Kunstenfestival Under Construction

‘Cultuur is geen bubble, noch in Palestina en Israël, noch hier’

Op vrijdag 16 februari werd in Gent het officiële startschot voor Under Construction gegeven. De titel van dit Palestijns-Vlaams kunstenfestival zegt het helemaal: dit gaat over nieuwe fundamenten en materialen, fragiele bouwprocessen, botsingen en ontmoetingen in de kunsten. MO* sprak met curator Hildegard De Vuyst en de Palestijnse schrijfster Dalia Taha.

© Alice Devenyns

Curator Hildegard De Vuyst en de Palestijnse schrijfster Dalia Taha

De curator van Under Construction is geen onbekende op het terrein. Dramaturge Hildegard De Vuyst zette bij haar vroegere werkgever, KVS Brussel, tien jaar geleden al samenwerkingen op met Palestijnse kunstenaars. Ze steunde ook dat andere Palestijnse festival, Eye on Palestine, dat bij gebrek aan middelen in zijn voortbestaan wordt bedreigd.

Als kunstenfestival legt Under Construction de focus op wederkerigheid, de nood aan samenwerking, bespiegeling - voorbij de idee van representatie en voorbij de reductie van Palestina tot een politiek concept. Het ene hoeft het andere overigens niet uit te sluiten, zegt de Palestijnse schrijfster en dichteres Dalia Taha, afkomstig uit Ramallah. ‘Politiek is in Palestina alom aanwezig. Politiek maakt deel uit van ons dagelijks leven en van de Palestijnse psyche. Dat dit bijgevolg deel uitmaakt van onze kunst, is geen probleem. Het probleem is dat de wereld niet verder kijkt dan dat’.

Dalia Taha: We lezen een Palestijnse niet-Europese roman anders dan een Duitse Europese roman. Wat vormt onze relatie tot wat we lezen, onze verwachtingen? Die vraag moeten we ons wereldwijd vaker stellen. Als je die relatie ziet als een transformatief proces, denk ik dat je tot een beter begrip kunt komen. Daarbij gaat het niet alleen om beter te begrijpen wat op een andere plek gebeurt maar dan kunnen we onszelf er beter in herkennen. Het ont-grenst gebeurtenissen. Wat zegt wat in Palestina gebeurt over jouw leven hier? Dat vind ik nog belangrijker dan het verhaal over een plaats.

Behoefte aan nieuw verhaal

Er is behoefte aan een nieuw verhaal over Palestina en de mensen die er wonen. Het is de absolute drijfveer van Under Construction.

Dalia Taha: Bijzonder interessant aan kleine festivals als dit, is dat ze mensen samenbrengen. Under Construction bundelt de vragen, denkprocessen en verbeelding die kunstenaars meebrengen en geeft die een plaats. Als Under Construction “samen kunst wil maken”, is dat inderdaad vanuit de idee van wederkerigheid. Dat gaat dit voorbij aan de vraag wie de andere is, of de vraag wie kijkt. Het gaat om beweging, bespiegeling. Neem bijvoorbeeld het collectief Radio No Frequency. Hier worden de mogelijkheden van radio verkend om op een andere manier over urgente sociale en politieke onderwerpen – zaken die heel erg leven – te spreken. Hun shows worden in Palestina platgelopen omdat ze net voor jonge mensen denkprocessen tonen die heel erg herkenbaar zijn, die losstaan van opgelegde oude structuren uit Palestina.

Hildegard De Vuyst: Klopt, we maken kennis met een nieuwe generatie. Een deel van die mensen ken ik al vijf tot tien jaar van mijn werk als dramaturge voor de KVS, van coproducties, workshops … Nu staan ze hier met hun eigen, nog niet gevestigd werk, soms nog erg fragiel. Vanuit de keuze voor nieuwe verhalen is dit niet per se het beste van Palestina. Het gaat hier niet over de representatie van een Palestijnse natie maar om het afschudden van een keurslijf: weg van het Palestijns-nationalistisch narratief, voorbij de idee dat de Palestijnse identiteit gevormd is door politieke concepten als ‘De Muur’, ‘De Bezetting’. Het gaat over het verlangen en het doel om verbinding te maken met de wereld. Punt. Je ziet een Palestijnse artiest samenwerken met een danser van Burkina Faso. Er is de samenwerking tussen een zwarte danser van Askar nabij Nabloes en een Congolese gitaarspeler, enzovoort.

Een jonge Israëlische-Palestijnse kunstenaar uit Haifa zei het zo: “we zijn het beu om kunst te consumeren. We willen produceren, de limieten van de ruimte afschudden”. Herkenbaar?

Hildegard De Vuyst: Dat is letterlijk het idee voor Under Construction. We willen jonge kunstenaars valideren, als individuen die authentieke keuzes maken. De podiumkunsten en de theaters in Palestina zijn vaak nog te afhankelijk van internationale steun. Daar zijn dikwijls bepaalde voorwaarden of programma’s aan verbonden. Dat is mooi maar het limiteert de kunstruimte. Dat willen we doorbreken. Under Construction keert terug naar Palestina, met ongeveer dezelfde producties en coproducties. En net dat is heel belangrijk voor de betrokken artiesten, want door de internationale erkenning van hun werk ook letterlijk op eigen bodem te tonen, valideer je die kunstenaars. Zo werkt het nu eenmaal, de Platels en de Fabres werden bij ons ook pas echt naar waarde geschat, nadat ze internationale podia hadden bezocht.

Is het ook belangrijk om los te komen van de gevestigde elites in Palestina, de oudere generaties, Dalia?

Dalia Taha: Er is zeker de voorspelbare kloof tussen de generaties. Maar ik denk dat het nog belangrijker is om te beseffen dat oude generaties en jonge generaties podiumkunstenaars anders omgaan met hun verbeelding: politiek of puur artistiek. De politieke verbeelding is eindig terwijl artistieke verbeelding het onbekende opzoekt. De Palestijnse beeldende kunsten bijvoorbeeld hebben zich bevrijd van beperkende politieke definities en richtingaanwijzers, maar in de podiumkunsten was die kentering nog niet echt doorgevoerd.

© Dalia Taha

Dalia Taha

Hildegard De Vuyst: Toen ik in 2004 naar Palestijns theater ging kijken, zag ik óf slechte kopies van koloniaal theater met Franse of Britse invloeden óf afgietsels van het theater van de onderdrukten naar het voorbeeld van Augusto Boal. Nu zie je dat dit theater, binnen de politieke impasse in Palestina die er nu is, tot een complete stilstand is gekomen. De reden dat Radio No Frequency, ondanks het succes bij jonge Palestijnen, geen plek krijgt in de bestaande theaters, is dat de Palestijnse elites die hun oude stempel drukken, zich niet herkennen en in hen een bedreiging zien.

Je ziet in Palestina geen nieuwe opkomende politieke partijen. Er is geen alternatief. Wat je wel ziet, zijn burgerinitiatieven, bewegingen van jonge mensen die zich politiek en maatschappelijk engageren zonder een partijlidkaart aan te schaffen maar door zich mondiaal in te schrijven.

Hoezo?

Hildegard De Vuyst: De idee van dekolonisatie is mondiaal. Eye on Palestine focust bijvoorbeeld op de historische link tussen de Black Panthers en de PLO (Palestinian Liberation Organisation, TD), heel interessant. Door die focus speelt Eye on Palestine in op mogelijke processen in de toekomst. Uitgaande van de mogelijke éénstaatsoplossing - onvermijdelijk volgens mij - zullen de Palestijnen moeten vechten tegen apartheid, voor gelijke rechten. Die strijd is nu bezig voor Palestijnen die in Israël wonen. Als ik bijvoorbeeld Between the world and me van Ta-nihisi Coates lees, een sterke figuur in Black Lives Matter, heb ik altijd het gevoel dat ik over Palestina aan het lezen ben.

Dalia Taha: In de laatste jaren zie je die verbindingen, die ontmoetingen tussen mensenrechtenbewegingen inderdaad groeien. Mensen zien het belang om - binnen de strijd van dekolonisatie - zichzelf in relatie tot de andere beweging te zien.

Is die connectie nieuw? Legden andere generaties die link dan niet?

Dalia Taha: Eigenlijk waren vorige generaties meer betrokken in die gezamenlijke strijd. Kijk naar de jaren zestig en zeventig in Palestina. De Palestijnse strijd was echt deel van de mondiale strijd tegen alle vormen van dictatuur, geweld. Het is kwestie nu van iets te doen met die herinnering en er een nieuwe vorm aan te geven. Het gaat ook niet om een optelsom, een “wij” te creëren, maar om een “one”, “één vlees&bloed” te creëren.

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws
Cultuur als strijdperk

Hildegard, jij bent als dramaturge verbonden aan Les Ballets C de la B, die de culturele boycot tegen Israël verdedigt. Onderschrijft Under Construction de boycot?

Hildegard De Vuyst: O, mijn God, wil je het echt over de boycot hebben? Laat een ding duidelijk zijn: dit festival heeft geen greintje, niets, te maken met een culturele boycot van Israël. Israël is binnen de context van het festival gewoon geen issue. Punt. We hebben mensen met Israëlische paspoorten, we boekten de theatermaakster met joodse roots Adeline Rosenstein.

Maar goed, buiten Under Construction om en ook al is Alain Platel hier niet betrokken, heb ik wel wat te zeggen over de culturele boycot van Israël waarin Les Ballets zich inschrijft. Om alle misverstanden uit de wereld te helpen. Les Ballets doet geen perfomances in Israël omdat je die plaats normaliseert als je er wel optreedt. Dat gezegd zijnde en ook al is Alain heel actief in het promoten van die boycot: het heeft hem nooit tegengehouden met Israëlische dansers te werken. Hij werkte bijvoorbeeld in de productie Nicht schlafen met Ido Batash, een Israëli die ook legerdienst deed.

Waarom ligt het zo gevoelig?

Hildegard De Vuyst: Het probleem in de perceptie van de culturele boycot is niet de boycot zelf, maar het aspect zelf van cultuur. ‘Cultuur is de plek van ontmoeting en dialoog’, werpen tegenstanders van de boycot op. Dat is zo maar je gaat daarmee wel voorbij aan het vaststaande feit dat cultuur niet losstaat van politiek of economisch marktdenken. Cultuur is geen bubble, zeker niet in Israël. Israël laat geen moeite en centen onbetuigd om de eigen culturele producten te propageren, vaak ook gelinkt aan politieke PR. Vraag maar aan de Israëlische kunstenaar Arkadi Zaides die met de installatie Archive een zeer abstract stuk maakte met beelden van B’Tselem. Hij werd letterlijk bedreigd. Israël beschouwde zijn werk dus zeker niet als “bubble-veilig”. Intussen woont hij niet meer in Israël, alweer een kritische stem die vertrok uit Israël. Dus: cultuur is niet de plaats van de uitzondering. Het is een strijdperk.

Over strijdperk gesproken: Eye on Palestine, waarmee jullie samenwerken, zit in een precaire positie, wegens tekort aan middelen. Neemt Under Construction over?

Hildegard De Vuyst: Under Construction is een one off festival, eenmalig door de Vlaamse regering gesteund. Het is met andere woorden geen nieuw festival dat beoogt om de plaats van andere festivals in te nemen. Ik vind het belangrijk dat Eye on Palestine, een sterk en herkenbaar merk, nog meedraait. Net omdat Eye on Palestine geen structurele middelen kreeg, hebben we het festival vanuit mijn vroegere werkplaats in de KVS gedurende twee edities gesteund. Nu is de allerbelangrijkste vraag: hoe kan het bestaan van Eye on Palestine gewaarborgd blijven? Het is overigens niet de enige organisatie die focust op cultureel werk buiten Vlaanderen die in een moeilijke positie verkeert. De broodheren zijn niet geïnteresseerd in de buitenwereld, zeker niet in het Midden-Oosten, Noord-Afrika en Afrika. Ook een organisatie als Moussem kent die drempels.

© Danny Willems

Hildegard De Vuyst

Steeds minder buitenland in Vlaamse podiumkunsten

Het buitenland is toch altijd een moeilijk verkoopbaar product geweest in de Vlaamse kunstensector?

Hildegard De Vuyst: Dat klopt maar het is vandaag alleen nòg moeilijker te verkopen. Vroeger hadden we bijvoorbeeld The Young Arab Theatre Fund. Tarek Abou el Fetouh organiseerde vanuit Brussel een festival van ontmoetingen, dat door het Midden-Oosten reisde en ook hier langskwam. De basisidee was steun aan artiesten in het Midden-Oosten en Noord-Afrika, het vergroten van de mobiliteit van kunstprojecten, het leggen van verbindingen. Ook daar is een streep onder getrokken.

Ik moet er geen tekening bij maken dat we vandaag in de Vlaamse kunstensector de invloed van een Vlaams-nationalistisch gedachtengoed zien, dat voornamelijk in de eigen cultuur is geïnteresseerd. De kunstruimte is opnieuw kleiner geworden onder de huidige regering. We zien wel aandacht voor diversiteit, misschien zelfs meer dan ooit tevoren, maar enkel diversiteit van Vlamingen die migratieroots hebben; de Fikry’s (El Azouzi), de Adils (El Arbi). Ik ben daar uiteraard niet tegen, vind dat uiteraard positief. Alleen mag die diversiteit van eigen bodem de internationale verhalen niet vervangen.

En dan zijn we opnieuw aan het punt van die ontmoetingen, Dalia.

Dalia Taha: Wat leven en wonen in Palestina zo hard maakt is dat je jezelf geen plaats in de toekomst kan toekennen, zelfs niet in je verbeelding. De bezetting heeft onze capaciteit om onszelf in de toekomst te storten volledig genekt. Maar intussen groeit de wereld wel. Ramallah blijft groeien en groeien zonder ruimte.

De enige twee geluiden die je in de stad hoort, zijn die van drilboren en optrekkende auto’s. Het zijn de soundtracks van onze stad en onze impasse. En net daarom zijn die ontmoetingen met de wereld daarbuiten zo belangrijk. Als twee elementen tegen elkaar botsen kan een derde, nog onbekend element ontstaan.

Het programma van Under Construction loopt tot 25 februari 2018 op diverse locaties in Gent

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift