Lang leve de afwijking

Het is altijd uitkijken met discussies waarin de betrokkenen nooit rechtstreeks met elkaar in gesprek gaan, maar reageren op een samenvatting van standpunten die hen door een journalist aan de andere kant van de lijn wordt voorgehouden. Voor je het weet, lees je weerleggingen van uitspraken die je nooit hebt gedaan.

  • © Brecht Goris © Brecht Goris

Laatst werd me gevraagd of ik het eens was met de stelling van een gynaecoloog die waarschuwde voor infobesitas. Ik deed er bijna een uur over om aan te geven waarom ik geen simpel antwoord kon geven op de vraag of hij gelijk had. Ik vroeg me nadien af hoe de arme journalist er zou in slagen de stortvloed aan argumenten op een begrijpelijke manier samen te vatten.

Toen het stuk verscheen, bleek dat een verslavingsdeskundige het niet met me eens was. Ik slaakte een zucht van opluchting. Het tegendeel zou me pas echt verontrust hebben, zeker toen ik las dat de brave borst verwees naar de DSMV, de bijbel van de psychiatrie en een goede indicator voor de realisaties waartoe de farmaceutische industrie in staat is.

Ik meende me te herinneren dat ik bevestigde dat de hoeveelheid informatie die op ons afkomt exponentieel toeneemt, maar dat ik weigerde mee te gaan in het discours waarin deze toename per definitie als een probleem wordt gezien en erop wees dat het wetenschappelijk onderzoek naar de effecten van de kolkende informatiestroom nog te fragmentarisch is en nog te vaak gebaseerd op theoretische modellen die aan actualisering toe zijn. Deugdelijk wetenschappelijk denken is een proces dat zich niet laat opjagen.

Omdat ik me beken tot de categorie van sociologen die meent dat ze volop deel uitmaken van hun studieobject en daarom verplicht zijn zichzelf kenbaar te maken, had ik het ook gehad over het verband dat ik meen te bespeuren tussen dat discours en de collectief gekoesterde neoliberale illusies, waartoe ik ook de DSMV reken.

De perfecte mens

De illusie heeft te maken met de opvatting dat elk aspect op een zinvolle manier gekwantificeerd kan worden.

Eén van die hardnekkige illusies heeft te maken met het halsstarrig geloof in de perfecte mens. Die heeft kenmerken die in cijfers kunnen uitgedrukt worden en is perfect als de cijfers overeenkomen met de norm. De illusie heeft niet zozeer met de cijfers te maken. Er zijn onmiskenbaar aspecten van het mens-zijn die in een cijfer kunnen uitgedrukt worden. Sommige aspecten hebben zelfs een dwingend karakter. Lichaamstemperatuur, bijvoorbeeld. Om in leven te blijven moet die temperatuur tussen welomschreven onder- en bovenwaarden schommelen. De illusie heeft te maken met de opvatting dat elk aspect op een zinvolle manier gekwantificeerd kan worden, dat er voor elk aspect een ideaal cijfer bestaat en dat we daar te allen tijde moeten naar streven.

Waarom dat streven nodig is, blijft onbelicht. Wie het recht toekomt te bepalen wat het ideale cijfer is, ook. De illusie verbergt het politieke karakter dat in de praktijk besloten ligt. Ze ontkent de disciplinering die ze uitoefent. Ze ontkent dat mensen gerust mogen beslissen om een norm te negeren als het streven naar die norm te vaak voor een gevoel van onbehagen zorgt en als hun beslissing niemand anders schade berokkent.

Hoe dit standpunt was overgebracht aan de verslavingsdeskundige, weet ik niet. Of die vertrouwd is met Michel Foucault of met het constructionisme, weet ik evenmin. Ik vermoed van niet maar bied graag mijn excuses aan mocht ik me vergissen. Alleen kan ik me niet van de indruk ontdoen te maken te hebben met een adept van het neoliberale keurslijf van gekwantificeerde perfectie.

Ik vrees dat het vermoeden van de journalist juist is en dat in de nabije toekomst iemand met een cijfer komt aanzetten dat aangeeft hoeveel informatie we per tijdseenheid aankunnen. Ik kan me trouwens goed voorstellen dat bepaalde fracties van de samenleving zeer opgetogen zouden zijn met zo’n kwantificatie, zeker als die er zou in slagen ongewenste informatie voor te stellen als iets wat slecht is voor onze gezondheid.

In een tijd waarin gemiddelden domineren, juich ik nog meer dan tevoren de afwijking toe. Durf te leven!

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur

  • Socioloog, digitaal strateeg en auteur

    Ben Caudron (1965) is socioloog, gepassioneerd door mens en technologie. Sinds 1993 is hij actief betrokken bij de ontwikkeling van digitale media.