Het is niet moeilijk om van een boom te houden

Stel je voor, dat je rekening zou moeten houden met de grillen van de natuur, zegt MO*columnist Jan Mertens. Stel je voor, dat je zou moeten nadenken over de waarde van een boom. Stel je voor, dat de bestemming van een boom niet is om gekapt te worden.

  • © Brecht Goris © Brecht Goris

Jan Mertens

MO*columnisten
Beleidsmedewerker Federale Raad voor Duurzame Ontwikkeling
31 mei 2017

Het is algemeen geweten: ik ben niet zo heel erg slim. Mijn vermogen om sommige waarheden te begrijpen, is beperkt. Andere mensen, die ongetwijfeld dus veel slimmer zijn dan ik ben, hebben wel toegang tot het domein van de universele waarheid. Het is overigens een domein waar ik zelfs niet zou willen vertoeven. Geef mij maar mensen die de twijfel koesteren, en liever de weg naar de waarheid zoeken dan de waarheid zelf. Maar dat is stof voor een ander verhaal.

Meestal heb ik er niet zoveel last van dat ik niet zo slim ben. Alleen wel dus als ik dingen lees die ik met de beste wil van de wereld niet kan vatten. Zo zit ik nu al dagenlang te piekeren over de diepere betekenis van die ene tweet naar aanleiding van het intrekken van de ondertussen beruchte boskaart. ‘Goed zo! Deze boskaart gaf voorrang aan grillen van moeder natuur in plaats van aan ambitieus ondernemerschap.’

Het komt er dus blijkbaar op aan om snel voldongen feiten te creëren,…

Voor zover ik het begrepen had, had de boskaart als doel om bomen te beschermen. Bomen die daar zomaar staan, blijkbaar. ‘Het kan niet dat zonevreemde bossen voorrang krijgen op onze economische welvaart.’ Dat staat er in het bijhorende persbericht. En in een ander persbericht van dezelfde ondernemersorganisatie staat iets wat misschien als een soort strategische aansporing te interpreteren is: ‘Met het afvoeren van de huidige boskaart hebben de getroffen eigenaars wel wat ademruimte gekregen. Velen van hen zullen aangespoord zijn om hun eventuele bouwplannen versneld in te dienen en zo de nieuwe kaart van zonevreemde waardevolle bossen voor te zijn (…).’ Het komt er dus op aan om snel voldongen feiten te creëren, blijkbaar…

Ik doe zoals gezegd mijn best om te begrijpen wat er staat. Om te beginnen die verwijzing naar de “grillen van de natuur”. Wat wordt daarmee bedoeld? Redelijkerwijze mogen we ervan uitgaan dat het feit dat bossen “zonevreemd” zijn niet iets is dat de natuur bedacht heeft. Die trekt zich er gelukkig niet al te veel van aan of een boom een rechtmatige inwoner is of een illegale vluchteling.

Of zou men toch bedoelen dat een boom een ding is dat basically in de weg staat?

Ik veronderstel dat het bij de natuur om het boomzijn van de boom gaat. Bedoelt men dan dat de boom zelf een gril van de natuur is? Dat zou dan weer impliceren dat een “normale” natuur niet iets zou doen als zomaar ergens lukraak een boom loslaten in de menigte. Of gaat het om het feit dat enkele bomen daar maar zo een beetje onnozel staan te staan, ondanks het bomensamenscholingsverbod? Of zou men toch bedoelen dat een boom een ding is dat basically in de weg staat? (Een gevoel dat je ook wel eens hebt als je je als voetganger door Brussel beweegt, om maar even iets in de groep te werpen.)

Het interessante aan dat woord grillen, is dat net een tekort aan bomen zal zorgen voor grillen van de natuur. De op hol slaande klimaatverandering kunnen we misschien nog een tijdje als een gril beschouwen. Daarna wordt die toestand misschien wel het nieuwe normaal.

De huidige versnellende klimaatverandering is veroorzaakt door de mens. Misschien hebben we ons wel te zeer ‘bevrijd’ van de natuur, waardoor we nu onze vrijheid dreigen te verliezen. De meest kwetsbare mensen overal ter wereld zullen het hardst getroffen worden als we de klimaatcatastrofe niet kunnen afwenden. En hoe kun je mensen beschermen tegen de (geproduceerde) grillen van de natuur? Onder meer door meer bomen te planten.

Wie het kan betalen, koopt zich een airco, en versnelt daarmee nog eens de klimaatverandering.

Een van de beste manieren om iets te doen aan het effect van het “hitte-eiland” in onze steden is zorgen voor meer groen en meer water. Zo hebben we een natuurlijke airco en krijgen we letterlijk ook meer zuurstof in de stad. Als we dat niet doen, zal nog meer dan nu koelte geprivatiseerd worden. Wie het kan betalen, koopt zich een airco, en versnelt daarmee nog eens de klimaatverandering. Eigenlijk is een boom met andere woorden meer een antwoord op de grillen van de natuur dan zelf een gril.

Maar bomen staan dus blijkbaar in de weg van “de” economie. Andermaal een merkwaardige gedachte. Wat we de economie noemen, is in veel gevallen niets anders dan het omzetten van natuur tot een verhandelbaar of te gebruiken product. In tegenstelling tot wat De Donald graag zou willen geloven, is het de aarde die olie heeft gemaakt. De oliebedrijven hebben dat stukje natuur enkel verwerkt en verpakt.

De natuur onderneemt heel erg veel voor ons. Een gezonde bodem, niet op industriële wijze uitgeput, zorgt voor gezond voedsel en ook nog eens voor een buffer tegen de klimaatverandering. Bomen zorgen ook voor iets banaals als de grondstof die we nodig hebben om te kunnen ademen. Het is misschien een moeilijke gedachte voor sommigen, maar wij hebben de bomen meer nodig dan dat de bomen ons nodig hebben. Het zou natuurlijk kunnen dat de gave van dat soort nederigheid meer samenhangt met het koesteren van twijfel dan met universele waarheden, maar dat is zoals gezegd een ander verhaal.

Het is misschien een moeilijke gedachte voor sommigen, maar wij hebben de bomen meer nodig dan dat de bomen ons nodig hebben.

Wat verder fascinerend is, is die verwijzing naar “moeder natuur”. Is de ondernemersorganisatie diep vanbinnen overtuigd van een of ander kosmisch verband? Of is dit toch een vorm van cynisme of neerbuigendheid? Het is een merkwaardige woordkeuze. Door die in die ene zin met de blijkbaar niet ter discussie te stellen universele waarheid over “de” economie en “het” ondernemerschap te zetten, wijst die keuze ons indirect op een aantal vooronderstellingen van het westerse denken. Het idee van een absolute scheiding tussen de mens en “de” natuur, het daarmee samenhangende gevoel van een soort strijd die we zouden moeten voeren tegen de natuur, die dingen worden zo bijna stoemelings in hun blootje gezet.

Ik wil overigens natuurlijk ook dat ondernemers mooie dingen kunnen doen, een waardig inkomen kunnen verdienen en aan mensen ook waardig werk kunnen aanbieden. Ik zou het ook fijn vinden als ze dat kunnen doen mét de natuur, en niet tegen de natuur. Dat lijkt mij dan weer echt een ambitieus ondernemerschap.

De natuur is trouwens niet het “andere”. Wij zijn ook de natuur. Als mens delen we veel met de andere mensen wat we niet delen met dieren of planten, maar dat wil nog niet zeggen dat er soort absolute scheiding is. Het is waarschijnlijk correcter en ook nuttiger om te denken in een beeld van een groot web of ecosysteem als we aan dat bredere begrip natuur denken. De mens is geen afgescheiden wezen, geen individualistische homo economicus, maar wel iemand die maar zichzelf kan zijn door de vele relaties met anderen.

Wetenschappelijk heeft men ondertussen ook al voldoende aangetoond dat enkel al de aanwezigheid van bomen mensen in een stad gelukkiger kan maken.

En zo kun je ook anders denken over een boom. Spontaan doen of deden we dat al. Enkele dagen geleden zat ik ’s avonds in de tuin bij een vriendin, en we keken naar de prachtige boom die daar staat. Het is moeilijk om geen emotie te voelen bij gewoon al maar de aanwezigheid van zo’n boom. Het is geen toeval dat overal ter wereld mooie grote bomen op centrale plaatsen in een dorp of stad een heel bijzondere functie hebben. Ze zijn niet alleen mooi, ze zijn ook het kloppend hart van een vaak eeuwenoud web van verhalen. Mensen komen daar samen, vertellen elkaar hun verhalen, en verbinden die met een boom.

Wetenschappelijk heeft men ondertussen ook al voldoende aangetoond dat enkel al de aanwezigheid van bomen mensen in een stad gelukkiger kan maken. Het is geen fabeltje dat bomen kunnen helpen in het voorkomen van een depressie. Mensen hebben echt verdriet als een bijzondere boom verdwijnt.

Een boom is trouwens ook geen ding, en al helemaal geen losstaand ding. Dat bleek onder meer uit het boek van Peter Wohlleben, Het verborgen leven van bomen. Bomen zijn verbonden met elkaar, communiceren met elkaar, helpen elkaar en kunnen niet zonder elkaar.

Het beeld van bomen als dingen die in de weg staan, getuigt van een intrieste visie en zegt misschien vooral iets over de punten waar onze westerse kijk op de wereld vastloopt. Het is dus niet zo dat de functie van een boom is om gekapt te worden. Functie is iets wat wij toekennen. De bestemming van een boom is om een boom te zijn. Een boom leeft en een boom kan sterven. Net als wij allemaal. Het is dan ook niet zo moeilijk om van een boom te houden. Zo houden we ook een beetje van onszelf.

LEES OOK

Patrick Kuhl (CC BY 2.0)
Iedereen heeft recht op gezond voedsel, en dat is het best te realiseren als we de keten tussen productie en consumptie zo kort mogelijk maken.
Theo Crazzolara (CC BY 2.0)
Een maritieme beschermingszone moet zeldzame zeevogels beschermen als de Europese wetgeving ter bescherming van deze dieren komt te vervallen na de Brexit.
Carl Wycoff (CC BY 2.0)
Toen chemiebedrijf Bayer eind vorig jaar bekendmaakte zadengigant Monsanto te willen overnemen barstte een wereldwijde storm van kritiek los.
Nicoverbaan (CC0)
Wereldwijd zijn meer dan 1.400 dammen gepland of in aanbouw. Veel van die projecten komen op rivieren die door meerdere landen stromen.

Meest recent van Jan Mertens

© Brecht Goris
Zoveel verdriet
De herfst legt zich langzaam neer. Het mooie seizoen, met de verdwijnende kleuren, de zoekende wind en de soms felle zon. Hopelijk blijven ze, de seizoenen.
© Brecht Goris
Dingen die blijven
Gaan we alles recycleren, tot we een perfecte kringloop hebben, maar nog wel steeds evenveel plastic flesjes, vraagt MO*columnist Jan Mertens zich af.
© Brecht Goris
Ik haat mannen
Het is niet zo eenvoudig om haatmannen niet te haten. Misschien is dat besef al een goed begin.
© Brecht Goris
Pleidooi voor de imperfectie
Het is een hele geruststelling, te weten dat we in wezen imperfect en falend zijn. Het gestuntel en gestotter dat daarmee samenhangt, maakt ons mooi.