De stille solidariteit van divers België met de vluchtelingen

Het beeld van de kleine Aylan resulteerde in het besef dat vluchten geen keuze is maar de meest extreme poging om in leven te blijven. Dat bracht op verschillende plaatsen in Europa een golf van solidariteit op gang. Voor  veel mensen van allochtone herkomst is die solidariteit al lang een dagelijkse realiteit.

  • © Samira Bendadi © Samira Bendadi
  • © Sabina Azimova Voor Sabina (rechts op de foto) was dit de eerste keer dat ze in actie schoot © Sabina Azimova

Ze waren talrijk, de landgenoten van vreemde origine die het voorbije weekend een handje kwamen bijsteken of voedsel en andere levensmiddelen kwamen brengen voor de vluchtelingen in het Maximiliaanpark in Brussel.

Voor een aantal onder hen was het de eerste keer dat ze zich mobiliseerden.

De negentienjarige Sabina Azimova bijvoorbeeld kon de manier waarop vluchtelingen, die West-Europa probeerden te bereiken, behandeld werden niet meer aanzien. ‘Ik vond het schandalig en onze wereld niet waard’, zegt ze.

© Sabina Azimova

Voor Sabina (rechts op de foto) was dit de eerste keer dat ze in actie schoot

‘Ik was vier en mijn broertje twee toen mijn ouders uit Kazachstan vluchtten. Ik weet wat vluchten is’. Via facebook en twitter heeft Sabina haar vrienden en kennissen opgetrommeld om geld in te zamelen. In een paar dagen tijd heeft ze met de hulp van twee vrienden 639 euro bijeengekregen en is met een dertigtal jongeren, allemaal tussen 15 en 23 jaar, naar Brussel getrokken om voedsel en hygiënische middelen uit te delen.

Voor Sabina was dit de eerste keer dat ze in actie schoot, maar voor de overgrote meerderheid van de mensen met buitenlandse roots is solidariteit met minderbedeelden een onderdeel van hun bestaan. Migranten waar ook ter wereld vormen een belangrijke inkomstenbron voor de landen van herkomst. Voor de allochtone gemeenschappen in ons land is dat niet anders. Daar waar de eerste generatie vooral geld stuurde naar familie of naasten, streven de tweede en de derde generatie eerder naar structurele hulp en willen ze bijdragen tot de ontwikkeling van de streek van herkomst. Solidariteit met mensen uit het land van herkomst valt voor hen ook niet te scheiden van de inzet voor mensen in eigen land.

De twintigjarige Najat die vorige zondag kwam helpen kleren sorteren en zwerfvuil oprapen in het Maximiliaanpark, heeft vaak meegedaan aan acties van ESG, Egalité Sans Guillemées, een vzw die elke woensdag voedsel uitdeelt aan daklozen in de treinstations van Brussel.

Lokaal en concreet

Opvallend is dat de hulp die uitgaat vanuit de allochtone gemeenschappen heel lokaal wordt georganiseerd en vaak het gevolg is van het initiatief van enkele individuen. Massaal doneren aan een internationale organisatie zoals Islamic Relief bijvoorbeeld gebeurt niet. Grote moskeeën en de moskeeën die aangesloten zijn bij het Turkse dyanet doen van hun kant veel aan liefdadigheidswerk dankzij de giften die ze krijgen.

Maar de meeste mensen die we gesproken hebben, zetten zich in naar aanleiding van één of andere campagne van een lokale vzw. Vaak zijn deze liefdadigheidsorganisaties actief zowel in de eigen stad of gemeente als in het buitenland. Hun doelgroep is ook breed. Sommigen hebben een stevige reputatie opgebouwd en trekken zowel vrijwilligers en giften aan als mensen die hulp nodig hebben. Dat is het geval voor vzw Al-Ikram in Antwerpen.

Het Turks Cultureel Centrum van zijn kant organiseert via zijn liefdadigheidsorganisatie Hilal benefietacties ten voordele van armen en daklozen in Maasmechelen. Naar aanleiding van het offerfeest verzamelt de vzw donaties van mensen die in plaats van een dier te slachten een som geld aan armen willen schenken. Dat geld wordt uitgedeeld aan armen in de streek van de Soedanese hoofdstad Khartoem.

© Samira Bendadi

‘Alles gaat via sms en WhatsApp’, vertelt Bilal Dariyeri van het Turks Cultureel Centrum. ‘We hebben deze actie vorig jaar georganiseerd en dat doen we dit jaar opnieuw’. Ook binnen de Congolese gemeenschap worden heel wat activiteiten georganiseerd ten voordele van gebieden in het land van herkomst. Amuka bijvoorbeeld is een vzw dat zich inzet voor slachtoffers van verkrachting en voor hun kinderen.

Een hele geschiedenis

De inzet voor vluchtelingen en meer bepaald voor de Syrische vluchtelingen is slechts een nieuwe fase in het sociale engagement dat veel mensen met buitenlandse roots aangaan. De steun voor de vluchtelingen begint voor hen bij hulp in de oorlogsgebieden of in de buurlanden waar vluchtelingen terecht komen.

De achtentwintigjarige Assia Tahiri bijvoorbeeld heeft de voorbije jaren actief meegedaan aan verschillende inzamelingsacties in Herstal en Luik. In november 2013 heeft ze samen met drie andere meisjes een benefietnamiddag onder vrouwen georganiseerd ten voordele van de Rohingya, een vervolgde moslimminderheid in Myanmar, en ten voordele van de slachtoffers van de oorlog in Syrië.

‘De campagne werd gelanceerd via Facebook door een organisatie in Brussel. Ik heb me aangesloten bij drie andere dames en we hebben verschillende activiteiten aangeboden. In totaal hebben we vierduizend euro ingezameld. Tweeduizend euro is gegaan naar de Brusselse organisatie ten voordele van de Rohingya. En voor de andere tweeduizend heeft een Syrische vrijwilligster die samen met ons de activiteiten organiseerde ervoor gezorgd dat het geld rechtstreeks ging naar een getroffen gebied in Syrië’.

Voor Leila Bouchta, een mama van drie kinderen uit Luik, is haar sociaal engagement begonnen toen ze de eerste boekentas kocht voor een weesmeisje in een Marokkaans dorp.

Assia heeft in het verleden ook gehoor gegeven aan acties die opgezet werden ten voordele van de slachtoffers van de oorlog in Gaza. ‘Het gaat meestal volgens hetzelfde stramien’, zegt ze. ‘Een liefdadigheidsorganisatie, een vzw of een koepel zoals de Platforme Humanitaire pour la Syrie of de Comité Belgo-Palestinien, lanceert een campagne via facebook. Vrijwilligers sluiten zich daarbij aan. Het zijn meestal dezelfde mensen die in actie schieten zonder dat ze noodzakelijk elkaar kennen of dat ze met elkaar in contact blijven. Elke vrijwilliger doet beroep op het eigen netwerk’, legt Assia uit.

Voor Leila Bouchta, een mama van drie kinderen uit Luik, is haar sociaal engagement begonnen toen ze de eerste boekentas kocht voor een weesmeisje in een dorp in het zuiden van Marokko waar haar ouders afkomstig van zijn. Sindsdien stuurt ze elk jaar boekentassen vol schoolgerief voor kinderen van het dorp. En zo is de vzw Bouge Ta Conscience, of “Beweeg Je Geweten”, vier jaar geleden ontstaan. Het gaat niet meer om boekentassen alleen.

Bouge Ta Conscience wil de toegang tot onderwijs voor meisjes en vrouwen in ver afgelegen gebieden vergemakkelijken door in samenwerking met lokale organisaties voor vervoer te zorgen. De vzw zorgt ook voor rolstoelen voor bejaarden en gehandicapten en in België deelt Leila samen met vriendinnen en familieleden elke donderdag maaltijden aan daklozen. Vanwaar komt dat voedsel? ‘Van een Turkse bakkerij die ons wekelijks van brood voorziet, van een paar slagers die vlees geven, van familie en kennissen’. ‘We maken geen onderscheid tussen de ene miserie en de andere. Voor ons moet iedereen die in nood is geholpen worden’, zegt Leila Bouchta.

Wederzijdse verrijking

Religieuze feesten zijn de gelegenheid bij uitstek om giften te doen. Een iftar aanbieden, een maaltijd om de vasten te verbreken tijdens de ramadan, is een klassiek voorbeeld. Veel moskeeën en veel snackzaken op verschillende plaatsen in België doen eraan mee. Op de vooravond van het Suikerfeest heeft Bouge Ta Conscience een feestelijke maaltijd in Sclessin, een voormalig overheidsgebouw dat gekraakt werd door daklozen en mensen zonder papieren, aangeboden.

© Samira Bendadi

‘Het bijzondere eraan was dat we samen met mensen daar de maaltijd hebben klaargemaakt. En we waren van verschillende etnische en religieuze achtergronden. Het was wat ik noem diep multiculturalisme. Dat is de warmte die mensen die op de vlucht zijn of zonder papieren of zonder middelen nodig hebben’, zegt Leila.

De nood aan menselijke warmte en de wederzijdse verrijking, dat is precies wat Aziza Chuitar getroffen heeft toen ze zich begon in te zetten voor de vluchtelingen. Aziza is al lang sociaal geëngageerd. Vorig jaar heeft ING, de bank waar ze werkt, een solidariteitsdag georganiseerd. Het personeel mocht kiezen tussen een aantal activiteiten. Aziza en twee van haar collega’s hebben ervoor gekozen om het opvangcentrum in Alsemberg in Brussel te bezoeken.

‘Wanneer je op die boot stapt met vijf kinderen dan weet je dat er maar twee mogelijkheden zijn. Ofwel halen we het samen ofwel gaan we er samen aan’

‘Je kan je niet voorstellen hoe dankbaar de vluchtelingen waren. Pas op, er wordt goed voor hen gezorgd bij het Rode Kruis’, zegt Aziza. ‘Maar het is het menselijke contact dat ontbreekt. Het feit dat ze weten dat er mensen zijn die om hen geven, dat ze welkom zijn, is voor hen enorm belangrijk’.

‘De mensen die we gezien hebben zijn vooral Irakezen, Syriërs en Afghanen en er zijn ook Afrikanen bij. Veel van hen zijn hooggeschoold zoals de Palestijn die de rondleiding deed in het centrum. Hij is advocaat en heeft verteld hoe hij vanuit Gaza tot hier geraakt is, met alle moeilijkheden en gevaren vandien. We horen veel via het nieuws en we weten dat er oorlogen zijn’, vertelt Aziza Chuitar verder. ‘Maar wanneer je de verhalen van die mensen hoort en wat ze allemaal meegemaakt hebben om hier te geraken, daar word je stil van. Het was ook even slikken toen we het verhaal van een Libiër hoorden.’

‘Wanneer je op die boot stapt met vijf kinderen dan weet je dat er maar twee mogelijkheden zijn. Ofwel halen we het samen ofwel gaan we er samen aan’, vertelde hij’. In Fedasil, het opvangcentrum voor minderjarigen in Neder-Over-Heembeek, heeft Aziza samen met de twee collega’s een gezamenlijke iftar georganiseerd en daar is ze in contact gekomen met Abu Bakr, een jongen uit Guinee. Hij vertelde dat hij voetballer wilde worden. Aziza nam dat aan als jongensdroom. Onlangs heeft hij haar gebeld om te zeggen dat hij in een club zit en dat zijn club tot in Frankrijk wedstrijden speelt.

Een steen verlegd in de rivier

Voor Aziza Chuitar, is het inzamelen van goederen niet het belangrijkste. ‘Toen ik vorige zomer een oproep deed om een Syrisch gezin te helpen installeren, kreeg ik spullen van iedereen. Belangrijker is het opvolgen van de vluchtelingen. In het opvangcentrum in Alsemberg zijn er veel Afghanen maar vooral Syriërs en Irakezen en ze krijgen vrij snel een erkenning als vluchteling.

Maar het is het zoeken naar een woning dat moeilijk is. Mensen verhuren niet gemakkelijk aan vluchtelingen ook al hebben ze een uitkering. We volgen een aantal Syrische gezinnen en we hebben hen geholpen om een woning te vinden. Daarna begint het belangrijkste. Daarom heb ik een oproep voor meterschap gelanceerd. We zijn op zoek naar mensen die de vluchtelingen kunnen opvolgen, een school in de buurt zoeken, informeren over mogelijke activiteiten voor de kinderen, gas- en elektriciteit-aansluiting in orde brengen en dat soort zaken’. 

Een groep vrijwilligers verzamelt aan het centraal station in Antwerpen om naar het Maximiliaanpark te vertrekken.

© Sabina Azimova

Ook Nordin Cherkaoui van vzw Al-Ikram in Antwerpen herkent het probleem. ‘Het voorbije jaar hebben we enorm veel Syrische vluchtelingen over de vloer gekregen. Ze starten echt van nul. Ook wanneer ze een woning toegewezen krijgen hebben ze nog steun en hulp nodig’.

Of de inzet van burgers, hoe groot het ook mag zijn, van invloed kan zijn op het beleid en of hij weegt op verhoudingen op wereldvlak is niet de vraag voor de mensen die we gesproken hebben. Assia gelooft in het nut van wat ze doet, hoe kleinschalig dat ook is. ‘Ik kan Palestina niet bevrijden, noch de oorlog in Syrië stopzetten. Maar we kunnen het lijden van mensen in oorlog helpen verlichten. Dat is mijn drijfveer’, zegt ze.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2745   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur