Het klimaatakkoord van Parijs wordt (bittere) ernst

Vrijdag 22 april, Dag van de Aarde, vindt de openingsceremonie plaats voor de ondertekening van het klimaatakkoord van Parijs. Het is een symbolisch startschot: elk land dat ondertekent, moet nadien de ratificatie door de nationale parlementen gerealiseerd krijgen. Het akkoord treedt pas in werking in 2020. Of wie weet, in 2018.

  • Tommy Clark (CC by-nc-nd 2.0) Absoluut afkicken van fossiele brandstoffen en maximaal inzetten op energie efficiëntie en hernieuwbare energie is de boodschap. Tommy Clark (CC by-nc-nd 2.0)

De periode voor ondertekening loopt gedurende een jaar, tot 21 april 2017, maar uiteraard kan na die datum een land dat niet ondertekende, op elk moment die stap nog zetten. Het akkoord treedt effectief in werking zodra 55 landen getekend hebben maar die landen moeten minstens 55 procent van de broeikasgasemissies vertegenwoordigen.

Dit zou geen probleem mogen zijn. Het World Resource Institute rekende voor welke mogelijke constellaties zich kunnen voordoen. Een ondertekening door VS en Europa en China, met nog een aantal andere landen, geeft meer dan 55 procent van de broeikasgassen. Maar ook een constellatie zonder de VS, kan 55 procent opleveren. Hier kan je vanaf 22 april volgen welke landen allemaal al getekend hebben.

Huiswerk op de plank

De bereidheid om te tekenen en om de hoge ambities van de COP21 in Parijs door te zetten, lijkt wel aanwezig. Volgens de Franse minister van Milieu Ségolène Royal zouden 147 landen toegezegd hebben om te tekenen. Maar tekenen is makkelijk, nadien moet de ratificatie volgen in de nationale parlementen. Het sluitstuk voor het engagement dat landen aangaan door het akkoord te ondertekenen en te ratificeren, is echter een uitgewerkt beleidsplan om de afspraken ook in de praktijk te brengen en op dat vlak is er nog werk aan de winkel.

Volgens de Franse minister van Milieu Ségolène Royal zouden 147 landen toegezegd hebben om te tekenen.

De intentieverklaringen die op de klimaattop van Parijs zijn samengebracht in de zogenaamde INDCs, zetten de planeet nog op een traject van een opwarming van meer dan 3°C. Die beleidsplannen moeten worden opgetrokken. Ook Europa heeft nog werk te doen om het 2030-klimaatplan (en verder in de toekomst, tot 2050) in overeenstemming te brengen met de doelstelling van 1,5°C.

Volgens de NGO Climate Action Network (CAN) – Europe kan de ratificering in elk van de landen nog heel wat tijd vragen omwille van de grote interne verschillen binnenin de EU op vlak van klimaatambitie.

Het IPCC werkt momenteel aan een rapport dat precies nagaat welke extra inspanningen er nodig zijn om de klimaatopwarming te beperken tot niet meer dan 1,5°C.

Om de nodige emissie-inperking te kunnen halen, is het ook belangrijk dat de scheepvaart en de luchtvaart, die in Parijs de dans ontsprongen, terug opgenomen worden in de klimaatafspraken en ook verplicht worden hun uitstoot in te perken.

Het Third World Network, in naam van de ontwikkelingslanden, roept de ontwikkelingslanden dan weer op om niet te snel te zijn met de ondertekening, om de wereld (en vooral de rijke landen) niet de illusie te geven dat het werk gebeurd is en het probleem opgelost. Zij willen vooral de druk hoog houden, tot ze zeker zijn van financiële ondersteuning en technologie-overdracht

De trendbreuk voltrekt zich

Toch is er geen enkele reden om te aarzelen om de omslag radicaal en ten volle te maken. De trendbreuk is zich immers aan het voltrekken op de markt. De disruptie is bezig, zo heet het. Enkele elementen wijzen duidelijk in die richting.

Het afgelopen jaar overtroffen de investeringen in hernieuwbare energie deze in fossiele brandstoffen: volgens het World Resourse Instituut werd er voor 286 miljard dollar in hernieuwbare geïnvesteerd, meer dan het dubbele van de investeringen in fossiele brandstoffen. De technologie voor hernieuwbare energie wordt steeds goedkoper, terwijl de lage olieprijs investeringen in die sector afremt. Zonne- en windenergie zijn veel goedkoper geworden? Wat ontbreekt om nog sneller te kunnen groeien, is een duidelijk en stabiel beleidskader.

Activ Solar (CC by-sa 2.0)

Het afgelopen jaar overtroffen de investeringen in hernieuwbare energie deze in fossiele brandstoffen. Wat ontbreekt om nog sneller te kunnen groeien, is een duidelijk en stabiel beleidskader. © Activ Solar (CC by-sa 2.0)​

Begin april was er ook de grootste productlancering die er ooit in één week tijd is geweest en dat was Tesla met het Model 3 van zijn elektrische wagen. Op zeven dagen tijd kreeg het bedrijf 325. 000 bestellingen binnen voor dit model, voor een totaal van 14 miljard dollar.

In Denemarken en Noorwegen formuleert men voorstellen om tegen 2020 -2030 enkel nog voertuigen op waterstof of elektriciteit toe te laten. Ook Nederland denkt na over zo’n maatregel.

Absoluut afkicken van fossiele brandstoffen en maximaal inzetten op energie efficiëntie en hernieuwbare energie is de boodschap. Zelfs de Vlaamse Klimaatcommissie lijkt gewonnen voor een uitdoven van fossiele brandstoffen tegen 2050.

Ook de financiële wereld is in beweging en niet alleen de desinvesteringsbeweging. Op de vooravond van de ondertekening riepen een zevental organisaties, die samen vierhonderd investeringsfondsen vertegenwoordigen, de regeringen van de G20 op om te tekenen, waaronder Goldman Sachs, Morgan Stanley en HSBC die hun kapitaal wellicht veiliger achten in een lage koolstofeconomie dan in een vervuilende economie.

Als die trend zich doorzet en parlementen daardoor nog meer overtuigd worden om snel te ratificeren, kan het akkoord sneller in werking treden, volgens Christiana Figueres, voorzitster van de VN-klimaatconventie UNFCCC misschien al in 2018.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur

  • Latijns-Amerika & ecologie
    Alma De Walsche schrijft over ecologische thema’s, van klimaat- en energiebeleid, over landbouw- en voedsel tot transitie-initiatieven en baanbrekers. Ze volgt al enkele decennia Latijns-Amerika, met een speciale focus op de Andeslanden.