Neen, dat is geen racisme

Orlando Verde heeft deze maand geleerd dat vooral één mechanisme racisme in stand houdt: ‘En het komt telkens terug, onafhankelijk van de omstandigheden.’

  • © Brecht Goris ‘Ik stel vast dat er één mechanisme is dat het racisme versterkt en dat is het automatisme om racisme uit te sluiten als antwoord op een vraag. Er is altijd een andere uitleg beschikbaar.’ © Brecht Goris

Hoe teleurstellend het ook was dit ene mechanisme telkens opnieuw te zien verschijnen, hoe meer hoop ik kreeg dat dáár precies de sleutel ligt voor de bestrijding van de plaag die racisme vandaag is.

I

 

 

Een zwarte vrouw spreekt moedig een zaal aan. Ze probeert het luchtig te houden, maar haar relaas is schrijnend.

Haar mooie, brede glimlach maakt het zo mogelijk nóg pijnlijker om te horen. Ze heeft het allemaal meegemaakt en we luisteren, half gefrustreerd, half woest.

Een vrouw reageert net na het einde van haar vertelling: ‘dat andere kleuters niet met jou wilden spelen heeft misschien niks met racisme te maken, misschien heb je gewoon nare ouders’, zegt ze. En ze meent het.
 

II

 

 

Een psychologe spreekt een auditorium aan. Ze heeft het over de gevolgen van racisme bij kleine kinderen. Ze maakt gebruik van een video van een beroemd experiment over hoe kinderen reageren op blanke (Witte? Welk woord komt minder agressief over?) en zwarte poppen.

Vanzelfsprekend in de context van onze realiteit, associëren ze alles wat slecht is met de zwarte pop. Als zwarte kinderen plots tot het besef komen van hun fysieke gelijkenis met de zwarte pop, wordt hun gezicht een droevig gedicht.

Als de film gedaan is, reageert als eerste een dame: ‘maar is dat niet iets dat meer te maken heeft met de Amerikaanse maatschappij?’. Ze wordt gebombardeerd met getuigenissen van andere vrouwen in de zaal, maar ik weet niet of ze er nu anders over denkt.

III

 

 

Een gesluierde jongedame spreekt over het racisme van de dagelijkse, kleine dingen. De ontmoediging van leraren, de beledigingen in kranten, de systematische afkeuring van alles wat te maken heeft met de uiting van haar religie, hoe hard het ook lijkt op de manifestaties van andere religies.

‘Dat is niet echt racisme, dat is eerder onbeleefdheid.’

Ze spreekt ook over de bus die zo vaak niet stopt als ze de enige is aan de halte. ‘Ja, maar dat maak ik ook mee’, zegt een andere vrouw aan tafel, met de beste bedoelingen, blij omdat dat ze iets gevonden heeft. ‘Dat is niet echt racisme, dat is eerder onbeleefdheid’.

Even sympathiek repliceert de moslima dat dit mogelijk is, maar dat ze zich toch vragen begint te stellen omdat ze dit voor de vijftiende keer op korte tijd meemaakt.
 

IV

 

 

Onlangs was er een jongeman die een sarcastische grap deelde op twitter. En oh ironie, zijn tweet werd bewaarheid door de paniekerige reactie van een bank en het machtsvertoon van onze ordediensten. En hoewel iedereen voor één keer toegang had tot alle informatie en het voor iedereen duidelijk was dat het over een grap ging, werd hij gearresteerd en kreeg hij zijn smartphone pas dagen later terug. Zijn naam klonk Arabisch, hij droeg een baard.

Eindelijk sprak een “commentator” klare taal: ‘draai en keer dit “misverstand” zoals je wil, dit is een racistisch incident, we moeten dat ook zo durven benoemen’, schreef hij meer dan terecht.

Hij vergat wel te melden dat zijn krant - waarvoor hij al eens een verdediging tegen racismebeschuldigingen schreef - op basis van exact dezelfde ‘tweetberichten waarvan iedereen die er langer dan tien seconden over nadenkt ziet dat ze ironisch bedoeld zijn’, die avond ook sprak over de “aankondiging” van een “bloedbad” waar er geen was. Een balk in eigen oog, om het geheel bijbels samen te vatten.
 

V

 

 

Vorige week was er dan het verhaal van een meisje dat probeerde één maand lang gesluierd door het leven te gaan. Ze gaf het na tien dagen op. Veel van haar vrienden hebben haar de rug toegekeerd. Hoe duidelijk de boodschap ook is, is er altijd wel iemand die denkt dat die defriends (zo heet dat tegenwoordig) op facebook niks te maken hebben met een ongelijke behandeling van gesluierde moslima’s door onze verlichte samenleving, maar dat die vrienden zich gepasseerd voelden, dat ze echte vrienden dachten te zijn tot ze met zo’n verrassing kwam. En ja, dat kan. Dat moet plausibel klinken, moet ik afleiden uit de likes en de shares van het onderwerp.

Mechanisme

Ik stel vast dat er één mechanisme is dat het racisme versterkt en dat is het automatisme om racisme uit te sluiten als antwoord op een vraag. Er is altijd een andere uitleg beschikbaar: jouw Nederlands is niet goed genoeg; jouw Nederlands is goed genoeg, maar jouw accent is storend; jouw taal en accent zijn goed maar jouw attitude is problematisch; taal, accent en attitude zijn er, maar je netwerk is beperkt; hij moet vast iets gedaan hebben; we zijn géén racisten; jouw vrienden laten je vallen omdat je geen echte vriend was, niet omdat je een bekeerling bent. Allemaal gehoord.

‘Een populistische stelling wordt snel een geruststellende waarheid.’

En ja, het kan… Het kan zijn dat racisme (breed begrepen als het proces van veralgemenen over groepen mensen) relatief is: dat niet alles wat ervaren wordt als racisme, effectief racisme is. Dat er altijd een ander mogelijk antwoord is. Dat het keer op keer gewoon aan jou ligt. Het is geen toeval dat er precies dáár het accent wordt gelegd door de racismerelativeerders. Racisme is vooral een excuus voor het eigen falen. Dat er geen statistieken zijn die dat kunnen staven is onbelangrijk, een populistische stelling wordt snel een geruststellende waarheid.

Hoopgevend is ondertussen de wetenschap dat het mechanisme door ieder van ons volledig kan worden uitgeschakeld. Al wat we moeten doen, is alert blijven en onszelf in vraag stellen. En iedere keer dat we op zoek gaan naar een manier om te ontkennen dat het over racisme, vooroordelen of discriminatie gaat, op zijn minst twijfelen.

Twijfelen over de mogelijkheid dat onze kinderen racisme ongemerkt van ons leren; dat het beeld van zwarte en bruine kinderen al van jongs af aan geassocieerd wordt met alles wat slecht is, net zoals in Amerika; dat blanke instellingen door een beperkte bril naar de realiteit kijken en daarom onvermijdelijk racistische blunders begaan; dat een gesluierde moslima deze samenleving misschien heel haar leven lang ervaart op een manier die we ons amper kunnen inbeelden.

Twijfelen. In plaats van zo snel mogelijk in koor te herhalen ‘neen, dat is geen racisme’.

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur

  • Stafmedewerker KifKif

    Orlando Verde is stafmedewerker bij KifKif. Zijn teksten werden gepubliceerd in onder andere Kif Kif, Rekto:Verso en MO* en onlangs gebundeld in het e-book