‘Politie overal, gerechtigheid nergens!’ De politie en de volkswijken in tijden van corona

Interview

De dood van Adil: de graffiti is weggeveegd maar de woede en het verdriet werden niet uitgewist.

‘Politie overal, gerechtigheid nergens!’ De politie en de volkswijken in tijden van corona

‘Politie overal, gerechtigheid nergens!’ De politie en de volkswijken in tijden van corona
‘Politie overal, gerechtigheid nergens!’ De politie en de volkswijken in tijden van corona

De graffiti naar aanleiding van de dood van Adil, de negentienjarige Brusselaar die op 10 april omkwam bij een politiecontrole op het naleven van de lockdown, is van de muren verwijderd. Maar het verdriet en de woede zijn daarom niet uitgewist. Eigenaardig genoeg heeft de fatale afloop van een gewone controle geen publiek debat uitgelokt.

© Samira Bendadi

© Samira Bendadi

De dood van Adil komt op de lijst van onrechtvaardigheden die de inwoners van de volkswijken in Brussel ervaren. Het is niet de eerste keer dat een gewone controle fataal afloopt. Er is een gerechtelijk onderzoek bezig, maar veel vragen blijven onbeantwoord.

Waarom gebeurt dit, tekens weer, in de Brusselse volkswijken? Hebben de vele studies en de maatregelen van de voorbije decennia dan niet gewerkt? En waarom lokte de zaak Adil geen publiek debat uit over politiecontroles, over de wet en de interpretatie ervan en over het beleid in de volkswijken? MO* ging polshoogte nemen in Kuregem en interviewde sociologe Muriel Sacco die in 2010 onderzoek deed naar het overheidsbeleid in de wijk.

De politie is er niet alleen om te controleren

‘Ni oubli, Ni pardon’, ‘Justice, vérite pour Adil’, ‘Police partout, justice nulle part’ of nog ‘Wij vergeten jou niet Adil’. De hartekreten staan op het witte bord dat de gemeente Anderlecht plaatste tegenover de plaats waar Adil op 10 april omkwam. Adil wilde een lockdown controle ontvluchten. De politie zette de achtervolging in en riep versterking op. Het incident eindigde met een frontale botsing tussen de scooter van Adil en een politiewagen die uit de tegenovergestelde richting kwam.

Het herdenkingsbord dat al vol geschreven werd, is het alternatief dat de gemeente bedacht nadat alle graffiti die naar het tragische voorval verwijst van de Brusselse muren werd verwijderd. Bedoeling is om het bord aan de ouders van Adil te schenken.

Ook de affiches die enkele dagen aan het metrostation Clemenceau werden opgehangen, zijn verwijderd’, zegt Hayat Al Aroud, opvoedster en directrice van Le Compas, een vzw die naschoolse activiteiten organiseert voor kinderen in Kuregem. ‘Vermoedelijk door de gemeentediensten. Ze willen vermijden dat er opnieuw rellen ontstaan.’

‘Je kunt de gevoelens na de dood van Adil vergelijken met de emotie die oplaaide toen de Tunesiër die zichzelf in brand stak in 2010. De hogra, het gevoel van onrechtvaardigheid dat de zwakke ervaart, en dat in 2011 tot de Arabische Lente leidde.’

‘Wat ik schokkend vind is dat de politieagenten geen blijk van billijkheid toonden. Ze hebben de achtervolging ingezet alsof het om een konijn ging dat ze wilden vangen’, zegt Al-Aroud. ‘De mensen hier zijn echt bang voor het virus. En er zijn zoveel mogelijkheden om de lockdown te doen naleven. Ze hadden met een luidspreker Adil en zijn vriend kunnen aanmanen om naar huis te gaan. Ze hadden kunnen zeggen dat ze dit voor hun bestwil moeten doen. De politie is er niet alleen om te controleren maar ook om te beschermen.’

Het scenario is gekend

De dood van Adil is een déjà-vu. Het scenario van een banale controle met een fatale afloop. Gevolgd door een oproep om te protesteren en gerechtigheid op te eisen, wat uitdraait op een hevige opstand waarbij ruiten sneuvelen. In dit geval zagen we beelden van tientallen jongeren die een politiecombi vernielden.

In het klassieke scenario komt de focus van de media en de politiek snel op de rellen te liggen en worden er forse uitspraken gedaan. In dat scenario wordt er een link gemaakt tussen de rellen en de sociaaleconomische achterstand van de volkswijken, wordt er gepraat over de hoge delinquentiegraad in die wijken. Er worden analyses gemaakt en oplossingen aangereikt. In het geval van Adil verwees de politie naar de moeilijkheden van de lockdown en verklaarde minister van Binnenlandse Zaken Pieter de Crem (CD&V) dat er zero tolerantie is voor de “relschoppers”.

Er is een onderzoek geopend maar voor de jongeren die op 11 april de straat opgingen leek het alsof het proces al plaatsgevonden had en de afloop ervan al gekend was. ‘Er is geen vertrouwen in Justitie’, zegt Rachid die net als Hayat Al-Aroud opvoeder is in Le Compas. ‘Dit is ook niet de eerste keer dat er een dode valt bij een politieoptreden. Voor Adil was er Mehdi en voor Mehdi was er Ouassim en Sabrina. Er is vrijwel elk jaar een dodelijk slachtoffer van een politiecontrole en in al die zaken zijn er geen veroordelingen geweest. Wat mij het meest pijn doet, is dat Adil een brave jongen was.’

Bouwen aan morgen

‘Zelfs als het om een dealer of verkrachter zou gaan, mag een controle of een aanhouding nooit tot de dood leiden’, zegt Al-Aroud. ‘Tegelijkertijd ben ik tegen de rellen. Want die rellen berokkenen grote schade aan het imago van de buurt en ze lossen niets op. Het waren zelfs geen jongeren uit de wijk, ze kwamen van overal. Dit is weer een klap voor Kuregem, een wijk die haar best doet om aan haar imago te werken’.

De burgemeester heeft de avond zelf zijn medeleven betuigd en dat vindt de opvoedster een goede zaak. ‘Dat is op zich is al een stap vooruit, dit is hier nooit eerder gebeurd.’

‘Er zijn goede politieagenten en slechte politieagenten. De slechte politieagenten noemen ons bougnoules’, zegt een tienjarige uit de buurt.

‘Eerst moet er een degelijk en transparant onderzoek komen door justitie. Daarnaast moeten de autoriteiten de stap zetten naar de burgers’, zegt Rachid. ‘De politie moet met de jongeren praten. Alleen op die manier kunnen we aan morgen bouwen.’

Sacco: ‘Het vermoeden van onschuld bestaat hier niet’

‘Bouwen aan morgen’, ook dit klinkt als een déjà-vu. Muriel Sacco, sociologe en docent aan de ULB heeft tien jaar geleden een onderzoek gedaan naar het overheidsbeleid in Kurgem. Ze stelt vast dat er niet veel veranderd is.

‘De machtsverhouding is altijd in het nadeel van de inwoners van deze wijken, zeker als het gaat om jonge mannen. Het vermoeden van onschuld bestaat voor hen niet’.

Tien jaar geleden hebt u onderzoek gedaan naar overheidsbeleid in Kuregem. Is er ondertussen iets veranderd?

Muriel Sacco: Er is weinig veranderd. De politie is in de volkswijken hyper aanwezig en dat is altijd even problematisch. Maar het is niet alleen de aanwezigheid van de politie die een probleem is, de relatie tussen de inwoners en de politie is ook problematisch. Als de politie tussenkomt, is het uitgangspunt altijd verdachtmaking.

Een interactie tussen een persoon en politie kan in een wijk als Kuregem heel snel een negatieve wending krijgen. De machtsverhouding is altijd in het nadeel van de inwoners van deze wijken, zeker als het gaat om jonge mannen. Het vermoeden van onschuld bestaat voor hen niet.

Daarbovenop krijgt de politie bij een optreden meteen verstekring. Ik weet niet of u de politie al hebt opgebeld, maar als je de politie belt vanwege huiselijk geweld zal ze niet even snel opdagen. Er zijn natuurlijk enkele agenten die op het terrein werken en die een goede relatie hebben met de buurtbewoners maar dat zijn niet de agenten die de identiteitscontroles doen.

© Muriel Sacco

Sociologe Muriel Sacco: ‘Als burgers aan politiek doen en politici en overheid ter verantwoording roepen, kan er veel veranderen. Er kan voorkomen worden dat politie-uitschuivers of politiegeweld naar de vergeethoek worden geduwd.’

© Muriel Sacco

Waarom ageert de politie vaak vanuit een verdenkingsreflex in deze buurten?

Muriel Sacco: Het probleem is op de eerste plaats politiek. De politiek kijkt neer op de bevolking van de volkswijken. Al in de jaren negentig was Kuregem de wijk die men wilde verstoppen. Burgemeester Christian d’Hoogh, een socialist nota bene, noemde toen één van zijn schepenen die zich voor de wijk wilde inzetten, de schepen van de “bougnoules”. Dat was ook het geval in andere Brusselse gemeentes.

Kuregem werd lang gezien als de gevaarlijkste plaats van het land, een no-go zone, tot Molenbeek die fakkel overnam na de aanslagen in Parijs. En dat zien we in het discours van politici. Racisme is niet beperkt tot extreemrechts alleen. Racisme was er zelfs binnen de socialistische gemeentelijke elites ten opzichte van de inwoners van de volkswijken.

Ook op het vlak van sociale mobiliteit is er weinig veranderd. Er is weinig veranderd in de tewerkstelling van kortgeschoolde mensen. Er werd weliswaar geïnvesteerd in de wijken, maar dat staat niet in verhouding tot de noden en tot de bevolkingsdichtheid.

Deze wijken zijn ook aankomstwijken. Er is een gebrek aan groene ruimte. En er is sprake van een dubbele afsluiting van de bevolking. Jongeren gaan wel de wijk uit als ze naar school gaan, maar voor de rest blijven ze in hun buurt. En als ze naar buiten gaan, botsen ze op de neerbuigende kijk die men op hen heeft.

© Samira Bendadi

© Samira Bendadi

Er is wantrouwen tegenover de inwoners in de volkswijken?

Muriel Sacco: De inwoners van de volkswijken worden altijd in de gaten gehouden. De ene keer is het omwille van delinquentie, de andere keer omwille van drugshandel, dan weer is het omwille van terrorisme. De mensen hier worden beschouwd als gevaarlijk. Het motief verandert een beetje maar de houding blijft er een van verdachtmaking.

Is de grote aanwezigheid van politie niet gelinkt aan een hoge criminaliteitsgraad?

Muriel Sacco: Studies tonen aan dat de criminaliteitsgraad het hoogste is in de wijken met de grootste werkloosheidcijfers. Maar daaruit kan je niet afleiden dat in deze wijken de criminaliteit groter is. Er zijn meer controles in deze wijken waardoor er meer geregistreerd wordt.

‘Het is de manier waarop men intervenieert die problematisch is.’

Kwalitatieve studies tonen aan dat interventies in de volkswijken veel sneller en frequenter een negatieve draai krijgen dan in de buitenwijken van Brussel. Wanneer er iets gebeurt in een welgestelde wijk en de ouders bij de politie komen uitleggen dat dit de eerste keer was, dat hun zoon het begrepen heeft en dat hij het niet meer zal doen, is de kans groot dat het incident eindigt zonder gevolg voor de betrokkene. Maar wanneer zo een incident in de volkswijken gebeurt, komt er een interpellatie en dat wordt in het dossier van de betrokkenen geregistreerd.

Interventies in de volksbuurten lopen slecht af en daarop wordt gereageerd met demonstraties, die uitdraaien op rellen. Hoe komt dat?

Muriel Sacco: Jongeren hebben zo snel hebben gereageerd en zijn ook van andere gemeenten gekomen omdat het probleem niet eigen is aan Kuregem. Ze staan wantrouwig tegenover controles. Ze ervaren die controles in ieder geval als negatief en onrechtvaardig. De manier waarop de gemeente heeft gereageerd en het feit dat ze zich achter de politie heeft geschaard, helpt ook niet. Het versterkt het gevoel van straffeloosheid en dat heeft effect op andere gemeentes. We mogen niet vergeten dat de burgemeester ook de chef is van de politie op zijn grondgebied.

Langs de andere kant denk ik wel dat de gemeente verrast is door wat er gebeurde. Er werd in de wijk geïnvesteerd en het is hoopgevend om te zien dat een aantal verkozenen zich gemobiliseerd hebben in de zaak van Adil.

De laatste jaren werden ook mensen met een migratieachtergrond verkozen, toch blijven deze wijken in het hart van de stad tegelijk in de marge van de samenleving.

Muriel Sacco: De verkozenen beginnen zich in te zetten voor de wijken. En dat is hoopvol. Maar feit is dat er maar weinig verkozenen zijn die in de volkswijken wonen. De personen die door de inwoners van deze buurten worden verkozen, krijgen geen belangrijke posten. Ze worden in het beste geval gemeenteraadslid of voorzitter van het OCMW. Maar geen schepen of burgemeester.

De problemen zijn gekend. Er is racisme bij de politie. Dat is niet in wetten gegoten maar het doet zich wel voor. In de vorming van de politie zijn er stereotypen die circuleren. Er is ook een ondervertegenwoordiging van mensen met een migratieachtergrond bij de politie. Er moet grondig gewerkt worden aan deze kwesties. De vorming van politieagenten kan zeker de zaken verbeteren.

Dat zijn geen nieuwe voorstellen.

Muriel Sacco: Dit is geen politieke prioriteit. De klachten van de burgers over politiegeweld worden niet ernstig genomen. Het is niet voor niets dat er verenigingen en organisaties ontstaan om politiegeweld aan te klagen want de klacht van de burger alleen volstaat niet.

De ouders van Adil en met hen veel buurtbewoners en sympathisanten vragen een eerlijk en transparant onderzoek. Tegelijk is het vertrouwen klein. Hoe belangrijk is de uitkomst van het onderzoek?

Muriel Sacco: Er is een achtervolging geweest met de auto en een overlijden. Er is een onderzoeksrechter aangesteld en ondertussen is er ook het onderzoek van De Morgen. Volgens de krant werd het ongeval door de politie veroorzaakt. De gerechtelijke waarheid is niet altijd gemakkelijk om vast te leggen. Het is dus afwachten wat het resultaat van het onderzoek zal zijn.

De politie heeft disproportioneel gehandeld maar we weten ook uit het verleden dat de politie de neiging heeft om haar agenten in te dekken, denk maar aan de affaire Mawda (het tweejarig meisje dat overleed nadat de politie schoot op een voortvluchtige wagen waarin asielzoekers zaten).

Hoe beoordeelt u de reacties van de politiek en de media op de zaak Adil?

Muriel Sacco: Op politiek vlak waren de reacties heel zwak. De eerste minister heeft in de conferentie over de lockdown op geen enkel moment naar het incident in Kuregem verwezen. Maar ook op het vlak van de berichtgeving is er een probleem. Onderzoek in Frankrijk heeft aangetoond dat de verslaggeving over politiegeweld altijd de neiging heeft om de geloofwaardigheid van slachtoffers te ondermijnen. En mijn collega’s van het departement filosofie van de universiteit van Luik hebben een tekst op hun website gepubliceerd waarin ze de berichtgeving over politiegeweld aanklagen. Dat hebben ze gedaan nadat een student hard werd aangepakt bij een voedselbedeling voor daklozen.

‘Als burgers aan politiek doen en politici en overheid ter verantwoording roepen, kan er veel veranderen.’

De verslaggeving begint met het verhaal te brengen maar eindigt altijd met het discours van het hoofd van de politie. Die benadrukt het juridisch verleden van het slachtoffer. Dat brengt het slachtoffer in diskrediet en maakt zijn verhaal ongeloofwaardig. Dat bevestigt bestaande stereotypen.

Is het dan een probleem van een maatschappij en niet louter een gemeentelijk probleem?

Muriel Sacco: Het is een probleem van alle instellingen. Er is overal discriminatie. Het is een probleem van ras maar ook van sociale klasse. Het is een probleem van sociale hiërarchisering die ook door de politie wordt gemaakt.

Hoe kan hier verandering in komen ?

Muriel Sacco: Ik denk niet dat de verandering van bovenaf zal komen. De regeringen die we hebben zijn niet gunstig voor de bevolking in de volkswijken. Tot vorig jaar hadden we Jan Jambon als minister van Binnenlandse Zaken en zijn partij, de N-VA, staat niet echt positief tegenover mensen met een migratieachtergrond. Daarom is een sterkte mobilisatie rond het thema racisme cruciaal.

Nieuwe organisaties zijn ontstaan, zoals Bruxelles Panthères en Policewatch. De Liga voor Mensenrechten begint zich te interesseren voor dit thema. Ook burgers reageren dankzij de sociale media. Politie-interventies worden met smartphones gefilmd en dat helpt om het geweld door de slachtoffers te objectiveren.

Twintig jaar geleden, toen de eerste rellen in Brussel uitbraken, bestond stemrecht niet voor vreemdelingen. Nu is er wel stemrecht voor mensen die meer dan vijf jaar in het land verblijven. Er zijn meer mensen met een migratieachtergrond die in de politiek actief zijn. Ze hebben niet de belangrijkste posten maar hopelijk zullen zij de kwestie van racisme ter harte nemen en er minstens in de coulissen iets aan doen.

Als burgers aan politiek doen en politici en overheid ter verantwoording roepen, kan er veel veranderen. Er kan voorkomen worden dat politie-uitschuivers of politiegeweld naar de vergeethoek worden geduwd.

Denkt u dat Adil vergeten zal worden?

Muriel Sacco: Ik denk niet dat Adil vergeten zal worden omdat het incident heel schokkend was. Het was een politiecontrole. Het ging niet om een situatie van agressie. Het is een jongen die een controle wilde ontvluchten. We mogen niet doodgaan voor zoiets.