Hildegard De Vuyst heeft een oogje op Palestina

Op 28 maart gaat de vijfde editie van het festival Eye On Palestine van start. Met dit kunstenfeest willen de organisatoren de Vlaming een ander beeld brengen uit een van de grootste brandhaarden van het Midden-Oosten. Artiesten, zowel van eigen bodem als van de Arabische landen, stellen hun producties voor. MO* sprak met Hildegard De Vuyst van de Koninklijke Vlaamse Schouwburg over kunst, oorlog en beeldvorming.

  • © Tamara Erde This is my land © Tamara Erde This is my land
  • © Tamara Erde This is my land © Tamara Erde This is my land
  • © Tamara Erde This is my land © Tamara Erde This is my land

Palestina is zelden het onderwerp van positief of zelfs neutraal nieuws. De mainstream media herleiden Palestijnen gemakkelijk tot weerbarstige gesprekspartners in de vredesonderhandelingen met Israël of tot kamikazes met een voorliefde voor Israëlische burgerdoden.

Nog te weinig zien we het onrecht en de vernederingen van de bezetting, wat dagelijkse kost is voor de Palestijnen. Ook het ommuren van Gaza wordt vergoelijkt onder het mom van zelfverdediging tegen het terrorisme.

Dramaturge Hildegard De Vuyst weet dat dit wereldbeeld slechts een beperkt standpunt is. Sinds 2007 coördineert ze PASS, het traject dat de KVS samen met de A.M. Qattan Foundation (Ramallah) aflegt, daarin regelmatig bijgestaan door les ballets C de la B.

De Vuyst kent de impact van de bezetting van Palestina voor mensen van Marokkaanse en/of Arabische origine, die via satellietzenders de oorlog van op de eerste rij volgen. Meer dan religie of etniciteit symboliseert Palestina het onrecht en de vernedering die de Arabieren ten deel valt, ook die vernedering die ze hier in het Westen ervaren.

Waarom verschilt het wereldbeeld van de Marokkaanse Vlamingen van de rest van Vlaanderen?

Hildegard De Vuyst: Waar je via de media mee verbonden bent, is wat je wereldbeeld definieert. De Belgische media hebben bijzonder weinig aandacht voor wat daar gebeurt, behalve als het gaat over Gaza, af en toe, of een aanslag in Jeruzalem.

Het is overduidelijk dat de media gedomineerd worden door de Israëlische narrative. Gevolg is dat wij via die mainstream media weinig nieuws krijgen uit de regio. Bovendien is dat vaak een eenzijdig en heel gekleurd verhaal. 

Palestijnen moeten daar voortdurend tegen vechten en dat is net het uitgangspunt van ons werk ter plaatse. Om net die andere stem van de Palestijnen naar het Belgische publiek te brengen, proberen we Palestijnse producties naar hier te halen.

 

Andere stem

Hildegard De Vuyst: Deze stemmen kunnen immers een ander verhaal brengen doordat ze hun dagelijkse leven vertellen en andere facetten kunnen laten zien. Het staat de toeschouwer toe om met een andere bril naar de werkelijkheid te kijken.

Ik beweer niet dat de Arabische zenders objectief en neutraal zijn. Ze hebben natuurlijk ook hun agenda, alleen zitten ze dichter bij de bronnen.

Ik vraag me soms af wat er gebeurt met mensen die er voortdurend op aangesloten zijn en dat geweld ongefilterd zien. Dat moet je zo kwaad maken, het onrecht moet je naar de keel grijpen.

Dan snap ik wel dat sommigen op bepaalde momenten domme beslissingen nemen en met hun broeders gaan vechten. Als je ziet dat hun broeders voor de camera afgeslacht worden, dat het Westen herhaaldelijk twee maten en twee gewichten hanteert, voelt dat voor velen toch gewoon als onrecht.

Hoe houden jullie rekening met die dubbele beeldvorming?

De Vuyst: Binnen heel dat kluwen proberen wij een gesprek aan te gaan met artiesten. Zij zijn immers bezig met vormgeven en beeldvorming, elk op hun eigen manier. Dat zijn de stemmen waarmee wij een dialoog willen aangaan, stemmen waarvan we het gevoel hebben dat die waardevol genoeg zijn om naar hier te brengen.

Eye On Palestine zegt het letterlijk: naar Palestina kijken. Dit festival is aanvankelijk uit activistische hoek gestart, kreeg dan de steun van de academische onderzoeksgroep MENARG uit Gent en uiteindelijk hebben we er ook een artistieke blik aan toegevoegd.

Met Eye On Palestine zoeken we een meerstemmigheid en proberen we zo veel mogelijk verschillende perspectieven te brengen.

Er wordt ongelooflijk hard en veel gediscussieerd om een bepaalde beeldvorming al dan niet te brengen en die gesprekken gaan soms heel ver. Ik kan je dus zeggen dat het huidige programma er niet zonder slag of stoot gekomen is.

Op basis waarvan stellen deze partners het programma samen?

De Vuyst: Wij zoeken een meerstemmigheid en proberen zo veel mogelijk verschillende perspectieven te brengen. Adeline Rosenstein, een vrouw met joodse roots, die met Décris-Ravage naar de geschiedenis probeert te kijken vanuit haar nood om die geschiedenis te begrijpen.

Iemand als Raven Ruël heeft vanuit pure woede zijn stuk geschreven. Deze Brussels-Luikse theatermaker brengt Neutraliteit Niet Mogelijk, een titel die voor zich spreekt. Het stuk vindt zijn oorsprong in de jongste oorlog in Gaza en werd gevoed door de schokkende getuigenissen tijdens het Russell Tribunal.

Tamara Erde, een Frans-Israëlische filmmaakster, heeft zich in This Is My Land uitsluitend beziggehouden met de manier waarop Israëli’s en Palestijnen de geschiedenis onderwijzen.

Bezwaren over braindrain

Hildegard De Vuyst: Er zijn enkele dingen die me bezwaren in mijn werk met jonge Palestijnse kunstenaars en die me van het hart moeten. Door met hen te werken, hen naar hier te halen, workshops met hen op te zetten, door ze ook andere perspectieven te bieden, dreigen we de diaspora mee te creëren.

Het is een gesprek dat we regelmatig voeren met de dansers van de productie Badke en de vijf Palestijnse acteurs van Keffiyeh/Made In China. Geen van hen woont nog in Palestina en dat is ergens ook begrijpelijk.

Ze reizen rond, ontwikkelen zich en krijgen mogelijkheden die ze vanuit hun thuisland niet haalbaar waren. Omdat de mogelijkheid om zich in Palestina artistiek te ontplooien van beperkt tot onbestaande zijn, trekken deze jonge kunstenaars weg.

Is cultuur geen prioriteit omdat er onvoldoende middelen zijn?

De Palestijnse Autoriteiten investeren echter niet in cultuur. En dat is onvergeeflijk.

Hildegard De Vuyst: Het is absoluut geen kwestie van gebrek aan middelen, er is zelfs veel geld. Palestina is geen ontwikkelingsland, mensen hebben het materieel relatief goed. De Palestijnse Autoriteiten investeren echter niet in cultuur. En dat is onvergeeflijk.

Toen Hamas aan de macht was, hield de minister van Cultuur zich vrijwel enkel bezig met censuur. Nu er een eenheidsregering is, zijn ze “vergeten” een minister van Cultuur aan te stellen.

Als de Palestijnse Autoriteit, die zo veel buitenlandse fondsen krijgt, niet wil investeren in cultuur, dan hoeft het ook niet te verbazen dat talentvolle artiesten wegtrekken zodra ze de kans  krijgen.

Alle culturele initiatieven worden door buitenlandse organisaties gefinancierd, het gaat dan om ngo-theaters die werken met buitenlandse fondsen en bijgevolg ook een buitenlandse agenda hebben. Dat is volgens mij een slechte zaak voor de Palestijnse cultuur.

 

Gelukkig is er de Qattan Foundation die bergen verzet, zowel op cultureel vlak als voor het onderwijs. Dit privéfonds is de persoonlijke verdienste van een Palestijnse constructiemagnaat, Abdel Mohsin Al-Qattan die in Londen woont en besloten heeft te investeren in cultuur en educatie.

Kan je het hen kwalijk nemen wanneer kunstenaars hun geluk dan elders gaan zoeken?

Hildegard De Vuyst: Natuurlijk niet, maar het betekent wel in één woord: braindrain. Mensen daar hebben zelf ontzettend behoefte aan straffe en sterke culturele producten waar ze zich in kunnen herkennen, precies om zich elke dag aan op te trekken. Palestijnen hebben ook niet altijd zin in folklore of in de zoveelste militante film met opgeheven gebalde vuist over de Muur. Wat wij hier tonen, is daar niet eens te zien.

Palestijnen hebben ook niet altijd zin in folklore of in de zoveelste militante film met opgeheven gebalde vuist over de Muur.

Neem nu de voorstelling van Bashar Murkus, New Middle East, die is niet vertoond in de Westelijke Jordaanoever. In deze visionaire, zij het zwartgallige, voorstelling, draagt Murkus zijn steentje bij tot de discussie over de Syrische oorlog.

Het stuk is een dialoog tussen een gemaskerde beul en de vrouw die hij levend begraaft. Het geeft een sterk beeld van wat er vandaag in Syrië gebeurt. Zonder de gruwel uit de weg te gaan – de vrouw zit immers in een put, kaart het stuk met humor en soms absurde wendingen de broedermoorden in Syrië aan.

De thema’s zijn dus ruimer dan enkel de oorlog en de bezetting door Israël?

Hildegard De Vuyst: Chloë Ruthven haalde de inspiratie voor haar film uit de “hulpreizen” van haar grootouders. Vijftig jaar geleden trokken ze naar de Palestijnse vluchtelingenkampen als hulpverleners. In haar documentaire The Do Gooders plaatst Ruthven vraagtekens bij de motivatie en de gevolgen van allerhande hulpinitiatieven in Palestina.

 

De aanleiding voor haar film is dus autobiografisch en ze neemt de hulpverlening in Palestina onder de loep, maar het thema is veel ruimer dan Palestina. Het gaat meer over ontwikkelingshulp en de nefaste gevolgen ervan.

De film stelt een aantal pijnlijke vragen: ‘Waarom ga je naar Palestina? Wat heb je daar verloren? Wat drijft je anders dan een invulling voor jezelf? Waar zit de uitwisseling.’

Conerning Violence gaat dan weer over kolonialisme en welke middelen gerechtvaardigd zijn in een antikoloniale strijd. Voor ons gaat dat over Palestina omwille van de vraag hoe legitiem het gewapend verzet is.

Dat zijn allemaal facetten die een rol spelen in de situatie van Palestina, maar ze zijn evengoed van toepassing op andere contexten. Het zogeheten nieuwe Midden-Oosten komt ook Palestina binnen.

Is de kunst opgewassen tegen zo veel geweld, ontmenselijking door kolonialisme en oorlog?

Hildegard De Vuyst: In heel de geschiedenis van het ontmenselijken van de vijand – in het geval van Israël zijn dat de Palestijnen en vice versa – hebben de kunsten de mogelijkheid te re-humaniseren.

Mensen hun menselijkheid teruggeven is al wat kunst kan doen door zelfs de “vijand” te plaatsen in een menselijk verhaal.

Mensen hun menselijkheid teruggeven is al wat we kunnen doen door zelfs de “vijand” terug te brengen tot een menselijke schaal en te plaatsen in een menselijk verhaal.

Dan denk ik dat niemand meer in staat is te juichen wanneer de ander gebombardeerd wordt of de burgerbevolking te bombarderen of aanslagen te plegen door in te rijden op een groep pendelaars.

Het festival Eye On Palestine vindt plaats van 28 maart tot 5 april in de Koninklijke Vlaamse Schouwburg, Théâtre Le Marni en CC Jacques Franck.

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur