Donoren maken beloften zelden waar

Als internationale donoren miljoenen dollars beloven voor wederopbouw na conflicten of humanitaire hulp, komt dat geld zelden volgens schema aan. Het komt te laat, blijkt minder dan beloofd of komt helemaal niet.

  • Eva Bennett (CC BY 2.0) Slechts over ongeveer de helft van alle officiële ontwikkelingshulp is informatie beschikbaar. Eva Bennett (CC BY 2.0)

Die gebrekkige betaling van beloofde hulp raakt vooral burgerslachtoffers, inclusief vrouwen en kinderen in door oorlog verscheurde gebieden zoals Gaza, Libanon, Syrië en recentelijk Jemen. Ook landen die getroffen werden door aardbevingen, zoals Haïti en Nepal, en minstens drie Afrikaanse landen die verwoest werden door de ebolacrisis, kampen ermee.

Op een internationale conferentie bij de Verenigde Naties begin juli, vroegen de regeringen van Liberia, Sierra Leone en Guinee meer dan 3,2 miljard dollar humanitaire hulp. Donoren bleken bereidwillig dit te geven. Maar hoeveel van dit geld wordt daadwerkelijk overgemaakt en wanneer?

Matthew Russell Lee, onderzoeksjournalist bij Inner City Press, vroeg Helen Clark, bestuurder bij het VN-Ontwikkelingsprogramma (UNDP) welke stappen gezet worden om er zeker van te zijn dat de beloften worden nagekomen. Op zijn blog schrijft hij dat het antwoord was dat het UNDP contact zal opnemen met de donoren. ‘Maar worden ook de donoren die niet betalen bekend gemaakt?’, vraagt hij zich af.

‘Worden ook de donoren die niet betalen bekend gemaakt?’

Lee zegt in een reactie dat het er niet op lijkt dat het UNDP mechanismen heeft voor rapportage op het gebied van nakoming van de beloften. ‘Als de VN dit soort beloften aankondigen, moeten ze ook nakoming eisen’, zegt hij.

Het is vreemd, zegt hij, om bijvoorbeeld Saoedi-Arabië zo overvloedig te prijzen voor een voorwaardelijke belofte van hulp aan Jemen, terwijl dat land ook de coalitie aanvoert die Jemen heeft gebombardeerd.

In april kondigde Saoedi-Arabië een donatie van 274 miljoen dollar voor ‘humanitaire operaties in Jemen’ aan.

Gebrek aan transparantie

Gregory Adams, directeur Hulpeffectiviteit bij Oxfam International, volgt de ontwikkelingen nauwlettend. Voorafgaand aan de ebolaconferentie een week geleden, bestudeerde Oxfam drie crises uit het verleden om te zien in hoeverre donoren hun beloften nakwamen. ‘We constateerden dat donoren gemiddeld minder dan de helft, 47 procent, van het beloofde bedrag ter beschikking stellen. Maar ook dat bedrag kan vertekend zijn, omdat er geen garantie is dat dat geld daadwerkelijk in de herstellende landen arriveert’, zegt hij.

Veel donoren publiceren nog steeds geen complete informatie.

In Busan (Zuid-Korea), in 2011, zegden donoren toe gedetailleerde data te zullen publiceren over waar hulpgeld naartoe gaat. Die werkwijze zou voor eind 2015 ingevoerd moeten zijn.

Veel donoren publiceren echter nog steeds geen complete informatie; over ongeveer de helft van alle officiële ontwikkelingshulp is informatie beschikbaar.

Een gevolg is, zegt Adams, dat het moeilijk is te achterhalen hoeveel geld uiteindelijk op de juiste plaats terechtkomt, als het het land eenmaal heeft bereikt.

Een van de belangrijkste lessen uit de ebolacrisis was volgens hem dat herstel moet plaatsvinden op basis van de behoeften van de plaatselijke bevolking, en dat hun feedback erin meegenomen moet worden. ‘Als mensen niet weten waar de hulp belandt, kunnen ze niet plannen, geen feedback geven en kunnen ze er niet voor zorgen dat de hulp effectief is’, zegt hij.

Verantwoording

Na herhaalde vragen zei VN-woordvoerder Stephane Dujarric afgelopen week dat nog gesproken wordt over de hulp die Saoedi-Arabië in april heeft toegezegd aan Jemen. ‘Volgens mij bevindt het proces zich momenteel in de fase van een memorandum van overeenstemming tussen de Saoedi’s en de verschillende VN-organisaties waar het geld naartoe gaat. Dat proces is nog niet afgerond.’

Afgelopen maart werd in Koeweit tijdens de derde internationale donorconferentie voor Syrië 3,8 miljard dollar humanitaire hulp toegezegd. De drie grote donoren waren de Europese Unie (bijna 1 miljard dollar), de Verenigde Staten (507 miljoen dollar) en Koeweit (500 miljoen dollar). Het is nog onduidelijk in hoeverre dat geld is betaald.

Adams van Oxfam zegt dat de drie landen getroffen door ebola hun bevolking alleen kunnen helpen als donoren tijdig, gedetailleerd en volledig informatie geven over hun hulp, consistent met de prioriteiten die zijn aangegeven in de herstelplannen van de landen. Waar mogelijk moet de hulp direct via plaatselijke organisaties lopen, inclusief nationale en plaatselijke overheden en burgerorganisaties.

De hulp moet ook betrokkenheid van de gemeenschap stimuleren en de onafhankelijke rol van ngo’s erkennen, zodat zij donoren, regeringen en dienstverleners verantwoordelijk kunnen houden voor de resultaten.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3190   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift