‘De jongeren worden vooral ingezet om gewassen en vee te stelen, vaak met geweld’

Burundese jeugdtroepen vechten gewapend conflict uit in Oost-Congo

US Army Africa (CC BY-SA 2.0)

Het Burundese leger in 2015. Vandaag strijdt het tegen de rebellenbeweging RED-Tabara in Oost-Congo.

Het Burundese leger is al sinds 2015 aanwezig in Oost-Congo. Vandaag is er sprake van een intensivering van die aanwezigheid, blijkt uit onderzoek van Burundi Human Rights Initiative. De extra troepen maken zich net als de rebellen schuldig aan plunderingen en geweld. De Oost-Congolese bevolking is opnieuw het grootste slachtoffer.

Burundi, buurland van Congo, zet sinds december 2021 in alle heimelijkheid extra troepen de grens over in Oost-Congo. Dat stelt de mensenrechtenorganisatie Burundi Human Rights Initiative (BHRI) vast in haar rapport An Operation of Deceit. Op die manier hoopt het land de rebellengroep RED-Tabara te verslaan, die bestaat uit verjaagde rebellen uit Burundi (zie kader).

Wie zijn de RED-Tabara?

De rebellenbeweging RED-Tabara ontstond in Burundi in 2011, als reactie op de verkiezingen van 2010, die het frauduleus achtte. Toen toenmalig president Nkurunziza in 2015 aankondigde zich kandidaat te stellen voor een derde ambtstermijn won de rebellenbeweging aan kracht. Na een mislukte staatsgreep dook de beweging onder in Oost-Congo, waar het sindsdien bijdraagt aan het gruwelijke geweld.

De nieuwe troepen die worden ingezet bestaan voor een aanzienlijk deel uit jongeren van Imbonerakure. Dat is de jongerenbeweging van de CNDD-FDD, de regerende partij in Burundi, die zich in de praktijk vaak gewoon als knokploeg gedraagt. Officieel bevestigde Burundi de aanwezigheid van extra troepen op Congolees grondgebied evenwel niet.

Zonder identiteitsbewijzen

Dat het Burundese leger aanwezig is in Oost-Congo is niet nieuw, zegt Carina Tertsakian van BHRI aan MO*. ‘Maar de schaal van de mobilisatie is dat wel.’

Voor haar rapport sprak de mensenrechtenorganisatie met tientallen Burundese en Congolese getuigen, Burundese soldaten en jongeren van de Imbonerakure, regerings- en oppositieleden en leden van rebellengroep RED-Tabara. ‘We deden dit omdat er te weinig internationale interesse is voor dit conflict’, aldus Tertsakian.

‘Er is te weinig internationale interesse voor het geweld in Oost-Congo.’

Op basis van de getuigenverklaringen schat de mensenrechtenorganisatie dat enkele honderden militairen en een duizendtal jongeren van Imbonerakure in Congo gestationeerd zijn. Door de grote geheimhouding zijn exacte cijfers niet beschikbaar.

Behalve RED-Tabara zijn in Oost-Congo nog heel wat andere rebellengroepen, onder meer uit Rwanda en Oeganda, actief. Voor de lokale bevolking betekent dat geweld en plunderingen die schering en inslag zijn.

‘Het lijkt erop dat de Burundese en Congolese regeringen een informeel akkoord sloten waarmee ze de aanwezigheid van Burundese troepen in Oost-Congo tolereren’, meent Tertsakian. Door het instabiele politieke klimaat kan Burundi zich makkelijk over de grens organiseren, zonder veel tussenkomst van Congo.

Maar de troepenverplaatsingen moesten wel in het grootste geheim gebeuren. Aan BHRI vertelden getuigen hoe militairen en jongeren van de Imbonerakure door de militaire autoriteiten opgedragen werden om de grens ‘s nachts in burgerkledij en zonder identiteitsbewijzen over te steken.

Een soldaat gaf aan BHRI als reden dat de internationale gemeenschap hen zo niet als Burundese soldaten zou kunnen identificeren. Werden ze in Congo aangehouden door leden van die internationale gemeenschap, werd hen opgedragen te zeggen dat ze bij RED-Tabara hoorden. Nadien mochten ze met niemand over de missie spreken. Families van gesneuvelden krijgen amper informatie.

Reputatie van geweld

In Burundi hebben de jongeren van Imbonerakure een gewelddadige reputatie. Onder voormalig president Pierre Nkurunziza werden ze bewapend en ingezet om opposanten de mond te snoeren. Foltering en moord waren daarbij geen uitzonderingen.

Maar de jongeren die nu in Oost-Congo worden ingezet zijn aanzienlijk minder politiek gedreven. Met leugens en bedreigingen werden ze overtuigd om de grens over te steken. De getuigen uit het BHRI-rapport vertellen hoe velen onder hen, quasi zonder militaire training, onbewapend ingezet worden als verkenner. Bij terugkeer in Burundi krijgen ze geen loon. Ernaar vragen durven ze niet.

‘Omdat de jongeren geen getrainde soldaten zijn, vormen ze ook geen grote militaire aanwinst’, stelt Tertsakian. ‘Daarom worden ze veelal ingezet voor andere klusjes, zoals gidsen en het stelen van voedsel voor de andere militairen omdat er een tekort aan middelen en voedsel zou zijn. Ze zijn bovendien goedkoper en makkelijk te beïnvloeden.’

Op basis van de getuigenverklaringen die BHRI optekende besluit de mensenrechtenorganisatie dat de militaire actie niet sterk voorbereid is. Dat de jongeren erop worden uitgestuurd om gewassen en vee te stelen zorgt ervoor dat de lokale Congolese bevolking de dupe is.

Getuigen vertelden BHRI over het geweld dat tegen hen gebruikt wordt. Tientallen burgers zouden al gedood zijn. Plunderingen, brandstichting en de vernieling van infrastructuur zijn niet ongewoon.

Daarnaast zou er ook een tekort aan medicijnen zijn. Getuigen vertelden hoe een aantal soldaten of jongeren overleed door het gebrek aan medische uitrusting. Gewonden die naar Burundi terugkeren zouden daar zelf voor hun medische kosten moeten instaan.

De jongeren voelen zich bedrogen en zeggen getraumatiseerd te zijn door de gruwel van het slagveld.

BHRI kon ook met enkele jongeren van de Imbonerakure spreken. Velen van hen waren nog nooit betrokken geweest bij dergelijke gevechten. Ze voelen zich bedrogen en vertelden getraumatiseerd te zijn door de gruwel van het slagveld. Eén getuige vertelde dat mocht hij opnieuw opgeroepen worden om naar Oost-Congo te gaan, hij uit Burundi zou vertrekken. Vele jongeren zouden hem dat al voorgedaan hebben volgens BHRI.

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws

Paranoia

Tertsakian noemt de omvang van de Burundese militaire actie in Oost-Congo opvallend. ‘RED-tabara vormt geen echte bedreiging voor het Burundese regime. In verleden waren er wel succesvolle acties, maar de slagkracht van de rebellengroep fluctueert sterk. Bovendien bevinden ze zich niet op Burundees grondgebied.’

President Ndayishimiye, die in 2020 Nkurunziza opvolgde, zou elke vorm van oppositie vrezen, stelt BHRI. Regeringspartij CNDD-FDD wil haar macht voor de komende regeringsperiode(s) verzekeren.

‘De hoop op een meer democratische samenleving die de Burundese bevolking had bij het aantreden van Ndayishimiye, is sterk verminderd’, zegt Tertsakian. ‘De president is meer open dan zijn voorganger, en zegt in toespraken vaak de goede dingen, maar in de praktijk verandert er weinig. Zo beloofde hij voor meer rechtvaardigheid te zorgen en corruptie aan te pakken. Hij zou ook werk maken van meer vrijheid van meningsuiting door onder meer de BBC weer toegankelijk te maken.’

‘De president zou corruptie aanpakken en voor meer rechtvaardigheid en vrijheid van meningsuiting zorgen, maar in de praktijk veranderde weinig.’

Bij zijn aantreden kregen de jongeren van Imbonerakure instructies om minder gewelddadig op te treden. ‘Er werden toen ook enkele politieke gevangenen vrijgelaten. Het was toen wel degelijk een periode van relatieve rust voor de politieke oppositie’, aldus Tertsakian. ‘Maar het geweld keerde terug, net als de arrestaties van politieke tegenstanders.’

Vredesmacht

Om het geweld in Oost-Congo een halt toe te roepen zijn de ogen momenteel gericht op de vredesmacht van de Oost-Afrikaanse Gemeenschap (EAC), een multilaterale organisatie in de regio van de Grote Meren waar Congo recent toe bijtrad. Maar hoe die vredesmacht zou kunnen reageren is nog onduidelijk, omdat het aan slagkracht ontbreekt.

Bovendien maakt ook Burundi deel uit van de EAC (net als Rwanda en Oeganda overigens), en dus van de vredesmacht. Dat zou betekenen dat Burundi het met EAC zou opnemen tegen zijn eigen leger.

Mensenrechtenorganisatie BHRI vreest daarom dat ook het EAC het conflict in Oost-Congo niet zal kunnen oplossen. Meer nog: zodra het EAC zou ingrijpen, zou het ook officieel een conflict worden.

Maak MO* mee mogelijk.

Word proMO* net als 3229   andere lezers en maak MO* mee mogelijk. Zo blijven al onze verhalen gratis online beschikbaar voor iédereen.

Ik word proMO*    Ik doe liever een gift