Burundi’s vergeten vluchtelingencrisis

De herverkiezing van president Nkurunziza in 2015 zorgde in Burundi voor een heropflakkering van geweld dat tien jaar onder controle geweest was. Kamp Nyarugusu in buurland Tanzania huisvest vandaag meer dan honderdvijftigduizend mensen en is het derde grootste vluchtelingenkamp ter wereld. Toch lijkt de internationale gemeenschap voorlopig de andere kant op te kijken.

  • Dave Proffer (CC BY 2.0)  De VN vraagt meer hulp voor Burundi's volksverhuizing. Dave Proffer (CC BY 2.0)
  • Dave Proffer (CC BY 2.0)  Het platteland, de machtsbasis van president Nkurunziza. Dave Proffer (CC BY 2.0)
  • AMISOM Public Information (CC0 1.0)  President Nkurunziza werd in 2015 voor de derde keer president. AMISOM Public Information (CC0 1.0)
  • Dave Proffer (CC BY 2.0)  Vele Burundezen durven de grens niet oversteken. Dave Proffer (CC BY 2.0)

Meer dan een kwart miljoen Burundezen sloeg sinds vorig jaar op de vlucht voor de systematische terreur die het regime op haar eigen bevolking uitvoert. Dat meldt The Guardian, die beweert dat de regering angstig is haar om grip op het land te verliezen.

‘De situatie kan nog heel lang instabiel blijven.’

Tomas Van Acker, onderzoeker aan de Conflict & Development Group van de Gentse universiteit, is daar niet zo zeker van: ‘De internationale gemeenschap keek met argwaan naar de start van Nkurunziza’s derde ambtstermijn. Toch kan de president nog steeds op een groot deel van het leger rekenen. De gewapende oppositiegroepen daarentegen zijn op dit moment onvoldoende verenigd waardoor ze de macht niet zouden kunnen overnemen, laat staan behouden. De oppositie neemt wel stappen richting samenwerking.’

Toch is de situatie in Burundi niet stabiel te noemen. Volgens Van Acker bevindt het land zich momenteel in een staat van een laag intensiteitsconflict: ‘Op het eerste gezicht lijkt het dat de situatie niet verder zal escaleren. Ik denk op dit ogenblik niet dat Burundi op de rand van een grootschalige burgeroorlog staat. Wel zijn er verschillende elementen aanwezig die er op wijzen dat de situatie nog langdurig instabiel zal blijven.’

Zwakke oppositie

Pierre Nkurunziza’s tweede ambtstermijn liep vorig jaar af, maar hij won de controversiële verkiezingen met zeventig procent van de stemmen. Zijn campagne, doorspekt met intimidatie en moord, veroorzaakte een vluchtelingencrisis. De economie stortte in en Burundi raakte internationaal geïsoleerd.

In december 2015 vielen enkele gewapende rebellen militaire kampen aan. De actie mislukte waarna de president brutale repressies uitvoerde. Daarbij vielen vele burgerslachtoffers. De gewapende groepen, die banden hebben met de politieke oppositie, kunnen zich sindsdien minder goed organiseren. Van Acker: ‘De oppositie blijft actief, maar staat vrij zwak tegenover het leger. Ze beschikt wel over de capaciteit om het land te destabiliseren.’ Ook deze week pleegden enkele gewapende groeperingen aanslagen tegen regeringsgezinde burgers en politiediensten.

De president beschouwt elke vorm van oppositie als terrorisme.

‘Slechts weinig mensen zijn gelukkig dat Nkurunziza erin slaagde het presidentschap weer naar zich toe te trekken. Hij toont de internationale gemeenschap wel dat hij over de capaciteit beschikt het land onder zijn controle te behouden. Verschillende regionale actoren probeerden Nkurunziza en de oppositie tot dialoog aan te zetten, maar tot vandaag leverde dat niets op’, vertelt Van Acker.

De Oost-Afrikaanse Gemeenschap vroeg Nkurunziza meerdere keren met de oppositiegroepen aan tafel te zitten. De president beschouwt elke vorm van oppositie als terrorisme en weigert tot een akkoord te komen.

Nieuwe breuklijnen

President Pierre Nkurunziza trekt de etnische kaart die in buurland Rwanda in 1994 voor een genocide zorgde. Lange tijd was de etnische breuklijn tussen Hutu’s en Tutsi’s minder belangrijk in Burundi. Van Acker: ‘Jongeren liggen niet meer wakker van hun etnische achtergrond. Nu de crisis aansleept, beschuldigt Nkurunziza, zelf een Hutu, de oude Tutsi-elite van alle ellende. In de toekomst kan dat voor grote problemen zorgen.’

‘Vorig jaar pleegden enkele militairen een mislukte staatsgreep’, vervolgt Van Acker, ‘geleid door een oude strijdmakker van de president. De breuklijnen werden de afgelopen jaren nog complexer dan voor de Arusha-akkoorden. Na 2000 groeiden er spanningen binnen de Hutumeerderheid die aan de macht is. Verschillende splinterpartijen scheurden zich af. Generaal Godefroid Niyombare die ooit aan de zijde van Nkurunziza streed, voerde de coup aan uit onvrede met de steeds groeiende macht van de president.’

AMISOM Public Information (CC0 1.0)

President Nkurunziza werd in 2015 voor de derde keer president.

Vergeten conflict

Hoewel de internationale media berichten over de toestand in het land, blijft het stil in België. In Frankrijk, het Verenigd Koninkrijk en zelfs China verschijnen uitgebreide stukken over de crisis, al is dat volgens de Burundezen niet voldoende. Genevieve Kanyange liep over van de regeringspartij en klaagt de situatie aan in The Guardian: ‘Ons land staat op de rand van een burgeroorlog. We voelen ons vergeten.’

Ook de VN merkt op dat de vraag naar dotaties voor hulpgoederen slechts een tiende van het vereiste bedrag opleverde. Van Acker: ‘De internationale gemeenschap zou een klimaat moeten creëren waarin de Burundezen tot een oplossing kunnen komen. Tot nu toe deed ze dat niet. Enkele staten legden het land sancties op, maar die lijken bij te dragen tot een economische crisis die heel wat Burundezen zal treffen.’

Dagelijks trekken honderdtwintig Burundezen naar buurland Tanzania.

Gemiddeld steken er dagelijks een honderdtwintigtal mensen de grens met Tanzania over. Zij voegen zich bij de tweehonderdvijftigduizend vluchtelingen die zich vandaag in buurlanden Tanzania, Rwanda, Oeganda en de Democratische Republiek Congo bevinden.

Rijkere vluchtelingen eindigen vaak in de Rwandese hoofdstad Kigali. Daar verzamelen ook de meeste journalisten, politici en activisten die hopen dat het conflict hoger op de internationale agenda komt.

‘De crisis in Burundi is natuurlijk niet zichtbaar in het straatbeeld bij ons’, concludeert Van Acker, ‘waardoor de Belgen minder wakker liggen van wat er gaande is. Burundi was ooit een Belgisch mandaatgebied. De Belgische diplomatie heeft er meer voet aan de grond dan in andere landen en is er in vergelijking met andere staten een vrij gerespecteerde gesprekspartner. Burundi is ook onze belangrijkste partner voor bilaterale ontwikkelingshulp. Een frappante tegenstelling. Ik denk dat Congo, waarmee de koloniale band veel sterker was, meer tot de verbeelding spreekt in België.’

Dave Proffer (CC BY 2.0)

Het platteland, de machtsbasis van president Nkurunziza.

Landverraders

David Miliband, hoofd van het International Rescue Committee, waarschuwt dat ‘Burundi zich op het ergste moet voorbereiden’. Volgens Miliband kan de crisis nog jaren aanslepen. Dat zei hij na een bezoek aan het Nyarugusu Kamp dat meer dan honderdvijftigduizend mensen telt, en daarmee het derde grootste vluchtelingenkamp ter wereld is.

Het regime doet er intussen alles aan om de vluchtelingencrisis in de doofpot te steken. Het regeringsleger zou alle grensovergangen controleren. Tienduizenden vluchtelingen verschuilen zich om die reden in de bossen en verplaatsen zich enkel ’s nachts.

Vluchtelingen die in de handen vallen van de milities, zijn overgeleverd aan de grillen van hun leiders. Sommigen krijgen een waarschuwing en moeten rechtsomkeert maken. Anderen worden geëxecuteerd wegens landverraad.

De jongerenvleugel van de regeringspartij trekt de entische kaart.

Het leger plukt jonge mannen van de straat in regio’s waar de oppositie sterk staat. Onder het mom van de zoektocht naar illegale wapens vinden er ook dagelijks huiszoekingen plaats. De meeste groepen die zich schuldig maken aan de wreedheden, zijn gemaskerd en opereren anoniem.

Imbonerakure, de militante jongerenvleugel van de presidentspartij, gooit het over een andere boeg. Imbonerakure betekent “zij die ver zien”. Critici beweren dat zij de oorlogsmentaliteit in feite nooit afgezworen hebben en dat ze uit zijn op etnisch geweld.

(Sociale) Media

Heel wat Burundezen onderschatten de ernst van de situatie door een gebrek aan tv en internet. In mei 2015 verbood het regime ook alle onafhankelijke radiozenders. Activisten die het geweld willen aantonen, riskeren de doodstraf.

Lambert Nigarura, advocaat en activist, vertelt aan The Guardian: ‘Omdat er weinig toegang is tot sociale media, hebben de jongeren geen idee van de schaal van het conflict. In Bujumbura en andere grote steden slagen mensen erin moorden en verdwijningen met hun smartphone vast te leggen en door te sturen naar het platteland.’

‘Jongeren hebben geen idee van de schaal van het conflict.’

Ook Tomas Van Acker denkt dat de situatie op het platteland zal veranderen: ‘Nkurunziza staat het sterkst in de afgelegen heuvels van Burundi. Het geweld concentreerde zich tot nu toe vooral in Bujumbura en andere grote steden. De president schakelde de vrije pers uit en onderdrukte kritische stemmen. De vrije meningsuiting opnieuw toelaten, zal een voorwaarde zijn voor een dialoog met oppositiegroepen.’

De president eist ook enkele garanties. Volgens Van Acker zijn er ernstige aanwijzingen dat buurland Rwanda gewapende milities steunt. Dat zorgde sinds 2015 voor storingen in de relaties tussen beide landen. Gewapende groepen die zich willen engageren voor een dialoog, dienen de wapens neer te leggen.

Dave Proffer (CC BY 2.0)

Vele Burundezen durven de grens niet oversteken.

Centraal-Afrikaanse Lente?

Van Acker betreurt het verloop van de protesten die initieel ontstonden na onvrede van de jongeren: ‘In april 2015 kwamen jongeren op straat, los van welke politieke partij ook. Ze eisten een nieuwe politieke cultuur en perspectieven voor de toekomst. Waarschijnlijk haalden ze hun inspiratie bij West-Afrikaanse landen en de Arabische Lente. Door de militaire staatsgreep verharde het conflict en bleven de jongeren op hun honger zitten.’

‘Niemand geeft de jongeren een stem. Ze krijgen enkel een wapen in de hand.’

‘De naoorlogse generatie in Burundi is zeer omvangrijk, maar heeft geen kans om aan politiek te doen,’ besluit Van Acker, ‘bij geen enkele partij trouwens. Ook de internationale gemeenschap kijkt niet naar de jongeren, maar focust op de oude elites. Op middellange termijn zullen de jongeren de politiek actief moeten overnemen. En niet enkel steeds met een wapen in de hand lopen.’

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3190   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift