Fosfaatindustrie aast op zeebodem in Zuidelijk Afrika

De angst voor afnemende fosfaatvoorraden heeft mijnbouwbedrijven ertoe aangezet op zoek te gaan naar nieuwe vindplaatsen. De oceaanbodem is zo’n nieuwe vindplaats, en wereldwijd vechten mijnbouwbedrijven om vergunningen.

  • Werner Bayer CC BY 2.0 Werner Bayer CC BY 2.0

Landen in Zuidelijk Afrika hebben de mogelijkheid om een internationaal precedent te scheppen door als eerste offshore-fosfaatmijnbouw toe te staan.

Zuid-Afrika is een van de eerste landen op het continent dat werkt aan wetgeving over duurzame ontwikkeling op zee en de vragen die deze nieuwe vorm van mijnbouw met zich meebrengt.

Tussen april 2007 en augustus 2008 steeg de prijs van fosfaat, een noodzakelijk ingrediënt van kunstmest, met bijna 950 procent.

Fosfaatrijk water uit Antarctica

Dat kwam deels door het idee dat de fosfaatproductie over zijn piek heen was en alleen nog maar zou afnemen. Voordat de prijzen weer daalden, waren bedrijven al bezig in de wereldzeeën te zoeken naar fosfaatreserves.

De minister van Milieu besloot vergunningen te verlenen.Woedende reacties van het publiek leidden ertoe dat hij daar vanaf moest zien.

Die zoektocht heeft de industrie tot nu toe weinig succes opgeleverd.

Hoewel er diverse operaties gepland staan bij de Pacifische eilanden, weigeren Nieuw-Zeeland en Mexico toestemming te verlenen voor fosfaatwinning in hun wateren.

Dat betekent dat reserves in Zuidelijk Afrika, die deels gecreëerd zijn door de golfstroom die fosfaatrijk water aanvoert vanuit Antarctica, nu in de belangstelling staan.

In de zee bij Namibië zijn fosfaatvoorraden gevonden en het land veranderde recentelijk van mening over de winning daarvan.

Sinds 2013 gold er een moratorium, maar in september nam de minister van Milieu het controversiële besluit om vergunningen te verlenen. Woedende reacties van het publiek leidden ertoe dat hij daar uiteindelijk weer vanaf moest zien.

Volgens de voormalige projectmanager van Namibian Marine Phosphate (Pty) Ltd, een bedrijf dat een vergunning aanvroeg in Namibië, kwam de weerstand vooral van milieugroepen en de visserij.

Hij voorspelt dat het in Zuid-Afrika net zo moeilijk zal worden voor mijnbouwbedrijven om toestemming te krijgen, omdat deze vorm van mijnbouw nieuw is.

Oneconomisch

Adnan Awad, directeur Afrika bij het International Ocean Institute, zegt dat de werkwijze in Zuid-Afrika min of meer als “beleidsvoorbeeld voor andere landen” gezien wordt als het gaat om fosfaatmijnbouw op zee.

Drie bedrijven, Green Flash Trading 251 (Pty) Ltd, Green Flash 257 (Pty) Ltd en Diamond Fields International Ltd, hebben prospectierechten voor een gebied van 150.000 vierkante kilometer, ongeveer 10 procent van de exclusieve economische zeezone.

‘Er bestaat een vitale en onbetwistbare link tussen fosfaat en de wereldvoedselvoorraad’

De juridische firma Steyn Kinnear Inc vertegenwoordigt zowel Green Flash 251 als Green Flash 257.

‘Momenteel lijkt het er niet op dat er schot in de zaak zit, en er zal zeker geen mijnbouwvergunning worden aangevraagd’, zegt Wynand Venter, advocaat bij Steyn Kinnear. Hij noemt het project ‘oneconomisch.’

Venter zegt dat de Greenflash-bedrijven monsters hebben ontvangen, die lieten zien dat het met de huidige prijzen onrendabel is om fosfaat te winnen in zee.

Diamond Fields is nu nog de enig overgebleven speler in de Zuid-Afrikaanse wateren. Het bedrijf kondigde in januari 2014 in een persbericht aan 47.468 vierkante kilometer toegewezen te hebben gekregen voor onderzoek naar fosfaatwinning.

Als die winning inderdaad gaat plaatsvinden, zou dat op de zeebodem moeten gebeuren, op een diepte van 180 tot 500 meter onder het zeeoppervlak.

‘Er bestaat een vitale en onbetwistbare link tussen fosfaat en de wereldvoedselvoorraad’, stelde het bedrijf, verwijzend naar de afnemende fosfaatvoorraden. Diamond Fields reageerde niet op herhaaldelijke verzoeken om commentaar.

Schade aan ecosystemen

Milieuactivisten stellen dat fosfaatmijnbouw in zee niet alleen de mariene ecosystemen verwoest, maar ook zal leiden tot blijvend overmatig gebruik van kunstmest en de daarmee samengaande vervuiling.

Ze willen eerst meer onderzoek naar technologie voor het herwinnen van fosfaten. ‘Daarmee kunnen we het probleem van te veel fosfaat in ons water oplossen, in plaats van dat we de ecosystemen in onze oceanen vernielen’, zegt John Duncan van het Wereldnatuurfonds in Zuid-Afrika.

‘Mijnbouw kan ertoe leiden dat deze gebieden woestijnen worden voor de vispopulatie. Als ze niet doodgaan, zullen ze wellicht niet genoeg voedsel vinden en migreren naar andere gebieden’

Voor offshoremijnbouw is een zogenoemde sleephopperzuiger nodig, een schip dat het sediment van de zeebodem haalt en afval weer terug in het water brengt.

‘Die lijkt op een soort bulldozer die over de zeebodem gaat en het sediment afgraaft tot twee of drie meter’, zegt Johann Augustyn, secretaris van de Zuid-Afrikaanse Deep-Sea Trawling Industry Association.

‘Het is te vergelijken met dagbouw op land. Het volledige substraat wordt verwijderd en is voor lange tijd -of misschien wel voor altijd- niet meer beschikbaar voor de visserij.’

Behalve dat de habitat verwoest wordt, stellen milieuactivisten dat sediment zich kan verspreiden in de oceaan en aangrenzende gebieden kan vertroebelen. Dat zou schadelijk zijn voor het zeeleven.

Tegenstanders van fosfaatwinning op zee stellen ook dat die een negatieve invloed heeft op de voedselproductie en economische groei. Duizenden kleine boeren die aan de Zuid-Afrikaanse kust wonen, en de grootschalige visserijsector in het land, produceren jaarlijks zo’n 600.000 ton vis per jaar.

‘Mijnbouw kan ertoe leiden dat deze gebieden woestijnen worden voor de vispopulatie. Als ze niet doodgaan, zullen ze wellicht niet genoeg voedsel vinden en migreren naar andere gebieden’, zegt Augustyn.

Economische voordelen onzeker

De visserij en kusttoerisme zijn samen goed voor iets meer dan 1,4 miljard dollar van het bruto binnenlands product (bbp). De potentiële economische voordelen van de fosfaatmijnbouw in zee zijn onzeker.

Er zijn geen schattingen gepubliceerd van het aantal banen dat de industrie kan opleveren. In Namibische plannen wordt echter gesproken van 176 nieuwe banen, die niet allemaal naar de plaatselijke bevolking gaan.

‘Afrikaanse landen zijn in het algemeen niet goed in het onderhandelen met multinationals die profiteren van kustrijkdommen.’

‘De voordelen vloeien niet terug naar de Zuid-Afrikaanse gemeenschap in zijn geheel’, zegt Awad.

‘Afrikaanse landen zijn in het algemeen niet goed in het onderhandelen met multinationals die profiteren van kustrijkdommen.’

Zuid-Afrika is een van de slechts drie Afrikaanse landen -samen met Namibië en de Seychellen- die aan mariene ruimtelijke ordening doen.

Deze groeiende beweging wil het gebruik van de zee door concurrerende partijen -zoals oliebedrijven, natuurbeschermers en de visserij- met elkaar in balans brengen.

Eerder dit jaar publiceerde het Departement van Milieuzaken (DEA) een conceptwet hiervoor, een eerste stap op weg naar specifieke wetgeving.

Volgens voorspellingen van de overheid kan goed beheer van de economie op zee Zuid-Afrika 12,5 miljard dollar opleveren tegen 2033. Welke rol mijnbouw op zee hierbij speelt, is nog onduidelijk.

‘Internationaal zit er groei in de offshore-exploratie van harde mineralen. Het is te verwachten dat de exploitatie van niet-levende mariene hulpbronnen ook zal toenemen’, staat in het raamwerk van het DEA. Het Departement heeft niet gereageerd op verzoeken om commentaar.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3190   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift