‘Voeding kan enorme kracht voor verandering zijn’

Interview

Hoe voeden we tien miljard mensen zonder de planeet uit te putten?

‘Voeding kan enorme kracht voor verandering zijn’

‘Voeding kan enorme kracht voor verandering zijn’
‘Voeding kan enorme kracht voor verandering zijn’

Twee jaar lang werkte een groep van 37 onderzoekers uit 16 landen onder het toeziend oog van professor Johan Rockström aan een onderzoek dat voor het eerst grootschalig onderzocht hoe de mensheid de ingrediënten voor een gezond dieet kan produceren binnen de planetaire limieten.

Foto: Sonja vermeulen

Het planetair gezondheidsdieet laat 2.500 calorieën per dag toe

Foto: Sonja vermeulen

Twee jaar lang werkte een groep van 37 onderzoekers uit 16 landen onder het toeziend oog van professor Johan Rockström aan een onderzoek dat deze week bekendgemaakt werd. Voor het eerst werd grootschalig onderzocht hoe de mensheid de ingrediënten voor een gezond dieet kan produceren binnen de planetaire limieten: ‘Voeding kan een enorme kracht voor verandering zijn.’

Foto: Stockholm Resilience Centre

Johan Rockström is milieuwetenschapper en duurzaamheidsexpert. Hij is directeur van het Stockholm Resilience Centre. In 2009 verwierf hij wereldfaam toen hij het concept van planetaire grenzen in de wetenschap introduceerde.Wereldwijd heeft ons voedingspatroon meer doden op zijn geweten dan onveilige seks, alcohol, drugs en roken samen. Bovendien is de manier waarop we kweken wat op ons bord terechtkomt dé hoofdoorzaak van klimaatverandering en ecosysteemvernietiging. Die argumenten zouden moeten voldoen om van het planetair gezondheidsdieet, zo worden de bevindingen van het onderzoek genoemd, de nieuwste dieetrage te maken.

Johan Rockström: ‘Het belang van gezonde voeding wordt politiek niet erkend. Overheden investeren bijvoorbeeld massaal in malariapreventie maar besteden nauwelijks aandacht aan ons voedingspatroon. Dit is geen pleidooi tegen malariapillen (lacht), ik wil gewoon duidelijk maken dat het een kwestie van volksgezondheid is. Als vanaf morgen iedereen het referentiedieet dat we samenstelden volgt (zie tabel), zullen wereldwijd 20 procent van de vroegtijdige sterfgevallen vermeden worden.’

Een steak per week

Dat dieet vereist dat de consumptie van rood vlees en suiker wordt gehalveerd, terwijl die van groenten, fruit, peulvruchten en noten moet worden verdubbeld. Maar in specifieke regio’s zijn de nodige veranderingen ingrijpender: Noord-Amerikanen moeten 84 procent minder rood vlees eten, maar zes keer meer bonen en linzen. Voor Europeanen “voldoet” 77 procent minder rood vlees en 15 keer meer noten en zaden om te voldoen aan de richtlijnen.

Het planetaire gezondheidsdieet is grotendeels plantaardig en gaat uit van gemiddeld 2.500 calorieën per dag. Het laat één rundersteak en twee porties vis per week toe, de meeste eiwitten komen echter van peulvruchten en noten. Een glas melk per dag, of wat kaas of boter, past binnen de richtlijnen, net als één of twee eieren per week. Een bord moet telkens voor de helft gevuld zijn met groenten en fruit, en voor een derde met volkoren granen.

‘We hebben het hier niet over een deprivatie-dieet; het is een manier van eten die gezond, smaakvol en plezierig kan zijn’

Johan Rockström: ‘Het is geen deprivatiedieet; het is een manier van eten die gezond, smaakvol en plezierig kan zijn. Bovendien is het een ‘win-win’, doordat het jaarlijks tenminste 11 miljoen mensen van een vroegtijdige dood redt, terwijl de ineenstorting van de natuur wordt voorkomen. Met de 10 miljard mensen die naar verwachting tegen 2050 op aarde zullen rondlopen, zou business as usual onvermijdelijk leiden tot nog grotere gezondheidsproblemen en ernstige opwarming van de aarde.

EAT-Lancet Commission

Het planetaire gezondheidsdieet uitgedrukt in aangeraden dagelijkse hoeveelheden

EAT-Lancet Commission

De samenstelling van ons planetaire gezondheidsdieet is op zich niet vernieuwend. Het komt grotendeels overeen met het traditioneel mediterraans dieet. Het revolutionaire aspect van ons werk zit in het feit dat we voor het eerst wetenschappelijk onderzocht hebben hoe gezonde voeding geïntegreerd kan worden in voedselproductiesystemen die de aarde niet over zijn limiet duwt_._ Bovendien zijn de aanbevelingen van het onderzoek toepasbaar op elke schaal, in elke regio en in elk klimaat.’

Op welke manier overschrijdt de productie van voedsel de limieten van onze planeet?

Johan Rockström: Momenteel wordt praktisch de helft van grond wereldwijd gebruikt voor landbouw. Voedselproductie is verantwoordelijk voor bijna een derde van de globale uitstoot van broeikasgassen en verbruikt 70 procent van de totale zoetwatervoorraad. Het omzetten van natuurlijke ecosystemen naar akkers en weiden is dé voornaamste reden waarom diersoorten met uitsterven bedreigd zijn. Het misbruik van stikstof en fosfor zorgt voor de zogenaamde dead zones in meren en kustgebieden.

‘Het klimaatdebat is terechtgekomen in een tunnelvisie over het bannen van fossiele brandstoffen’

Het klimaatdebat is terechtgekomen in een tunnelvisie over het bannen van fossiele brandstoffen. Dat is cruciaal en hoogdringend, versta mij niet verkeerd. Het is echter maar het halve werk. We moeten er eveneens voor zorgen dat de natuurlijke ecosystemen koolstof blijven opnemen. En de grootste bedreiging tegen die natuurlijke koolstofopname is de landbouw.

Het is van vitaal belang dat we gaan inzien dat een transformatie van ons voedselsysteem net zo belangrijk is als een energievoorziening zonder fossiele brandstoffen, als we ook maar enige kans willen maken om de doelstellingen van Parijs te halen.

Het rode gevaar

Hoe ziet die hervorming van ons voedselsysteem eruit?

Johan Rockström: ‘Om binnen de planetaire grenzen te blijven, dringt het rapport aan op een combinatie van drastische veranderingen in ons voedingspatroon, op basis van het planetair gezondheidsdieet. Een efficiëntere voedselproductie door verbeterde landbouwtechnieken en technologie moet de zogenaamde yield gaps met 75 procent verminderen. Dat is het verschil tussen het maximum potentieel van een akker en de reële oogst. Zo kan met minder grond meer geproduceerd worden. De voedselverspilling moet minstens gehalveerd worden.

Er nood is aan een sterk gecoördineerd bestuur van land en oceanen. Dat moet er onder meer voor voor zorgen dat de ontbossing stopt en dat er enkel nog gevist wordt in kustgebieden, niet in de diepzee.

‘Graanvee is voor het planetaire ecosysteem het equivalent van steenkool voor de klimaatverandering’

Een belangrijke conclusie van het onderzoek is dat een met graan gevoede veestapel geen plaats heeft in een planetair gezondheidsdieet. De teelt van soja en graan voor het veevoeder leidt tot ontbossing. Het vee stoot methaangas uit en creëert een mestoverschot dat onze rivieren en grondwater vervuilt. Dat is een keten met zo’n ongelooflijke voetafdruk dat die niet meer houdbaar is. Graanvee is voor het planetaire ecosysteem het equivalent van steenkool voor de klimaatverandering.

Maar als we dus onze consumptie van rood vlees verminderen, het dieet gaat uit van zo’n 14 gram per dag, kunnen we onze behoeften voorzien met louter grazende koeien. Het rapport stelt bijvoorbeeld een gemengd landbouwsysteem voor, waarbij het rood vlees van kalveren van melkkoeien komt.

De grote voedseltransformatie

Het rapport stelt dat het vooropgestelde kader voor een planetair gezondheidsdieet kan toegepast worden in alle voedselculturen en productiesystemen ter wereld. Hoe moeten ontwikkelingslanden hun volledig agrarisch, economisch en transportsysteem hervormen zonder enorm concurrentienadeel tegenover industrielanden die meer marge hebben voor zo’n ommezwaai?

Johan Rockström: De aanbevelingen van het onderzoek toepassen betekent een heuse landbouwrevolutie. Maar er hebben voorheen al wereldwijde veranderingen plaatsgevonden, zoals bijvoorbeeld de Groene Revolutie die in de jaren zestig de voedselvoorraden enorm verhoogde. De uitdaging is enorm maar in sommige gevallen is die groter voor de industrielanden.

De bevolking in grote delen van Afrika en Azië leeft al op een voornamelijk plantaardig dieet. In Afrika bijvoorbeeld is dat zeer rijk aan zetmeel en dus niet zo voedzaam, maar daar zijn de nodige landbouwhervormingen minder drastisch. De meest brutale en urgente shift is nodig in de regio’s waar de voedselcultuur gedomineerd wordt door verwerkt supermarktvoedsel en fastfood, zoals in veel rijke stedelijke gebieden het geval is.

‘De aanbevelingen van het onderzoek toepassen betekent een heuse landbouwrevolutie’

Het is in de ontwikkelingslanden dat de oogst per hectare naar omhoog moet (de bovengenoemde yield gaps). Hoe moet dat volgens het rapport gebeuren zonder het gebruik van chemische meststoffen en gecontroleerde irrigatie, wat de grond meer belast en ecosystemen schade toebrengt?

Johan Rockström: Mijn antwoord zal u misschien verbazen, want we moeten wel vertrouwen op anorganische meststoffen en irrigatie, maar in veel mindere mate. Het draait om een herverdeling van stikstof en fosfor (de werkzame bestanddelen van chemische meststoffen). In de Europese Unie, Rusland, China en Noord-Amerika is er een gigantische overconsumptie van stikstof en fosfor: jaarlijks 200 kilo per hectare. Dat verziekt de bodem en vermindert het afweersysteem van planten.

In Afrika daarentegen gebruiken landbouwers een fractie daarvan: elk jaar zo’n acht kilo per hectare. Het planetaire gezondheidsregime houdt in dat het onevenwicht weggewerkt wordt. Dat zou een stap zijn in het mogelijk maken van dit dieet in armere landen.

Wat water betreft bestaat er in de EU al veel expertise rond efficiënte irrigatiesystemen op basis van regenwater. Dat moet wereldwijd toegepast worden.

‘De mensheid heeft nooit eerder geprobeerd het mondiale voedselsysteem op de beoogde schaal te hervormen’

Het rapport suggereert een holistische globale aanpak, de geschiedenis leert ons dat het niet evident is om de internationale gemeenschap te mobiliseren…

Johan Rockström: Het rapport erkent de radicale verandering die het impliceert en hoe moeilijk het is om dit te bereiken. De mensheid heeft nooit eerder geprobeerd het mondiale voedselsysteem op de beoogde schaal te hervormen. Om dit doel te bereiken, moeten drastische aanpassingen snel toegepast worden. Dat vraagt een nooit geziene globale samenwerking en engagement. Het onderzoeksteam en ik beseffen dat maar al te goed. Maar twee jaar doorgedreven wetenschappelijk toont nu eenmaal aan dat we die weg moeten inslaan. Het gaat hier om niets minder dan de Grote Voedseltransformatie van de 21ste Eeuw!

Wat was het effect van uw werk aan dit onderzoek op uw persoonlijke eetpatroon en winkelgedrag?

Johan Rockström: Het had een grote invloed moet ik zeggen. Ik was eigenlijk een traditionele West-Europese consument: Veel vet, zuivelproducten en vlees. Momenteel ben ik overgestapt naar een eerder flexitarisch regime: noten, groenten en fruit en minder vlees. Het onderzoek was voor mij ook een persoonlijke handleiding.

Denkt u dat we nog enige kans maken om de Duurzame Ontwikkelingsdoelen (SDG’s) tegen 2030 te halen?

Johan Rockström: Ja, maar niet zonder de Grote Voedseltransformatie.