Cacaokartel: eindelijk eerlijke handel voor cacaoboeren?

Public domain (CC0)

Bart Van Besien (Oxfam Wereldwinkels): ‘De overheden van Ghana en Ivoorkust gaan opnieuw een stabilisatiefonds met grote sommen geld beheren. Wanneer boeren en coöperaties niet sterk staan, dan is het risico vrij groot dat ze dat geld nooit zullen zien. En dat is waar Fairtrade al decennialang op inzet.’

Dit stuk is een reactie op het artikel Fair trade als chantagemiddel voor écht eerlijke handel’

Het cacaokartel van Ivoorkust en Ghana verraste vriend en vijand en biedt perspectieven naar een nieuwe handelsorde waarin ontwikkelingslanden durven op te boksen tegen multinationals. Dat is helemaal in lijn met waar de fairtradebeweging voor strijdt. Het artikel dat op 14 januari op mo.be verscheen, legt volgens ons niet de vinger op de wonde.

Het stuk verkondigt halve waarheden, scheidt nooit het kaf van het koren en maakt de lezer niet veel wijzer in het complexe vraagstuk van (on)eerlijke handel. De vraag is dan ook wie er met dit “onderzoek” een dienst wordt bewezen.

Elke sector kent zijn complexiteiten. Dat geldt zeker voor de cacaosector. Maar Fair Trade is zoveel meer dan cacao. Alleen daarover hadden we een artikelreeks kunnen schrijven. In dit stukje zoomen we in op de reden waarom het cacaokartel en Fair Trade net wél complementair zijn, al bestaat er niet zoiets als wonderoplossingen.

Het “afschaffen” van overheidsinterventie in Ivoorkust legde de weg vrij voor de verdere overname van de sector door de multinationals.

De volledige fairtradebeweging juicht het initiatief van Ghana en Ivoorkust om de macht in de cacaosector naar zich toe te trekken, luidkeels toe. We hopen dat dit het begin is van een nieuwe handelsorde, waarin de onevenwichtige machtsverhoudingen in de sector terug recht getrokken worden. Het is echter geen initiatief zonder risico’s. Een groot deel van het succes zal afhangen van de mate waarin boeren erin slagen zich te organiseren en naast de multinationals ook hun eigen overheid tot verantwoording te roepen.

Het alternatief: de (huidige) vrije marktwerking heeft de voorbije decennia bewezen desastreus te zijn voor boeren en voor bossen.

Bittere chocolade

De cacaosector is een bijzonder onduurzame sector. Een recent rapport van WWF toonde aan dat – wanneer je naar de “geïmporteerde ontbossing” in België kijkt, cacao slechter scoort dan palmolie. Ook kinderarbeid blijft structureel aanwezig in de cacaosector. En al deze problemen worden gedreven doordat boeren bezig zijn met overleven. De gemiddelde cacaoboer moet drie keer meer verdienen om aan een leefbaar inkomen te geraken.

Al die problemen zijn nog des te meer hemeltergend als je weet dat de chocolade-industrie elk jaar goed is voor een omzet van 100 miljard dollar en dat de sector gedomineerd wordt door enkele multinationals die bij elke overnamegolf groter worden. De drie grootste traders staan in voor de handel van 3/5 van de cacaoproductie wereldwijd.

Washingtonconsensus en de overname door multinationals

Een groot deel van de problemen in de sector is een direct gevolg van het terugdringen van overheidsinterventies eind jaren 1980 met de Washingtonconsensus. In Ivoorkust werd daarmee het stabilisatiefonds afgeschaft, waardoor elke buffer tegen de volatiele marktprijzen verdween. Akkoord: corruptie was zeer problematisch, ook in die periode. Maar het “afschaffen” van overheidsinterventie legde de weg vrij voor de verdere overname van de sector door de multinationals.

In diezelfde jaren ‘80 ontstond Max Havelaar (vandaag Fairtrade). Het initiatief zorgde ervoor dat je met je pakje koffie of reep chocolade boeren een eerlijke prijs betaalde en hen hielp in het versterken van hun producentencollectief of –coöperatie. Fairtrade is een exponent uit de Fair Trade beweging, waar ook de Oxfam-Wereldwinkels uit voortkomen. De sterkte van het Fairtradelabel is dat het mogelijk is voor alle bedrijven om deel te nemen. Daardoor konden coöperaties grotere volumes onder betere condities verhandelen. De premies zorgden ervoor dat de organisaties zich beter konden uitbouwen. Vooral in Latijns-Amerika ontstonden er zo producentennetwerken die het nog steeds opnemen voor de kleine boeren.

Wildgroei aan duurzaamheidsinitiatieven

De industrie liet echter niet lang op zich wachten en lanceerde haar eigen certificeringssystemen zoals Utz en Rainforest Alliance (vandaag samengesmolten). Om een idee te geven van de grootteorde: Rainforest Alliance staat voor 30% van alle verhandelde cacao, Fairtrade staat voor ongeveer 3%. Vandaag is er ook een schijnbaar oneindige reeks in house duurzaamheidsinitiatieven van bedrijven van Cocoa-Life (Mondelez), over Cocoa Horizons (Barry Callebaut) tot Cocoa Plan (Nestlé).

De grote merken en traders schrikken niet terug voor het weghalen van een logo van de verpakking en er een ander minder veeleisend logo op te plakken.

Wat al deze initiatieven en certificeringssystemen gemeenschappelijk hebben is dat ze louter kijken naar de landbouwtechnische problemen en wegkijken van het machtsonevenwicht: geen minimumprijzen, geen (of heel beperkte) premies.

Het zorgde er ook voor dat Fairtrade er niet in slaagde om de lat verder omhoog te trekken. De grote merken en traders schrikken niet terug voor het weghalen van een logo van de verpakking en er een ander minder veeleisend logo op te plakken. Dat is één van de redenen waarom een vrijwillige aanpak voor duurzaamheids- en mensenrechtenkwesties nooit zal volstaan.

Overheden grijpen de macht

Die boodschap hebben de Ivoriaanse en Ghanese overheid eindelijk ook begrepen. Ze konden niet blijven wachten tot alle bedrijven – uit duurzaamheidsoverwegingen – een hogere prijs zouden betalen. Daarom legden ze hun verschillen opzij en dwongen ze een prijsverhoging af van $400/ton bovenop de marktprijs.

Oxfam-Wereldwinkels riep samen met andere middenveldorganisaties de bedrijven meteen op om niet terug te deinzen van hun verantwoordelijkheid. De lat moet stevig omhoog getrokken worden en daarom moeten overheden zich met de zaak gaan moeien. Respect voor mensenrechten laat je niet over aan de goodwill van bedrijven.

Uiteraard is dit niet zonder risico’s. De overheden van Ghana en Ivoorkust gaan opnieuw een stabilisatiefonds met grote sommen geld beheren. Wanneer boeren en coöperaties niet sterk staan, dan is het risico vrij groot dat ze dat geld nooit zullen zien. En dat is waar Fairtrade al decennialang op inzet: het versterken van coöperatieve structuren die hun leden vertegenwoordigen en hun belangen verdedigen.

Nieuwe handelsorde

De prijsverhoging die door de overheden van Ghana en Ivoorkust wordt voorgesteld is trouwens nog lang niet voldoende om aan een leefbaar inkomen te geraken voor cacaoboeren. Daarom betaalt Oxfam Fair Trade (OFT), de handelspoot van Oxfam-Wereldwinkels nog $1000 bovenop de Fairtrade Minimumprijs van $2400. Oxfam Fair Trade had waarschijnlijk minder succes gehad in het vinden van een organisatorisch sterk uitgebouwde partnercoöperatie, als het Fairtradesysteem niet had bestaan.

Om boeren echt te geven waar ze recht op hebben, een leefbaar inkomen, moet elk chocoladebedrijf minstens die prijs betalen. Als de overheden van cacaoproducerende landen boeren kunnen helpen om hun deel van de reep terug te krijgen, dan slagen ze er misschien ook nog in de rol van de cacao-multinationals terug te dringen. Dan kunnen we hopelijk na 40 jaar de Washingtonconsensus begraven. Hopelijk treden we dan een nieuw tijdperk binnen waarin ontwikkelingslanden zelf hun handelsbeleid kunnen uittekenen en die handel geregeld is in functie van bescherming van de rechten van boeren, arbeiders en bossen, en niet langer in functie van bedrijfsbelangen. Dat is ook de strijd van de volledige Fairtradebeweging waar Oxfam-Wereldwinkels deel van uitmaakt.

Bart Van Besien, beleidsmedewerker Oxfam-Wereldwinkels.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2623   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift