Gemeenschapslandbouw, geen niche maar een netwerkmodel

Landbouw in transitie

Als we naar een koolstofarme economie willen, moet ook onze voedselproductie op een nieuwe leest geschoeid worden. Willen we aan de komende generaties een leefbare planeet overdragen, dan moet de landbouw terug binnen de draagkracht van het ecosysteem gebracht worden. Het is niets van een andere wereld, in Noord en Zuid zijn producenten en consumenten hiermee bezig. Samen met hun klanten verkennen boeren nieuwe sporen. Dat was duidelijk te horen op het transitiefestival in Gent, afgelopen dinsdag 7 oktober.

Bij het Wijveld zijn consumenten bedrijfspartners

Bij het Wijveld zijn consumenten bedrijfspartners

Biolandbouw mag dan slechts een beschamende 0,8 procent van het landbouwareaal uitmaken in Vlaanderen (tegenover 4 procent in België, en mijlenver onder het streefcijfer van 10 procent), toch leeft er een aanstekelijke vitaliteit die de sector overstijgt. De vernieuwende dynamiek heeft te maken met lokale netwerken van producenten en consumenten die creatieve synergiën op gang brengen.

Door initiatieven als Comunity Supported Agriculture (CSA) worden consumenten stakeholders in ruil voor gezond voedsel en krijgen producenten bestaanszekerheid en respect voor hun werk. Negatieve milieu-impact, voedselverspilling en voedselkilometers smelten in dit model als sneeuw voor de zon.

De Biogenoten en hun “boerkes”

‘Toen ik met boeren wou beginnen, zei iemand uit de sector me: “Landbouw en natuur staan altijd tegenover elkaar, want landbouw is voedsel produceren ten koste van de natuur.”  Ik heb dat nooit zo willen zien en ben met mijn bedrijf Het Bolhuis op zoek gegaan naar andere wegen.’ Aan het woord is Kurt Sannen, biologische veeboer van Het Bolhuis en voorzitter van Bioforum.

‘Een ideaal bedrijf is een bedrijf waar je zelf de kringlopen sluit’

‘Een ideaal bedrijf is een bedrijf waar je zelf de kringlopen sluit’, stelt Sannen. ‘Dat was zo voor de boerderijen van vroeger. Ik wilde hetzelfde doen maar op een hoger niveau, door samen te werken met de boeren uit onze regio die ook op een natuurlijke manier willen werken, om samen opnieuw de kringlopen te sluiten.’

Landbouw en natuur gaan perfect samen voor Kurt Sannen

Landbouw en natuur gaan perfect samen voor Kurt Sannen

Zo werd tussen pot en pint het initiatief van de Biogenoten geboren, een samenwerkingsverband van een zestal landbouwbedrijven uit de Demervallei die elkaars werking willen stimuleren en versterken: een akkerbouwer, groenteteler, een hardfruitteler, een geitenboer en twee rundveebedrijven. Er is een winkel, een groothandel en we praten met een bierbrouwer.  

Onderling kunnen de Biogenoten beroep doen op “boerkes”, een eigen virtuele munt om bij elkaar diensten of materiaal te huren. Kurt Sannen: ‘Ik kan nu zonder schuldgevoel iemand vragen om mij met een specifieke klus bij te staan, in ruil voor zoveel boerkes. Ikzelf kan dan bijvoorbeeld een machine uitlenen voor zoveel boerkes. Op die manier hoeven we geen dure toestellen te huren.’  

De Biogenoten willen ook hun cliënteel bij die nieuwe aanpak betrekken. ‘Ik heb het liever over deelnemers dan over klanten’, zegt Sannen. Dat betekent met hen spreken over het landschapsbeheer en de inrichting van de ruimte. ‘Klanten worden partners en organiseren mee opendeurdagen bijvoorbeeld.’ Maar er wordt ook beroep gedaan op  crowdfunding. ‘Ik noem dat cowfunding: klanten kunnen mee een koe adopteren, zodat ik minder afhankelijk word van de bank om geld te gaan lenen.’

De Landgenoten

Michiel Van Poucke is bioboer en runt de zelfoogstboerderij Het Wijveld  in Destelbergen, bij Gent. Van Poucke ziet alleen maar voordelen bij zijn systeem. ‘Klanten betalen een bedrag en daarvoor mogen ze een jaar lang komen oogsten op het veld. Doordat mensen vooraf betalen, heb ik meteen zicht op hoeveel ik ga verdienen. Mensen dragen ook mee de risico’s wanneer iets minder goed gaat, al probeer ik die risico’s zoveel mogelijk te beperken door de diversiteit van de teelten te vergroten.’

‘Ook de consument stapt uit zijn rol als consument. Bij mij betalen de mensen niet zozeer voor de groenten, maar voor mijn werk.’

‘Deze aanpak is ook heel efficiënt: doordat ik weet voor hoeveel mensen is werk, kan ik mijn teeltplan afstellen op die groep. Ik kan perfect inschatten hoeveel ik van wat moet zetten.’ Niet alleen voor de boer is dit systeem vernieuwend. Van Poucke: ‘Ook de consument stapt uit zijn rol als consument. Bij mij betalen de mensen niet zozeer voor de groenten, maar voor mijn werk. Ze verzekeren me mijn loon, en ik zie dat er voldoende groenten zijn. Dat gaat heel ver. In de supermarkt ga je als consument op zoek naar de laagste prijs. Soms wil ik op mijn bedrijf sla wegdoen omdat ik denk dat die niet langer bruikbaar is en dat niemand die zal meenemen. Tot er toch nog mensen zijn die vinden dat die te goed is om weg te doen. Het is een perfecte manier om verspilling tegen te gaan.’

© Michiel van Poucke

Marie en Michiel van het Wijveld

Intussen is het bedrijf op een vervelend struikelblok gestoten: de eigenaar wil de grond verkopen. Overal in Vlaanderen is het een probleem voor jonge boeren om grond te vinden om een landbouwbedrijf op te starten, en zeker wanneer je biolandbouw wil beginnen. Michiel Van Poucke: ‘De grondprijzen zijn te hoog door speculatie en privé-interesses zoals paarden. Groenten telen brengt onvoldoende op om de aankoop van grond in je bedrijfsvoering in te werken. Ook andere boeren kampen met dit grondprobleem. Dus dachten we aan een soort coöperatie, een vorm van Comunity Supported Agriculture (CSA) maar voor de aankoop van grond.’

‘Zo is een jaar geleden de Landgenoten ontstaan. Dat is een fonds, gekoppeld aan een stichting, die als doelstelling heeft biogrond over de generaties heen voor landbouw te bestendigen. Het Wijveld is intussen een pilootproject voor de Landgenoten. We zijn momenteel nog op zoek naar mensen die mee in dit initiatief willen stappen: mensen die financiële middelen willen vrij maken, zonder op heel korte termijn nood te hebben aan dividenden.  We hebben al 80 procent van het nodige bedrag bijeengebracht, nog 20 procent te gaan.

Gemeenschapslandbouw 

©Jen Nold

Jen Nold met een rijke oogst pastinaken

Community Supported Agriculture, het lijkt samen met “agro-ecologie” de nieuwe trend. Jen Nold is er helemaal voor gewonnen. De vrouw van Amerikaanse origine maar met intussen roots in Vlaanderen, besloot vijf jaar geleden om haar leven over een heel andere boeg te gooien en te gaan boeren. Ze volgde een opleiding bij Landwijzer en is momenteel aan haar derde jaar bezig als bioboerin van de zelfoogstboerderij De Witte Beek . ‘Omdat ik helemaal geen landbouwachtergrond had, heb ik gekozen voor CSA, omwille van de sociale contacten’, vertelt Jen.

Met haar bedrijf maakt ze deel uit van drie netwerken. Via het Biobedrijfsnetwerk (BBN) krijgen boeren ondersteuning met hun expertise. Boeren van andere CSA-bedrijven en deskundigen van onder meer Inagro komen ter plaatse op het veld, om kennis uit te wisselen, plagen te bestrijden, problemen te analyseren en naar oplossingen te zoeken. Jen: ‘Interessant is dat we aan het proefcentrum ook kunnen aangeven waarover we precies verder onderzoek willen en welke problemen het meest urgent zijn. Er is een heel directe samenwerking, vanuit de concrete praktijk.’

Daarnaast maakt Jen ook deel uit van een werkgroep Zelf Zaden Telen, om na te gaan hoe je zaden kan vermeerderen of wanneer beroep moet gedaan worden op hybriden.

En dan is er de vzw van het CSA-netwerk, waar momenteel zo’n vijftien boeren bij aangesloten zijn. Jen: ‘We komen regelmatig samen en het fantastische daaraan is dat we met zeer vergelijkbare bedrijfsvoering bezig zijn. Op die manier kijken we hoe iedereen het doet,  vooral bij zelf-oogst-boerderijen. Welke keuzes je moet maken, bijvoorbeeld voor  mechanisatie: wat wel en wat niet? Volgende week komen we samen voor de winterteelten; mensen betalen voor een jaarabonnement en we willen hen zoveel mogelijk waren bieden voor hun geld, dus proberen we ook het seizoen zo lang mogelijk te rekken. Sommigen hebben veel serreruimte, ik heb een tunnel voor winterteelten.

We hebben nu ook een netwerk van samen-aankopen voor machines of benodigdheden voor het bedrijf en dat laat ons toe betere prijzen te krijgen dan als individuele boer.  

Van onderuit en op eigen kracht

‘Het gangbare systeem creëert een lock-in situatie. Je kan niet anders dan onduurzaam produceren, als je enige winst wil maken. Het is een wedren voor de laagste prijs.’

Geen van deze boeren heeft ooit overwogen om in de gangbare landbouw te beginnen. Kurt Sannen: ‘Het gangbare systeem creëert een lock-in situatie. Je kan niet anders dan onduurzaam produceren, als je enige winst wil maken. Het is een wedren voor de laagste prijs, maar dan wentel je de kostprijs af op de natuur. Als je dat niet wil, ga je voor het alternatieve model, en dat is het aangewezen om te gaan samenwerken.’

Evenmin hebben ze zitten wachten op een initiatief van de overheid om hen een duw in de rug te geven. Het is eerder omgekeerd: door hun verwezenlijkingen willen ze aan de overheid tonen dat er alternatieven zijn, en dat die best leefbaar zijn.

Toch vinden ze ook dat de overheid een verantwoordelijkheid heeft, bijvoorbeeld in educatie en sensibilisering rond voedsel, landbouw en ecologische duurzaamheid. Er worden al te veel tegenstrijdige en verwarrende boodschappen verkondigd, zo vinden deze boeren.

Duidelijke keuzes voor een duurzaam landbouwmodel moet de overheid ook maken in onderzoek en ontwikkeling. Jen: ‘Ik ben afkomstig uit de VS en in de VS doet de overheid bijna niets, voor niemand. Ik vind het dus op zich al vreemd om te wachten op de overheid. Toch merk ik dat binnen de biobedrijfsnetwerken het budget onder druk komt te staan. De rol van deze onderzoekscentra is uitermate zinvol. Onderzoeksgeld wordt hier ingezet op heel concrete knelpunten, vanuit de directe praktijk.  Ik zou het bijzonder eng vinden moesten die onderzoeksinstellingen in het nauw komen. Hier zijn ze in contact met de sector waarvoor ze aan het werken zijn. Die steun is dus bijzonder belangrijk.’

© Patrick De Ceuster

CSA De Witte Beek vanuit de lucht

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur

  • Latijns-Amerika & ecologie
    Alma De Walsche schrijft over ecologische thema’s, van klimaat- en energiebeleid, over landbouw- en voedsel tot transitie-initiatieven en baanbrekers. Ze volgt al enkele decennia Latijns-Amerika, met een speciale focus op de Andeslanden.