Wereldwaterdag in tijden van industriële expansie

Blog

Wereldwaterdag in tijden van industriële expansie

Wereldwaterdag in tijden van industriële expansie
Wereldwaterdag in tijden van industriële expansie

We moeten zuinig omspringen met water, want het blauwe goud wordt steeds schaarser. Een Europeaan verbruikt dagelijks 200 à 300 liter per dag, terwijl 1,1 miljard mensen het met minder dan 5 liter per dag moeten zien te rooien.

Door te bezuinigen op eigen consumptie kunnen we allemaal ons steentje bijdragen voor het waterbehoud, maar behalve huishoudens verbruiken ook landbouw en industrie massa’s water en daar heeft de consument veel minder greep op.
Eén derde van de zoetwaterreserves op aarde bevindt zich in Latijns-Amerika. De meest waterverslindende industrieën weten dat en vinden met gemak hun weg naar dit continent. In een artikel over een gigantische papierpulpfabriek die aan de oever van de Río Uruguay wordt gebouwd, las ik dat die fabriek op één dag evenveel water zal verbruiken als de stad waar de fabriek wordt gebouwd, in één maand. Deze wanverhouding leek mij overdreven. Daarom besloot ik het na te gaan.
In het milieu impactrapport van het bedrijf staat dat de fabriek 1000 liter water per seconde uit de rivier zal opnemen. Dat is 86.000.000 liter per dag. In hetzelfde rapport staat dat de stad Fray Bentos, waar de fabriek gevestigd is, jaarlijks 1.600.000 m3 water verbruikt. Dat komt overeen met 4.384.000 liter per dag.
Conclusie: de papierfabriek zal op één dag evenveel water verbruiken als de 23.000 inwoners van stad Fray Bentos op 20 dagen.
Met die gegevens stapte ik naar het stadhuis van Fray Bentos. Aan burgemeester Omar Lafluf legde ik mijn berekening voor en vroeg of Botnia (het Zweedse papierbedrijf) voor dat waterverbruik zal betalen. “Neen,” antwoordde hij.
“Maar als de fabriek zulke gigantische hoeveelheden water opneemt, moeten ze daar dan geen overeenkomstige prijs voor betalen?” ging ik verder.
“Waarom zouden ze?” vroeg de burgemeester, “80% van dat water wordt terug aan de rivier gegeven.”
 
Dat 80% van dat water terug in de rivier terecht komt, staat inderdaad in het milieurapport, maar wat het rapport erbij vermeldt en de burgemeester niet, is dat de temperatuur van het geloosde water 20 graden hoger ligt. Dit kan dan weer een invloed hebben op het visbestand. En dan hebben we de milieuschade door de lozing van de afvalstoffen nog buiten beschouwing gelaten.
Greenpeace vindt dat de papierindustrie veel meer inspanningen zou moeten leveren om tot een gesloten watercircuit te komen. In een gesloten circuit wordt het water opnieuw gebruikt, zodat de opname van vers water en lozing van vuil water tot een minimum wordt herleid. Desondanks beweert Botnia dat de nieuwe papierfabriek de modernste en de beste milieutechnologie zal gebruiken die voor handen is.
De vraag naar papier op de wereldmarkt blijft toenemen en Uruguay speelt daarop in langs de aanbodzijde. In het klein Zuidamerikaans landje met gigantische waterreserves, zullen de komende jaren nog twee papierpulpfabrieken gebouwd worden met dezelfde productiecapaciteit en dezelfde technologie als de Botniafabriek.
De papierpulp die Botnia aan de río Uruguay zal produceren is vooral geschikt voor de productie van (wegwerpproducten als) toiletpapier, papieren zakdoekjes en keukenrollen. Wie weet sparen we evenveel water uit als we onze neus in een stoffen zakdoek snuiten, dan wanneer we onze douchetijd met vijf minuten verminderen.