‘Onderwijs moet bestaande machtsverhoudingen in vraag stellen’

Interview

Refat Sabbah, Palestijns onderwijsactivist en voorzitter Global Campaign for Education

‘Onderwijs moet bestaande machtsverhoudingen in vraag stellen’

‘Onderwijs moet bestaande machtsverhoudingen in vraag stellen’
‘Onderwijs moet bestaande machtsverhoudingen in vraag stellen’

De meeste meisjes kunnen nog steeds niet naar school in Afghanistan. En: nergens ter wereld is de onderwijskloof tussen leerlingen met en zonder migratieachtergrond groter dan in Vlaanderen. Twee vaststellingen die duidelijk maken hoe ongelijk onderwijskansen vandaag overal nog zijn.

© Reuters / Mohamad Torokman

Onderwijs is een fundamenteel mensenrecht en dé sleutel naar de toekomst. Alleen zitten er op de deur vaak vele sloten.

© Reuters / Mohamad Torokman

De meeste meisjes kunnen nog steeds niet naar school in Afghanistan. En: nergens ter wereld is de onderwijskloof tussen leerlingen met en zonder migratieachtergrond groter dan in Vlaanderen. Twee werelden die ver van elkaar liggen, maar wel twee vaststellingen die duidelijk maken hoe ongelijk onderwijskansen vandaag overal nog zijn.

Talent vind je overal, kansen niet.’ Dat was de kortste samenvatting die Oxfam-onderwijsexperte Kyra Boe gaf van het rapport dat ze in 2019 schreef over onderwijs en ongelijkheid. Daarin wordt onderwijs gezien als dé hefboom bij uitstek om armen uit hun armoede, achtergestelde mensen uit hun uitsluiting en meisjes uit hun ondergeschikte positie te krijgen. Roméo Matsas van Plan International bevestigt dat, maar voegt toe: ‘Als we spreken over groepen die historisch achtergesteld zijn, stellen we vast dat een gemiddelde toename van schoolbezoek niet volstaat.’

Onderwijs is de sleutel naar een betere toekomst, maar op de deur zitten vaak vele sloten. MO* sprak daarover met de Palestijnse onderwijsactivist Refat Sabbah. Hij is voorzitter van de Global Campaign for Education, ‘een mondiale en democratische beweging, actief in talloze landen en regio’s, in verschillende talen en gemeenschappen’, met als doel de strijd tegen uitsluiting in het onderwijs, ‘omdat onderwijs een fundamenteel mensenrecht is’.

In België verloopt hun werk via Educaid.be, een programma opgezet door VVOB en APEFE (Association pour la Promotion de l’Education et de la Formation à l’Etranger).

Wat bedoelen jullie eigenlijk met uitsluiting in onderwijs?

Refat Sabbah: Op de eerste plaats: uitsluiting op basis van economische ongelijkheid. In heel veel landen maken de armen gewoon geen kans op goed onderwijs. Je hebt ook culturele vormen van uitsluiting, bijvoorbeeld op basis van taal. Dat is met name een probleem voor vluchtelingen. Verder is er de uitsluiting op basis van fysieke of mentale beperkingen. Om maar enkele voorbeelden te geven.

Als u het over ‘culturele uitsluiting’ hebt, valt daar in het Midden-Oosten ook de behandeling van meisjes in het onderwijs onder?

Refat Sabbah: In bepaalde landen, zeker. Het feit dat meisjes minder kansen krijgen in het onderwijs is cultureel, al zou je kunnen zeggen dat het patriarchaat zich niet beperkt tot deze of gene cultuur, maar bijna universeel weegt op de kansen van meisjes en vrouwen. Je zag dat overal tijdens de pandemie, bijvoorbeeld. Als er in een gezin maar één laptop was, dan kregen de jongens bijna altijd voorrang op de meisjes om die voor afstandsonderwijs te gebruiken. Meisjes torsen dan het gecumuleerde gewicht van armoede, cultuur en religie. Jongens gebruiken dan weer de macht die hen door de cultuur wordt aangereikt om hun privileges op te eisen.

‘Gelijk onderwijs voor meisjes, ruimte voor vrouwen om een politiek mandaat te vervullen of in het buitenland te studeren: dat is moderniteit.’
Refat Sabbah

Hoe pak je de verschillende vormen van uitsluiting aan?

Refat Sabbah: Het belangrijkste is wellicht om de stem van de mensen te versterken. Ngo’s of bewegingen als GCE werken vaak op mondiaal niveau, maar we mogen niet vergeten dat het om lokale problemen gaat en dat activisten vaak heel lokale kennis én oplossingen hebben. Internationale bewegingen kunnen uiteindelijk het recht op onderwijs niet verzekeren – dat doen de mensen zelf.

Om die lokale stemmen slagkracht te geven, is internationale solidariteit echter wel cruciaal. Landen als Egypte, Somalië, Jemen of Soedan kreunen onder een zware internationale schuldenlast, waardoor ze vaak niet in staat zijn te investeren in kwalitatief onderwijs voor allen. Daarom is het van groot belang dat de internationale gemeenschap die schulden kwijtscheldt.

Kwijtschelding van onhoudbare schulden is nodig, maar is het wel verantwoord voor regeringen die tegelijk massaal veel geld uitgeven aan leger en bewapening?

Refat Sabbah: Helemaal mee eens. Het volstaat inderdaad niet om schulden kwijt te schelden, als je niet tegelijk de wapenwedloop en de corruptie kan beteugelen. De middelen die vrijkomen door schuldkwijtschelding zouden dan ook gegarandeerd moeten worden toegewezen aan onderwijs, gezondheidszorg of sociale bescherming.

Dat klinkt dan weer als voorwaarden die crediteuren – vaak westerse landen of door hen gedomineerde instellingen – opleggen aan debiteuren – vaak landen in het Globale Zuiden.

Refat Sabbah: Dat klopt, het klinkt als een ongewenste zaak. Alsof de koloniale verhoudingen nog maar eens dieper worden verankerd. Alleen: onze lokale of nationale bewegingen voor goed onderwijs voor allen zijn niet in staat om de machtsverhoudingen in hun land op eigen houtje te veranderen.

© Gie Goris

Refat Sabbah: ‘De traditionele kijk op mens en samenleving kluistert mensen aan het verleden. En het ergste is dat het onderwijssysteem die mentaliteit ondersteunt en reproduceert, in plaats van de bestaande machtsverhoudingen te bevragen of te ondergraven.’

© Gie Goris

Hoeveel ruimte hebben nationale of lokale organisaties in het Midden-Oosten om voor dit soort internationale afspraken te ijveren?

Refat Sabbah: Wij werken in een uitermate moeilijke omgeving. Overheden doen er alles aan om de bewegingsruimte voor het middenveld te verkleinen. Hetzelfde geldt trouwens voor individuele burgers die hun recht op vrije meningsuiting of politieke organisatie willen laten gelden. Vaak kunnen we niet ongehinderd uitkomen voor onze mening of voor het belang van onze achterban. Het Midden-Oosten is Europa niet.

‘Hoe kan je kwaliteitsonderwijs garanderen in een situatie van bezetting of voortdurende oorlog?’
Refat Sabbah

Als de druk van bovenuit zo sterk is, kunnen leerkrachten dan wel opkomen voor het belang van onderwijs?

Refat Sabbah: We hebben onze strategie daaraan aangepast. In plaats van actie te voeren in hun naam, zetten we nu in op het versterken van onderwijspersoneel. Zo zijn leerkrachten beter gewapend om hun eigen eisen en belangen te verdedigen. We werken met onderwijsvakbonden, maar ook met organisaties van ouders van kinderen met beperkingen, met bewegingen die de rechten van minderheden verdedigen, of met vrouwenbewegingen.

Slagen die bewegingen erin verandering te forceren?

Refat Sabbah: Het is verre van eenvoudig. In sommige landen in het Midden-Oosten wordt nog altijd gediscussieerd over de gelijkheid tussen mannen en vrouwen, terwijl elders in de wereld al over heel andere genderthema’s wordt gepraat. De traditionele kijk op mens en samenleving kluistert mensen aan het verleden. En het ergste is dat het onderwijssysteem die mentaliteit ondersteunt en reproduceert, in plaats van de bestaande machtsverhoudingen te bevragen of te ondergraven. Onderwijs zou moderniteit moeten aanbieden, maar de realiteit is dat het vaak traditie versterkt.

Gelijk onderwijs voor meisjes, ruimte voor vrouwen om een politiek mandaat te vervullen, in het buitenland te studeren of een rijbewijs te halen: dat is moderniteit. Vrouwen moeten gelijke kansen en rechten krijgen. Hun mening moet ten volle gerespecteerd worden. Niets daarvan kant zich tegen de islam die ik ken of belijd, maar het is wel een probleem in landen als Afghanistan. Daar wordt één bepaalde interpretatie van religie opgelegd, wat onaanvaardbaar is.

Ziet u een verschil in onderwijskansen tussen de Palestijnse Westelijke Jordaanoever en Gaza? Tussen een regio waar formeel een seculiere overheid heerst en een regio waar de facto een islamistische overheid de lakens uitdeelt?

Refat Sabbah: Het verschil is minder groot dan je zou denken, onder andere omdat Hamas toch heel anders is dan bijvoorbeeld de Taliban, en omdat de Westbank minder seculier is dan het wel eens lijkt. Bovendien: als het bestuur in Gaza minder ‘liberaal’ is dan op de Westbank, heeft dat minstens ook te maken met het feit dat de regio voortdurend onder vuur ligt. Dat voedt de trend onder mensen om zich vast te klampen aan een veilige en rotsvaste lezing van hun religie. De scholen staan dan ook nog overal onder het bestuur van de regering in Ramallah, dus is er geen verschil qua onderwijskansen voor meisjes.

Kan je dan spreken van kwalitatief onderwijs voor iedereen?

Refat Sabbah: Gelijke toegang is een zaak, kwaliteit is een andere – en daar is nog veel werk aan. De vraag is: hoe kan je kwaliteitsonderwijs garanderen in een situatie van bezetting of voortdurende oorlog? Zowel leerkrachten als leerlingen gaan gebukt onder onzekerheid en onveiligheid.

Wij zijn in elk geval tegen privatisering, want die kan niet zorgen voor het recht op onderwijs voor iedereen.
Refat Sabbah

Toch scoren Palestijnse jongeren beter op toegang tot het onderwijs dan hun leeftijdsgenoten in andere landen van de regio.

Refat Sabbah: Dat heeft verschillende redenen, waaronder een hoger niveau van internationale solidariteit. Net omdat we onder voortdurende bezetting leven, krijgen we meer internationale steun. Daarnaast zie je vaak dat wie extra onder druk wordt gezet ook extra creatief is. Wij hebben geen natuurlijke rijkdommen of bergen geld, maar we hebben de talenten van onze bevolking.

Wat belet andere landen om ook volop te kiezen voor inclusief en kwalitatief onderwijs?

Refat Sabbah: De stem van de mensen wordt gesmoord door de macht van de inlichtingendiensten. Wij leven in een cultuur van stilte, van zwijgen. Daardoor is het zo moeilijk om de regering onder druk te zetten of om verantwoording te vragen over het gebrekkige functioneren van de openbare diensten. Want het gaat niet alleen om onderwijs. Het gaat ook om gezondheidszorg of sociale zekerheid. Mensen durven zich niet uit te spreken, of ze gaan twijfelen aan hun eigen inzicht. Daarom is onze strijd voor democratie zo cruciaal. Daarmee willen we veel meer dan vrije verkiezingen verkrijgen, we willen de mogelijkheid om de maatschappij, en meer bepaald het onderwijs, te veranderen en te verbeteren.

U verzet zich tegen autoritaire overheden, maar tegelijk benadrukt u dat de regering verantwoordelijk is voor kwalitatief onderwijs voor iedereen. Er is geen sprake van privé-initiatief.

Refat Sabbah: Onderwijs, gezondheidszorg en sociale bescherming zijn rechten. Het is de opdracht van de overheid om burgers hun rechten te garanderen. In de Verenigde Naties hebben onze regeringen zich er ook toe verbonden om iedereen goed onderwijs te geven – we vragen dus niet meer dan de realisatie van aangegane engagementen.

De overheid is verantwoordelijk voor het garanderen van onderwijs voor iedereen, maar moet zij dat onderwijs ook zelf organiseren?

Refat Sabbah: Wij zijn in elk geval tegen privatisering, want die kan niet zorgen voor het recht op onderwijs voor iedereen. Geprivatiseerd onderwijs is niet toegankelijk voor armen of gemarginaliseerden, zeker als het ook wordt gedreven door winst.

Welk soort leerkracht is er nodig om het inclusieve onderwijs van uw dromen waar te maken?

Refat Sabbah: Een leerkracht die gedreven wordt door hoop, want zo iemand is altijd in staat opnieuw te beginnen. Hij of zij zou ook een echte wereldburger moeten zijn, iemand die verbonden is met de lokale werkelijkheid maar tegelijk een open blik behoudt, met interesse voor wat elders in de wereld gebeurt. Wat ons vandaag echt bedreigt, is het klassieke chauvinisme met al zijn racisme en haat. Daartegenover staat een onderwijs dat van kinderen burgers maakt, zonder onderscheid op basis van geloof, afkomst, overtuiging of aanleg.Onderwijs is een fundamenteel mensenrecht en dé sleutel naar de toekomst. Alleen zitten er op de deur vaak vele sloten.

Dit interview werd geschreven voor de MO*Special over gender en onderwijs van MO*magazine. Deze extra editie van MO*Magazine krijgen alleen onze promo’s. Je kan ook proMO* worden voor slechts 4 euro per maand. Je krijgt dan ook ons magazine toegestuurd en je steunt daarmee ons journalistiek project. Opgelet: Knack-abonnees ontvangen MO* automatisch bij hun pakket.