Nadruk in debat ligt te veel op de productie van handelsgewassen

Afrika rekent op voedselimport: ‘Massa landbouwgrond onbenut’

Lynn Greyling / Publicdomainpictures (CC0)

Uit cijfers van de FAO blijkt dat Afrika naar schatting nog zo’n 60 procent van alle niet-benutte landbouwgrond ter wereld herbergt.

Afrika voert elk jaar voor 55 miljard dollar aan voedsel in, een bedrag dat naar schatting nog kan verdubbelen tegen 2030. Tegelijk is er veel landbouwgrond die onderbenut blijft. Daar zit nog ontwikkelingspotentieel waarop gefocust moet worden met technologie, stelt de Frans-Egyptische ontwikkelingsexpert Hafez Ghanem.

Een recent vaak gehoorde bezorgdheid, als het over voedsel en Afrika gaat, is dat ‘gewassen voor cash’ (de zogeheten ‘handelsgewassen’, met name verkocht als grondstof voor de industrie, nvdr.) er vandaag te vaak voorrang krijgen op de productie van voedsel.

Volgens de Voedsel- en Landbouworganisatie van de Verenigde Naties (de FAO) kunnen drie gewassen - maïs, rijst en tarwe – in de helft van de wereldwijde behoefte aan eiwitten en calorieën voorzien. Het Afrikaanse continent produceert respectievelijk 7, 5 en 4 procent van die wereldproductie. Volgens sommige experts zit daar meer potentieel in: zowel wat betreft de eigen voedselvoorziening als voor inkomsten uit export.

‘Na de onafhankelijkheid maakten veel landen een fout door in te zetten op de productie van goedkoop voedsel voor de mensen in de steden.’

‘Het meest productieve gesprek zou gaan over hoe we Afrikaanse boeren kunnen ondersteunen om meer eigen voedsel te produceren en om nog meer te exporteren, want dat laatste kan de levenskwaliteit van de boer verbeteren en hem uit de armoede halen’, zegt Hafez Ghanem, voormalig regionaal vicepresident van de Wereldbankgroep en vandaag fellow in het Global Economy and Development Program bij de Amerikaanse non-profitorganisatie Brookings Institution.

Volgens hem werd er na de onafhankelijkheid door veel landen een fout gemaakt door te willen inzetten op de productie van goedkoop voedsel voor de mensen in de steden, onder meer door de landbouwprijzen laag te houden en boeren te dwingen om bepaalde gewassen te produceren. Het resultaat was dat de boer arm werd, zegt Ghanem. ‘Als de boer arm is, kan hij niet produceren, en op de lange termijn wordt iedereen arm en hongerig.’

Meer voedsel, meer export

Ghanem pleit ervoor om opbrengsten te verhogen door, in het geval van granen bijvoorbeeld, gebruik te maken van kwaliteitszaden, kunstmest en irrigatie. ‘Zo kunnen boeren meer voedsel produceren zonder de productie van gewassen voor cash te verstoren. Zo wordt de boer rijker.’

Volgens het Africa Agriculture Status Report 2022 ‘is het voor Afrika belangrijker dan ooit om het voedselsysteem te transformeren.’

Afrika heeft verder nog andere stimulansen om het voedselsysteem om te vormen, schrijft het rapport: ‘met bij de meest aangetaste landbouwgronden ter wereld en de toenemende droogte zal Afrika in de toekomst te maken krijgen met aanzienlijke blootstelling aan watergerelateerde klimaatrisico’s.’

Ongeveer 90 % van de plattelandsbevolking in Afrika ten zuiden van de Sahara is afhankelijk van de landbouw als belangrijke bron van inkomsten. Maar ook is 95 % van de landbouw afhankelijk van regenval, aldus het rapport. De gevolgen van de onvoorspelbare regenval, stijgende temperaturen, extreme droogte en weinig koolstof in de bodem, zullen de oogsten verder doen dalen, voorspellen de auteurs.

Te veel focus op handelsgewassen?

Ghanem gelooft niet dat het probleem van de voedselzekerheid in Afrika het gevolg is van de productie van te veel handelsgewassen. Het probleem is tweeledig, zegt hij.

‘Ten eerste is de productie van zowel handels- als voedselgewassen over het algemeen laag. We moeten de opbrengst van beide verhogen. De oplossing is volgens mij niet om te stoppen met de uitvoer van handelsgewassen om zo meer voedsel te produceren’, legt hij uit.

‘We kunnen onze boeren niet vragen gewassen te produceren die minder opbrengen en dus minder winstgevend zijn.’

Het tweede deel van het probleem, zegt hij, zit in de uitdaging van de klimaatverandering. ‘We moeten veel meer doen om de Afrikaanse landbouw daar beter tegen bestand te maken.’

Hij zegt dat de bezorgdheid dat handelsgewassen voorrang krijgen op voedselgewassen misplaatst is. ‘Denk aan het profiel van de boeren in Afrika’, zegt hij. ‘Het gaat om zeer kleine boeren. In landen als Ivoorkust en Ghana maken zij veel meer winst met bijvoorbeeld cacao of koffie dan met rijst. We kunnen onze boeren niet vragen gewassen te produceren die minder opbrengen en dus minder winstgevend zijn.’

Bij elke oplossing die rond voedselzekerheid wordt gezocht, mag niet uit het oog worden verloren dat de meest voedselonzekere en armste mensen in Afrika op het platteland wonen.

Massa landbouwgrond onbenut

Tegen deze achtergrond zien deskundigen zoals Ghanem geen conflict tussen de productie van voedsel- en handelsgewassen, omdat Afrika nog over uitgestrekte landbouwgronden beschikt om beide te produceren. Uitgezonderd in Egypte en enkele andere Noord-Afrikaanse landen, heeft de rest van het continent volgens hem nog ruimschoots overschot aan landbouwgrond.

Afrika heeft jaarlijks 120 tot 150 miljard dollar aan investeringen nodig om de voedselproductie op het continent op peil te houden.

Uit cijfers van de FAO blijkt dat Afrika naar schatting nog zo’n 60 procent van alle niet-benutte landbouwgrond ter wereld herbergt. De oplossing is volgens Ghanem dan ook om boeren te helpen hun land te irrigeren en toegang te krijgen tot zaden en meststoffen van hoge kwaliteit.

Volgens het Africa Agriculture Status Report heeft Afrika jaarlijks ongeveer 40 tot 70 miljard dollar aan investeringen van de overheid nodig en nog eens 80 miljard dollar van de particuliere sector om de voedselproductie op het continent op peil te houden.

Ghanem gelooft sterk in het investeren in technologie voor de optimalisering van kunstmest en de ontwikkeling van klimaatbestendige zaden van hoge kwaliteit.

Kunstmest blijft voorlopig erg duur omdat het wordt geïmporteerd, zegt hij. Hij is dan ook lovend over de vestiging van enkele van ‘s werelds grootste kunstmestproducenten in Nigeria en Marokko, en roept op om dergelijke investeringen in andere delen van het continent meer te overwegen.

Maak MO* mee mogelijk.

Word proMO* net als 3306   andere lezers en maak MO* mee mogelijk. Zo blijven al onze verhalen gratis online beschikbaar voor iédereen.

Ik word proMO*    Ik doe liever een gift