Ernstige fiscale fraude in stijgende lijn

In 2014 heeft de antiwitwascel 84 dossiers van ernstige fiscale fraude doorgemeld aan de parketten, goed voor een bedrag van 345 miljoen euro. In vergelijking met 2013 gaat het om een stijging met meer dan 50 procent, bevestigt Jean-Claude Delepière, voorzitter van de Cel voor Financiële Informatieverwerking (CFI).

Een van de belangrijkste dossiers van ernstige fiscale fraude staat beschreven in het  Activiteitenverslag 2014 van de Cel voor Financiële Informatieverwerking, dat in juni publiek wordt. Het gaat om een Russisch-Angolese zaak waarin België opduikt als transitland.

Centraal in het dossier staan twee Russen, die samen een Angolees bedrijf runnen. Dat is gespecialiseerd in luchttransport tussen Rusland en Angola en de levering van vliegtuigonderdelen, medicijnen en levensmiddelen.

De Russische bestuurders hebben geen enkele band met België – hun adressen vermelden Rusland, Panama en Angola. Toch heeft het Angolese bedrijf bankrekeningen in België. De reden daarvoor is niet duidelijk.

‘Het doorsluizen van gelden van het Angolese bedrijf naar privérekeningen doet vermoeden dat het gebruik van de rekening niet kadert in het normaal economisch verkeer.’

Vast staat wel dat Angolese overheidsbedrijven meer dan 120 miljoen euro hebben overgeschreven op die bankrekeningen in België. Het geld werd vervolgens gebruikt voor betalingen aan bedrijven in Dubai, de Britse Maagdeneilanden en Nieuw-Zeeland.

Opmerkelijk is dat er ook aanzienlijke sommen werden overgeschreven naar de privérekeningen van de zaakvoerders en familieleden, om vervolgens in eigen naam te investeren via beleggingen en de aankoop van onroerend goed.

‘Het doorsluizen van de gelden van het Angolese bedrijf naar privérekeningen doet vermoeden dat het gebruik van de rekening van de vennootschap niet kadert in het normaal economisch verkeer verbonden aan handelsactiviteiten, maar eerder tot doel heeft een scherm te plaatsen tussen oorsprong en bestemming’, noteert de antiwitwascel in zijn activiteitenverslag.

‘De tussenkomst van schermvennootschappen met maatschappelijke zetel in een offshorecentrum, het gebruik van doorsluisrekeningen en de internationale dimensie van de financiële verrichtingen waardoor hun economische en financiële rechtvaardiging moeilijk kan worden begrepen, zoals vastgesteld in huidig dossier, zijn evenveel indicatoren van ernstige fiscale fraude, al dan niet georganiseerd.’

In deze Russisch-Angolese zaak gebeurden de verrichtingen ten nadele van een buitenlandse schatkist –het is Rusland dat inkomsten verliest. In andere dossiers die de antiwitwascel aan de parketten heeft doorgemeld, is België dan weer de benadeelde partij.

© CC BY 2.0 Images Money

Wereldwijde strijd

In uw Activiteitenverslag 2014 staat dat de Cel voor Financiële Informatieverwerking vorig jaar 84 dossiers van ernstige fiscale fraude heeft doorgemeld aan de parketten. Is dat veel?

Voorzitter Jean-Claude Delepière: In ieder geval meer dan het jaar daarvoor. In 2013 hebben we 52 dossiers doorgemeld aan de parketten. In vergelijking met dat jaar is er dus sprake van een stijging met meer dan 50 procent. In 2012 ging het om 59 doorgemelde dossiers, in 2011 om 71.

Het totale bedrag waarvan sprake in die 84 dossiers (345 miljoen euro) ligt wel lager dan het jaar daarvoor (424 miljoen euro). Dat verschil valt te verklaren door één heel groot dossier dat in 2013 fel doorwoog. Het ging om Griek die in de goudmarkt actief was en via België een systeem had opgezet om fondsen wit te wassen ten nadele van de Griekse staat.

Het aantal dossiers gaat in stijgende lijn. De strijd tegen fiscale fraude blijft een uitdaging voor België?

Delepière: Zeker. Je moet ook niet denken dat wij alle witwaszaken gerelateerd aan ernstige fiscale fraude kennen. We zijn voor een stuk afhankelijk van de informatie die banken aan ons doorspelen. Dat laatste kan overigens deels de stijging in aantal dossiers mee verklaren. De financiële sector weet dat fiscale fraude onder de loep wordt genomen en dat er druk is vanuit de politieke wereld en operationele diensten.

In het licht van de LuxLeaks- en SwissLeaks-actualiteit gaat de kamercommissie Financiën momenteel na wat de impact is van het parlementair onderzoek uit 2009 naar de grote fiscale fraude dossiers. Is er op zes jaar tijd veel veranderd?

We strijden tegen mensen uit een wereld zonder grenzen en met enorm veel financiële middelen.

Delepière: Misschien zijn er intussen wel een aantal maatregelen genomen, maar in de praktijk zie ik geen grote verandering qua effectiviteit. Op het terrein blijft de werkelijkheid dezelfde. Probleem is ook dat de aanbevelingen van de parlementaire onderzoekscommissie misschien wel geldig zijn voor België, maar dat de strijd tegen ernstige en georganiseerde fiscale fraude en financiële criminaliteit een wereldwijde strijd is. Hoe kan België alleen zo’n grote dossiers oplossen? Het komt erop aan fondsen terug te vinden, in beslag te nemen, verbeurd te laten verklaren en ze effectief in de kassa te innen. Dat is een zeer lange weg.

Op Europees niveau is er wel bilaterale samenwerking, maar je moet ook niet naïef zijn. We strijden tegen mensen uit een wereld zonder grenzen en met enorm veel financiële middelen.

Aan middelen is bij Justitie net een tekort. Volgens de Financial Action Task Force heeft België in 2012 liefst 56 procent van de witwasdossiers geseponeerd bij gebrek aan voldoende speurders.

Delepière: Het gaat bovendien om reusachtige gerechtelijke dossiers met een internationale dimensie. Daarvoor zijn rogatoire commissies nodig, want niet al het bewijsmateriaal kan in België gevonden worden. Maar rogatoire commissies zijn duur en de internationale samenwerking op gerechtelijk niveau kan ook lang duren.

Verdwijnt alle informatie over fiscale fraude in het niets wanneer de parketten witwasdossiers seponeren?  

Waarom zouden wij niet alle informatie mogen overmaken aan de fiscus?

Delepière: In theorie is de parketmagistraat verplicht om informatie over fiscale fraude door te geven aan Financiën. Vraag is of dat in werkelijkheid ook gebeurt. Hoeveel fiscale informatie afkomstig van overbelaste parketten is de voorbije jaren overgemaakt aan Financiën? Dat moet eens kwalitatief geanalyseerd worden.

Wanneer wij een witwasdossier gelinkt aan ernstige fiscale fraude melden aan het parket, mogen wij sinds 2013 ‘pertinente elementen’ doorspelen aan het anti-fraudecomité van Financiën. Dat doen we ook. Maar we moeten voorzichtig zijn, want wat is een ‘pertinent’ element? Het komt er alvast op neer dat we niet alle informatie die we bezorgen aan het parket ook rechtstreeks mogen doormelden aan de fiscus. Alleen maar de pertinente informatie.

Dat is al een rem, want we zijn verantwoordelijk voor de inschatting van die pertinentie. We doen dat, maar het komt erop neer dat niet alle info wordt doorgemeld. Misschien wel de naam van de persoon, en het feit dat er een dossier bestaat bij het parket. Maar het blijft dus beperkt. Waarom zouden wij niet alle informatie mogen overmaken aan de fiscus? Dat zou de effectiviteit pas verhogen.

© Senaat

Jean-Claude Delepière, voorzitter van de antiwitwascel

Discretieplicht

Een van de aanbevelingen van de parlementaire onderzoekscommissie resulteerde in juli 2013 in een nieuwe wet: niet enkel ‘ernstige en georganiseerde’ fiscale fraude was strafbaar met zware celstraffen, maar ook ‘ernstige’ fraude op zich. Het Grondwettelijk Hof veegde vorige week de bezwaren van tafel die de Belgische banken en de Orde van Vlaamse Balies hadden opgeworpen. Tevreden?

Zelfs Jan met de pet wist dat belastingparadijzen en fiscale fraude bestaan.

Delepière: Dat is inderdaad goed nieuws, maar zelfs na deze beslissing van het Grondwettelijk Hof moet je nog altijd kijken naar de interpretatie wanneer een concrete zaak voor de rechter komt. Advocaten zullen proberen argumenteren dat een bank te vlug een melding heeft gedaan op basis van de definitie ‘ernstige fiscale fraude’, en dus een fout heeft begaan.

Soms gebeurt het dat de rechter zo’n advocaat gelijk geeft. De melding van de bank aan de Cel voor Financiële Informatieverwerking is dan zogezegd een onjuiste melding. Opmerkelijk is dat we voorbeelden hebben gezien waarbij het parket niet in beroep is gegaan tegen zo’n beslissing, en al helemaal niet in cassatie.

Het is belangrijk om de rechtspraak hierover goed op te volgen, om te zien hoe de wet wordt geïnterpreteerd. Wanneer een bank wordt veroordeeld omdat het zijn discretieplicht niet heeft toegepast, kan dat in de praktijk immers een rem zijn voor die bank om in de toekomst nog meldingen aan ons te doen.

LuxLeaks & SwissLeaks

U volgt het thema belastingfraude reeds sinds eind jaren zeventig, toen u als fiscaal ambtenaar bij de douane aan de slag was. Heeft U nog iets bijgeleerd uit de onthullingen van LuxLeaks en SwissLeaks?

Delepière: De achterliggende fenomenen waren eigenlijk al eerder gekend. Zelfs Jan met de pet wist dat belastingparadijzen en fiscale fraude bestaan. Maar de Leaks-onderzoeken hebben de fenomenen een gezicht gegeven. Dat is de verdienste.

De focus gaat nu uit naar Zwitserland en Luxemburg, maar eigenlijk kan elk land als fiscaal paradijs fungeren. De mogelijkheden om een land te gebruiken om een bedrijf op te richten of bankrekening te openen zijn enorm. Je moet niet altijd focussen op de reeds gekende fiscale paradijzen. Er zijn ook administratieve paradijzen, gerechtelijke paradijzen, landen met wanorde, corrupte systemen… alles kan gebruikt worden voor witwasoperaties. België kan ook een fiscaal paradijs zijn ten opzichte van Frankrijk bijvoorbeeld. Al blijven de “traditionele landen” ook opduiken in onze dossiers.

Bij LuxLeaks en SwissLeaks kwamen die klassieke belastingparadijzen zoals de Britse Maagdeneilanden herhaaldelijk naar voor. Kan je daar überhaupt iets aan doen?

Delepière: Weinig. Wat je eventueel kan proberen uitvissen, is wie er achter een constructie zit. Dat is al iets, maar de oorlog win je daar nog niet mee. Als antiwitwascel kunnen wij in die landen wel informatie opvragen, en die krijgen we dan ook –meer dan vroeger. Maar je moet niet naïef zijn. Soms is de info die je krijgt erg beperkt, of mag hij enkel gebruikt worden voor inlichtingendoeleinden, for intelligence only. De vraag is dus welke info we krijgen, en of we die mogen gebruiken.

Is het LuxLeaks-dossier, over geheime belastingafspraken tussen bedrijven en de Luxemburgse overheid, voor u een kwestie perfect wettelijke fiscale optimalisatie?

Delepière: Vraag is wat je bedoelt met ‘perfect wettelijk’. Is iets wettelijk op basis van een wet in een derde land? Stricto senso wel ja, maar ten opzichte van onze eigen reglementering en constitutionele bepalingen zitten we vast.

Er zijn mensen die dat optimalisatie noemen. Wel, ik noem dat fraude.

Stel dat ik bij een bank op de Kaaimaneilanden een lening van 10 miljoen dollar aanga, die onmiddellijk moet terugbetaald worden. In die landen is dat blijkbaar wettelijk. Maar het begrip van lening, is dat hetzelfde als ons begrip van lening? Neen. Moeten we deze versie aanvaarden? Er zijn mensen die dat optimalisatie noemen. Wel, ik noem dat fraude. De bedoeling is om je verplichtingen in België te ontlopen, dat is de motivatie. De onderliggende motivatie is niet om een echte lening in Panama aan te gaan.

Zegt u nu dat de constructies die werden onthuld in LuxLeaks wel degelijk een vorm van fraude uitmaken?

Delepière: Voor mij wel, omdat het opzettelijk is gedaan, door een land met een bepaald wettelijk systeem te gebruiken. Ik ken wel de redenering van de advocaten die zullen verwijzen naar de Luxemburgse wet. Maar stel je eens voor dat er morgen een land zou zijn dat moorden wettelijk toelaat, en je laat daar dan iemand vermoorden… ga je dan in België vrijuit? Probleem is dat België niets kan doen zolang die wet in Luxemburg er is. Bovendien heeft België zelf ook fiscale incentives om buitenlandse bedrijven aan te trekken.

© Tim Meko / Shutterstock

Kwestie van efficiëntie

De Europese Commissie wil dat de EU-lidstaten voortaan rulings aan elkaar kenbaar maken. Goed idee?

Delepière: Ja, maar ik ben altijd benieuwd naar de resultaten. De échte oplossing voor dit probleem is een fiscale harmonisering in Europa. Waarom streeft men daar niet naar?

Ondanks alle maatregelen tegen financiële criminaliteit is de toestand erger en erger. 

Ik ben al lang bezig met de strijd tegen financiële criminaliteit. Mijn conclusie is dat de toestand erger en erger is, ondanks alle maatregelen uit het verleden. Misschien moet eerst de effectiviteit van alle bestaande maatregelen eens bestudeerd worden.

In België is er een probleem inzake continuïteit. Ook Carl Devlies en John Crombez – de voorgangers van staatssecretaris voor Fraudebestrijding Elke Sleurs – namen maatregelen maar sommige daarvan zijn intussen gesneuveld. Een voorbeeld uit de tijd van Devlies is de nationale databank van bankrekeningen, die nu bij de Nationale Bank zit. Wij, de antiwitwascel, hebben daar nog altijd geen toegang toe.  

Die databank, het Centraal Aanspreekpunt, was vanaf het begin toch ook bedoeld voor de strijd tegen witwassen?

Delepière: Het was inderdaad voorzien dat het Cel voor Financiële Informatieverwerking toegang zou krijgen tot de database. Maar dat bleek minder evident tijdens de vorige legislatuur, en de huidige stand van zaken is dat de CFI géén toegang krijgt. Dat is geen kleinigheid.

Als we de bankrekening van een bedrijf of persoon willen krijgen, kunnen we dat. We doen een mailing aan alle banken en ze zijn verplicht om die informatie te geven. Praktisch gezien gaat dat. Maar we kunnen het niet systematisch doen: het is te veel werk voor ons én voor de banken.

Bovendien speelt nog een ander element. Wanneer een bank de vraag krijgt van de antiwitwascel of klant X daar een rekening heeft, zal de bank misschien proberen om X buiten te werken. Als we toegang zouden hebben tot het Centraal Aanspeekpunt, dan zou dat probleem niet spelen. Het is ook een kwestie van efficiëntie.

Bedankt voor het gesprek.

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift