Myrtle Witbooi: 'Huishoudwerksters waren duidelijk het laatste punt op de agenda.'

Fos startte vorig jaar de ‘Recht op Waardig Huishoudwerk’-campagne. De Noord-Zuidorganisatie van de socialistische beweging in Vlaanderen strikte dit jaar de Zuid-Afrikaanse Myrtle Witbooi. Ooit werkte ze zelf als huishoudhulp voor een blank gezin. Momenteel staat ze aan het roer van de Zuid-Afrikaanse Vakbond voor Huishoudwerk(st)ers en is ze voorzitster van de Internationale Federatie voor Huishoudwerk(st)ers. Zich inzetten voor waardige leef- en werkomstandigheden voor huishoudpersoneel is haar levenswerk: ‘Deze strijd is nog lang niet gestreden, denk ik vaak’.

  • FOS Myrtle Witbooi (links) FOS

De start van uw engagement was eigenlijk in de jaren ’60, midden in de periode van apartheid.

In 1966 was ik een huishoudwerkster bij een blank gezin, waar ik startte op mijn twintigste en in totaal twaalf jaren werkte. Ik hou van lezen, en toen zag ik in de krant een lezersbrief van een andere huishoudwerkster: ‘Waarom zijn regels voor huishoudwerksters anders?’

Dus zonder nadenken, reageerde ik: waarom hierover klagen, waarom ondernemen we geen actie? De krant kon niet geloven dat een huishoudwerkster in het Engels een brief kon schrijven, laat staan om zo’n dingen te zeggen.

Een journalist kwam me zoeken. Toen hij aanbelde, zocht hij naar “de hulp” en niet naar Myrtle: dit kwetste me, want hij kende mijn naam uit de brief. Hij keek op me neer omdat ik een vrouw was.

We werden uiteindelijk wel vrienden, en hij hielp me om een meeting op te zetten. Het gezin waar ik werkte, was vrij liberaal en steunde me, zolang ik maar mijn werk deed. In hun garage sprak ik toen 270 andere huishoudwerksters toe.

Hoe ging u van huishoudwerkster naar woordvoerster van huishoudwerksters?

Ik ontmoette een andere huishoudwerkster: sinds haar acht jaar werkte zij bij een familie. Zij bleef verder meetings organiseren, toen ik genoodzaakt werd mijn job als huishoudwerkster op te geven.

Apartheid zorgde hiervoor. Mijn eerste dochter verbleef bij mijn moeder, maar ik had een tweede dochter bij me. Elke nacht kwam de politie de deur instampen, om te zeggen dat een zwarte huishoudwerkster haar man en kind niet kan houden.

Ik kon het niet verdragen dat ook mijn tweede kind van mij gescheiden zou worden. Er vielen veel tranen, maar ik verliet uiteindelijk mijn job.

Dus u koos uw eigen gezin over het gezin waar u voor werkte.

Ik ging in 1974 werken in een klerenfabriek en werd vakbondsgedelegeerde, ook al had ik geen idee wat dit betekende. Een paar mensen legden me uit dat ik was opgevallen tijdens een meeting met onze baas.

Toen de fabriek in 1982 sloot, was hij degene die me kwam vertellen dat ik moest uitzoeken wat er van de andere huishoudwerksters was geworden.

Via de krant kregen mijn vriendin en ik opnieuw contact. We werden nog steeds ingeperkt door apartheid en er was geen wetgeving, maar we begonnen onmiddellijk met het mobiliseren van huishoudwerksters.

In 1985 vormden we onze eerste vakbond SADWU (South-African Domestic Workers Union), met vijftigduizend leden. De overheid beschouwde onze vakbond niet als een politieke organisatie, en gaven ons geld van een Nederlandse kerkgemeenschap.

De vakbond zette in op goede educatie en arbeidswetgeving, die toen enkel bestond uit de Master and Servants Act en de pasjeswetgeving. Hoe verliep de groei van de vakbond verder?

Huishoudwerksters waren duidelijk het laatste punt op de agenda.

In 1994 veranderden de zaken in Zuid-Afrika en kregen we terug hoop. We boeiden onszelf vast aan de poorten van het overheidsgebouw tot men wou luisteren. Alleen stelde de nieuwe overheid ook huishoudwerksters te werk.

Toen ontdekten we hoe huishoudwerksters werden uitgebuit in het overheidsgebouw. We waren zo kwaad en maakten de hele zaak publiek. Huishoudwerksters waren duidelijk het laatste punt op de agenda.

Omdat jullie vrouwen zijn?

Ik geef een voorbeeld. De Zuid-Afrikaanse vakbondskoepel COSATU (Congress of South African Trade Unions) wordt gecontroleerd door mannen. Alle vakbonden hadden namen, maar ze gebruikten de onze niet, ze zeiden enkel: ‘Hallo, huishoudwerksters.’ We werden zo kwaad en eisten respect, dat we overigens pas sinds een paar jaar krijgen.

Toen apartheid werd afgeschaft, ontbond de vakbond omwille van financiële problemen. We bleven niet bij de pakken zitten, en stichtten in 2000 SADSAWU (South African Domestic Service and Allied Workers Union). Dit alles werd georganiseerd door huishoudwerksters zelf, ondanks dat COSATU volhoudt dat wij een verspreide groep werknemers zijn en onszelf niet kunnen organiseren.

Dertien jaar later zijn we nog altijd even sterk. Omwille van de vakbond en onze vastberadenheid werden we een deel van de IAO (Internationale Arbeidsorganisatie) en werd ik voorzitter van het internationale netwerk.

In 2013 werd Conventie 189 van het IAO in Zuid-Afrika geratificeerd. Dan viel het mij in: had ik 45 jaar geleden ook maar kunnen denken dat ik voor overheden van over de hele wereld kon vertellen wat wij huishoudwerksters willen?

Had ik 45 jaar geleden ook maar kunnen denken dat ik voor overheden van over de hele wereld kon vertellen wat wij huishoudwerksters willen?

De geratificeerde conventie is dus een grote overwinning?

De voorzitter zei toen: ‘Je hebt al een lange weg afgelegd. Maar je staat nu aan het begin van deze weg, en moet hem opnieuw afleggen. Daar ligt de grootste uitdaging.’

Ik weet dat de wereld ons in het oog houdt omdat we een vakbond met vrouwen zijn. Wanneer we met andere organisaties overleggen, valt het ons in dat we nog maar net begonnen zijn. We moeten zorgen dat de conventie werkelijkheid wordt. Het is meer dan papier, het is actie.

 

De vakbond is een belangrijke schakel in het parcours naar betere levensomstandigheden. Staan jullie er alleen voor?

De vakbond moet actief blijven. Er moet nog veel gebeuren op vlak van betaalbare gezondheidszorg en compensatie in geval van werkloosheid. Maar nieuwe clausules en wetswijzigingen kosten geld.

In de luchthaven zag ik vorige keer grote banners met ‘Huishoudpersoneel: weten jullie dat jullie opslag krijgen?’ Nu vraag ik: hoeveel huishoudwerksters nemen het vliegtuig? Terwijl ik een foto nam, vertelde iemand me dat die banners 3,5 miljoen kosten.

Ik ben duidelijk nog niet klaar met de minister van Arbeid. Zulke boodschappen zeggen enkel dat iedereen in Zuid-Afrika een werkster kan nemen voor maar negen euro per dag. Waarom hangt dit niet in treinstations, waar huishoudwerksters elke dag passeren?

We hebben een forum voor huishoudwerksters opgericht, dat een overleg tussen ons en het ministerie van Arbeid moet vergemakkelijken. We kijken bijvoorbeeld naar overlegorganen in Uruguay en België voor een manier om het debat onderling te kunnen opentrekken.

Hoe staat Zuid-Afrika ervoor in vergelijking met andere landen?

We hebben veel veranderingen meegemaakt. Wanneer ik terug in Zuid-Afrika ben, ga ik met de minister over lonen praten. Deze zijn momenteel lager dan die van boeren.

Ik vroeg aan een vriendin wat er voor haar veranderd was. Ze zei dat ze nog steeds op dezelfde plaats als twintig jaar geleden zat: in de achtertuin, alleen.

Een andere vriendin werkt al twintig jaar bij dezelfde familie. Vorig jaar vroeg haar bazin om te stoppen met “misses” te zeggen, en haar bij haar voornaam te noemen.

Wanneer ik naar het lijden in andere landen kijk, dan denk ik ‘alles gaat goed in Zuid-Afrika’. Ik word zo boos wanneer ik brieven krijg van buitenlandse huishoudwerksters die mishandeld worden - door vrouwen, niet door mannen. ‘De strijd is nog lang niet voorbij,’ denk ik dan.

Andere landen hebben ook een Myrtle nodig.

Mijn dochter woonde geruime tijd in Qatar, waar ik jaarlijks op vakantie ging. Mijn schoonzoon vroeg me om niet verwikkeld te geraken in de kwestie met huishoudwerksters daar.

Op een vergadering in Egypte vorig jaar sms’te ik hem: ‘Jouw schoonmoeder gaat er toch iets over zeggen.’ Ik introduceerde mezelf bij de gedelegeerden van Qatar en vroeg hen waarom huishoudwerksters geen plek hadden om samen te komen.

De laatste keer dat mijn schoonzoon mijn visum voor Qatar ging aanvragen, kreeg hij dit onmiddellijk mee. Het wordt uitgegeven door dezelfde persoon die ik ontmoette in Egypte. Ik kreeg ook een mailtje: Qatar onderzoekt recreatieplaatsen voor huishoudwerksters, de mogelijkheid voor gezondheidszorg en betere lonen en willen me graag uitnodigen.

En toen kreeg ik ook een uitnodiging van Libanon: ze hebben een aantal problemen en willen graag dat ik er kom spreken. Wanneer ik dan terug kom in Zuid-Afrika, denk ik: ‘Ja, er is nog zoveel uitbuiting. Maar we hebben ook zoveel om dankbaar te zijn.’

Wat zijn de uitdagingen voor SADSAWU in 2014?

Ja, er is nog zoveel uit-buiting. Maar we hebben ook zoveel om dankbaar te zijn.

In 2014 hopen we op betere sociale zekerheid. Door een betere verloning, maar het belangrijkste is nu vooral een compensatie in geval van werkloosheid. Voor Conventie 189 sliepen we op de trappen voor het overheidsgebouw, en desnoods doen we nu hetzelfde.

Maar we willen ook graag mogelijkheden om extra vaardigheden te ontwikkelen. Niet zoals dat jaren geleden ging, toen 27000 huishoudwerksters een diploma kregen omdat ze water en een ei konden koken.

Dit betekent niet dat we huishoudwerk willen verlaten. Wanneer we meer weten over hoe we een computer kunnen gebruiken of de telefoon moeten beantwoorden, dan kunnen we onze werkgever van betere diensten voorzien, en krijgen we een beter loon.

Een ander voorbeeld is onze campagne waar we huishoudwerksters bewust willen maken van de waarde van hun werk. We vroegen aan hen: ‘wat doen jullie een hele dag, wat is de waarde van jullie werk in huis?’

Een van de huishoudwerksters belde me op en zei: ‘Ik begreep eerst niet wat jullie vroegen. Maar nu zit ik neer en noteer ik wat ik een hele dag doe.’ Ik ben er zeker van dat haar werkgever een hartaanval krijgt wanneer ze die waslijst ziet.

Dit is capaciteitsopbouw: lid zijn van een vakbond is veel meer dan enkel het lidgeld betalen. Je hoeft niet hoogopgeleid te zijn om het systeem uit te dagen, je moet enkel nadenken.

LEES OOK

CC Gie Goris (BY NC 2.0)
Minister-president Geert Bourgeois gaf dinsdagvoormiddag (22 augustus) een opmerkelijke lezing aan de Universiteit van Pretoria.
CC Jan Truter (CC BY-NC-ND 2.0)
Politieke onzekerheid, economisch slechte tijden, corruptie, sociale wantoestanden… Zuid-Afrika bevindt zich in woelig water. De bevolking reageert en voert actie.
Bonzo McGrue (CC by-nc-sa 2.0)
Wat begon als protest tegen vrouwenmishandeling in Zuid-Afrika, is ondertussen een heuse hetze geworden. De hashtag #MenAreTrash lokt felle reactie uit.
UNMISS/Isaac Billy - (CC BY-NC-ND 2.0)
Hoe is het gesteld met de mensenrechten in Afrika?