'Duitsland plat op de buik voor bruinkool'

Johan Danen, Vlaams parlementslid voor Groen, trok gisteren (15 maart) naar de bruinkoolmijnen in Keulen en vindt dat het tijd is voor verandering. ‘De investeringstoename in vormen van groene energie moet gepaard gaan met een snelle afbouw van investeringen in de ontginning van fossiele producten.’

  • mrholle (CC BY-NC-SA 2.0) 'Met eigen ogen kon ik de gevolgen van bruinkoolontgining vaststellen in Keulen. Locals vertelden ons hoe het anders en beter kan.' mrholle (CC BY-NC-SA 2.0)
  • mrholle (CC BY-NC-SA 2.0) Voor bruinkool zijn hele gebieden afgegraven, bossen verdwenen, dorpen en wegen van de kaart geveegd. mrholle (CC BY-NC-SA 2.0)

De wereldwijde acties tegen investeringen in de ontginning van fossiele brandstoffen op ‘Global divestment day’ vorige maand laten het snel groeiend draagvlak zien van de Go Fossil Free-beweging. Deze beweging roept regeringen, instellingen en organisaties op om geen nieuwe investeringen te doen in de fossiele brandstofindustrie en om bestaande investeringen daarin af te bouwen.

Dat er dringend ingrijpende maatregelen nodig zijn om de opwarming van ons klimaat een halt toe te roepen, daarover is iedereen het nu wel eens. Een van die maatregelen is de omschakeling naar hernieuwbare energie, en inderdaad: daar wordt wereldwijd ieder jaar meer in geïnvesteerd.

Maar nog meer in stijgende lijn, zijn de investeringen in de ontginning van fossiele brandstoffen. Oorzaken hiervan zijn enerzijds de toenemende behoefte aan energie van snel groeiende economieën als China.

Anderzijds zijn extra investeringen nodig voor de ontginning van minder rendabele bronnen als teerzanden. En in de rij van bronnen van fossiele brandstoffen vinden we naast de nieuwkomers nog steeds de gekende toppers als steenkool, aardgas en aardolie.

Gehecht aan fossiele brandstof

Voor bruinkool zijn hele gebieden afgegraven, bossen verdwenen, dorpen en wegen van de kaart geveegd.

Iets minder gekend is bruinkool, een tussenfase tussen turf en steenkool, dat in Duitsland massaal ontgonnen wordt in Noordrijn-Westfalen. Verreweg de meeste bruinkool wordt gebruikt voor elektriciteitsopwekking. Uit praktische overwegingen staan in Duitsland centrales vlak bij bruinkoolgroeves. De bruinkool wordt er door een lopende band rechtstreeks van de groeve naar de centrale gevoerd.

De schadelijke effecten kunnen echter niet genoeg benadrukt worden: voor bruinkool zijn hele gebieden afgegraven, bossen verdwenen, dorpen en wegen van de kaart geveegd.

Verder zorgt de ontginning voor veel fijn stof dat zich over de hele regio verspreidt. Bruinkool heeft een hoog zwavelgehalte. Daarom draagt de verbranding van bruinkool in verouderde elektriciteitscentrales (met name in Oost-Europa) bij aan zure regen in de rest van Europa.

Omdat de energiedichtheid van bruinkool lager is dan die van steenkool en meer vocht bevat is de koolstofdioxide uitstoot ook fors hoger.

En natuurlijk is er protest. Maar net als de VS met schaliegas, lijkt ook Duitsland erg gehecht te zijn aan zijn eigen fossiele brandstof.

mrholle (CC BY-NC-SA 2.0)

Voor bruinkool zijn hele gebieden afgegraven, bossen verdwenen, dorpen en wegen van de kaart geveegd.

Fossiele brandstoffen

Uiteindelijk moet ‘afval’ de belangrijkste grondstof worden.

En toch: alles pleit tegen het gebruik van fossiele brandstoffen.

In de eerste plaats is de verbranding van fossiele brandstoffen de hoofdverantwoordelijke voor de snelle toename van CO2 in onze atmosfeer. Die verbranding is trouwens pure verkwisting van een kostbare grondstof voor de petrochemie.

Wetenschappers stellen dat om de opwarming van onze planeet tot 2°C te beperken, 80% van de reserves aan fossiele producten die nog in de grond zitten daar moeten blijven. Het gebruik van aardolie als grondstof voor de vervaardiging van kunststoffen kan, omdat daarbij de CO2-uitstoot beperkt is. Maar uiteindelijk moet ‘afval’ de belangrijkste grondstof worden: productieresten en producten die niet langer bruikbaar zijn.

Dat we 80% van de reserves niet kunnen ontginnen kan volgens economen een vrij onaangename impact hebben. De waarde van de aandelen van oliemaatschappijen is gebaseerd op de ontginbare reserves: als deze niet ontgonnen mogen worden omwille van de leefbaarheid van onze planeet, dan kan dit leiden tot het ineenstorten van de waarde van deze aandelen: de ‘koolstofzeepbel’ springt dan kapot.

Sociale energie

Groene energie is minder kwetsbaar en vooral veel democratischer.

Laat ons ook het sociale aspect niet vergeten. Energieproductie is de voorbije decennia vooral gecentraliseerd opgebouwd: megacentrales op kernenergie, steenkool of gas, meestal uitgebaat door dezelfde groepen.

Groene energie is van in het begin veel meer decentraal geproduceerd en daardoor op de lange duur minder kwetsbaar en vooral veel democratischer. En waar toch grotere investeringen nodig zijn, denk maar aan windmolens, zorgen coöperatieven ook dikwijls voor een breed draagvlak.

De investeringstoename in vormen van groene energie moet gepaard gaan met een snelle afbouw van investeringen in de ontginning van fossiele producten voor gebruik als energiebron. Ook de verdere ontwikkeling van technieken om tot gesloten kringlopen te komen vraagt extra inbreng van kapitaal.

Het beleid kan sturend ingrijpen om die omschakeling van investeringen aan te moedigen. Daarnaast bieden coöperatieven de burger de mogelijkheid om zijn spaargeld in duurzame projecten te investeren, zowel wat betreft energieproductie als wat betreft het gebruik van grondstoffen.

Groene energie wordt nog te dikwijls gezien als duur en niet rendabel. Nochtans kan het concurrentieel zijn mits het creëren van een juiste context en voldoende investering in onderzoek en ontwikkeling. De dalende kostprijs door massaproductie en door verbeterde technologie versterken daarbij nog de positie van groene energie t.o.v. de klassieke energieproductie.

De klimaattop in Parijs op het einde 2015, is de kans voor Europa om een eigen ambitieus klimaatbeleid uit te bouwen met een resolute keuze voor de omschakeling van energie uit fossiele grondstoffen naar groene energie.

Met eigen ogen kon ik de gevolgen van bruinkoolontgining vaststellen in Keulen. Locals vertelden ons hoe het anders en beter kan. Dat een actie als deze geëngageerde burgers van alle leeftijden samen brengt, stemt me hoopvol. Na het eindeloos gepraat, wordt 2015 het jaar van de actie. Want het kan anders.

Johan Danen is Vlaams parlementslid voor Groen en trok gisteren (15 maart) samen met Groenplus en Jong Groen naar de bruinkoolmijnen in Keulen.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3148   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift