Niet de misdaden van lang geleden houden de doorsnee Congolees bezig maar die van vandaag

Krijgt onze koning weldra het echte Congo te zien?

© Brecht Goris

Walter Zinzen

Het nakende bezoek van een Belgische delegatie aan Congo, waaronder het Belgisch koningspaar, aan Congo toont dat de relatie tussen Kinshasa en Brussel zich in mooi weer bevindt, stelt MO*columnist Walter Zinzen. ‘Is het echt zo’n goed idee om met de huidige Congolese regering zoete broodjes te bakken? Zijn zij het die de beproefde bevolking, die in grote armoede en doffe ellende leeft, vertegenwoordigen?’

Update 1 maart 2022:

Een dag na publicatie van deze column raakte bekend dat het bezoek van het Belgische koningspaar aan de DRC is uitgesteld.

De verstandhouding tussen België en zijn gewezen kolonie is in tijden niet zo goed geweest. De hoofdstad Kinshasa maakt zich klaar om een grote Belgische delegatie groots te ontvangen: koning Filip en koningin Mathilde, premier De Croo en twee ministers, die van Buitenlandse Zaken en die van Ontwikkelingssamenwerking plus een ongekend aantal deskundigen, specialisten en Congokenners.

Waaraan minder aandacht wordt besteed: België stuurt weer militairen naar Congo, een honderdtal als ik het goed begrepen heb. Ze gaan helpen bij de opleiding van Congolese collega’s.

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws

Daarmee wordt een einde gemaakt aan het beleid van het Vlaamsnationalistisch genie, dat Defensie beheerde binnen het kabinet-Michel. Die meneer, luisterend naar de naam Steven Vandeput, tegenwoordig burgemeester van Hasselt, had geen belangstelling voor Congo. Een Belgisch-Congolese militaire samenwerking? Daar wou hij vanaf.

Dat die “samenwerking” weer wordt opgestart is een bewijs te meer dat de barometer op “mooi weer” staat voor de relaties tussen Kinshasa en Brussel. De vraag is: moeten we daar blij om zijn?

De in België wonende Congolezen, de diaspora, vinden alvast van wel. Amper was het nieuws over het koninklijk bezoek bekend of daar weerklonk al de vraag aan de koning om in Kinshasa zijn befaamde brief aan de Congolese president luidop voor te lezen. Die brief is ondertussen al anderhalf jaar oud. De koning betuigde daarin zijn ‘diepste spijt’ voor de gruweldaden uit ons koloniaal verleden.

Restitutie

Spijt is er in de Wetstraat ook voor de kunstschatten die Belgen uit Congo roofden. De Congolese premier kreeg in het AfricaMuseum in Tervuren een lijst met alle uit Congo afkomstige objecten. Belgen en Congolezen gaan samen onderzoeken welke voorwerpen onrechtmatig verkregen zijn. Staatssecretaris Dermine (PS) wil de geschiedenis in gaan als de man die de “restitutie” verwezenlijkte. Mooi toch, die verwerking van ons besmet verleden? Zeker.

Toch wil ik hopen dat het korte bezoek van Hunne Majesteiten niet overschaduwd wordt door dit soort kwesties. Niet dat ze onbelangrijk zijn, allerminst, maar de doorsnee Congolees heeft er geen boodschap aan.

Niet de misdaden van lang geleden houden de doorsnee Congolees bezig maar die van vandaag. En die zijn gruwelijk en talrijk.

Niet de misdaden van lang geleden houden hem bezig maar die van vandaag. En die zijn gruwelijk en talrijk. In het oosten van het land wordt nu al 30 jaar lang op grote schaal gemoord, verkracht en geplunderd.

De grondstoffen, hoe langer hoe meer gegeerd voor de bouw van batterijen voor elektrische voertuigen en voor de fabricatie van elektronische toestellen zoals computers en mobiele telefoons, worden schaamteloos geroofd door buitenlandse ondernemingen en lokale milities in hun dienst, geholpen door gewetenloze Congolese baronnen die vaak actief zijn in de Congolese politiek.

De verantwoordelijken zijn bekend, hun namen staan in een lijvig document van de VN, maar ze mogen niet bekend worden gemaakt. Gevolg: geen enkele misdaad wordt bestraft.

De kat bij de melk

Felix-Antoine Tshisekedi, in de wandeling Fatshi genoemd, is nu drie jaar president. Het enige wat hij ondernam om het geweld te beteugelen is twee provincies onder militair bevel plaatsen. Hij gaat daarmee volledig voorbij aan het feit dat heel wat bevelvoerende officieren ooit zelf aan het hoofd van een moordende militie hebben gestaan.

Hij heeft letterlijk de kat bij de melk gezet. Of wacht, hij heeft nog iets gedaan. In de provincie Ituri, die aan Oeganda grenst, riep hij het Oegandese leger te hulp. Het Oegandese leger, dat begin deze eeuw een deel van Oost-Congo bezette en de bevolking terroriseerde!

Bovendien liet hij ook Rwanda, nog een buurland, de vrije hand om plunderende milities in te zetten en op die manier Congolese grondstoffen frauduleus te verkopen op de internationale markt.

In die context moeten we de inzet zien van Belgische militairen. Ze worden in Oost-Congo gelegerd. Ze gaan er geconfronteerd worden met manschappen die in de kampen wonen met hun gezin, slecht of helemaal niet betaald en geleid door officieren, die vaak samenspannen met de plunderende en moordende milities. Hoe zullen de Belgen daarmee om gaan?

Al die wantoestanden zal de koning niet te zien krijgen, zelfs niet als hij eventjes naar het oosten vliegt.

In het verleden boekten Belgische militairen mooie resultaten: de door hen opgeleide eenheden gedroegen zich fatsoenlijk en werden door de bevolking zeer gewaardeerd. We moeten er aan toevoegen dat die eenheden wél betaald werden en niet hoefden te stelen om te overleven. Hoe het er nu mee gesteld is, weet ik niet.

Al die wantoestanden zal de koning niet te zien krijgen, zelfs niet als hij eventjes naar het oosten vliegt. In Kinshasa zal hij wel samenzitten met de man die de hoogste verantwoordelijkheid draagt. Een man die op illegale wijze staatshoofd is geworden en er alles aan doet om dat te blijven.

Net zoals zijn voorgangers omringt hij zich door getrouwen en ontdoet hij zich van tegenstanders. Aan het hoofd van de “onafhankelijke” kiescommissie staat een vertrouweling. Die moet ervoor zorgen dat hij de verkiezingen van volgend jaar – als ze doorgaan – “wint”.

Zijn adviseur voor Veiligheidszaken daarentegen, Beya Kasonga, een specialist die ook Mobutu en Kabila junior diende, liet hij arresteren. Daarvoor zette hij de ANR (Agence Nationale de Renseignements) in, de Congolese versie van Gestapo en KGB in één. Ook plaatste hij bondgenoten aan het hoofd van die ANR.

De ANR werd destijds opgericht door Kabila Senior en heeft een reputatie te verliezen als het om schendingen van mensenrechten gaat. Deze staatspolitie heeft geen enkel recht om wie dan ook te arresteren, maar doet weinig anders. Ze beschikt over geheime cellen, waar mensen opgesloten, gemarteld en soms zelfs vermoord worden. Waarvan Beya precies beschuldigd wordt weet niemand. Hoe hij behandeld wordt evenmin.

Andere president, zelfde regime

De naam van het staatshoofd is veranderd, maar er zijn geen tekenen dat ook het regime veranderd is.

Vermoedelijk gaat het om een afrekening. Dat zeg ik niet, maar wel een ervaringsdeskundige: Marie-Thérèse Nlandu, mensenrechtenactiviste en ooit erkend als politiek gevangene door Amnesty International. Ze zat twee jaar vast onder het regime van Tshisekedi’s voorganger Kabila. Ze werd vrij gesproken dankzij tussenkomsten van onder meer het Europese en het Britse parlement.

In een open brief aan president Tshisekedi vraagt ze Beya vrij te laten als er geen concrete beschuldigingen zijn. Zijn die er wel dan moet de president ervoor zorgen dat hij een eerlijk en onpartijdig proces krijgt.

Mevrouw Nlandu vreest voor zijn leven omdat ze aan haar eigen behandeling terug denkt. Ze werd tijdens haar gevangenschap meer dan eens met de dood bedreigd. Ze deelde een cel met twee meisjes van respectievelijk tien en elf jaar. Het meisje van elf werd herhaaldelijk verkracht door een generaal. Ze verloor bloed uit haar vagina als gevolg van het geweld waarmee de verkrachtingen gepaard gingen, zo vertelde Nlandu in een toespraak aan het Britse parlement in 2007.

Goed, dat was toen. De naam van het staatshoofd is sedertdien veranderd, maar er zijn geen tekenen dat ook het regime veranderd is, wel integendeel.

Is het echt zo’n goed idee om met de huidige Congolese regering zoete broodjes te bakken? Zijn verontschuldigingen voor de koloniale misdaden van onze voorouders tegenover dit soort lieden echt op hun plaats? Is het aan hen dat we de geroofde kunstvoorwerpen moeten terug geven?

Werkelijk? Zijn zij het die de beproefde Congolese bevolking, die in grote armoede en doffe ellende leeft, vertegenwoordigen? Durft iemand dat te beweren?

 

Maak MO* mee mogelijk.

Word proMO* net als 3196   andere lezers en maak MO* mee mogelijk. Zo blijven al onze verhalen gratis online beschikbaar voor iédereen.

Ik word proMO*    Ik doe liever een gift

Over de auteur