Amira Hass: ‘Israël wil ten gronde geen vrede in het Midden-Oosten’

Interview

Zaterdaginterview

Amira Hass: ‘Israël wil ten gronde geen vrede in het Midden-Oosten’

Amira Hass: ‘Israël wil ten gronde geen vrede in het Midden-Oosten’
Amira Hass: ‘Israël wil ten gronde geen vrede in het Midden-Oosten’

‘Iedereen die zich tegen de nederzettingen en tegen de bezetting uitspreekt, wordt beschouwd als een verrader van land en volk’, zegt de Israëlische journaliste Amira Hass. In een gesprek met MO* heeft ze het over de apartheidspolitiek van de staat en over de krimpende ruimte voor vrije meningsuiting én voor echte oplossingen van het conflict.

Het conflict tussen Israël en de Palestijnen lijkt van de Europese radar verdwenen, nu er andere conflicten in het Midden-Oosten zijn die massale vluchtelingenstromen en regelrechte horrovideo’s produceren, en dus veel dringender onze aandacht vragen. Toch blijft ook in Israël en in de Palestijnse Gebieden de spanning verder toenemen, net als de uitzichtloosheid van het conflict.

Siv Dolmen Oslo (CC BY-NC 2.0)

Amira Hass: ‘Ik pas niet in de bestaande schema’s, maar maakt dat per se een buitenstaander van mij? Misschien ben ik gewoon op de eerste plaats een journalist.’

Siv Dolmen Oslo (CC BY-NC 2.0)

MO* sprak daarover met Amira Hass, die als Israëlische correspondente al 25 jaar verslag uitbrengt vanuit Palestijns gebied, eerst vanuit Gaza, nu vanuit Ramallah. Hass wordt internationaal beschouwd als een van de belangrijkste journalistieke stemmen uit de regio. Ze kreeg daarvoor onder andere  de World Press Freedom Hero prijs in 2000, de Prins Claus Prijs en de Bruno Kreisky-prijs voor de Verdienste van de Mensenrechten in 2002, de Anna-Lindh-Herdenkingsprijs in 2004, en de Lifetime Achievement Award van de Internationale Mediastichting voor Vrouwen in 2009.

Op die opsomming reageert Hass met een grote dosis zelfrelativering. ‘Misschien verdien ik intussen ook wel een vermelding op de website whoprofits.org’, lacht ze. ‘Die documenteren alle bedrijven en personen die voordeel halen uit de bezetting.’

Schrijven over de realiteit van de bezetting raakt u persoonlijk.

Amira Hass: De eerste keer dat Palestijnen mij voor de voeten gooiden dat ik –alle intenties en politieke keuzes ten spijt- net zo goed een kolonist was, deed dat pijn en maakte mij kwaad. Gaandeweg ging ik echter beseffen dat ze op een bepaalde manier wel gelijk hadden: mijn ouders waren niet in Israël geboren en maakten deel uit van de migratiebeweging die de Palestijnen van hun grond verdreven had, ook al waren zij ook nooit zionisten geweest.

‘Mijn ouders maakten deel uit van de migratiebeweging die de Palestijnen van hun grond verdreef’

Als je een historisch perspectief neemt, zijn de meeste joodse inwoners van Israël inderdaad kolonisten en bezetters. Maar zodra je die overstijgende analyse gaat personaliseren, ontstaan er toch problemen. Want waarom zou je dan niet vertellen dat mijn moeder Bergen Belsen overleefde en ze dus aan den lijve ondervonden had dat er voor haar en haar volk geen plaats was in Europa?

En waarom zouden we er dan ook niet bij vertellen dat de familie van mijn moeder in Joegoslavië en die van mijn vader in Roemenië terechtgekomen waren in Ottomaanse tijden, omdat ze door de katholieke koningen uit Spanje verdreven werden?

Ik bedoel: als ik als individu geconfronteerd word met de historische verantwoordelijkheid voor beslissingen die ik zelf niet genomen heb, dan wil ik daarnaast ook historische motivaties kunnen plaatsen die de familiale en dus persoonlijke trajecten verklaren.

Ik ben op objectief gezien “een kolonist”, maar ik ben even goed “een inboorling”, want ik ben in Israël geboren en getogen, opgegroeid in het Hebreeuws dat ik maar met vier miljoen mensen deel, en heb altijd gewerkt in de Israëlische media. Abstractie maken van dat soort subjectief thuishoren belemmert een oplossing voor het conflict.

In Israël en Palestina lijkt het onmogelijk om de persoonlijke en collectieve geschiedenissen uit elkaar te halen.

Amira Hass: Ik weet niet of je dat zelfs moet proberen. Je moet wel goed beseffen dat het twee verschillende aspecten zijn van eenzelfde realiteit. Ik kan bijvoorbeeld goed begrijpen dat sommige Palestijnen –en het zijn er de jongste tijd opnieuw meer- zeggen dat er alleen een oplossing voor het conflict mogelijk is als alle joden opnieuw uit het Midden-Oosten vertrekken. Israël heeft tenslotte zo vaak het vertrouwen geschaad waarmee de PLO in het zogenaamde vredesproces gestapt was, en er misbruik van gemaakt om steeds meer land te bezetten en de Palestijnse toekomst steeds onmogelijker te maken.

Maar als je zo een uitspraak letterlijk gaat toepassen op individuele mensen, dan blijkt hoe on-politiek en onhaalbaar ze is. Het is niet nuttig en het is niet constructief om ons alleen te zien als het resultaat van internationaal kolonialisme, terwijl de pogroms en de shoah uit het verhaal geschrapt worden. Het zionisme had zeer weinig aantrekkingskracht op Europese joden tot de ramp van nazi-Duitsland plaatsvond.

‘Om het noodzakelijke gesprek mogelijk te maken, moet er een einde komen aan het geweld, het onrecht en de discriminatie’

Het is bovendien letterlijk onmogelijk om de geschiedenis ongedaan te maken. Wie dat idee toch voorstaat, staat de strijd voor een rechtvaardige oplossing van het conflict in de weg. Want hij suggereert dat die oplossing eenzijdig kan zijn, dat er geen gesprek nodig is tussen de twee partijen. Ik besef anderzijds hoe bijna onmogelijk dat gesprek is zo lang de Israëlische staat doorgaat met de kolonisering van het Palestijnse grondgebied en zo lang diezelfde staat vasthoudt aan de apartheidspolitiek waarop haar macht gebouwd is. Om het noodzakelijke gesprek mogelijk te maken, moet er een einde komen aan het geweld, het onrecht en de discriminatie.

Noaz (CC BY-NC 2.0)

Noaz (CC BY-NC 2.0)

De New York Times schrijft op 30 januari dat de Israëlische overheid steeds minder ruimte laat voor dissidenten of kritische stemmen, en zelfs culturele iconen zoals Amos Oz, A.B. Yehoshua en David Grossman aanvalt.

Amira Hass: Er zijn niet veel onafhankelijke stemmen meer in Israël en in de journalistiek zijn ze geconcentreerd in het dagblad Ha’aretz. De rechterzijde voert steeds heftiger campagne tegen linkse stemmen en tegen ngo’s, zeker als ze steun krijgen van West-Europese overheden.

Men wil met alle middelen de veroveringen van 1967 beschermen, en dus wordt iedereen die zich tegen de kolonies en tegen de bezetting uitspreekt, beschouwd als een verrader van land en volk. Het is dus niet louter nationalisme dat speelt, het is de verdediging van militaire veroveringen. En die verdediging berust op racisitische argumenten.

‘Als iemand gelooft dat God hem een land gegeven heeft, dan houdt het gesprek op’

Maar ik geloof niet dat discriminatie ontstaat vanuit racisme, ik ben ervan overtuigd dat de behoefte om privileges en superioriteit te verdedigen aanleiding geeft tot ideologieën die je in staat stellen de andere te verdrukken en te verdrijven. En als dat gekoppeld wordt aan religieus obscurantisme, dan is het einde helemaal zoek. Als iemand gelooft dat God hem een land gegeven heeft, dan houdt het gesprek op.

Ondanks de toenemende druk geeft u niet op en blijft u –al een kwarteeuw lang- schrijven over het conflict zoals het beleefd wordt door mensen die in de rest van de media onzichtbaar blijven: de gewone Palestijnse families.

Amira Hass: Ik heb in de loop van de jaren veel bijgeleerd en ook sommige standpunten moeten bijstellen, maar ik blijf er onverkort van overtuigd dat de bezetting een misdaad is, dat de nederzettingen een misdaad zijn en dat Israël ten gronde geen vrede wil –daarvan ben ik jaar na jaar méér overtuigd geraakt. Het feit dat ik nu al twintig jaar onder Palestijnen woon –in Gaza en nu op de Westbank- zorgt er wel voor dat ik veel meer complexiteit en tegenstrijdigheden zie, aan beide kanten van het conflict. Ik kan ook veel beter kritiek hebben op de Palestijnen, omdat ik hun dagelijkse en politieke realiteit veel intiemer ken.

Het biedt ook de kans om zelf te voelen wat het betekent om onder bezetting te leven of onder de militaire aanvallen van het Israëlische leger. Al ervaar ik maar een fractie van het geweld en de uitzichtloosheid die Palestijnse families opgelegd worden: het is niet mijn huis, mijn grond, mijn gezin dat bedreigd wordt.

Door met een been in de Joodse en een ander in de Palestijnse wereld te staan, door de combinatie van leven met geërfde holocaustherinneringen maar ook een niet aflatend verzet tegen het zionistische kolonialisme, bent u een professionele buitenstaander geworden.

Amira Hass: Misschien wel, maar misschien ontstaat die perceptie omdat we intussen zo gewoon zijn te leven in homogene samenlevingen, dat we individuele stemmen meteen als vreemd ervaren. Je kan evengoed zeggen dat in Israël bijna iedereen een buitenstaander is, vanwege de migratie-achtergrond. En op een heel andere manier geldt dat ook voor de Palestijnen, waarvan de meesten vandaag niet wonen op de grond waarop hun grootouders woonden en werkten. Wie is in zo’n land uiteindelijk buitenstaander? Ik pas niet in de bestaande schema’s, maar maakt dat per se een buitenstaander van mij? Misschien ben ik gewoon op de eerste plaats een journalist.

Cyril (CC BY-SA 2.0)

‘Hoe kan je het zelfs maar hebben over een eenstaatoplossing als de twee volkeren elkaars bestaansrecht niet eens erkennen?’

Cyril (CC BY-SA 2.0)​

Een kritische journaliste die, ondanks de krimpende ruimte voor dissidentie en diversiteit, toch kan verder werken. Wat zegt dat over Israël?

‘Israël is, ondanks de toenemende aanvallen op de linkerzijde, nog steeds een democratie voor joden’

Amira Hass: Israël is, ondanks de toenemende aanvallen op de linkerzijde, nog steeds een democratie voor joden. Maar ik heb mijn stem niet te danken aan de staat Israël, wel aan de krant waarvoor ik werk. Op dit moment kunnen wij inderdaad nog steeds ons recht op vrije meningsuiting en vrije pers uitoefenen, maar er bestaat natuurlijk niet zoiets als de plicht om onze informatie te lezen. Mensen kunnen perfect beslissen dat ze niets willen weten over de realiteit van de bezetting en van de nederzettingen. Onze vrijheid en onze democratie bestaan formeel, maar zijn in ruime mate betekenisloos bij gebrek aan kennis.

De Europese regeringen blijven hameren op de tweestatenoplossing, terwijl er in Palestijnse kringen steeds duidelijker gesteld wordt dat die kans verkeken is en dat er anno 2016 alleen nog een eenstaatoplossing bestaat.

Amira Hass: In de praktijk hebben we vandaag zeven staatjes in plaats van één of twee, maar dat kan natuurlijk niet gelden als een oplossing voor het conflict. Bovendien vind ik dit niet de juiste vraag: ze verdeelt ons en ze creëert de volkomen valse illusie dat we meteen aan een oplossing kunnen beginnen werken, als we uit het staatsrechterlijke winkelrek maar het juiste doosje nemen. We leggen de focus van onze debatten en van onze acties beter op de fundamentele uitgangspunten, waarvan dit de drie belangrijkste zijn.

‘Er bestaan twee volkeren op het grondgebied dat betwist wordt en die hebben allebei bestaansrecht’

Eén: er bestaan twee volkeren op het grondgebied dat betwist wordt en die hebben allebei bestaansrecht. Twee: elk volk heeft ook het recht op zelfbeschikking. Drie: er moet fundamentele gelijkheid zijn tussen de volkeren en de mensen, anders hebben de twee voorgaande stellingen geen zin.

Dat klinkt behoorlijk vanzelfsprekend.

Amira Hass: Maar dat is het niet voor de betrokken partijen. Voor Israëli’s is de gelijkwaardige behandeling van Palestijnen allesbehalve evident, net zomin als hun recht op zelfbeschikking. Voor Palestijnen is het niet evident om de Israëlische joden als een volk te erkennen. Bij Palestijnen en in radicale pro-Palestijnse kringen hoor je tegenwoordig steeds vaker het argument dat de joden geen volk, maar enkel een religie zijn. Dat is een opzettelijk negeren van het feit dat er vandaag wél een Israëlisch, joods volk bestaat.

Net zo goed als er vandaag een Amerikaans volk bestaat in de Verenigde Staten, een volk dat vierhonderd jaar geleden ook niet bestond. Ik roep dan ook heel duidelijk op om de realiteit van Israël te aanvaarden –en dan bedoel ik uiteraard niet dat iemand zich moet neerleggen bij de racistische apartheidsstaat die Israël vandaag is.

In 1993 waren er in Palestijns gebied Israëlische enclaves, vandaag zijn er nog Palestijnse enclaves in gebied dat in toenemende mate door Israël gecontroleerd en geannexeerd wordt’

En daar sta je dan. Hoe kan je het zelfs maar hebben over een eenstaatoplossing als de twee volkeren elkaars bestaansrecht niet eens erkennen?

Het “vredesproces” dat in Oslo begonnen werd in 1993 resulteerde in de opdeling van Palestijns gebied in A, B en C-gebieden. Dat werd voorgesteld als een overgangsmaatregel op weg naar volledige autonomie en staatsvorming voor een Palestijnse staat, maar in de realiteit zorgde het voor onderlinge verdeeldheid én voor een groeiend aantal nederzettingen.

In 1993 waren er in Palestijns gebied Israëlische enclaves, dat is vandaag helemaal omgekeerd: er zijn nog Palestijnse enclaves in gebied dat in toenemende mate door Israël gecontroleerd en geannexeerd wordt. En het ergste is dat een meerderheid van de joodse Israëli’s blijkbaar tevreden zijn met die situatie. De abnormaliteit wordt genormaliseerd, en men verwacht dat iedereen erin berust.

Oxfam International (CC BY-NC-ND 2.0)

‘De meeste Palestijnen wonen vandaag niet op de grond waarop hun grootouders woonden en werkten’

Oxfam International (CC BY-NC-ND 2.0)​

Een van de laatste middelen om het verzet tegen de verdrukking geweldloos te organiseren, is de internationale BDS-campagne die oproept tot Boycot, Desinvestering en Sancties. Bent u voorstander daarvan?

Amira Hass:  Er wordt naar mijn gevoel te veel aandacht gegeven aan een paar zangers of muziekgroepen die in Israël komen optreden, en er wordt te weinig ingezet op de illegaliteit van de bezetting en de nederzettingen. Je slaagt er dan wel in om concerten van Roger Waters of Lauryn Hill in Israël af te gelasten, maar dat raakt de Israëlische publieke opinie niet.

Ik zou veel liever zien dat Israëlische burgers een stevige visumplicht opgelegd krijgen voor landen in de Europese Unie, als reactie op het feit dat de staat waarin ze leven zo veel internationale rechtsregels schendt. En heel veel burgers zijn daar op een of andere manier bij betrokken. Met zo een maatregel zou de EU meteen duidelijk maken dat ze niet langer bereid is de Israëlische misdaden door de vingers te zien. En het is echt nodig dat de internationale gemeenschap veel duidelijkere taal gaat spreken, als we de voortdurende verschuiving naar rechts willen stoppen.

Israël werd in Europa lang gezien als de moedige David die het opnam tegen de Goliath van de omringende, Arabische wereld.

Amira Hass: Het beeld van de kleine David was ook in de jaren vijftig, zestig en zeventig niet correct. Israël is nooit het idealistische, socialistische utopia geweest waar vele progressieve mensen in Europa het voor hielden. Maar het is ook niet het enige kwaad in de wereld.

Israeli Defence Forces (CC BY-NC 2.0)

Israeli Defence Forces (CC BY-NC 2.0)

Het zionisme ontstond en ontwikkelde zich in een periode waarin koloniale projecten in Europa gezien werden als heel legitiem. Het was ook de periode van de opbouw van de Europese natiestaten, die allemaal problemen hadden met het aanvaarden van minderheden. Dat leidde in de jaren twintig tot de overtuiging dat het verplaatsen van bevolkingen de oplossing zou vormen voor die ongewenste diversiteit binnen de natiestaten –kijk maar naar Turkije, Griekenland, de Armeniërs, er zijn voorbeelden in Rusland en Duitsland…

‘Het zionisme was een koloniaal project dat vorm kreeg op het moment dat het kolonialisme afgedaan had’

Het vroege zionisme was tegelijk een antwoord op het voortdurende antisemitisme in Europa.

Het probleem met het zionisme is dat het vanaf het begin een anachronisme was: het was een koloniaal project dat vorm kreeg op het moment dat het kolonialisme afgedaan had en de hele wereld gedekoloniseerd werd. Het kon alleen maar zo krachtig worden omdat de bronnen en de argumenten van de beweging zo onweerlegbaar waren: je kan Auschwitz niet ontkennen. Uiteraard vormde de genocide op zes miljoen joden de reden waarom de wereld in 1948 de creatie van Israël aanvaardde.

En op dat moment, met de koloniale blik op de wereld nog in volle kracht aanwezig in het Westen, is er niemand die zich afvraagt of dat wel eerlijk is tegenover de Palestijnen. Die hebben er lang en hard voor moeten vechten eer ze internationaal zichtbaar werden. Zelfs de idealistische, socialistisch geïnspireerde kibboets van de beginjaren waren uiteindelijk vooral een instrument om grond te bezetten en toe te eigenen –in die zin verschillen ze in strategische waarde weinig van de rechtse nederzettingen van vandaag. De kibboets waren nog een beetje legaal omdat de grond gekocht werd, terwijl de nederzettingen gewoon op gestolen grond gebouwd worden.