Van een stap in de goede richting tot pinkwashing

Dient allereerste vrouwelijke premier in Tunesië als afleiding voor controversieel beleid president?

Gwenael Piaser (CC BY-NC-SA 2.0)

Twee maanden nadat president Kais Saied zijn premier ontsloeg en het parlement ontbond, kreeg Tunesië zijn allereerste vrouwelijke premier. Maar volgens critici is dat weinig reden tot hoop. Ze zou alleen als marionet van de machtiger geworden president dienen.

Nadat straatverkoper Mohamed Bouazizi zich ruim tien jaar geleden in brand stak en daarmee een golf van protesten ontketende, kwam in Tunesië effectief een proces van democratisering op gang. Desondanks bleef economische verbetering uit.

De Tunesische economie leed sterk onder de impact van een aantal terroristische aanslagen, daarna legde de coronacrisis, en vooral het wanbeleid daartegen, het land helemaal lam.

President Kais Saied achtte op 25 juli de tijd daarom rijp om drastische veranderingen door te voeren. De eerste minister werd ontslagen en het parlement ontbonden. Hoewel hij zelf niet over een staatsgreep spreekt, menen critici dat zijn acties het tegendeel aantonen.

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws

Eerste vrouwelijke premier

Sinds 29 september, na twee maanden van onzekerheid en groeiende oppositie, heeft het land opnieuw een eerste minister. Najla Bouden Romdhane is een ingenieur met weinig bestuurservaring. Dat het om een vrouw gaat is een primeur.

Naar eigen zeggen verloor president Saied ‘heel veel tijd’ in de afgelopen twee maanden. Hij verwacht dat Romdhane de vorming van een nieuwe regering in stroomversnelling zal brengen. De druk daartoe neemt zowel nationaal als internationaal sterk toe.

Saied pakt ermee uit dat de nieuwe regering komaf zal maken met de corruptie en chaos. Maar op dat vlak heeft Romdhane alles behalve een propere lei. In 2016 was ze voor de Wereldbank verantwoordelijk voor de modernisering van het hoger onderwijs, om daarmee de hoge jeugdwerkloosheid te bestrijden. Het zogenaamde Promesse project kreeg zo’n 70 miljoen dollar, maar mislukte.

Die 70 miljoen dollar zouden bovendien slecht zijn beheerd, blijkt uit onderzoek van het digitale Arabische mediakanaal Daraj. Daardoor kwam er geen verbetering in het onderwijs en bleef jeugdwerkloosheid een groot probleem. Het aantal jongeren dat geen werk vindt steeg zelfs van 34% in 2019 naar 42% in 2021, ook mede door de coronacrisis.

Tunesië stond al zwaar in het rood wat schulden betreft en kent een hoge inflatie. Dit wanbeleid zorgde volgens Daraj onder meer voor de hoge kosten van levensonderhoud in een land waar de prijzen maar blijven stijgen en de lonen niet kunnen volgen.

Pinkwashing

Nadat Romdhane werd aangesteld, weerklonken op sociale media vele positieve geluiden over het premierschap van een vrouw. Het is ‘een stap in de juiste richting’.

Maar niet iedereen is even optimistisch. Sommigen zijn voorzichtiger met lofbetuigingen, anderen spreken zelfs over ‘pinkwashing’. Het premierschap van Romdhane dient enkel als afleiding voor de controverse rond Saieds machtsgreep, klinkt het.

Want de macht van de premier werd door Saied sterk ingeperkt. Voordien moest de eerste minister verantwoording afleggen bij het parlement, nu bij de president. De noodmaatregelen die sinds 25 juli van kracht zijn, oorspronkelijk voor slechts 30 dagen, gaven de president ook meer beslissingsrecht over het beleid. De termijn van die noodmaatregelen is intussen al een tijd verstreken. Of de president nog van plan is ze te versoepelen, is nog maar de vraag.

‘Vele Tunesiërs geloven dat de president orde op zaken zal stellen en het wanbeleid van zijn voorgangers zal herstellen.’

Vele parlementsleden eisen de afschaffing van de maatregelen en de heropening van het parlement. Met de aanstelling van een nieuwe premier hopen ze dat ze in oktober alweer aan de slag kunnen.

Ondanks de ongrondwettelijke daden van de president kan hij nog steeds rekenen op de steun en het vertrouwen van een groot deel van de bevolking. ‘Hij krijgt veel vertrouwen omdat hij als technocraat niet verbonden is met andere partijen’, verklaart islamexpert Joas Wagemakers (Universiteit Utrecht). ‘Het zijn net de politieke partijen, met in het bijzonder de conservatief islamitische partij Ennahda die door de bevolking worden gewantrouwd. Vele Tunesiërs geloven dat de president orde op zaken zal stellen en het wanbeleid van zijn voorgangers zal herstellen.’

Mensenrechtenschendingen

Kort na de staatsgreep liet de president een vijftigtal ambtenaren, politici en zakenlui onder huisarrest plaatsen. Een tiental andere Tunesische burgers kregen een reisverbod en drie parlementariërs werden gearresteerd. Human Rights Watch (HRW) noemt de acties ‘arbitrair en politiek gemotiveerd’. Een aantal van de geviseerde burgers getuigden aan HRW dat ze de redenen voor deze sancties nooit te horen kregen.

Onafhankelijk parlementslid Zouheir Makhlouf vermoedt dat zijn kritische socialemediaberichten de reden voor zijn sanctionering zijn. Eerder noemde Makhlouf de acties van de president bovendien ‘een zware constitutionele schending’.

De zondebok

President Saied lijkt het vooral gemunt te hebben op de conservatieve Islamitische Ennahda partij. De partij zou misbruik gemaakt hebben van buitenlandse fondsen. ‘Ik werk niet samen met verraders’, zegt Saied over Ennahda. ‘Zij betaalden bijna drie miljoen dinar aan buitenlandse lobby groepen om hun land te schaden.’

Ennahda wordt door Saied als schuldige aangewezen voor het wandbeleid, de corruptie en de economische crisis.

Ennahda wordt bijgevolg door Saied als schuldige aangewezen voor het wandbeleid, de corruptie en de economische crisis. ‘In Tunesië zien velen economische welvaart als een belangrijk kenmerk van democratie’, zegt Wagemakers. ‘Aangezien de economische situatie tijdens Ennahda’s bestuur er niet op vooruit is gegaan, verloren velen het vertrouwen in de partij. Dit ondanks het feit dat Ennahda democratische principes respecteert en bijvoorbeeld steeds de uitkomst van verkiezingen erkende, ongeacht of die gunstig waren.’

Ennahda en zijn achterban benadrukken ook dat alle partijen die de afgelopen tien jaar mee bestuurden mee verantwoordelijk zijn voor het economisch beleid. Daarnaast zegt de partij bereid te zijn om hun economisch beleid grondig te herzien. De partij riep op tot nationale dialoog, maar kreeg weinig gehoor. Ennahda-voorzitter Rached Ghannouchi, een hevige tegenstander van de president, krijgt de laatste tijd steeds meer kritiek te verduren, ook binnen zijn eigen partij.

Daarnaast stapten 113 partijleden die op omwille van ‘gefaald leiderschap’. Velen van hen eisten eerder het ontslag van Ghannouchi. Ze betreuren dat Ennahda er niet in slaagde een verenigd front te vormen tegen president Saied en politiek geïsoleerd raakte.

‘Hoewel Ennahda zich erg gematigd opstelde als islamitische partij, bestaat een sterk wantrouwen tegenover de partij onder de bevolking’, verklaart Wagemakers. ‘Ennahda zwakte haar ideologie de laatste jaren sterk af en zegt de vrouwenrechten en die van minderheden te garanderen. Maar het vertrouwen in de partij is er gewoon niet meer.’

Toch, zo stelde Wagemakers in het Nederlands Dagblad, laat Ennahda zien dat de Arabische wereld ook serieuze islamitische partijen kan voortbrengen. ‘Als deze ontwikkeling door president Saied de nek om wordt gedraaid, zal dat een klap in het gezicht zijn van gelijkgezinden elders. Bovendien zullen radicaalislamitische groepen in Tunesië dit zeker interpreteren als steun voor hun eigen standpunt dat democratie voor moslims een heilloze weg is.’

Gesteund door de jeugd

De president daarentegen kan rekenen op de steun van de Tunesische jeugd, ondanks een eerder conservatief en anti-LGBTQ+-gedachtegoed. In zijn presidentiële campagne in 2019 kantte hij zich sterk tegen corruptie en de politieke elite en pleitte hij voor gedecentraliseerd bestuur met meer zeggenschap voor lokale autoriteiten.

‘Geen enkele beleidsmaker had afgelopen tien jaar de moed om corrupte politici te bestraffen’, verklaarde Saied-supporter en LGBTQ+-activiste Lina Elleuch aan Middle East Eye.

Saied kantte zich tegen de decriminalisering van homoseksualiteit en de legalisering van cannabis en is voorstander van de doodstraf.

‘Lokaal bestuur werkt beter dan het huidige regime’, zei ook klimaatactiviste Khayreddine Debaya aan Middle East Eye. ‘Nu worden beslissingen genomen door mensen in een nationale raad die niet weten over welke regio’s ze eigenlijk beslissen.’

Zijn eerder negatieve houding tegen LGBTQ+-rechten stemt hen niet ongerust. Tijdens de voorverkiezingen bezocht Elleuch de toen nog kandidaat-president om hem daarover te bevragen. ‘Hij vertelde dat hij niet van plan was verworven vrijheden in te perken.’ De activiste interpreteerde dat als ‘een goed teken en dat hij mogelijk kan evolueren’.

In zijn campagne kantte Saied zich nochtans resoluut tegen de decriminalisering van homoseksualiteit en de legalisering van cannabis. Hij is ook voorstander van de herinvoering van de doodstraf.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3190   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift