Geen mens en zeker geen kind hoort op straat te overleven

Het gaat niet goed met de armoedebestrijding, zegt Ikrame Kastit. Dakloosheid bij kinderen en jongeren is, een jaar na het schrijnende verhaal van de 18-jarige Jordy in Gent, nog steeds een probleem. Dat zoiets mogelijk is in een van de rijkste regio’s ter wereld, is onaanvaardbaar. Ze roept op om – in plaats van massaal deel te nemen aan warmste weken en rode-neuzen-acties – gezamenlijk van onze overheden te eisen dat er structurele oplossingen komen.

  • © Brecht Goris © Brecht Goris

Een jaar geleden stierf de 18-jarige Jordy van de honger en de dorst op de drukste plek in Gent. Jordy was dakloos, na een verblijf van 15 jaar in instellingen. Dat bericht raakte de mensen. Heel wat steunacties kwamen op gang en het beleid beloofde dat het snel maatregelen zou nemen. Een jaar later merk ik echter dat dakloosheid bij kinderen en jongeren nog altijd een acuut probleem is in onze samenleving.

Eén op de drie dak- en thuislozen is minderjarig! Dat zijn cijfers die we in ontwikkelingslanden verwachten, maar toch niet zo dicht bij huis? In één van de rijkste regio’s ter wereld.

Achter die cijfers zitten de meest kwetsbare kinderen en jongeren in de put van onze samenleving. De impact van dakloosheid is immens op het sociale leven, het schoolleven, de (geestelijke) gezondheid, de verdere ontwikkeling van kinderen en jongeren. Hoe kun je jezelf goed in je vel voelen als je geen veilige plek hebt om naartoe te gaan?

Opvallend hoe een OCMW haar opdracht kan verengen tot het wegjagen van kansarmen in plaats van ze te ondersteunen.

Saskia Van Nieuwenhove bracht me recent in contact met een jonge vrouw, net 18, die dreigde op straat gezet te worden. Na een verblijf in een instelling vond ze een studio. Daarna kwam ze via Saskia terecht in een studio in het Antwerpse van een lief ouder koppel. Aangezien ze af en toe een paar stukjes pizza toegestopt kreeg van hen, werd haar woonsituatie echter als samenwonend bestempeld ook al huurde ze op haar eentje een studio en zakte haar leefloon van 884,74 euro naar 589,82 euro. Dat zorgde ervoor dat ze de huur niet kon betalen, bovenop haar basisbehoeften.

Opvallend hoe een OCMW haar opdracht kan verengen tot het wegjagen van kansarmen in plaats van ze te ondersteunen. Burgersolidariteit werd hier zelfs als argument gebruikt om iemand nog dieper in de problemen te werken.

Eind september organiseerden enkele (jeugd)organisaties zoals vzw Jong, Jong Gent in Actie, Samenlevingsopbouw Gent, Victoria Deluxe en geëngageerde burgers zoals Pascal Debruyne, Nathalie Snauwaert en Bilal Abbaseen actie aan de stadshal in Gent om de miserabele situatie van dakloze gezinnen aan te klagen. Ze werden zelf geconfronteerd met gezinnen die uit huis gezet werden en in het park rondhingen.

De Antwerpse vereniging Betonnen Jeugd start zelf met een daklozenproject omdat ze meer en meer dakloze jongeren over de vloer krijgen. Samen met hen willen ze het probleem aanklagen, want de situatie is schrijnend. Dat dat anno 2017 nog kan, vind ik onbegrijpelijk. Het zijn kinderen en jongeren die onder de radar blijven en het nieuws niet halen, behalve als het te laat is. Mijn moederhart kan dat niet vatten, hoe wij daar als samenleving niet genoeg van wakker liggen om het grondig op te lossen.

Armoedebestijding kan alleen door structurele oplossingen en niet enkel door eenmalige projecten wanneer er een schrijnende situatie in de pers verschijnt.

Misschien omdat het enigszins onbekend is? Misschien omdat veel mensen zich bij een dakloze iemand voorstellen die vaak dronken is, op de dool is en liefst niet geholpen wilt worden? Dat beeld klopt niet. Veel dakloze mensen zijn zoals jij en ik, maar die door omstandigheden, zoals een moeilijke gezinssituatie of een agressieve ouder, in armoede opgroeien, in een instelling terechtkomen of door andere omstandigheden gewoon pech hebben en een paar maanden de huur niet kunnen ophoesten en zo het huis uitgezet worden.

In de praktijk zie je bovendien een wooncrisis. De goedkoopste huurwoningen zijn met 9% gestegen en betaalbare woningen zijn nauwelijks beschikbaar. Tegelijkertijd is er een tekort aan sociale woningen en de wachtlijsten voor een sociale woning is in sommige gemeenten in Vlaanderen zelfs bijna even groot als de totale aantal sociale woningen die bewoond worden.

Om de oorzaken van thuisloosheid echt aan te pakken is er nood aan een doorgedreven beleid op vlak van armoedebestrijding, jeugdhulp en sociaal woonbeleid, waarbij een betere samenwerking op lokaal, Vlaams en federaal niveau noodzakelijk is. Dat kan alleen door structurele oplossingen en niet enkel door eenmalige projecten wanneer er een schrijnende situatie in de pers verschijnt.

Laat me dat concreet maken. Huurpremies voor kansarmen worden in verschillende gemeenten gekoppeld aan kwaliteitsvereisten en dat is goed. Want in een armzalige, vochtige woning leven, is ook schrijnend. Maar er moet vermeden worden dat mensen die vroeger bij huisjesmelkers iets huurden daardoor geen huurpremie meer ontvangen en tegelijk niet kunnen rekenen op een alternatieve woonplek. Je bestraft daarmee de huurder maar niet de huisjesmelker. We zouden gezamenlijk moeten eisen dat er geïnvesteerd wordt in kwalitatieve woonplekken en voldoende noodopvang op maat van gezinnen en jongeren.

Federale armoedebestrijding begint bij meer investeren in, en het uitbreiden van “Housing First”-projecten en met het optrekken van uitkeringen en leefloon tot boven de Europese armoedegrens.

Federale armoedebestrijding begint bij meer investeren in en het uitbreiden van “Housing First”-projecten en met het optrekken van uitkeringen en leefloon tot boven de Europese armoedegrens. Zuhal Demir, staatssecretaris voor Gelijke Kansen en Armoedebestrijding, heeft echter al laten weten dat dat er deze legislatuur niet komt!

De beslissing om binnenkort het optrekken van de huurwaarborg van twee naar drie maanden vermoeilijkt bovendien de situatie voor heel wat mensen en creëert een extra Matheus-effect.. Die beslissing zou ik direct terugdraaien. Daarnaast is er dringen nood voor meer praktijktesten en handhaving van de antidiscriminatiewetgeving. Onderzoek heeft al duidelijk aangetoond dat alleenstaande ouders voortdurend gediscrimineerd worden in hun zoektocht naar een huurwoning.

Kunnen we allemaal, in plaats van massaal deel te nemen aan de Warmste Week en Rode Neuzen-acties, misschien gezamenlijk actie ondernemen om van onze overheden structurele oplossingen te eisen? Zodat een degelijk sociaal beleid niet afhankelijk moet zijn van giften, maar van beleidskeuzes.

Ik heb de luxe dat ik een tweetal jaar geleden een woning heb kunnen kopen, op het moment dat ik zwanger was van mijn dochter. Het is iets dat voor velen vanzelfsprekend lijkt, maar dat is het voor vele mensen in onze samenleving niet. Ik vraag me ook af als ik of mijn partner ons job zouden verliezen of we dan ook niet op straat zouden belanden? Een dak boven je hoofd is een mensenrecht én een kinderrecht.

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur

  • Ikrame Kastit is een 31-jarige Borgehoutenaar, co-coördinator van Uit De Marge VZW (Netwerk voor jeugdwerk en jeugdbeleid met kinderen en jongeren in maatschappelijk kwetsbare situaties) & CMGJ