit ook het geval zijn bij de vierde industriële en technologische revolutie?

Technologie onze baas of andersom?

Technologie zal een belangrijke impact hebben op de wereld van het werk en de overgang zal heel moeilijk zijn, maar deze transitie hoeft ook geen catastrofe te worden. Het zijn in de eerste plaats politici, werkgeversorganisaties en vakbonden die deze uitdagingen moeten beantwoorden. Zullen zij de toekomst van het werk laten bepalen door de technologie of zullen wij en zij ‘the Future of Work’ bepalen, rekening houdend met en misschien gebruik makend van die technologieën? Het is aan regeringen en sociale partners de toekomst in handen te nemen op basis van duidelijke doelstellingen en waarden. Deze verschillen in 2019 niet eens zoveel met deze van 1919, de objectieven die aan de basis lagen van de stichting van de ILO.

Het zou evenmin aanvaardbaar zijn de toekomst van het werk enkel te leggen bij de impact van technologische innovatie. Andere sleutelfactoren zullen evenzeer bepalend zijn. In een volgende bijdrage zullen we ingaan op sommige van deze sleutelfactoren.