De strijd is niet zwart-wit, maar niemand ontsnapt aan structureel racisme

Hand in Hand tegen racisme vzw

14 augustus 2020
Opinie

‘In een ideale wereld zouden we alleen nog individueel racisme moeten bestrijden’

De strijd is niet zwart-wit, maar niemand ontsnapt aan structureel racisme

De strijd is niet zwart-wit, maar niemand ontsnapt aan structureel racisme
De strijd is niet zwart-wit, maar niemand ontsnapt aan structureel racisme

De activisten van Hand in Hand tegen racisme vzw zijn van mening dat MO*-columnist Walter Zinzen zich van vijand vergist: ‘Witte medestanders zijn broodnodig, maar we moeten ons er wel allemaal bewust van zijn dat we opgroeien en leven in een structureel racistisch systeem.’

Koen Jacobs (CC BY-ND 2.0)

‘Racisme is geen morele categorie, het gaat niet om goed of kwaad, het gaat om een systeem dat een ongelijkheid in stand houdt.’

Koen Jacobs (CC BY-ND 2.0)

De activisten van Hand in Hand tegen racisme vzw hebben veel respect voor MO*-columnist Walter Zinzen, maar zijn van mening dat hij zich van vijand vergist in zijn recente column: ‘Witte medestanders zijn broodnodig, maar we moeten ons er wel allemaal bewust van zijn dat we opgroeien en leven in een structureel racistisch systeem.’

Ja, witte mensen droegen en dragen wel degelijk hun steentje bij aan de strijd tegen racisme.

Sabrine Ingabire heeft naar aanleiding van haar interview in De Morgen eind juli al veel drek over zich heen gekregen. Zoals onder meer doctor en onderzoeker Olivia Rutazibwa al aankloeg op sociale media ging de krant (naar onze mening voor de zoveelste keer) in de fout door uitspraken van Sabrine Ingabire uit de context te halen, die als clickbait te gebruiken om zo meer (oppervlakkige) lezers te bereiken. Wat het effect daarvan is op de geïnterviewde die haar ziel blootlegt was blijkbaar minder belangrijk (al volgde later wel een soort mea culpa van hoofdredacteur Bart Eeckhout, red.).

Dag mensen, er ontstaat ophef over het interview dat we deden met Sabrine Ingabire. Als dienstdoend hoofdredacteur ben ik verantwoordelijk voor de publicatie. Omdat zowel Sabrine als de auteurs van het interview bedreigd en geïntimideerd worden, wil ik er wat over kwijt. (1/4)

— bart eeckhout (@barteeckhout) July 26, 2020

We weten dat Walter Zinzen geen oppervlakkige lezer is en dat hij zich altijd heeft uitgesproken tegen racisme. Sinds hij bij de VRT weg is en zich niet langer moet storen aan interne ‘deontologische’ regels, spreekt hij vrijuit en altijd tégen racisme. Hij geeft zelfs een pluim aan onze organisatie in zijn column. Net daarom vinden we het belangrijk om te reageren. We denken dat hij Sabrine Ingabire verkeerd heeft begrepen.

Hij ergert zich immers aan een aantal uitspraken van Sabrine en vooral aan die waarin ze zou uithalen naar alle witte mensen als racisten. Als je dat zo leest, zeker met die bewuste kop in de krant in het achterhoofd, begrijp je in eerste instantie wel waarom hij zo kwaad wordt. Het lijkt inderdaad onrecht te doen aan al die – ook witte – mensen die al decennialang mee op de barricades staan tegen racisme en voor gelijke rechten.

Hij verwijst onder meer naar onze eigen organisatie Hand in Hand, die inderdaad in 1992 en 1994 tienduizenden vooral witte maar zeker ook gekleurde mensen op de been bracht voor twee grote betogingen in Brussel. Hij had ook kunnen verwijzen naar de gelijktijdige petitie van Objectief, de andere grote antiracistische organisatie van die tijd, die ongeveer één miljoen handtekeningen verzamelde voor gelijkberechtiging via een automatische naturalisatie.

Dus ja, witte mensen droegen en dragen wel degelijk hun steentje bij aan de strijd tegen racisme. Of dat genoeg was of is, dat is een ander verhaal, laat staan dat die bijdrage altijd en overal op de juiste manier werd geleverd. Inzichten veranderen, zo ook die van Hand in Hand. En het is ontegensprekelijk een zeer goede zaak dat mensen van kleur zelf het initiatief overnemen in een noodzakelijke emancipatiestrijd.

Want waar gaat het nu eigenlijk over als Sabrine zegt dat alle witte mensen racisten zijn? Zelf maakt ze in de volgende alinea van haar interview in de krant genuanceerd duidelijk wat ze bedoelt. Ze geeft als voorbeeld dat zij ook nooit in naam van transgenderactivisten kan spreken omdat ze als cisgendervrouw (cisgender duidt op het feit dat het geboortegeslacht en de genderidentiteit overeenkomen, red.) onvermijdelijk ook transfobe blinde vlekken heeft.

“Dat kan ik niet in jullie plaats beoordelen. Kijk, álle witte mensen zijn racistisch. Gebruik dat nu niet als grote kop boven dit artikel hè. (lacht) Dat is gewoon zo. Jullie maken deel uit en profiteren van een wit systeem. Jullie zullen nooit echt helemaal begrijpen wat racisme is, want jullie zijn er nooit zelf mee geconfronteerd. Maar jullie moeten wel onophoudelijk zo goed mogelijk jullie best blijven doen om deze status quo te door­breken.

“Net zoals ik als cisgendervrouw onvermijdelijk soms transfobe dingen zeg, doe en geloof. Het is belangrijk om dat te erkennen. Ik informeer mezelf zo goed mogelijk, ik volg transgenderactivisten op sociale media. Het is niet de bedoeling dat ik op een dag een diploma krijg waarop staat dat ik niet meer transfoob ben. Dat is niet haalbaar, want ik maak deel uit en profiteer van een systeem dat gebouwd is op cisgender-zijn. Maar ik engageer me er wel voor om de ander zo goed mogelijk te begrijpen, en ik sta open voor opmerkingen wanneer ik iets verkeerd doe.

“Dus als iemand jou racistisch noemt, moet je niet beledigd zijn. We zijn gewoon dingen aan het benoemen. Laten we het hebben over wat je gaat doen met die informatie: ook dát is dekolonisatie.”

Haar definitie van transfobie doelt op een bepaald systeem en zo ook haar definitie van racisme. Dit heeft een dubbel gevolg. Wie in dit systeem tot de dominante meerderheid behoort, kan nooit dezelfde ervaringen hebben als wie daar niet toe behoort. Daarnaast overstijgt een dergelijk systeem de individuele (goede) intenties.

Dat verklaart ook waarom Sabrine beklemtoont dat niemand zich persoonlijk beledigd hoeft te voelen. Racisme is in deze zienswijze geen morele categorie, het gaat niet om goed of kwaad, het gaat om een systeem dat een ongelijkheid in stand houdt. Zo volstaat het niet om ondernemers te ‘overtuigen’ dat het moreel verwerpelijk is om te discrimineren, maar om onze arbeidsmarkt zo in te richten dat dit bijzonder moeilijk en contraproductief wordt, bijvoorbeeld via praktijktesten.

Wat het eerste betreft, dat is voor Hand in Hand al een voldoende goede reden om echt te luisteren naar de (nieuwe en oude) stemmen van mensen die het doelwit zijn van racisme. Onze taak is om agency te bieden aan wie gehoord zou moeten worden.

De tijd van witte mensen die voor minderheden moéten spreken is voorbij. Je hoeft uiteraard niet per se een bepaalde identiteit te hebben om een bepaalde rechtvaardige strijd te kunnen steunen, maar dan moet je wel open blijven staan voor de ervaringen én inzichten van de mensen die je steunt — al is het maar om de onvermijdelijke blinde vlekken te vermijden. De chronische pijn van de zogenaamde ‘micro-agressies’, die helemaal niet zo micro zijn en zware psychische gevolgen kunnen hebben, is een uitstekend voorbeeld van een onderwerp dat een exclusief witte antiracistische beweging nooit op eigen houtje zou ontdekt hebben.

De verscheidenheid van ervaringen en meningen bij mensen van kleur is uiteraard groot en niet elke individuele stem heeft per se altijd ‘gelijk’, maar daar gaat het niet om. Vooruitgang is pas mogelijk als we alle relevante stemmen aan bod laten komen. Veel te lang werden minderheidsgroepen tot stilte gedwongen en waren zij de echte slachtoffers van een zogenaamde ‘cancel culture’ avant la lettre.

De tijd van witte mensen die voor minderheden moéten spreken is voorbij.

Af en toe wordt er vanuit die jarenlange achterstand wel eens ongeduldig gechargeerd, maar dat is peanuts vergeleken bij de racistische bagger die permanent op het internet circuleert. En ja, ook heel wat witte oudere mannen, een bevolkingsgroep waartoe ook de voorzitter en coördinator van Hand in Hand behoort, verkondigen te pas en helaas ook te onpas meningen over hoe mensen van kleur zich zouden moeten gedragen. Dat behoort, net als reacties erop, tot de vrijheid van meningsuiting. Alleen hebben in onze samenleving oudere witte mannen onevenredig veel macht, mogelijkheden en ruimte om hun mening te verkondigen en eventueel ook op te leggen.

Dat brengt ons bij het beschouwen van racisme als een systeem. Als Hand in Hand willen we natuurlijk niet in de plaats van Sabrine Ingabire spreken. We verwijzen naar onze definitie van structureel racisme die tot eenzelfde conclusie leidt, ook al formuleren we het misschien minder scherp.

Met structureel racisme in de huidige westerse samenleving doelen we op een historisch gegroeid systeem en een daarmee samenhangende ideologie die een hiërarchie tussen mensen creëert op basis van uiterlijke, culturele en religieuze kenmerken die geassocieerd worden met afkomst. Structureel racisme verschilt van xenofobie doordat er een fundamentele machtsongelijkheid aanwezig is tussen diegenen die de macht hebben om te discrimineren en diegenen die gediscrimineerd worden.

Een systeem van structureel racisme zorgt er vandaag voor dat bepaalde mensen op alle mogelijke domeinen van de samenleving automatisch in het nadeel staan tegenover anderen. Dat staat los van alle (goede) bedoelingen van individuen in die samenleving.

In een ideale wereld zouden we alleen nog individueel racisme moeten bestrijden, maar daar zijn we nog lang niet.

In de huidige context (België en Europa in de 20ste en 21ste eeuw) zijn mensen van kleur in het algemeen het doelwit van dit systeem en zijn witte mensen diegenen die er voordeel uit halen, gewild of ongewild. In die zin zijn alle witte mensen inderdaad ‘structureel racistisch’, los van hun individuele overtuigingen.

Als Gloria Wekker in haar interview met De Standaard zegt dat alle mensen racistisch zijn, ook mensen van kleur, bedoelt ze eigenlijk dat iedereen beïnvloed wordt door deze heersende ideologie, en dat geldt uiteraard ook voor wie er het doelwit van is. Denk maar aan de noodzakelijke dekolonisatie van de geest van de onderdrukte die al bij Frantz Fanon aan bod kwam.

Het is belangrijk een onderscheid te maken tussen structureel en individueel racisme. In een ideale wereld zouden we alleen nog individueel racisme moeten bestrijden, maar daar zijn we nog lang niet. Voordat we over individueel racisme kunnen spreken, moeten we komaf maken met structureel racisme.

Wil dit nu zeggen dat witte mensen niet antiracistisch kunnen handelen? Uiteraard niet, dit systeem van structureel racisme is geen vaststaand gegeven. Zowel witte mensen als mensen van kleur kunnen persoonlijke en vooral politieke keuzes maken om dit systeem al dan niet aan te pakken.

Witte medestanders zijn broodnodig, maar we moeten ons er wel allemaal bewust van zijn dat we opgroeien en leven in een structureel racistisch systeem, ondanks alle wetten tegen racisme en goedbedoelde initiatieven. Ook de eigen acties van Hand in Hand tegen extreemrechts in de jaren negentig waren in die zin noodzakelijk maar onvoldoende. Het meest expliciete racisme komt inderdaad tot uiting bij extreemrechts, maar de onderliggende denkwijze die dit mogelijk maakt doordrenkt de hele samenleving. Het terecht veroordelen van extreemrechts ontslaat ons niet van de plicht te kijken naar de eigen denkwijze en positie, ook al doe je zelf mee aan de antiracistische strijd. Het is belangrijk dat ieder van ons, ook mensen van kleur, zichzelf in vraag stelt om te zien hoe we deze antiracistische strijd tot een goed eind kunnen brengen. Zeker voor witte medestanders is het belangrijk dat ze blijven bijleren om te voorkomen dat ze paternalistisch en verzuurd overkomen.

Dat is in de praktijk alleen mogelijk als we met respect luisteren naar de kritische stemmen van diegenen die het doelwit zijn van racisme. Absoluut niet om mea culpa te slaan, om ons te wentelen in misplaatst zelfmedelijden of om de verhalen en bijdragen van anderen te relativeren of te minimaliseren, maar om betere antiracisten te kunnen worden. De nadruk ligt hierbij op ‘worden’ en niet op ‘zijn’. Net zoals Sabrine Ingabire nooit een diploma zal krijgen waarop staat dat ze ‘niet transfoob’ is, moeten witte mensen geen diploma verwachten dat verklaart dat ze ‘niet racistisch’ zijn.

Ondertussen zijn alle witte mensen die wakker werden geschud door de Black Lives Matter-beweging meer dan welkom om de antiracistische strijd te vervoegen. Alleen, bezint eer ge begint en luister naar de mensen die het doelwit zijn van racisme, als je beter wil weten wat je kan doen om nuttig je steentje bij te dragen.

We willen alle lezers en medestanders ook oproepen alle energie die we nu besteden aan het bekritiseren van (al dan niet goed geformuleerde) verzuchtingen van Sabrine Ingabire en anderen in te zetten om de huidige structuren van de arbeidsmarkt, de woonmarkt, het onderwijs… in vraag te stellen, de gebreken aan te kaarten én daar oplossingen voor te zoeken. Dat kan bijvoorbeeld door deze petitie voor praktijktesten te ondertekenen. Alleen zo kunnen we naar een gelijkwaardige én inclusieve samenleving evolueren.

Namens Hand in Hand tegen racisme vzw: Stella Nyanchama Okemwa, Ludo Segers, Lieven Miguel Kandolo en Marius Dekeyser.