Pleidooi voor een andere aanpak van migratie

Clandestiniteit is een pest voor mens en maatschappij

Simon Blackley (CC BY-ND 2.0)

 

De aanpak van migratie in ons land gaat meer en meer de repressieve kant uit. De bevolking krijgt de indruk dat we allemaal aan het ‘vervreemden’ zijn. Alle huidige beslissingen zijn louter palliatief. Het migratiefenomeen is eeuwenoud, complex, wereldwijd, en we vinden geen duurzame oplossing om gastvrijheid te koppelen aan de veerkracht van onze bevolking.

Ik zeg dit ook eerlijk aan mensen die mij daarover aanspreken. Elke migrant of nieuwkomer is een persoon die ergens terecht wil, hetzij om tijdelijke en veilige bescherming te genieten, hetzij om een waardiger bestaan op te bouwen en daarvan de vruchten te delen met familie in zijn of haar geboorteland. Het huidig terugkeerbeleid jaagt de nieuwkomers in de clandestiniteit, veroorzaakt agressie, vaak tussen migrantengroepen zelf, en duwt ten slotte mensen in een dolende armoede.

Nieuwe strategie is nodig

Ik stel daarom een ander maatschappelijk experiment voor. Mijn uitgangspunt is: clandestiniteit van een mens is een persoonlijke en maatschappelijke pest. Haal dus alle nieuwkomers, ongeacht hun statuut, uit de verdoken hoeken van onze samenleving.

De strategie is stapsgewijs, strekt zich uit in fasen over een termijn van een paar weken tot jaren.

1. De voorbereidingsfase

intensief en dringend overleg met de federale staatssecretaris voor Migratie, een vertegenwoordiger van de deelstaatregeringen, vertegenwoordigers van de migrantenkoepels en ook de werkgevers en werknemers, vertegenwoordigers van zorg- en onderwijsnetten. Deze leden van een zo beperkt mogelijke werkgroep (geen rondetafelconferentie zonder conclusies!) moeten volgende vragen kunnen beantwoorden:

  • Hoeveel nieuwkomers zijn officieel tewerkgesteld?
  • Hoeveel vacatures lopen er nog en welke knelpuntfuncties moeten dringend ingevuld worden? Zo krijgt de werkgroep een beeld hoeveel mensen zonder enige discriminatie een tijdelijke contractuele job kunnen invullen. Dit zal dienen voor een publieke oproep naar alle groepen mensen die momenteel op ons grondgebied vertoeven.
  • Hoeveel migrantenkinderen, zowel van ouders met of zonder papieren, asielzoekers of transitmigranten, gaan er naar een school? (hoewel transitmigranten vaak alleenstaanden zijn)

Het doel van al dit onderzoekswerk is niet alleen een maatschappelijke kaart te bekomen van onze huidige opvangpolitiek, maar ook vooral om een visie uit te dokteren die experimenteel de clandestiniteit en opsluiting zo veel mogelijk intoomt.

2. De overlegfase

De rondetafeldiscussie met politiek en middenveld, alsook migranten houdt in hoe wij proberen een migrant, asielzoeker, mens zonder papieren, transitmigrant gedurende hun ‘wachtperiode’ kunnen inschakelen in een nuttig traject zonder de kans te lopen gearresteerd te worden, in plaats van ze te laten rondhangen in asielcentra, lokale opvanginitiatieven, of clandestien te moeten ronddolen of zwartwerken. Deze mensen kunnen een tijdelijk werkcontract krijgen in een knelpuntfunctie en aldus bijdragen aan onze sociale zekerheid via een maandelijkse werknemersbijdrage. Een bezigheid is trouwens de beste preventie tegen criminaliteit.

Onze rechtspraak moet identiek gelden voor een migrant als voor een eigen burger.

3. De lobbyfase

Mocht ik mij terug in het vel plaatsen van een regeringsverantwoordelijke zou ik niet alleen mijn EU collega’s op ministerraden ontmoeten, maar in een aantal landen zowel de politieke verantwoordelijken als de terreinwerkers bezoeken, zeker in onze Europese buurlanden die nog enigszins openstaan voor een positieve migratieaanpak zonder de autochtone bevolking te benadelen. Het staat nu als een paal boven water dat onze demografische evoluties een constructieve migratie zullen vergen. Wel blijf ik de nadruk leggen dat onze verworvenheden op gebied van mensenrechten en specifiek vrouwen-en kinderrechten intact moeten nageleefd worden en dat het respect van elkeen wederzijds moet zijn. Onze rechtspraak moet identiek gelden voor een migrant als voor een eigen burger.

4. De experimentele uitvoeringsfase over een periode van 18 maanden

Een verplichte taalcursus, een rudimentaire cursus over ons staatsbestel, burgerrechten, sociale zekerheid samen met alle mogelijkheden om wettelijk in ons land te verblijven, verder te emigreren of terug te keren met een aantal aanmoedigingspremies voor ontwikkelingsprojecten of start-ups. Dit gebeurt nu al door Fedasil en vluchtelingenorganisaties maar beperkt zich enkel tot de asielzoekers.

5. Een eerste tussentijdse evaluatiefase na 9 maanden

Deze evaluatie dient om bij te sturen, de verzamelde gegevens in verband met de tewerkstelling, onderwijs en zorg te analyseren, enzovoort. Volgen daaruit de definitieve evaluatie, de politieke beslissingen en aanpassing van de migratiewetgeving.

Geen afhandelcentrum, maar een infocentrum

Al deze fasen kunnen gecoördineerd worden vanuit een ‘infomigrant’-centrum, dat volgens mij nuttiger is dan een afhandelcentrum, dat in feite niets afhandelt maar mensen opnieuw in de clandestiniteit zal gooien. Nooit zal iemand, zelfs een leger politieagenten niet, een mens kunnen verhinderen om verder te migreren, om te ontduiken en liever te leven in erbarmelijke omstandigheden dan met schaamte terug te keren naar het geboortedorp. Dit moet via alle media publiek gemaakt worden.

Nooit zal iemand, zelfs een leger politieagenten niet, een mens kunnen verhinderen om verder te migreren.

Op Europees niveau moeten er tussen een groep kernlanden evenwichtige migrantenquota heronderhandeld worden. Als de voorzitter van de Europese Commissie tientallen miljarden op tafel wil leggen om de grenzen van Europa beter te bewaken, gaan mijn haren rijzen. Kunnen die miljarden niet worden gespendeerd aan maatschappelijke experimenten zoals deze die ik voorstel? Aan het ondersteunen van relevante opvanginitiatieven in de lidstaten? Aan het creëren en subsidiëren van niet-discriminerende tewerkstelling? Aan het steunen van onderwijs en vorming in scholen die zich daarvoor openstellen? Aan het bezorgen van een medische zorgkaart aan iedere nieuwkomer voor een welbepaald aantal essentiële en dringende zorgen in de lidstaten? De beperkte meerkost van deze zorg in de sociale zekerheid zou gecompenseerd worden met die EU-fondsen.

Mijn laatste voorstel is om de zogenaamde hotspots in het Middellandse Zeegebied om te vormen tot ‘infomigrant’-bureaus, sterk bemand, waar iedere migrant zich kan aanmelden met zijn curriculum vitae, en zo kan verwezen worden naar een lidstaat waar hij of zij kan gehuisvest en tewerkgesteld worden, in welke school minderjarigen kunnen opgevangen worden alsook een gids ontvangen van de lidstaat die deze migrant zal ontvangen. Dit vraagt zeker en vast een uitgebreide voorbereiding, een omvangrijke kruispuntbank, een sterke informatisering en een bijzondere psychologische en fysieke begeleiding.

Deze voorstellen lijken in de huidige agressieve en repressieve sfeer wat irrealistisch, maar we staan voor een maatschappelijke klimaatwijziging die volgens mij onomkeerbaar, maar ook hoopvol is.

Réginald Moreels is humanitair chirurg bij Artsen Zonder Grenzen en was in het verleden staatssecretaris voor Ontwikkelingssamenwerking.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift