Het spook van Vauban

Zei je daar solidariteit? Bah, ga je mond uitspoelen

© Brecht Goris

Geert Van Istendael

De discussie over belastingen is opnieuw actueel. ‘Taxshifts, belastingaftrek, btw omlaag… Het buitelt over elkaar heen’, schrijft MO* columnist Geert Van Istendael. In de 17de en 18de eeuw worstelde de Franse edelman Vauban ook al met de materie. ‘Bijna nooit geven bevoorrechte mensen hun voorrechten op zonder zich gewelddadig te verzetten.’

Vorige donderdag, 16 juni, in Le Soir:

Tinne Van der Straeten prépare une taxe de crise sur les surprofits des producteurs.

De minister wil de energieproducenten bijkomend belasten en vraagt daar advies over bij de Nationale Bank. Weet de redactie van de Brusselse krant.

Lange krulletjespruik en borstkuras

Een paar Knacks geleden (nr. 23, 8-14 juni 2022, blz. 5) tekende Meynen, de vaste politieke karikaturist van het weekblad, onder het hoofdinkje stand-upcomedy een andere minister, Van Peteghem, financiën, die, staand op een podium, tegen een zaal vol partijvoorzitters plus De Croo zegt: We moeten onze ideologische tegenstellingen opzijzetten om een grote fiscale hervorming te realiseren! Antwoord van de zaal, over alle partijgrenzen heen: Hahahahahahaha! Hahahah! Hahaha!

Het ene voorstel om belastingen te verhogen/verlagen (schrappen wat niet past) is nog niet goed uit het ei gekropen of een ander voorstel om de belastingen te verlagen/verhogen (schrappen wat niet past) dondert er al overheen. Taxshifts (wat gewoon betekent dat de lasten verschuiven, maar niet richting rijken), vermogensbelastingen, belasting op buitensporige winsten (zie Van der Straeten), btw omlaag, btw weg, want btw onrechtvaardig, belastingaftrek van tweede verblijven schrappen/niet schrappen (schrappen wat niet past), het buitelt over elkaar heen.

Hoe bejaarder mijn oudste broer werd, hoe radicaler hij nadacht over een rechtvaardig, herverdelend en vooral eenvoudig, overzichtelijk belastingstelsel.

Ik zat al weken te broeden op een stuk, standpunten over belastingen sorterend, volgens links en rechts en niet zo erg rechts en niet zo erg links en onklasseerbaar (nogal veel), toen mijn jongste broer, die in een buitenland woont, me een prentbriefkaart stuurde. Dat doet hij wel vaker, ik vind het een heerlijke gewoonte, die jammer genoeg in onbruik is geraakt met al dat geklik op smart- en andere fonen.

De voorzijde van zijn kaart is ingedeeld in zes vakjes. Op vier ervan zie je een kasteel, telkens gefotografeerd vanuit een andere hoek, een kasteel zoals het lekker ouderwets hoort te zijn, spitse torens, binnenplein, imposante poort. Château de Bazoches staat erbij in rare, kromme letters.

In de andere twee vakjes zie je de bovenkant van een meneer met lange krulletjespruik en borstkuras en een jas zo uitbundig dat hij ermee naar een gayparade kan. Daar staat dan weer bij, Vauban 1633-1707. In dat tijdvak durfden de heren zich nog op te tuigen als een kruising tussen vechthaan en paradijsvogel. De dictatuur van grijs en zwart begon de Europese mannen pas te onderwerpen in de negentiende eeuw

Rechtvaardige en redelijke belastingen

Mijn jongste broer schrijft op de achterkant van zijn kaartje dat mijn oudste broer dit kasteel zeventien jaar geleden bezocht. Hij ontviel ons vorige herfst.

Mijn oudste broer was bij leven een hooggeleerde professor belastingrecht. Hoe bejaarder hij werd, hoe radicaler hij nadacht over een rechtvaardig, herverdelend en vooral eenvoudig, overzichtelijk belastingstelsel. Je denkt, daarover moeten we ooit nog een keer grondig redetwisten, broertje, per slot van rekening doorgrond jij als weinig anderen op deze aardbol de fiscaliteit van de Babyloniërs tot heden, we zullen eens iets afspreken op een gezellig terras in Brussel.

Het komt er niet van, beslommeringen zus, beslommeringen zo, en nu kán ik het hem niet meer vragen. Hoe zit dat in mekaar, rechtvaardige en redelijke belastingen in een beschaafd land? Ik kan zelfs niet meer van mening verschillen met hem, hij kan onmogelijk mijn al te rasse conclusies bezonnen weerleggen. Want bezonnen was hij, wat iets heel anders is dan gezapig. Doe dat dus nooit, lezer, een goed gesprek met een oude knar uitstellen, vooral niet als je zelf al een oude knar bent.

Tussen haken, mijn betreurde broer was géén linkse strijder. Hij zou smakelijk hebben gelachen mocht iemand hem zo hebben genoemd. Hij wilde gewoon billijkheid. Maar billijkheid blijkt allesbehalve gewoon te zijn.

1695, onthutsend hedendaags

Wat heeft dat allemaal te maken met Vauban? Dat was toch die militaire architect, een der grootste, zo niet de grootste aller tijden. Twaalf van zijn vestingwerken horen bij het wereldpatrimonium van Unesco. Ga kijken in Mont-Dauphin of Besançon of, wat dichterbij, in Longwy. Of neem eens de trein naar ons eigen Menen.

Vauban werkte voor een der vreselijkste oorlogsmisdadigers aller tijden, Lodewijk XIV (1638-1715). Die boef heeft Brussel in brand laten schieten en hij terroriseerde de Franse protestanten zo onbarmhartig dat ze op de vlucht sloegen naar Duitsland, Nederland of Zuid-Afrika. Bovendien brandschatte hij zijn koninkrijk om zijn buitensporig luxueuze hofhouding en zijn titanische bouwwoede te financieren. Bezoek het kasteel van Versailles, ikzelf vind het foeilelijk, maar smaken verschillen.

Uitgerekend die trouwe dienaar van bepruikte mestvaalt Louis Quatorze raakt gaandeweg verscheurd tussen de vanzelfsprekende gehoorzaamheid aan de Zonnekoning en de mensonterende toestanden die hij met eigen ogen waarnam in zijn hele land, dat hij bereisde om vestingen te bouwen. In 1693-1694 maait een hongersnood meer dan één miljoen Fransen weg, vijf procent van de bevolking.

In 1695, Vauban is dan al meer dan zestig jaar, voor die tijd stokoud, schrijft hij een traktaat over belastingen. Dat wist mijn geleerde broer natuurlijk. Vauban wil een nieuwe belasting die alle oude belastingen vervangt, een belasting in verhouding tot het inkomen voor iedereen, ook het inkomen van de edelman. Dat laatste is wereldschokkend, want edellieden betaalden geen belastingen, komaan zeg.

En ja, er komt zowaar een nieuwe belasting, maar nog eens bovenop de al bestaande lasten en, voorspelbaar detail, de bevoorrechte klassen kunnen er zich zonder veel moeite aan onttrekken. Dat laatste klinkt onthutsend hedendaags. Alleen zagen de technieken er driehonderd jaar geleden een beetje anders uit. Dus geen Maagdeneilanden of Kaaimaneilanden of Nederland, maar discrete manoeuvretjes binnen de hiërarchie der bepoederde bepruikten.

Zoek de zeven verschillen

Vaubans geweten blijft knagen. Tijdens zijn talrijke reizen van Duinkerke tot Blaye, van Villefranche tot Atrecht heeft hij gezien hoe ellendig bijna alle Franse onderdanen hun karige bestaan moeten voortslepen. Hij documenteert zich grondig over iedere streek waar hij op doortocht is. Hij raakt doordrongen van de notie die hij noemt bien public, misschien kun je dat vertalen als algemeen belang.

Begin 1707, misschien al eind 1706, vlak voor zijn dood, laat Vauban een nieuw boek over belastingen drukken. Dat is streng verboden, want hij heeft geen koninklijke toestemming. Toch slaagt Vauban erin het bedrukte papier door de poorten van Parijs heen te smokkelen, waar de weduwe van een meester-boekbinder de bundeltjes inbindt.

Het werkje heet La Dîme Royale, wat je zou moeten vertalen als De Koninklijke Tiend. Dat rare woord betekent volgens van Dale: evenredig, meestal tiende gedeelte van de voortbrengselen.

Ondanks Vaubans hoge rang en stand bleven zijn mogelijkheden beperkt.

Vauban stelt voor om alle oude, onrechtvaardige belastingen af te schaffen en te vervangen door één enkel stelsel, dat proportioneel is in verhouding tot het inkomen. Ook de adel en de clerus zouden voortaan belastingen moeten betalen.

Arme luizen zouden minder of helemaal niets hoeven te betalen. Al te vaak had hij gezien dat belastingen ambachtslieden en boeren verpulverden, terwijl de adel en de clerus niets betaalden en schaamteloos hun voorrechten uitoefenden. Vervang adel en clerus door multinationale bedrijven en aandeelhouders. Zoek dan de zeven verschillen met de tijd van Lodewijk XIV.

Beknot en verarmd volk

Vaubans boek mag dan wel verboden zijn, kennissen geven het door aan elkaar. Hij weigert ook maar één enkel exemplaar te verkopen. Tientallen uitgaven van zijn boek zullen verschijnen in heel Europa. De ideeën van Vauban zullen de discussies over belastingen de hele rest van de achttiende eeuw beheersen. Geen wonder dat mijn oudste broer als rechtgeaard fiscalist het kasteel van de menslievende maarschalk absoluut wilde bezoeken.

Veel jaren later, in 1836 en 1856, zal een der grootste politieke denkers aller tijden, Alexis de Tocqueville, vlijmscherpe analyses afleveren over de diepere oorzaken van de Franse Revolutie. In een werkje van niet eens veertig bladzijden, Etat social et politique de la France avant et depuis 1789, schrijft hij over de Franse adel in de achttiende eeuw.

Ils gênaient et appauvrissaient le peuple, ze beknotten en verarmden het volk, en verder lees ik: … quand je verrai des institutions démocratiques s’établir chez un peuple où régnera une grande inégalité dans les conditions, je considérerai ces institutions comme un accident passager, als ik democratische instellingen zal zien ontstaan bij een volk waar grote ongelijkheid heerst in de levensomstandigheden, dan zal ik die instellingen beschouwen als een voorbijgaande toevalligheid (eigen vertaling).

Onze menslievende maarschalk, voluit Sébastien le Prestre de Vauban, botste frontaal met zijn hele vorige leven. Hij, dienaar des konings bij de gratie Gods, kasteelheer, edelman, zag helder in dat het belastingsysteem dat zijn eigen klasse schandelijk bevoordeelde zijn hele geliefde vaderland naar de verdommenis aan het helpen was.

Het ontbreekt in alle uithoeken van onze maatschappij aan geld. Dat kan de toplaag niet verdommen.

En hij greep in. Ondanks zijn hoge rang en stand bleven zijn mogelijkheden beperkt. Hij riskeerde de kerker of erger. Toch schreef hij zijn voor de elite volslagen onaanvaardbare voorstellen op en hij zorgde ervoor dat zijn geschriften verspreid raakten.

Bijna nooit geven bevoorrechte mensen hun voorrechten op zonder zich gewelddadig te verzetten. Wie de voorrechten van de eigen heersende klasse aan de kaak stelt, zo heb je er iedere eeuw hooguit een half dozijn, ruim gerekend. Vauban deed meer. Hij schreef, op maat van zijn tijd, de remedie voor: schaf de belastingprivileges af.

Geen rooie cent

De aanslagvoeten die Vauban voorstelde waren uiterst bescheiden. De rol van de overheid toentertijd bleef beperkt tot bijna niets, misschien een honderdste van nu, nee, stukken minder. Maar de parallellen met nu vind ik angstaanjagend.

Precies zoals in de zeventiende en achttiende eeuw zwemt de toplaag in het geld en verrekt ze het haar noodzakelijke bijdrage te leveren tot de haar omringende maatschappij. Vroeger zoog ze onbarmhartig en onbeschaamd 99% van de mensen uit, zie het eerste citaat van Tocqueville.

Precies zoals in de zeventiende en achttiende eeuw verrekt de toplaag het haar noodzakelijke bijdrage te leveren

Vandaag profiteert ze van alles wat de staat dankzij belastingen doet voor de burgers: wegen, sociale zekerheid, politiebescherming, goedkoop onderwijs en ga zo maar door. Ondanks dat probeert de bevoorrechte toplaag niet te betalen. Als het even kan geen rooie cent.

Intussen ontbreekt het in alle uithoeken van onze maatschappij aan geld. School. Ziekenhuis. Rusthuis. Kinderopvang. Gevangenis. Sociale zekerheid. Leger. Het kan de toplaag niet verdommen. Oppert iemand een schuchter voorstelletje om ook de rijksten mee te laten betalen aan alles wat de overheid biedt, en dat is héél veel, dan stappen ze naar de befaamdste advocatenkantoren ter wereld om hun onverdedigbare voorrechten tóch te laten verdedigen. Zei je daar solidariteit? Bah, ga je mond uitspoelen.

Dat stuitte mijn oudste broer tegen de borst. Meer nog, hij vond dat gevaarlijk en op niet al te lange termijn onhoudbaar. Daarom ging hij op bezoek bij het spook van Vauban. Uit dankbaarheid voor diens vroege, redelijke, gematigde belastingvoorstellen, hoewel hij beter dan wie ook wist dat La Dîme er nooit gekomen is. Op een hedendaagse Dîme wachten we nog steeds.

Maak MO* mee mogelijk.

Word proMO* net als 3196   andere lezers en maak MO* mee mogelijk. Zo blijven al onze verhalen gratis online beschikbaar voor iédereen.

Ik word proMO*    Ik doe liever een gift

Over de auteur

  • Schrijver & voormalig journalist

    Geert van Istendael (°Ukkel, 1947) studeerde sociologie en wijsbegeerte. Hij werkte bij het Nationaal Fonds voor Wetenschappelijk Onderzoek, over ruimtelijke ordening.